
Als ik terugdenk naar pak weg 25 jaar geleden, herinner ik mij de eerste mobiele telefoons van toen (o.a.Nokia) nog goed. Daar kon je onderweg zo maar mee telefoneren als je dat wilde. Zelfs SMS-en was er mee mogelijk en je voelde je een hele bink met zo’n ding aan je broeksriem of in de binnenzak. Dat bellen deden we ook regelmatig. Net als we dat thuis deden. Immers telefoneren zat nog in ons dna. Nu, in 2026, lopen we met geavanceerde apparatuur in de vorm van een 10x20cm grote smartphone door het leven en volgen we het nieuws, de beursberichten, het weer, files, hebben apps voor van alles en nog wat, maken foto’s, filmpjes, communiceren als dwazen met die wereld om ons heen en weten ons altijd bereikbaar.

Zelfs mensen van 60+ hebben zo’n ding in het bezit en met wat hulp van kinderen of bekenden is het ook voor hen een bron van vermaak. Het enig wat we er vrijwel niet meer mee doen is bellen. We whats-appen of zo. Dat is leuker, je kunt plaatjes meesturen, en als je het niet achter het stuur van een of ander vervoermiddel benut vrij gevaarloos. Bij bellen moet je toch vaak dat ding aan je oor houden, of iets van dopjes in de oren stoppen waardoor het lijkt voor de omgeving dat je lijdt aan een of ander syndroom als je dan net even te luid met iemand aan de andere kant van de (lucht)lijn spreekt. In de auto hoef je tegenwoordig trouwens de handen niet meer aan dat toestel te hebben.

Een beetje auto maakt automatisch contact met je smartphone en schakelt meteen van radio naar telefoon als je even wilt spreken met iemand dan wel zelf gebeld wordt. Het is en blijft prachtige techniek en het heeft onze samenleving enorm veranderd. Kijk maar eens in een wachtkamer, in de trein of metro, men leest geen bladen of kranten dan wel boeken meer, maar loert op die kleine schermen. Luistert naar muziek, bekijkt tiktok-filmpjes, maar sluit zich in ieder geval af van de omgeving. Ook dat kan zo’n ding voor je doen, en dat is op zich prima als je maar geen ‘loner’ wordt die nog slechts kan communiceren via dat kleine elektronische hulpmiddel. Tegenwoordig zie ik mensen ook betalen met die dingen. Ze hebben dan een bank-app gekoppeld aan hun smartphone die weer communiceert met de elektronica van winkels of zo en op die wijze je betalingen regelt. Het is een applicatie die ik nog niet gebruik. Ben ik toch net even te wantrouwend voor. Als ik de hacks zie die regelmatig bedrijven qua opgeslagen informatie leegtrekken maakt me dat niet zekerder dat al die elektronica en persoonlijke gegevens veilig en onfeilbaar zijn verwerkt. Maar nu even alle nieuws volgen….Piep, ping, trrrrrr, pssss…. (beelden: archief)






In de tijd dat we altijd en overal bereikbaar willen zijn, althans zo lijkt het, is nauwelijks voorstelbaar dat we ooit een periode kenden waarin mensen thuis GEEN telefoon bezaten. Slechts zij met een belangrijke (..) functie hadden zo’n verbinding met de buitenwacht in huis. En zij die er geen hadden, maakten vaak gebruik van de PTT-lijn die bij omringende winkeliers voorzien van een open oog voor klantvriendelijkheid tegen betaling beschikbaar stond voor derden. Voor een dubbeltje of een kwartje kon je dan de dringende zaken afwikkelen. Bij ons thuis was dit ook heel normaal. De een paar huizen verderop gelegen winkel van de ‘sigarenboer’ ‘Ome Jaap’ was ons contactpunt en de afspraak was zodanig dat mijn leasepa zelfs op zijn visitekaartjes, nodig voor zijn handel en wandel, het telefoonnummer van die winkelier mocht vermelden.
En hoe vreemd ook, dat functioneerde prima. Later, het ging goed in de handel, kwam er een eigen telefoonlijn thuis en mijn moeder was daar vooral zeer verguld mee. Niet dat er nu zoveel mensen waren om mee te bellen, maar toch. Die telefoon en bijbehorende lijn behield ze tot haar eigen dood in ere. Lease-Pa was al veel eerder gaan hemelen, de telefoon zweeg toen al vaker dan hij werd gebruikt, maar hij moest blijven uiteraard. Voor…’je weet maar nooit’. In mijn eigen verdere leven bleef de telefoon gewoon altijd aanwezig. Waar ik verder ook woonde of werkte, altijd speelde de telefoon een belangrijke rol. Een enkele lijn, meerdere, en in het eerder beschreven dealerbedrijf waar ik actief was zelfs via vijf verschillende lijnen, noodzakelijk door de diverse bedrijfsonderdelen. Telefoon, telex, fax, internetmodem, het werd door de jaren heen een steeds breder gamma aan verbindingen en dat het functioneerde mag soms een wonder heten. Zeker die laatste dingen waren kwetsbaar en maakten ook nog een rotherrie bij het inbellen. Intussen is de vaste lijn er nog wel, hangt aan een pakket van de kabelaar, maar het meeste gebel en ander gecommuniceer vindt plaats via de smartphone. Overal bereikbaar. En de sigarenwinkels intussen zowat uitgestorven. De wereld verandert in rap tempo. We appen, mailen, bellen nog maar zelden. Maar zijn wel altijd bereikbaar. Het waarom ontgaat soms. Alsof we onmisbaar zijn. Nou dat is een illusie natuurlijk. Dat kunnen al die gehemelden ons haarfijn uitleggen. Gemist door hun geliefden wellicht, maar hun relaties zijn ze snel vergeten. Tot er een lijntje naar boven komt….of naar beneden. Het is maar waar je in gelooft…