Helmondse geneugten….

WP_20150716_001Met onze poldervriendjes maken we nog wel eens een tripje. Niet echt gepland, behalve de data voor dat weg gaan zelf weten we niks, want we boeken dan een Mystery Hotel. Ergens in Nederland. Waarbij je dan wel een streek of provincie mag aangeven. Maar het blijft tot het laatste moment een vraagteken waar je terecht komt. Het  meest recente uitje bracht ons in Helmond. Een plaatsje dat ik nooit eerder op mijn verlanglijstje had gezet maar daar nu door deze oefening ineens op kwam te staan. Helmond, wat moet je er mee, wat gaat dat brengen? Die gedachten kwamen toch even voorbij. We logeerden in een prachtig hotel recht in hartje centrum. Prachtige moderne kamers, veel luxe, en op 100 meter van de ingang van dat centrum. Met rechts van ons hotel het in Helmond bekende Kasteel waarin zich het Gemeentemuseum bevindt. Terrassen te over en een stadscentrum dat meer dan gezien mag worden. Veel winkels, overdekt en in normale straten. En die straten zijn keurig verzorgd, relatief schoon en toen wij er waren uitstalplek voor een beeldenexpositie.

WP_20150715_036Prachtige uitingen van kunst soms, waar ik de camera veelvuldig liet klikken. Helmond dankt haar relatief verzorgde en wat chique uiterlijk aan de dames en heren ondernemers die hier in de IJzeren eeuw neerstreken toen de Zuid-Willemsvaart werd aangelegd en industrie en handel een vestigingsplekje nodig hadden. Sindsdien is het ongetwijfeld ook een overloopplaats geworden voor Eindhoven en andere stekken in de omgeving. Het verkeer is in redelijke banen geleid, een deel van het centrum autovrij en toen wij er waren, ik schreef er hiervoor al over, stond er een stevige kermis. Maakte de stad gezellig en ook wat lawaaiig, maar dat is voor de kniesoor om op te letten. Helmond kent de nodige industriegebieden waar heel wat bedrijven te vinden zijn. Het lijkt mij prima voor de lokale werkgelegenheid. Bij de winkels viel me op dat er relatief weinig leegstand te vinden was. Altijd een goed teken. Maar misschien is dat in sommige buitenwijken wel anders hoor. In het centrum was het in ieder geval goed toeven en de woningen die we zagen oogden mooi.

WP_20150715_056Net als de kerken. We bezochten de St. Hubertus, in de Kerkstraat, hartje centrum. Dat is een kerk uit de beste Roomse tradities. Prachtig van opzet, schitterende gebrandschilderde ramen, maar een beetje somber van kleur. Uit aanvullende informatie bleek dat men op ‘drukke’ dagen (zondag) ongeveer 50 gelovigen in de kerk heeft zitten. Dus het geld is een probleem en achterstallig onderhoud is dat ook. Maar dat komt goed, er is een vorm van crowd-funding bedacht die samen met scholingsprojecten zal zorgen de de oude luister in het gebouw weer terug zal komen. Op andere plekken kwamen we de nodige kerken tegen die hun functie waren verloren. Er zetelden instituten in, appartementen of zelfs een supermarkt. Het kan verkeren in gelovig Nederland, ook in het zuiden. Neemt niet weg dat dit een aangenaam verblijf was in een stad die we normaal nooit zouden hebben uitgezocht. City marketing kan op dit punt wonderen verrichten….Zou ik doen als ik de Gemeente Helmond was. Want Helmond heeft echt voldoende te bieden om het mensen naar de zin te maken en je bent zo in Eindhoven of Noord-Limburg.

Boerderijmuseum

WP_20150715_016Als uit de grootste stad van ons land afkomstig jong mens was een boerderij iets waar koeien rondliepen of hard werkende lieden met een paar stukken gereedschap ons toekomstige voedsel van de akkers haalden. Daarbij kwamen de verhalen van mijn moeder die in de oorlog nog wel eens moet boerenmensen van doen had gehad tijdens strooptochten die iets te eten moesten opleveren. Het totaalbeeld wat ik van dat boerenleven had was nooit al te positief. Nou ja, op de kinderboerderij wellicht. Als kind kon je daar kennismaken met een stel lieve diertjes die zelfs aaibaar waren. Die de nek omdraaien voor een lap vlees kwam in mijn jeugdige bolletje niet op. Vlees of kip kwamen van slager of poelier. Des te opmerkelijk wellicht dat juist ik me onlangs liet overtuigen om eens een kijkje te nemen in een museumboerderij. Dat complex is te vinden in de Meierij, niet ver van het Brabantse gehucht Heeswijk-Dinther.

WP_20150715_007Dat museum is helemaal opgebouwd op, rond en in een oude boerderij en men heeft voor dat doel de kalender stopgezet in 1900. En dat is voor moderne stadsmensen of voor hen die in ieder geval een zekere ontwikkeling kenden in de afgelopen decennia, een confronterende ervaring. De centrale expositie is opgebouwd in een boerderij die tot de jaren zestig nog in gebruik was. Een gemengde boerderij. Kortweg;  veeteelt en landbouw onder een dak. De boerderij zelf is er een van de oude soort met een woonhuis (waar men vaak met een man of tien samenleefde) een voorstal en een achterstal. Veel van de zaken die je krijgt voorgeschoteld zijn, in de tijd bekeken,  inventief en soms zelfs slim. Zoals het vroegere verwarmingssysteem met een centrale houtkachel/open haard die bij gebruik ook meteen het water in de stal warm maakte, maar ook kon worden gebruikt voor roken van worsten. Niets op deze boerderijen ging verloren, alles was bruikbaar en niets werd zo maar weggemikt. De slaapruimten zijn verhalen op zich waard.

WP_20150715_015Bedstee voor 4 kinderen en als het moest een vijfde er dwars tussen in. Boer en boerin half zitten in hun eigen hokje en de baby (je moest toch wat als je vroeg naar bed ging) op een soort plankier er boven. Het vee stond een ruimte verderop. Van koeien tot kippen, van varkens (vooral voor de slacht) tot wat ook. Als het maar bruikbaar en/of eetbaar was. In de achterste ruimte staan de gereedschappen en de wagens. Want kerkelijk (katholiek)was men in die dagen zeker en de kerk moest  op zondag bezocht. Het waren drukke en zware tijden. Werken, werken, werken en op zondag dat uitje naar de kerk. Interessante locatie dit museum, al werd het boerenleven hier en daar wel wat erg  overdreven positief of juist negatief gepresenteerd. Het complex wordt nu onderhouden voor een stichting door 75 vrijwilligers, deels afkomstig van dit soort boerenbedrijven. Die houden ook de tuinen bij (men eet groenten van eigen grond) en geven workshops voor de lokale jeugd.

WP_20150715_023Een erg aardig uitje dat niet de wereld kost, maar je wel even leert relativeren over wat er allemaal moest gebeuren op zo’n boerderij om het voedsel voor de stadsmensen te produceren. Je vindt het museum aan de Meerstraat 28 in Heeswijk-Dinther en de boel is hier open van april-september op dinsdag/woensdag tussen 10-12u of in de weekenden tussen 13-16.00u. Het spul is niet gratis, kost een paar Euri p.p. aan toegang, en je kunt wat bijdragen leveren aan de kas door een bakkie koffie te nemen met een plakje Brabantse cake. Erg leuk voor kinderen, laat ze wel even googlen wat bepaalde zaken kunnen betekenen. Want gerst, vlas, tarwe en zo meer zijn geen alledaagse termen voor kinderen. Zeker niet uit de stad. En die termen worden hier regelmatig gebruikt.

Zuiderzeemuseum

WP_20150706_008Samen met onze Soester vriendjes waarmee we nog wel eens wat cultureels ondernemen, los van het samen lol maken, togen we onlangs richting Enkhuizen. Onze bestemming was het daar intussen bekende Zuiderzeemuseum. Nu moet ik eerlijk bekennen dat ik daar ooit, een jaar of dertig geleden, ook al eens ben geweest. Het was toen net geopend en ik vond er niet zo veel aan. Statisch, leeg, en uiteindelijk was de stadswandeling door het er achter liggende plaatsje Enkhuizen zelf, nog het leukste. Dat Zuiderzeemuseum heeft niet stil gezeten in de loop der jaren. Het is een magneet geworden voor vele dagjesmensen uit binnen- en buitenland. Men vertelt er de geschiedenis van dorpen en steden langs de oevers van de oude Zuiderzee, laat de oude ambachten herleven en neemt je mee terug in een tijd dat internet en tv nog niet bestonden.

WP_20150706_014Het museum leeft dus tegenwoordig, er is veel voor kinderen te zien en te doen, waarvan de twee kermissen uit oude bijna vergeten tijden niet eens de meest opvallende elementen zijn. Kinderen kunnen ook op pad met kleine roeibootjes (zwemvesten verplicht) en waterspuiten. Ze mogen zich verkleden, laten schminken of kijken naar hoe werd geleefd in die oude en kleine huisjes. Ook door kinderen. Een oud schoolgebouw maakt veel duidelijk over hoe het er vroeger aan toe ging. Er zijn ook rondvaarten te maken met oude punters en overal in het museum heeft men oude nerinkjes open gesteld voor de verkoop van eten en drinken, al dan niet uit de oude tijden van veterdrop en stroopsoldaatjes. Het is levendig, leuk, interessant en soms spectaculair. Zo maakten wij bij toeval het ‘afblazen’ van de stoommachines in de oude wasserij mee. En dat leek erg op het laten draaien van een straaljager op zijn nabranders. Wat een geweld, wat een stoom. Je kon het niet eens fotograferen, handen op de oren was verstandiger.

WP_20150706_080Het museum is in feite een soort Madurodam in schaal 1:1. De uitzichten zijn er soms prachtig, de haven van Enkhuizen ligt er in feite omheen, en via de achterkant loop je ook gewoon de stad Enkhuizen in. Wat zelf soms wel lijkt op een nog steeds bestand museum, zonder die officiele status. Er zijn voldoende winkels, leuke terrassen en bijvoorbeeld nog een erg aardig zeer scheefstaand houten gebouw met een soort kermisfunctie. De oude gevangenis, volledig van hout gebouwd, maar wel op zeer slechte grond. En dat zorgt voor een slagzij die zijn weerga niet kent. Je kunt er echt zeeziek worden. Moet je nagaan hoe dat was als gevangene. Alleen tijdens de zomermaanden open en voor 1 euro p.p. te bezoeken. De dame bij de ingang legde alles uitgebreid uit. We voelden ons toch wat ‘wankeltjes’ toen we weer buiten waren.

WP_20150706_039Daarna wandelen naar het oppikpunt voor de boot van het museum. Want men heeft een erg aardig systeem bedacht voor het vervoer van automobilisten van en naar het museum zelf. Dat gaat met de boot, en is meteen een soort rondvaart van de beste soort. Omdat er ook mensen met de trein komen of gaan, stopt die boot ook vlakbij het station. Prima service. Overigens ligt die parkeerplaats van het museum (meteen de centrale ontvangsthal) precies aan het begin van de bekende dijk Enkhuizen-Lelystad. Kan niet missen. Gratis toegankelijk met de Museumkaart, normale prijs is 15 Euro p.p. Een museum voor groot en klein, maar minder geschikt voor mensen die wat minder goed ter been zijn. Maar verder? Een echt uitje voor deze zomer!

Philips Brand store

WP_20150508_026Als we dan toch bezig zijn met de culturele uitstapjes die we onlangs deden als onderdeel van een paar dagen met lieve vrienden weg, bezochten we ook Eindhoven. Nu is dat om verschillende redenen een stad om vooral aan voorbij te rijden, al was het maar om het verschrikkelijke centrum waar je uren kunt rond dwalen zonder de juiste weg te kunnen vinden. Maar men heeft ook een tweetal op het eerste gezicht aardige musea in huis waarvan de oorsprong te vinden is in de geïndustrialiseerde positie van de stad. Men had en heeft er de DAF-fabrieken en natuurlijk Philips. Bedrijven die diep in de genen van de stad zijn terug te vinden. Ooit, lang geleden al weer bezochten we eens het Evoluon, een geweldig leuk doe/en kijkfestijn. Een presentatie van de toen nieuwe Philips Cd-spelers zorgde er voor dat wij ook zo’n ding kochten en er heel veel plezier aan beleefden.

WP_20150508_012Maar dat opvallende gebouw heeft een andere rol gekregen en de geschiedenis van Philips verpakte men sindsdien in een eigen Philips Museum dat echt in het hart van de stad te vinden is. Dat maakte ook dat rondrijden zo ‘aardig’, je kunt het met de auto eigenlijk niet goed benaderen. Slechts gele omleidingsborden (er wordt overal gebouwd en herbouwd) verwijzen naar het museum, maar dat is dan weer niet voor het parkeren bedoeld. Tamelijk verwarrend. Hert museum zelf is in een modern gebouw gevestigd, kent geen Museumjaarkaartklanten, althans die kaart werkt hier niet, dus de entree is 8 euro p.p. en 4 euro voor kinderen. Eenmaal binnen moet je echt zoeken naar de juiste route. Of dat nu komt door het nieuwe van de expositie of dat men er gewoon niet aan heeft gedacht, geen idee.

WP_20150508_014In ieder geval is wat je te zien krijgt aardig, redelijk informatief, maar ook wel een beetje aan de magere kant voor wat je betaalt. Veel reclame, medische artikelen, weinig tot geen werkende apparaten van vroeger en nu. In mijn tempo van kijken, ik scan eerder dan dat ik alles bestudeer, was ik in 20 minuten rond. Mijn gezelschap deed er 5 minuten langer over. Nee, dit is geen lekker museum waar je nu eens echt de toch niet geringe prestaties van het Philips-concern voorgeschoteld krijgt. Dat moet toch beter kunnen. Daarbij was het personeel niet zo van de vriendelijke, men controleerde meer dan dat men informeerde en dat hielp niet mee om het geheel een betere dan de huidige lage positie mee te geven op onze bezoeklijst. Het Philipsmuseum moet echt meer gaan doen aan museale taken en wat minder als Brandstore werken. Want betalen voor reclame is zelfs mij een gruwel. Zeker voor deze prijs.

Revolutionaire stadsontwikkeling

WP_20150312_050In de 19e eeuw veranderde veel, zo niet alles in het Nederland van na de Franse bezetting. Nieuwe uitvindingen volgden elkaar op in razend tempo. Stoommachines, staal, industrialisering. Het zorgde uiteindelijk voor enorme ontwikkelingen op het gebied van de economie, huizenbouw, maar ook de nodige welvaart voor een land dat door de Franse bezetting was beroofd van alles wat het ooit tot een belangrijke natie had gemaakt in de eeuwen voorafgaande aan die periode. Onder het bewind van oranje-Prins Willem 1 werden er enorme bouwwerken opgezet, kanalen gegraven en rails aangelegd voor de eerste treinen. Het land werd ineens ‘open gesteld’ voor iedereen die het kon betalen. De trekschuit hopeloos ouderwets, de trein het nieuwe vervoer. In de steden had die industrialisering ook de nodige gevolgen. Daarover gaat een erg aardige expositie in het toch al interessante Amsterdam Museum aan de Amsterdamse Kalverstraat. Je ziet hoe Amsterdam expandeerde.

?????????Nieuwe wijken werden uit de grond getrokken. Zo zie je bijvoorbeeld dat het befaamde Concertgebouw ooit in de polder werd neergezet om zo fraai af te steken tegen de horizon en geen geluidsoverlast zou kunnen ontstaan voor de inwoners van de stad. Vijftig jaar later lag Amsterdam al helemaal om het gebouw heen, de polders verdwenen. Grachten werden gedempt, wegen aangelegd. Het stadsaanzicht vanaf het water werd voor altijd veranderd door de bouw van het Centraal Station aan het IJ. Treinen en trams maakten het vervoer eenvoudiger. Opmerkelijk om te zien is ook de enorme armoede die toen in bepaalde wijken heerste. Er waren echt mensen die woonden in krotten, vochtig, ziek makend, zonder kansen op werk. De Jordaan, nu zo’n leuk juppengebied, was indertijd goed voor een stigma. De mooie verhalen en liedjes over dat stadsdeel zijn niet allemaal even waarheidsgetrouw.

WP_20150312_061Wij bekeken deze expositie onlangs met mensen van buiten de stad en ook die waren er van onder de indruk. Zo zeer zelfs dat we de feitelijke inventaris van het Amsterdam Museum niet eens bekeken. Dat is een compliment voor deze tijdelijke expositie over de industriële revolutie van de 19e eeuw. Ik raad iedereen aan die kan en in de buurt is om even te gaan kijken. Museumjaarkaart-houders kunnen er gratis is. Er zijn liften, de jassen kunnen in een kluisje worden opgeborgen en overal zijn toiletten voor hen die dat nodig achten.

Aanrader van jewelste; Nationaal Militair Museum!

WP_20150219_001Nederland kent een grote geschiedenis waar het onze krijgsmachten betreft door de eeuwen heen. En die geschiedenis werd op een paar verschillende plekken, zeer terecht, uitgestald en aan het publiek getoond. Opdat wij niet vergeten en ook ons niet nog eens laten ondersneeuwen door hen die menen dat als de vijand komt je maar het best de handen omhoog kunt doen en met een witte vlag wapperen. Hoe dan ook, twee grote museale organisaties werden onlangs samengevoegd. Het Legermuseum in Delft en het Militaire Luchtvaart Museum in Soesterberg/Kamp van Zeist. De Koning opende het nieuwe onderkomen voor deze nieuwe expositie op de vroegere vliegbasis Soesterberg eind vorig jaar en onlangs vond ik zelf de tijd rijp om ook eens te kijken wat daar zoal te zien was. Nou, dat viel niet tegen. Dan druk ik me nog bescheiden uit. Een prachtig gebouw, een park vol (ook voor kinderen)aantrekkelijkheden, platforms met nog wat grotere buiten geparkeerde vliegtuigen, een koffiecorner en een (goed geoutilleerd) restaurant.

WP_20150219_031De expositie is omvangrijk, mooi uitgestald, maar grijpt je niet naar de keel zoals ik door het enorme aanbod daar ondervond in Overloon vorig jaar. De ruimte in het gebouw is groot, men heeft ook heel wijs gekozen om de nodige vliegtuigen aan het plafond te hangen en als je de juiste route volgt (of vindt) is er een zekere logica in de ontwikkeling van de eerste Brik van Farman tot de laatste F16 van de Koninklijke Luchtmacht. Ook voor de legerexposities geldt dit. Je moet je route even zoeken en dan volgen. Van de eerste pijl en boog tot de laatste lichtgewicht geweren. Er zijn veel zaken die voor kinderen fantastisch zijn. Simulators, maar ook een aantal dingen die je kunt uittesten op een maliënkolder of harnas. Je krijgt films te zien over verleden en heden, de verbinding met het Koninklijk Huis, kortom, het is best een paar uur werk om alles eens goed te bekijken.

WP_20150219_020Jammer is wel dat men bij de inrichting heeft gekozen voor veel grijs en kaal beton. Dat oogt wonderlijk en soms wat saai, maar op de trappen is dat materiaal i.c.m. de kleur zelfs een beetje link. Er moet kennelijk ook nog wat illustratiewerk verzet worden, want bij sommige vliegtuigen staan geen bordjes, terwijl dit bij andere wel goed is geregeld. Ook een echt goede route-aanduiding zou handig zijn. En dat geldt zeker ook voor de af- en aanvoerroutes buiten want daar moet je echt wel een beetje de weg kennen of je TomTom juist instellen. Parkeren is er gratis, maar het parkeerterrein ligt wel wat ver weg voor hen die slechter ter been zijn. Wel goed is dat die parkeerplekken ook nog eens bewaakt worden door vrijwilligers. Die zelfde categorie kom je binnen ook tegen. Keurig in pak gestoken en met vaak een goed verhaal. Er zijn rondleidingen mogelijk. Toiletten en liften genoeg, er is een (vrij dure)shop en je kunt je jas en/of rugzak keurig opbergen in (gratis) kluisjes.

WP_20150219_046Fotograferen mag, maar flitsen niet. Dat laatste snap ik niet helemaal, want bij een zonnige dag valt er zoveel licht binnen dat die slechter is voor de lak of schilderijen dan een flitslampje van een smartphone of fototoestel. Hoe dan ook; een aanrader van jewelste dit museum. Meer dan de moeite waard. Voor Museum-Jaarkaarthouders is de toegang ‘gratis’, voor volwassenen is de toegang een tientje. Maar dat is echt geen geld voor het gebodene. Op enige afstand zag ik nog wat  ‘opknappertjes’ staan. En op de begane grond van het museum is nog ruimte over voor wat extra ‘exponaten’. Kortom, dit museum komt bij mij op het lijstje van regelmatig te bezoeken gebouwen. Leuke ervaring!

De Fabfour in Holland

WP_20141010_056Nee, echt een fan was ik niet. Ik had meer op met de wat ruigere Stones, de Who of zelfs Elvis. The Beatles was meer iets voor de meiden vond ik indertijd. En dus neuriede ik (buiten gehoor van anderen) de wijsjes van de FabFour zachtjes mee als ik weer eens aan het werk was om mijn spaartegoed voor een nieuwe brommer te spekken, en deze jongelui op Radio Veronica grijs werden gedraaid. Later kwamen de wat betere Lp’s van hen op de markt. Met indrukwekkende nummers, Sergeant Pepper en zo meer. Daarmee was goed te leven. Als je nu het totale oeuvre ziet weet je pas hoe belangrijk die lui indertijd waren. En snap ik de hysterie die rond hen bestond goed. Ze kwamen ooit naar Nederland en dat was een enorm spektakel. Jongelui sprongen in het Amsterdamse grachtenwater en zwommen naar de boot met de vier helden (waarvan er een slechts surrogaat was voor vast, maar toen ziek, bandlid Ringo Star). WP_20141010_054

Tijdens een optreden in Blokker, ruim vijftig jaar geleden al weer, liep de boel zelfs uit de hand. Als je nu ziet wat voor blagen er in de zaal zaten, de jongens keurig netjes met een pak aan en een stropdas om, de meiden met jurkjes met pettycoats, snap je wel dat die wat langer haar bezittende musici uit Liverpool de boel hier op stelten konden zetten. Wij leefden nog met The Blue Diamonds, Selvera´s en Fourio´s. Peter Koelewijn was in onze Nederlandse ogen al een echte rocker. Ik kom op dit onderwerp omdat ook weer in dat Hoorns museum over de Twintigste eeuw een kleine expositie loopt over dat bezoek van The Beatles aan ons land. Was best een mijlpaal. En zette hen in ons land neer als muzikale helden.

WP_20141010_058Vergelijk het maar met One Direction nu. Al schat ik de culturele waarde van The Beatles flink wat hoger in dan die jongensband die vooral hun looks delen met de jonge meiden die er nu voor vallen. Iedereen zijn helden. Zo ook wij, vroeger. Ik betrap me er op dat ik zowat elk nummer van die vier broeders nu zonder meer kan meezingen….opmerkelijk. Komt wijsheid dan toch met de jaren?…..

Overloon

WP_20141003_016Het was al weer vele jaren geleden dat wij hier een bezoek brachten en sinds het geheel kort geleden is heringericht en opnieuw geopend stond het op mijn verlanglijstje van dingen die ik nog wilde zien. Het Oorlogs- en verzet museum in Overloon. Gelegen in de bossen rond dit plaatsje dat tijdens de slag om de Peel in 1944 zo enorm heeft geleden. Geen steen stond meer op de andere toen geallieerden en Duitsers elkaar hier troffen. En in die atmosfeer is ooit het vroegere Oorlogsmuseum opgezet. Vergeet elke vergelijking daarmee direct als je naar het nieuwe museum afreist. Dit is heel iets anders. Zeer professioneel opgezet en van onschatbare waarde voor hen die op school nauwelijks meekrijgen hoe die Tweede Wereldoorlog begon, welke effecten het had op de bevolking van ons land en hoe er is geleden. In feite bestaat het museum uit twee gedeelten. Een meer dan indrukwekkend documentatiecentrum met prachtige foto’s, films, posters en inrichtingen van huizen uit die tijd. Men kent een werkelijk ontroerend fraai aangelegde herdenkingsruimte. Moet je even gaan zitten.

WP_20141003_051De sfeer van de omgeving daalt direct op je neer. Als je daarna de andere hallen in gaat benemen deze je direct de adem. Een collectie die zijn weerga niet kent. Diorama’s, tanks, kanonnen, trucks, vliegtuigen, bedenk het en men heeft het hier staan en vaak in tip-top-staat. Overal zijn geluiden te horen, de sfeer van oorlog komt over je heen, maar dat past bij de omgeving. Rij na rij zie je hier van alles en nog wat staan, en men beperkte zich niet tot de tijden van de Tweede W.O. Ook latere perioden zijn qua voertuigen hier neergezet. Ik was zeer verrast en besloot dat ik hier nog eens naar terug moet om het allemaal nog eens goed in me op te nemen. De tijd ontbrak ons gewoon omdat we toch iets anders hadden verwacht. Het museum zelf is veel te bescheiden. Haar folder vermeldt niet eens een adres, men vertrouwt er op dat als je eenmaal in Overloon bent aangekomen, de bordjes ‘Liberty Park’ genoeg zeggen.

WP_20141003_078Nou ja, als je het weet is dat zo. Maar TomTom vond het best lastig. In de nabije omgeving van de ingang van het museum vindt je nog wat leuke model- en souvenirshops, terwijl er ook wat horecazaken zijn gevestigd zodat je nog even kunt uitblazen of je eigen souvenir met dat bijzondere gevoel aan wat je zag in het museum, mee naar huis kunt nemen. Ook het museum zelf heeft een shopje, maar daar vindt je vooral boeken, dvd’s en CD’s over de diverse onderwerpen die men laat zien. Hoe dan ook, een aanrader van jewelste en zeker voor kinderen een must!

Dineren met de Tsaar…

WP_20140929_001In het Rusland van voor de communistische Sovjet-Unie was er maar een enkele familie die er toe deed. Die van de Romanov’s. De Tsjaren, vorsten die de wrede Mongoolse vorsten opvolgden, waren alleenheersers en het Russische volk niet veel meer dan gepeupel. Terwijl deze landslieden en arme burgers maar moesten zien hoe ze zich elke dag zouden voeden, was dat voor de Tsaar en zijn gezien geen enkel probleem. Het kon domweg niet op. En men had zo haar eigen regels voor hoe bepaalde diners moesten verlopen. Diners en feesten aan het keizerlijke Russische hof waren op enig moment de meest uitbundige en spectaculaire van Europa. Alles werd gedaan om de andere vorstenhuizen de ogen uit te steken met de schitterende rijkdom van het machtige tsarengeslacht en dus werden de banketten versierd met de meest exclusieve achttiende- en negentiende-eeuwse serviezen denkbaar. En die werden geleverd door de grote Europese fabrikanten op dit gebied.

WP_20140929_014Denk aan Sevres, Meissen, Wedgwood en KPM uit Berlijn. Het glaswerk bestelde men in Bohemen, vorken en messen waren van de zilveren soort, liefst bedekt met een laag goud. Het is deze tafelrijkdom die momenteel te zien is in de Hermitage aan de Amstel in Amsterdam. Prachtig uitgestald, met veel aanvullende informatie over de zeden en gewoonten van de Russische aristocraten. Wij bezochten deze expositie onlangs en dat was geen straf. Ook al heb ik zelf wat minder met frutsels aan of op borden, dit is van een ongekende weldadige soort. Prachtig die kleine porceleinen poppetjes op tafel. Men kleedde het geheel heel fraai aan, laat je vrij om foto’s te maken, en je kunt overal goed bijkomen, al mag je er niet aanzitten. Er zijn films te bekijken over het weldadige leven van deze tsaren en de grootsheid van hun feesten. Opvallend is ook het porceleinen servies dat allang nadat de tsaren waren verdwenen werd geschonken aan Sovjet-dictator Stalin.

WP_20140929_019Een geschenk van de onderdrukte Hongaren. Na de oorlog afgeleverd. Wat Stalin er van vond weten we niet, maar hij gebruikte het dure spulletje nooit en at zelf van simpele borden zonder versiering. Hoe dan ook, een erg aardige expositie die ik van harte kan aanbevelen als je een keertje in de buurt bent. Normale entree kost je E.15,00 p.p., een museumjaarkaarthouder kan gratis naar binnen.

Museum Oud Soest

OLYMPUS DIGITAL CAMERAAls geboren en getogen Mokummer ben ik niet zo snel bezig met de geschiedenis van een andere stad dan de onze. Toch heb ik in de loop van mijn intussen al wat oudere jonge leven wel de nodige musea bezocht in andere plaatsen dan de Nederlandse hoofdstad en stak ik daardoor net even meer op van de vaderlandse geschiedenis  dan zij die zich beperken tot eigen woonstraat of buurt. Onlangs waren we met lieve vriendjes op bezoek in het uiterst fraaie en zeer interessante museum Oud Soest. Gevestigd in een oud kloostergebouw aan de Steenhoffstraat 46 is het een opvallende plek. Het museum zit er niet eens zo heel lang, nadat het eerst als Oudheidskamer een bescheiden onderkomen vond in een lokale boerderij. Maar sinds een aantal jaren is dit oude klooster het onderkomen en dat geeft lekker veel ruimte voor de diverse collecties, ook exposities van verschillende inhoud of herkomst kan men goed kwijt. Momenteel loopt er zo’n expositie. Die sluit aan op het vieren van 200 jaar Koninkrijk voor ons land en dat is dwars door het hele gebouw heen terug te vinden. Beeldhouwwerken, schilderijen, foto’s, maquettes. Bedenk het en je vindt het hier. OLYMPUS DIGITAL CAMERAMaar er is meer. Oude kamers, opgravingen, ambachten uit vroeger tijden, een stukje historie omtrent de Tweede Wereldoorlog. Van agrarische zaken tot meer steedse. Soest heeft een rijke geschiedenis en wie houdt van oude opgravingen kan hier goed terecht. De heuvels in de omgeving hebben allemaal een herleiding naar het vroegste oertijdperk en wie wat graaft in de omgeving komt wel eens iets tegen. Het museum laat het nodige zien en dat maakt dat je heel wat tijd kunt doorbrengen. Geweldig leuk ingericht, goed van atmosfeer, interessant, afwisselend en betaalbaar. In het museum is een beperkte horeca-faciliteit waar je koffie en thee kunt krijgen of wat fris. Prijzen zijn ongekend laag, maar dat sluit mooi aan op de toegangsprijzen, want met 4 euro p.p. voor zoveel leuks ben je echt goedkoop uit. Kinderen zijn hier voor slechts 1 euro welkom. OLYMPUS DIGITAL CAMERADat vindt je niet zo eenvoudig in andere soortgelijke musea. Toiletten zijn overal te vinden, een groot voordeel als je lekker aan de koffie zat….,      en er zijn liften voor de minder valide medemens dus ook voor hen is het hier simpel om alle etages te bekijken. Het museum Oud Soest wordt voornamelijk door vrijwilligers gerund. Zij gidsen u ook als u daar behoefte aan heeft. Gezien alles wat men laat zien is dat wellicht ook handig. Een aanrader van jewelste !