
Als ik het tegenovergestelde van onbekend op zoek, kom ik snel uit bij bekend. Bij onbemind staat bemind als alternatief meteen voor ogen. Maar bij het begrip onguur wordt het een stuk ingewikkelder en voorziet onze taal daar niet echt in. We weten vaak wel wat onguur betekent. Sinister, louche, verdacht, akelig, gemeen, ruw of angstaanjagend. Precies dat wat je aan etiketten plakt op de types die vooral in schemering en nacht onze straten bevolken op zoek naar slachtoffers in een onveilige situatie. Helaas een steeds vaker voorkomend fenomeen. Ongure types genoeg dus en naar ik begreep komt het begrip uit het oud-Nederlandse waar het ook al een bepaalde soort mensen en bijpassend gevoel benoemde. Een ontkennende vorm van liefelijk, gewoon onguur is niet liefelijk. Ben ik het helemaal mee eens. Maar nu dat tegenovergestelde…

Kennelijk is daar tot anno 2026 nooit iets voor bedacht. Ja natuurlijk bestaat guur als begrip, maar dat leggen wij vooral in verband met het weer. Een gure wind, gure onaangename gevoelens. Maar dat is feitelijk hetzelfde als onguur als je het niet al te letterlijk neemt. Onaangenaam voor mensen kan dus komen van mensen of het weer. Hoe dan ook vinden we er niks aan. Vermijden het ook het liefst. De Nederlandse taal met een manco. Zouden jullie het begrijpen als ik het had over gure types??? Of over onguur weer?? In dat laatste geval zou je dat doen denken aan best wel aardig weer als je niet goed op let. Het kan een meninggever maar bezig houden, dat zie je. Hoe dan ook, toen ik er over nadacht zocht ik even op internet waar de uitleg stond over die twee begrippen die elkaar in evenwicht houden door hun gelijkvormigheid. Er was geen speld tussen te krijgen. En dat is best confronterend. Hoe dan ook, laten we hopen dat een guur weertype ongure types vooral van de straat houdt, al zucht mijn lijf als ik dit schrijf door een verlangen naar lente-achtige temperaturen. Onguur weer dus…maar dat kan niet….zucht…(Beelden: Archief)




















Het lijkt er soms wel eens op dat in onze samenleving steeds meer mensen wonen met te veel vrije tijd en te weinig echte hobbies. Dat moet wel als je alle protesten volgt in de media of de bredere omgeving waarin je verkeert. Men maakte zich in sommige kringen druk om van alles en nog wat en richt zich dan vooral op voor de hand liggende doelen. De regering is er daar een van. Of grote bedrijven. Talloos zijn de berichten over vermeende overlast door luchthavens, wegen, rokers, discriminatie. te hoge belastingen, prijzen, criminaliteit, anders denkenden, slechte adem, intimidatie, vrouwonvriendelijkheid, gebrek aan genderneutraliteit of het vertrappen van bos en hei door hen die af willen van obesitas en daar lopen te trimmen. Elke dag komt er wel weer iemand in beeld die iets te mekkeren heeft. Men heeft het zo goed in ons welvarende landje dat zelfs kleine dingen tot grote problemen worden opgeblazen. Tuurlijk hebben we wellicht last van de buren, of vinden we de media te links, zijn we bang voor extremisten op links of rechts en zal de wereld mogelijk over een miljard jaar in plaats van 1 miljoen jaar later ten onder gaan.
Maar om van elke mier steeds weer een olifant te maken?! En veelal zie je dat al die schreeuwers toch vooral in kleine groepen te vinden zijn die aan de extremistische kant van de samenleving clubje spelen of actie voeren. En gretig beetgepakt door naar (fake)nieuws snakkende media. Daarbij zie je dat men op links beter georganiseerd is dan op rechts. Wellicht komt dit ook omdat men op rechts het geld verdient dat op links wordt uitgegeven? Maar waar komt dat zure vandaan, dat afgunstige, het betweterige en het bewijs?? Men schermt vaak met zelf opgedragen en uitgevoerde onderzoeken. Men spreekt namens zichzelf alsof men goed is voor duizenden stemmen. Maar neem van mij aan dat dit niet het geval is. Men doet aan N=1 onderzoek en ziet zichzelf als het centrum van de Aarde of zelfs het Heelal. Daarbij groeien de tenen vaak meters voor de voeten uit en mag je niet eens in de buurt daarvan komen. Iedere inhoudelijke discussie is dan vaak op voorhand al zinloos.
Ik neem de pet af voor een premier van dit land die telkens met al die malloten door een deur moet zien te komen. Waarbij bepaalde onderwerpen ook nog eens compleet taboe worden verklaard. Om weg te kijken van de gevolgen van de in een van mijn vorige blogverhalen aangehaalde immigratie en integratie praten die protesteerders graag alleen maar over het milieu en verder niks. De socialistische strijd voor een betere wereld lijkt vergeten. Liever groen dan rood, liever de middeleeuwen dan een toekomst waarin iedereen het goed heeft. Kortom, klagen maar. De orthodoxe joden hebben in hun staat Israel een klaagmuur waar ze van alles en nog wat vragen van ‘hem die geen naam mag hebben’. Bij ons is die muur digitaal geworden. Of heet die muur Jinek, Op1 of DWDD. Altijd maar mekkeren en klagen en even zo hard liegen. Als er een ding is wat ik heb geleerd is het toch wel dat die nieuwe generatie klagers zich aardig heeft weten te organiseren. En dat men voor het gemak de Heilige Maagd Maria inruilde voor de Klagende Maagd Gretha. Een fenomeen dat over een paar honderd jaar vast ook weer pelgrims zal trekken. Al klagen die dan waarschijnlijk weer over het koude weer onderweg. Zweden is toch een ander land dan Portugal of Spanje… En nu? Op naar de volgende ronde. In veiligheid en vrede! En stop eindelijk eens met zanikken….over niks!
Ík ken voldoende voorbeelden van mensen waar dit niet zo is. Waar het vuur soms oversloeg in explosieve discussies of zo, maar dat is dan toch wel beter dan die zwijgzaamheid die wellicht voortkomt uit een totaal gebrek aan interesse voor de ander. Ik observeer het zo vaak als ik ergens zit te eten of een bakkie doe. Dit soort stellen. Mensen die me een saai leven lijken te leiden. Wat doe je nog samen, wat bindt je dan nog!? Of zijn er mensen die me kunnen claimen dat ook zwijgende partners gelukkig zijn samen?! Wat ik zie is dat met name jonge mensen vaak heel veel babbelen. Die dromen nog en geloven dat het leven met die ene (..) geweldig gaat worden. Maar hoe weet je dat? Nergens garanties te verkrijgen hoor. Wat nu zo leuk lijkt is over een paar jaar wellicht dood- en doodsaai. Of de versierder van ooit blijkt later een gedegen praatjesmaker die zijn verhalen vooral deelt in de kroeg of op het sportveld. Alles is mogelijk. Een timide meisje nu kan later dodelijk saai blijken, die meid die voor zichzelf opkomt later een feeks. Probeer het midden maar te vinden bij die bewerkingen. Hoe dan ook, ik zie het vaak voorbij komen. En verbaas me. En praat of schrijf erover. Opdat we tot in lengte van jaren iets hebben om over te communiceren. Want dat laatste moet! Zo staat het in de wetten van de Meninggever beschreven…. (Beelden: Yellowbird/Internet)
Soms heb ik gewoon geen zin om achter vrouwlief aan te hobbelen bij het doen van al dan niet dagelijkse boodschappen. Zeker niet als zij aangeeft ‘ook nog even op haar gemakje rond te willen kijken naar aanbiedingen of zo’. Dan wacht ik liever even achter de kassa en lees intussen het nieuws op mijn smartphone. Maar let meteen wel op bij alles wat er om me heen gebeurt. Zo ook op die doordeweekse novemberdag bij de Albert Heijnvestiging in Weesp. Splinternieuwe zaak, mooi van uiterlijk en interieur en daarnaast voorzien van een kassa of vijf. Op het moment dat ik daar zat te wachten was het best druk. Scholieren kwamen in drommen met hun tussen-de-middag-aankopen op alle medewerksters af die de kassa’s bevrouwden. Daar tussen alle dames en heren met karren vol dagelijkse boodschappen. Aanpoten dus. Bij de meeste kassa’s werd efficient gewerkt. De doorstroming was vlot. De kassa recht voor mij, het dichtsbij mijn blikveld werd bediend door een jonge dame van vermoedelijk Marokkaans/Turkse herkomst met een hoofddoek strak om het verder vriendelijke gezicht. Dat vriendelijke was niet alleen terug te vinden in dat uiterlijk, ook in haar gedrag. Voor elke klant een vriendelijk woord en meedenken met bonuskaarten en zo meer. Op enig moment zag ik hoe ze werd gebeld vanuit ‘het kantoor’ dat ze kennelijk volgens het rooster van de dag ‘aan de lunch’ mocht. Zij zette een bordje neer met ‘deze kassa is gesloten’ en hielp de langs lopende laatste klanten voor haar kassa verder snel af. Tot er een nieuwe golf klanten aan kwam die nu een omtrekkende beweging maakte en binnen de kortste keren een drietal files veroorzaakte bij de belendende nog open kassa’s. Tot in de vakken met eet- en drinkwaar stonden mensen met manden en karren vol spullen. Zij keek er naar en belde naar kantoor. ‘Ik ga weer open’ was haar korte mededeling en ze haalde het bordje weg en stelde zich weer beschikbaar. Met dezelfde glimlach die ze daarvoor ook had gehad. Binnen de kortste keren waren de files bij de andere kassa’s opgelost. Klanten duwden elkaar zowat aan de kant om bij die nieuwe kassa te komen die hernieuwd open was gegaan. Het deerde haar, mijn heldin voor dit kleine verhaal, niet. Ze bleef maar vriendelijk. Die bonuskaart, de dame in de rolstoel die niet bij de pinautomaat kon komen, alles werd keurig netjes en snel uitgevoerd. Toen een kwartier later de aanvoer van klanten stokte zette zij alsnog haar ‘gesloten’ bordje neer en maakte aanstalten zelf vertraagd aan de lunch te gaan. Ik liep op haar toe. En maakte haar een compliment. ‘U bent wat je noemt klantvriendelijk en dat wil ik gewoon even gezegd hebben’. Ze accepteerde mijn compliment met blozende wangen en bedankte me voor mijn opmerkingszin. A.H. heeft daar in Weesp een pareltje in huis. Passend bij een supermarkt die zich prijstechnisch wat hoger profileert. Waar mensen ook meer geld uitgeven voor een zekere beleving. En zonder al die collega’s naast haar negatief te willen beoordelen, deze jongedame paste bij dat imago. Kwam van binnenuit, dat zag ik. En dat geeft mij als oude kwaliteits/communicatiecoach toch een beetje hoop. Rapportcijfer 9 voor die jongedame!

Gezondheid is bijvoorbeeld niet te koop, en soms worden er figuurlijk aanslagen gepleegd op ons samenzijn. Maar we zijn en blijven een goed team. De fundamenten sterk en als er dan wat kalk van het gebouw valt stort dat huis niet meteen in. Aardbevingsbestendig wellicht. We maakten heel wat mee samen, en dat allemaal simpel begonnen toen zij kwam werken op een plek bij een grote bankinstelling waar ik toen al een jaar op de loonlijst stond. Een ‘bankstel’ dat door sommigen om ons heen weinig toekomst werd toegedicht. Net iets voor ons, dan maar bewijzen dat het anders is. Intussen toegetreden tot de leeftijd van de ’50Plussers’. Maar nog altijd samen. Handleidingen nooit gelezen, ervaring geeft meer ruimte tot improvisatie. Water en wijn mixen en af en toe gewoon toegeven aan de wensen van de ander. Het kwam wel goed. Nog steeds een goed team. En dat vieren we vandaag. Dus we zijn er even niet….er wordt gegeten. Of zoiets. Daar moeten we het nog even over hebben. En feliciteren ons zelf….met elkaar….dank u!

