Morgen en overmorgen herdenken en vieren we weer datgene wat ons in de Tweede Wereldoorlog werd aangedaan en wat daar op volgde. Die herdenking is nodig opdat we blijven beseffen wat het inhoudt als een volkomen foute doctrine in staat is om ons vrije leven totaal op de kop te zetten of die zelfs in te drukken. Als mensen worden weggesleept omdat ze anders denken, een vrije mening willen uiten of omdat ze net even wat anders geloven dan de totalitaire dictatuur wil toestaan. In de nu nog te herdenken oorlog waren het vooral de Joden die leden onder de brute verkrachting van hun rechten, maar en passant namen de Nazi’s ook homoseksuelen, zigeuners en Slavische dwangarbeiders mee in hun vernietigingsdrang die ontstond vanuit een waanbeeld van superioriteit.
Is dat tegenwoordig ondenkbaar? Bepaald niet.
Je hoeft maar te kijken naar wat regimes die momenteel de wereld onveilig maken en je kunt weten dat op een paar uur vliegen van onze grenzen valse doctrines opnieuw loeren op wereldmacht. Vaak op basis van het zelfde superioriteitsdenken of op het gegeven dat men het enige ware geloof aanhangt. Nu is geloof natuurlijk op zich al heel twijfelachtig van opzet en oorsprong, maar toch. Men gelooft in de heilige boeken die men zelf schreef en zoekt naar wegen om de totale wereldbevolking op de knietjes te krijgen. Nationalisme is veel regimes daarbij ook niet vreemd, en met dat denken komen ook verlangens terug naar oude grenzen, dominantie over bepaalde volken of streken die vroeger ook al bij het moederland behoorden, of ze daartoe nu gedwongen moesten worden of niet.
Ik heb me wel eens afgevraagd hoe dat nu zou moeten als we inderdaad evt. weer eens worden overlopen door een of andere enge doctrine die daarna start met gewelddadige onderdrukking van alles wat niet welgevallig is. Zouden wij als moderne mensen anno 2017 in staat of bereid zijn anderen te helpen die mogelijk slachtoffer zouden kunnen worden van deze idioterie. Zouden we vervolgden opnemen en beschermen? Ergens op een oude zolder of kelder laten genieten van iets van protectie? Met gevaar voor ons eigen leven? Zouden we slachtoffers van vernietiging van huis en haard een onderdak bieden zolang dat nodig is? Die op zich vreselijke en tot de verkeerde politieke stroming behorende Claudia de Brey heeft er wel een aardig liedje over geschreven ook al deed ze dat met het bekende ‘politiek correcte gedachtengoed’ dat alle gevaar van rechts komt en ontkent ze daarmee waar het gevaar echt vandaan zal komen als het komt. Maar haar liedje stelt wel een vraag die ook mij bezig houdt. ‘Mag ik dan bij jou’ als het fout gaat?! En die idioten achter bepaalde doctrines menen dat hun tijd is gekomen en de hordes oprukken tegen het vrije westen? De wijze waarop wij aankijken tegen echte vluchtelingen in oorlogsgebieden geeft op dit punt weinig hoop.
De overwegend linkse media halen alles door elkaar, al dan niet bewust, waardoor wij de echte vluchtelingen niet meer (h)erkennen en ons richten op de verkeerden. Daardoor zitten miljoenen mensen in de ellende. Mag ik dan bij jou is ook hun vraag, alleen wordt dat niet meer gehoord doordat ze worden overstemd door hen die om economische redenen deze kant op komen. Geholpen door een industrie die er waarschijnlijk zelf beter van wordt. Maar die kennelijk niets geeft om echte ellende in oorlogsgebieden. Geld lijkt de oplossing, maar is het niet alleen. Dat zou ook blijken als we zelf met dit soort fenomenen van doen kregen. Oorlog is verschrikkelijk. Ik wil me niet eens voorstellen dat dit hier plaats zou vinden. Dat we alles kwijt zouden raken wat ons dierbaar is. En dat we dan ook nog eens zouden ondervinden dat onze vraag om onderdak of hulp wordt afgewezen omdat onze situatie niet goed wordt ingeschat. Ben benieuwd wie jullie, lezers van mijn blog of sociale media, direct onderdak zouden verschaffen in een soortgelijke situatie. Even los van de eigen kinderen, ouders of naaste buren. Wie?




Toen ze met hem verkering kreeg was hij de degelijkheid zelve. Keurig in het pak, suede schoenen, een goede opleiding, aardige baan, nooit wild of ongepast gedrag, maar daar hield ze indertijd wel van. Haar ouders waren ook zo degelijk. Netjes, christelijk, en haar opvoeding had in die zin geen grote verrassingen in zich gehad. Veiligheid bood hij haar, rust, en toen ze eenmaal getrouwd waren bleef hun relatie stabiel en kabbelend. Af en toe las of zag ze wel eens wat waardoor ze dan in de war raakte en verlangen kreeg naar een ander soort leven. Met meer avontuur. Leuk reizen, kabbelen in een warme zee, bloot dansen op een heuvel in India, ach ze had zo vaak verlangd. In plaats daarvan kochten ze een huis, kregen kinderen. Waar ze gek op was overigens. Haar man maakte carriere, kreeg een auto van de zaak. Een degelijke Toyota en voor de vakantie kozen ze voor een caravan waarmee ze elk jaar weer naar het zelfde plekje togen in Frankrijk. Waar net zulke degelijke mensen kwamen als zij zelf waren. Waarmee het trouwens goed toeven was. Maar in haar fantasie wilde ze wel eens naar zo’n nudistencamping die een kilometer of vijftig verderop te vinden was. En zo verliep hun leven tot de kinderen de deur uit gingen. Ze woonden intussen in een degelijke wijk, hadden een meer dan degelijk huis en dito meubels. Geen uitspattingen, geen vreemde dingen. Uitheems koken was er niet bij, hij zou het niet eten wist ze intussen wel. Ze kleedde zich ook degelijk. Nooit frivool, geen aantrekkelijkheid. Het moest passen bij wat hij voor zich zag als ideaal. De opvoeding van de kinderen was ook zo geweest. Ze waren geslaagd, maar vlogen toch uit toen ze de kans hadden. De een naar Denemarken waar hij ging werken voor Lego, de ander naar Zuid-Amerika om daar arme kinderen te helpen. Alleen de jongste dochter hield het dichter bij huis, maar woonde wel samen en was niet getrouwd. Ze spraken er nooit over, maar het paste niet zo goed in hun ideale plaatje. Een degelijk huwelijk dat rust en liefde bood, zonder dat er vonken vanaf vlogen. Zelden voelde ze nog dat ze ‘echt’ leefde. Het verliep allemaal zoals het hoorde, zoals hij het graag wilde. Half elf in bed, een vluchtige kus en slapen. De volgende dag weer vroeg op, hij moest naar zijn werk. Haar rol was en bleef het huishouden. Soms keek ze in de spiegel en fronste haar wenkbrauwen. Ze was een oude dame aan het worden. De vrouwelijkheid verdween langzaam aan onder een laag van zwart en grijs. Haar lachende ogen waren dof geworden, haar kleding zeer veilig en degelijk. Ze was zijn ideale vrouw, maar ze wist zelf niet meer wie ze eigenlijk was. Maar ze wist wel dat ze heel degelijk was. En dat voelde ze als waardevol. Maar het was ook zwaar. Als lood. Een degelijk materiaal, maar ook zo giftig!
Nadat de medische molen als resultaat en conclusie opleverde dat ik in een redelijke conditie verkeer maar dat ik wat moet letten op mijn cholesterolniveau startte ik zelf maar met een soort van dieet wat moet zorgen voor verlaging van alles behalve al te veel leefgenot. Dus ook geen alcoholische drankjes meer, geen suiker in de thee, en verder minder, minder minder van alles wat ik normaal naar binnen werk(te). En dat wordt dan automatisch vast ook gemerkt door onze favoriete hoofdstedelijke banketbakker Kwekkeboom waar we voorheen erg graag na een stevige wandeling neerstreken voor een bakkie thee met een lekker broodje kroket (vrouwlief neemt steevast iets anders…). Die kroketten van deze lui zijn nationaal beroemd en dat zit hem toch in de vulling en structuur. Een lekkernij waarbij mij de tranen uit de ogen lopen als ik eraan denk dat ik die nooit meer zou mogen verorberen. Een kroket is natuurlijk een in het vet gebakken ding, vol vlees en saus, wat zout plus nog zoiets en goed heet gebakken (krokant maar niet te bruin) zijn ze het lekkerst. Een genoegen! Tot mijn besluit om op dat minder-minder-minder te gaan zitten, waren we toch tenminste een keer per week te gast bij die lui. Dat hakt er in. Zet het nu vermijden ook zoden aan de dijk? Vast niet, maar symbolische beslissingen zijn ook van waarde.
Het is trouwens opvallend hoe wij Nederlanders met die kroketten omgaan. De meeste van die dingen worden genuttigd bij een snackbar, liefst lopend op straat, en dan maar proberen tong en binnenkant gehemelte niet te verbranden. Daarmee is de kroket al decennialang een arbeidersgerecht geworden terwijl het ooit, lang geleden alweer, meer iets was voor de hoge heren en dames, als gerecht tussen voorspijs en hoofdgerecht. En je had ook heel wat verschillende soorten weet ik nog. Als kind maakte ik mee dat mijn moeder bij een heel bijzondere gelegenheid nog trakteerde op garnalenkroketten, dat was echt iets aparts, en dat at je echt niet met je handen of zo. Daar werd met mes en vork van genoten. Tegenwoordig is die kroket een lunchgerecht. Ik heb vaak aan mijn buitenlandse gasten van toen moeten uitleggen wat dat voor dingen waren, wat erin zat en hoe het smaakte. Goede exemplaren werden naar waarde geschat. Hoe donkerder gebakken en hoe meliger gevuld, des te minder enthousiasme.
Wij Nederlanders zijn er in ieder geval gek op. Iedere vaderlander eet er 22 per jaar. In totaal worden er 350 miljoen per jaar gemaakt. Een deel van de kwaliteit waar ik zelf zo van hou. Maar nu even niet. Ik moet afzien, lijden, hongeren, houtjes bijten…. Daarom wellicht dit smakelijke blogverhaal. Voor hen die er straks lekker in bijten, ga je gang. Eet smakelijk en denk aan mij….
Het moderne wegverkeer kan niet meer zonder even moderne navigatie en meer. Zo lijkt het althans. De tijd van Shell-boeken en soortgelijke kaarten is wel wat voorbij. Een beetje auto heeft dat spul allemaal standaard ingebouwd aan boord of het is via de optielijst eenvoudig bij te bestellen. Voor de rest is er de losse navigatieapparatuur van bijvoorbeeld Tom Tom. Handig, en als je even de weg kwijt bent in het woud van files en omleidingen helpt deze apparatuur je snel weer op de juiste route. Mijn eerste navigatie/apparaat was van de simpele soort. Zoonlief kocht hem voor me en dat leerde me dat je zonder die dingen maar wat zit te klooien al ben ik dan zelf nog wel in staat om ook zonder dat een geografisch redelijk juiste koers in te leggen om bij bepaalde plekken te komen. De Mio kende maar een groot probleem, zonder verbinding met de accu in de auto deed hij weinig meer en updates kon je er niet voor kopen. Dus kocht ik mij twee auto’s geleden alweer een TomTom. Aardig ding, sneller dan de Mio en in handzaam formaat. Keurig in een hoesje zodat hij niet kon beschadigen. Hij bracht me tijdens onze Nederlandse of Europese trips overal en nergens. Kostte niet zo veel, maar bood opnieuw geen updates. Althans na het eerste gebruiksjaar niet meer.
Als ik hem alsnog wel wilde updaten moest ik meneer TomTom elke keer 40 Euri betalen. Best veel geld bij een apparaat dat nieuw indertijd net aan 100 euro kostte. ‘Toch eens kijken naar een andere’ was nog weleens de opmerking die ik maakte tegen vrouwlief als we weer op een weg reden die de TomTom niet herkende. Maar het kwam er nooit echt van. Tot de Tom door ongelukkig toeval onlangs zijn einde vond. Wij waren onderweg in het zuiden. En af en toe ook met twee mensen extra aan boord van de Blue Angel. Daarvoor verschoven we de voorste stoelen even wat naar voren. Op de laatste dag, op weg naar huis, nog even hier en daar gekeken. Tommie ging tussen de voorste stoelen waar hij niet werd gebruikt. Maar omdat we weer met zijn tweetjes verder zouden rijden schoof ik de stoel van vrouwlief naar achteren. O jee, de Tommie zat samen met een Cd van een van onze favoriete Amsterdamse zangers (..) knel. Snel weer naar voren die stoel. Maar het was al te laat. Tommie had een paar kerven in zijn tot dan gladde vingertiphuidje. Niet dat dit optisch erg was, maar de werking werd ineens heel anders.
Hij deed eigenlijk plotseling gewoon waar hij zin in had. Bestemmingen opzoeken was er daar niet een van. Einde oefening! We kochten onlangs zijn opvolger. Een ander merk, met levenslange updates op de kaarten voor heel Europa. Met een brok informatie die ik nog niet kende. Zelfs de straatnamen worden uitgesproken, ik word gewezen op tankstations en evt. parkeerplekken. Onderliggend zit een menu met ongekend veel aanvullende informatie. En het scherm is twee keer zo breed als bij Tommie. Die gaat in een elektronisch graf. Garmin is mijn nieuwe merk. En de gegeven informatie door de vriendelijke verkoper bij Media Markt in Hoorn deed de rest. Wat een aardige lui daar. Nu eens zien of ik al jullie adressen er weer in kan krijgen. Wel zo handig.
Veel zo niet alle mensen zijn in feite vrij egocentrisch ingesteld. Of ze nu bloggen, Facebooken, Twitteren of wat ook. Ze stellen zichzelf centraal in het leven en nemen anderen mee als decor voor hun eigen al dan niet interessante bestaan. Wie meent dat dit niet zo is moet toch maar eens gaan kijken in de wereld om zich heen. Mensen zijn juist tegenwoordig heel erg bezig met zichzelf. Misschien nog wel meer dan een paar decennia geleden. Ons spiegelbeeld bepaalt hoe we ons voelen. We steken massaal de Selfiesticks in de lucht om niet (alleen) de omgeving vast te leggen met foto- of filmcamera dan wel de Smartphone, maar vooral ons zelf. Ik moest vroeger altijd enorm lachen als ik Japanse toeristen tegenkwam. Die renden door Europa, deden soms zeven dagen over zo’n toer en kwamen dan thuis met zichzelf voor alle vrijwel alle bezochte belangrijke plekken. Ingebakken in die cultuur. En het begint ook bij ons al vroeg.
De Selfiecultuur is in opmars. Bloggen om de tekst, werd Vloggen om het beeld. En bij 9 op de 10 vloggers staan ze zelf prominent in beeld en imiteren de journalist of nieuwslezers van de TV. En dat leidt weer tot volgers die het leuk vinden wat ze zien en direct ook dromen van een eigen carrière als zodanig. Ik zelf ben niet zo van de foto’s en plaatjes waar ik zelf op sta. Hooguit als ze oud zijn en ik in niets meer lijk op dat figuur dat mij voorstelt in het grijze verleden. Mij gaat het dan toch wat meer om de bredere inhoud. Als ik filmpjes plaatste op bijvoorbeeld YouTube dan ging het over een onderwerp, nooit over mijzelf. Op de sociale media mijd ik als het even kan mijn eigen imagobeeld. Niks aan. Niet interessant voor anderen. Bescheidenheid troef. Al slaat dat dus niet op de mening schrijverij van de afgelopen jaren. Die inhoud vind ik veel belangrijker dan hoe ik (of iemand anders) er uit ziet. Ik wil ook niet figureren bij anderen in hun accounts.
Geen beelden van mij plaatsen zonder mijn toestemming s.v.p. en die toestemming geef ik in 99% van de gevallen echt niet. Opgevoed in typische Nederlandse stijl van ‘doe maar gewoon, dat is al gek genoeg’ mijd ik egocentrische beelden. Maar zie wel om me heen dat ik eerder de uitzondering dan de regel vertegenwoordig. Mensen zien meestal zichzelf erg graag. Ik herken daar niets in. Al loop ik echt als de Klokkenluider van de Nottre Dame in de rondte, er zijn miljoenen mensen die wel in beeld moeten komen. Maar ik niet. Toen ik het vorige boek opleverde, over de familie Pon, besloten wij als auteurs om twee wat kolderieke tekeningen te laten maken die ons geen echt recht deden, maar ook zorgden voor een zekere onherkenbaarheid. Het lelijke van elk gezicht uitgemeten in een schets die vertelde hoe wij het onderwerp als veel belangrijker zagen dan de auteurs. Ook al vreemd gedrag, want veel auteurs zijn juist graag in beeld. Kortom, ik gedraag me in veel opzichten atypisch. Zal wel een afwijking zijn dan. Toch eens laten nakijken. Als ze dan maar niet beginnen met het maken van een foto, want dan ben ik meteen weg…
Ik was er al bang voor toen we die nieuwe bank en een andere maar wel bijpassende fauteuil kochten die onlangs werden afgeleverd. Dat we ineens ook anders tegen de al wat langer staande meubelen aan zouden kijken. Dus bedachten we dat we een eettafel wilden die wat langer en smaller was dan de huidige, en een salontafel die bijpassend zou zijn, maar wel dezelfde praktische zaken zou kennen als de huidige. Dus begonnen we weer opnieuw met zoeken. Kijken naar wat al die grote of kleinere meubelzaken in het aanbod hadden, of de prijs een beetje in de hand te houden was, de constructie (mijn ding, ik houd van stevig, ik moet er bwvs op kunnen gaan staan), de materialen en de kleur. Want het moet wel passen. Vrouwlief had ook zo haar lijstje en dat maakte de zoektocht ‘interessant’. Zeker als je ziet wat een enorm aanbod sommige winkels onder dak hebben staan en hoe men soms zijn uiterste best doet om je (n)iets te verkopen.
Bij de ene zaak heeft men op elke etage en in elk verkoopvak een medewerk(st)er die vraagt of je ‘geholpen’ wilt worden, bij andere zaken moet je die adviseurs met een lichtje zoeken. Tussen het ene en andere uiterste zit een hele wereld van verschillen. Werd me duidelijk toen we ergens in de polder bij Alphen a d Rijn bij een winkel neerstreken waar de (geschat) 20 jonge medewerkers druk waren met adviseren van ‘prospectklantjes’ en achter de informatiebalie niemand te vinden bleek. Wij hadden onze keuze al gemaakt. Maar werden niet geholpen, dus…….jammer maar helaas. Diezelfde winkel deed dat later nog eens dunnetjes over. Want bij een nieuwe tafel horen ook andere stoelen.
Al was het maar om de kleur en de stoffen. Ook daar wisten we intussen wel wat we wilden. We schreven ons eigen wensenlijstje op, schoten digitale plaatjes van die stoelen en liepen (bij toeval in diezelfde winkel waar men ook de tafel niet ‘wilde’ verkopen) maar weer eens naar de informatiebalie. Daar hadden ze die zitelementen precies in de stijl en kleur die we zichten. We troffen het, er zal een jongeman achter die balie iets in te vullen. Wij vroegen of hij ons kon helpen. Nee, dat kon hij niet, want hij was druk. Vervolgens zette hij een bordje neer met daarop de mededeling dat zij die informatie wilden moesten wachten op een verkoper die evt. ‘vrij’ was en liep weg. Dat laatste deden wij dus ook. Aan de overkant van de straat zat nog een meubelzaak. Kleiner, wat duurder, maar met een geweldig team van adviseurs. Daar vonden we duurdere stoelen, die bestelden we en waren een uur later onderweg naar huis.
En die tafels? Tja, die laten we op maat maken. In de buurt van Rotterdam. Helemaal naar onze smaak, met een degelijke constructie en katten’proof’ bovenblad. Nu nog even zien dat we onze nog vrijwel nieuwe (in onze ogen dan) eettafel, de salontafel en vier stoelen kwijt kunnen. Oersterk, mooi in de was, netjes bijgehouden, z.g.a.n. Iemand?
De macht van print is sterk afgenomen en de lezer maakt zelf wel uit of hij iets ‘goed vindt’ of niet. Het internet is geduldig en wat vandaag plaatsvindt staat binnen een kwartier over de hele wereld online. Het blijft dan opmerkelijk dat men bij die aanbieders nog steeds terughoudend is met uitnodigingen voor media-events richting publicisten die zich vooral richten op online of die gewoon een leuk boek over een bepaald onderwerp willen schrijven. Er zijn bedrijven, merken en PR-mensen die dat heel goed doen en anderen die er maar niet aan willen. Blijft me verbazen. Alsof dat beperkte en terughoudende denken in de toekomst het eeuwige leven heeft, het tegendeel is waar. De jongere generaties lezen geen bladen of kranten (of een boek..)meer, die kijken naar YouTube of andere kanalen vol wetenswaardige en bewegende beelden. Daar zit ‘de handel’ zou ik denken. Maar goed, ik zit zelf niet meer aan die andere kant. In de loop van de jaren dat ik voor mijzelf zorg en schrijf over mobiele zaken valt het me echter best op hoe veel moeite je soms moet doen om relevante informatie los te weken bij maatschappijen, fabrikanten of importeurs rond de door hen geleverde goederen of diensten. Soms gaat het vlot, in andere gevallen wil het maar niet lukken. En dat is vervelend, want zo’n merk of bedrijf geef je dan uiteindelijk toch minder aandacht.
Nieuws is echt overal te vinden, maar een leuke test, een eigen ervaring, of een paar leuke plaatjes, zelf geschoten bij een artikel, kan soms het verschil maken. Toch blijft men vaak terughoudend rond dat internet. En dat is jammer. Nogmaals, ik klaag niet over de goeden, zijn er voldoende om me bezig te houden, maar vooral over die instellingen die het maar niet willen snappen. Net zo als ik maar niet snapte dat sommige van die lui men mijn producten vroeger altijd maar moest neersabelen. Scheelde daarna soms best een paar tickets richting een leuke introductielocatie. En echte vrienden werd ik met sommige journalisten nooit. Zal nu wel net zo zijn…..toch? De geschiedenis herhaalt zich vast…





