Leven met de Vliegende Pijl – hoofdstuk 60 – Coaching en training!

Aan het einde van het jaar 2000 begon zo de nieuwe fase in de professionele aanpak van mijn werkzaamheden. Ik kreeg uiteindelijk na lang onderhandelen met Hoekstra een contract om via LEX- en communicatietrainingen de organisatie van Skoda in ons land verder te optimaliseren. Als externe adviseur. Ik had al sinds 1991 immers dat eigen communicatie-adviesbureau, keurig ingeschreven bij de KvK, dus dat paste mooi. De regeling zette me als professional goed op de been, en ik kon mijn werk voor het zo geliefde merk blijven doen. Want samen met Hans Bovee ging ik nu een paar dagen per week het land in om coachings en trainingen te geven op het gebied van LEX-denken. Maar ook hoe dealers om zouden kunnen gaan met een meer eigen publiciteitscampagne en klantenwerving. Daarnaast was het de bedoeling om een nieuw dealer-automatiseringsprogramma, WinCar geheten, uit te rollen waaraan Skoda op dat moment de voorkeur gaf en waarmee de toenmalige verkopers veel sterker dan voorheen pro-actief nieuwe kopers konden (en moesten)werven. Die begeleidingssessies waren vaak heel intensief.

Hans Bovee en ik reden bij nacht en ontij heel wat kilometers in die periode en ook vaak tot in de late uurtjes om de boodschap van het nieuwe Skoda te brengen. Intussen werd de nieuwe en grote Superb geintroduceerd en was men bij de Tsjechen alweer bezig met het volgende model, de Roomster! De organisatie moest daartoe dus steeds sterker worden. Kaf en koren strikter gescheiden, de opdrachten waren duidelijk. Een jaar na mijn vertrek verliet ook Hoekstra Skoda. Hij kreeg een conflict met het management van het merk in Tsjechie en werd niet meer gezien als ‘acceptabel’. Omdat men bij Pon niet zo snel een opvolger kon vinden werd Seat-baas Van der Nat aangesteld om ‘orde op zaken te stellen’. Voor de externe werkzaamheden maakte dat vooralsnog niet veel uit, maar het sloeg wel een gat in de organisatie. Want in het kielzog van Hoekstra verdwenen meer mensen uit het voormalige MT en rest van de organisatie en al snel zat ik soms voor overleg tegenover mij compleet nieuwe en vreemde gezichten. Ergens in 2003 kwam de echte opvolger van Hoekstra in dienst.

Dick de Rooy, voormalig marketeer bij Seat werd door v.d. Nat naar voren geschoven en zowel door Pon als Skoda geaccepteerd. Ik kende hem nog wel uit de tijd dat we als collega’s bezig waren geweest ‘onze’ merken te promoten. Het gaf wat rust in de organisatie, maar veel gedenkstenen voor revolutionair denken zijn er niet voor hem geplaatst. Intussen kreeg Skoda steeds meer vat op de gang der dingen in ons land. En werd ook duidelijk dat het nuttige LEX plaats ging maken voor het abstractere ISO. Klantvriendelijkheid werd ook bij Skoda ingeruild voor administratieve procedures. Het hield in dat mijn werk en dat van Hans Bovee enorm uit elkaar zouden gaan lopen. Hans moest met interne collega’s gaan ‘schouwen’ om dealers naar ISO te krijgen, ik trachtte nog steeds die dealers te leren zelfstandigheid bij de communicatie vast te houden en op eigen naam en faam imago een omzet op te bouwen. In 2003 werd dat werk echter steeds lastiger. Ik zwierf intussen wat tussen importeur en dealers en kreeg te weinig input vanuit Leusden om echt te snappen wat er op dat moment allemaal speelde. Dat had men bij Pon ook wel door en de Rooy wilde wel van het contract met mij af. Dat paste mij eigenlijk ook wel omdat ik intussen ook was gaan werken voor een uitgeverij die interim-hoofdredacteuren zocht voor diverse bladtitels in het B-to-B segment. Daarnaast ontwikkelde zich mijn advieswerk aan andere klanten redelijk rap. Mijn ‘leenauto’, een Fabia Combi TDi in de meest luxe uitvoering nam ik dus zelf maar over en eind 2013 was mijn status compleet onafhankelijk. Met een aantal dealers van toen bleef het contact overigens ronduit goed en daar heb ik tot vele jaren later nog steeds baat bij gehad. Pon zelf bleef intussen bezig met reorganiseren. Men verjongde de organisatie, zette steeds meer in op integratie met Pon’s Automobielhandel en deed dit ook bij de Skoda-dealers. Dealers en mensen uit de opbouwperiode werden massaal ingeruild voor VW-dealers die Skoda erbij gingen doen, en alleen daarmee al in staat waren om de landelijke omzet op te krikken. De Amsterdamse dealer S-Point, lid van het A-Pointteam wat op zich weer een onderdeel is van het holdingbedrijf Pon-dealer, zette in een jaar tijd net zoveel Skoda’s om in de Amsterdamse regio als alle 80 Skodadealers landelijk deden in een jaar als 1992 toen ik bij Pon binnenstapte. De Utrechtse Pon-vestiging deed daar trouwens niet zo veel voor onder. En zo ging dat maar door. Met een mooi gamma en een steeds sterkere organisatie bleek het merk ineens flink volwassen te kunnen worden en mee te tellen bij vooral zakelijke rijders. Vervangende trots was nog steeds mijn deel toen ik in 2004 overging tot een andere orde van de dag. (Fotos: Yellowbird/Skoda/Internet)

 

Sponsoradviezen

Sonax 3Onlangs zag ik een nieuwsbericht voorbij komen waarin de BOVAG zich solidair verklaarde met haar leden. Niet dat men dit als belangenorganisatie al niet veel langer deed, nee het ging om iets waarover ik in mijn trainings- en coaching jaren altijd een uitgesproken mening verkondigde; sponsoring! Veel ondernemers in de mobiele sector denken dat zij er goed aan doen om de lokale sportvereniging te helpen met een geldbedrag. Dat is in feite ook zo hoor, niks mis mee, maar wat krijg je er dan voor terug? Wie alleen maar geld stort in de kas van een club of zo, moet dat zien als een schenking. Met sponsoring heeft het niks van doen. Een bord langs het veld is leuk voor de betrokken club, net als een outfit voor bepaalde elftallen of pakweg de jeugd van een wielerploeg. Maar wat verwacht je er van? Ik legde meestal uit, en doe dat hier graag nog eens, dat je voor elke sponsor-Euro er minstens drie moet zien terug te halen. Een sportclub moet meer doen dan alleen maar een beetje profiteren van jouw ondernemende  vrijgevigheid. Men dient in jouw merk te rijden, moet de leden stimuleren om langs te gaan bij de sponsor die de club overeind helpt te houden, en jij moet als ondernemer meer doen dan alleen dat geld overboeken.

01-SKODA-Superb-juryHet was voor veel ondernemers waarmee ik te maken had vaak een brug te ver. Men maakte geen plannen, men dacht er niet over na, volgde zelfs de resultaten niet van de sportclub, maar bleef wel altijd volhouden dat dit echte sponsoring betrof. Ik had (en heb) het in die situaties altijd over weggegooid geld. Schenk het dan aan een kringloopwinkel of voedselbank, maar geef het niet weg aan een sportclub. Voor sponsoring moet iets worden ingevuld, gedaan, uitgewerkt. En dat hoeft echt niet al te ingewikkeld te zijn. Zeker niet als je een beetje creatief bent op het gebied van publiciteit vergaren of reclame maken. Of het geld moet je als ondernemer op de rug groeien, dan wel aan de bomen rond het bedrijf als vruchten geplukt kunnen worden. Maar die hoop is vergeefs. Kortom, ik ben blij dat de BOVAG nu ook inziet dat men leden moet helpen om met die sponsoring een beetje professioneler om te gaan dan voorheen. Dat zal voor veel sportclubs wennen worden.

Hans Bovee LEX coachingOok al lopen daar de inkomsten ook niet echt op in deze lastige tijden. Samenwerken met een sponsor is soms heel plezierig en het leidt in goed overleg tot een hoop response voor de contractpartijen. Ja, ik noem specifiek het woord contract, want zonder dat is er geen sprake van goede afspraken. Kortom, een goed plan van aanpak, sponsorcontract, en dan aan de slag. Pas daarna het geld overboeken. Laat ik aannemen dat ook de BOVAG deze adviezen zal afgeven. Pas dan is sprake van een belangenorganisatie die het echt begrijpt!