Rokende voeten….

Toen de auto dus bij de dealer stond voor die onlangs beschreven schade door derden en de bijbehorende expertise van de verzekeraar, maakten wij van de gelegenheid gebruik om vanaf de garage (Amstelveen-Centrum) naar Amsterdam te wandelen. Het paste in ons loopritme en de wens om weer wat meer te bewegen en wandelen daarbij een zeer goede manier van doen is. Dus daar gingen we. De aanloop in Amstelveen langs fraaie vaarten en schitterende huizen. Het is en blijft een rijke buurgemeente van de hoofdstad. Dan bij de overgang naar Amsterdam (Kalfjeslaan) langs de bebouwing daar die nog stamt uit de 19e/begin 20e eeuw en het drukke Buitenveldert. Ongekend wat een mensen daar in die wijk tegenwoordig werken.

Het forensenverkeer is daardoor zeer druk, allerlei stromen komen hier bij elkaar. Teslarijders en OV-gebruikers om het zo maar eens aan te duiden. Het giga-complex van het AMC/VU tegenover waar ooit de dealergarage stond waar ik zelf jaren professioneel mocht werken en waarover ik in mijn eerdere vervolgverhaal berichtte. Op die plek figureren nu allerlei kantoorgebouwen. Vanaf die plek loop je langzaam aan de relatieve rust in van Amsterdam-Zuid. Langs het Stadionplein dat tegenwoordig gewoon bebouwd is geraakt, het voormalige Citroen gebouw dat deels van vroegere werkgever Pon is tegenwoordig en waar ook andere kantoren in zetelen. Totaal nieuwe woonwijken naast het Stadion en dan hup, de oude Amstelveenseweg op. Daar vernieuwbouwt men, renoveert er ook de straatweg en dan via het fraaie en grote Vondelpark afbuigen naar het echte centrum.

Dat Vondelpark is zo rond 9 uur in de ochtend een doorgangsroute voor fietsers op weg naar school en kantoor, maar er lopen ook heel wat mensen hun rondjes in al dan niet (te)strakke trimpakjes. Bij de Stadhouderskade het park weer uit, doorsteken via het Max Euweplein, Leidsestraat, Heiligeweg naar La Place in de Kalverstraat. Daar hadden we er intussen 8,5 km opzitten. Even thee. Door de matige service, lauwe thee en koffie i.c.m. wel een hoge rekening verder maar gelaten voor wat het is en door naar de Bijenkorf en Primark (Plaspauze), waarop we besloten naar de Jordaan door te steken voor de maandagmarkten daar.

Die liepen we helemaal af. Dan weer terug, dwars door de Jordaan naar de Rozengracht, en weer afbuigen naar de Nieuwendijk voor een kleine versnapering bij de Hema. Altijd lekker de Surinaamse kipbroodjes daar. En dan weer verder met lopen. Via de Kalverstraat, Heiligeweg, terug naar het zuidwesten. De garage had intussen gebeld. Expert geweest. Dus ook weer richting Amstelveen. Via het chique Amsterdam-Zuid, langs de Zuidas en WTC dwars door Buitenveldert en dan weer Amstelveen. Uiteindelijk hadden we er 21 km opzitten en 30.000 stappen. Paar spieren deden zeer, maar het was wel een leuke oefening geweest. Moeten we meer doen. Maar wel even op adem komen. Dat wel…(Beelden: Yellowbird)

Werken op Schiphol – 1 – jeugdige start

De stappen die ik op jonge leeftijd zette op het gebied van een carrière switch hadden niks van doen met kennis van zaken, meer met een enorm verlangen naar actief willen zijn in dat wereldje van de luchtvaart. Ik had als jong mens bijna een obsessie met die luchtvaart, ongetwijfeld mede veroorzaakt door mijn moeder die me vaak meenam als kleine urk naar het toenmalige Schiphol en dan op het platform rondwandelingen of ritten met ons als kinderen maakte waardoor ze dicht bij die vliegende vogels kon komen. Ergens moet toen de tik van de propellers me hebben geraakt want ik weet niet beter dan dat ik gek was op alles wat vloog. En dat die dingen over de stad heen (en onze straat) af en aan vlogen richting Schiphol zal zeker hebben bijgedragen aan een grote nieuwsgierigheid richting alles wat er mee van doen had. Dus als jong mens al bezig met verzamelen van alles wat met die luchtvaart te maken had en als het even kon op de fiets (of per Maarse & Kroonbus) naar Schiphol om vliegtuigen te kijken. Al snel had ik door dat er in grote lijnen twee kanten van de luchtvaart waren ontwikkeld. Die van de passagiers met alle glamour en uitstraling die daarbij hoorde kennelijk, en die van de luchtvracht. Die laatste op het oude Schiphol een beetje weggeduwd in een relatief bescheiden hoek aan de oostkant van het toenmalige platform.

Vaak zag je daar interessante wat oudere vliegtuigen hun werk doen. Je zag er ook mensen met kratten in de weer of met enorme stapels dozen bloemen. Maar verder keek ik niet zozeer naar de achtergronden van deze tak van dienst. Het gek zijn op…ging door toen ik als jong mens was begonnen bij de Nederlandsche Middenstandsbank in Amsterdam (nu ING) waar ik een keurig nette kantoorbaan kreeg en min of meer werd gedwongen in de avonduren te studeren. Want carrière maken bij een bank hield in dat je moest doorleren. Zware tijd voor een jong mens als ik, immers ik startte met die carrière op mijn 14e. Wist toen wel al vrij zeker dat ik later directeur van die bank zou zijn. Het liep anders. Het karaktertrekje dat ik me niet wilde laten onderwerpen aan malloten met meer positie, stak al op die jonge leeftijd de kop op. En daarbij, was dat bankleven wel iets voor mij? Een overplaatsing naar een afdeling die me helemaal niet beviel zorgde er na een aantal jaren voor dat ik ontslag nam. Ik moest en zou iets gaan doen wat me meer paste. En al snel ontdekte ik dat men op Schiphol in die jaren bwvs gilde om mensen. Mijn achtergrond (bankwerk en studie) maakte dat een oud en gerenommeerd transportbedrijf in Amsterdam me uitnodigde op sollicitatiegesprek.

Men was daar nl. gestart met iets ‘nieuws’. Luchtvracht! En daarvoor zocht men een goede vent naast de al werkzame ‘chef’ van het kantoor, Ruud Breems. Of ik daar iets in zag!? Nou zeker. En twee weken later meldde ik me op Schiphol. In een bescheiden kantoor met daarnaast een soort opslagruimte die men ‘particulier entrepot’ noemde. Dat kantoor kende slechts een enkel bureau, twee stoelen, een schrijfmachine en wat kasten voor de benodigde papieren. De rol van het bedrijf was om aan de ene kant vrachtgoederen die per vliegtuig waren aangekomen en bestemd voor klanten van het bedrijf in te klaren en af te leveren. Tot dan de hoofdzaak van het werk. De tweede taak betrof het versturen van luchtvrachtgoederen t.b.v. vaak weer andere klanten over de hele wereld. En dat moest je dan doen met vooraf klaargemaakte stapels papieren, waaronder een luchtvrachtbrief, douanedocumenten en als je pech had allerlei eenmalige verklaringen rond het al dan niet uit de EEG afkomstig zijn van dat spul. Je had contact met de airlines van toen, moest je een weg knokken langs de barrières van de douane en dan die spullen zelf af zien te leveren in de loodsen van de afhandelende partijen voor de airlines. Vaak KLM, soms Aero Ground Services die beiden een bescheiden loods hadden aan dat uit mijn spottersjaren bekende vrachtplatform. Al snel waren de taken verdeeld. Ruud Breems bleef importgoederen doen, ik mocht alle exportzaken regelen. Een verantwoordelijke baan en door al die praktische kanten ook een verademing t.o.v. dat toch wat saaie bankwerk. En daarbij…de vliegtuigen reden met hun vleugels zowat door onze kantoorruimte heen en tussen de middag zat ik vaak even op een krukje naar al dat fraaie spul te kijken. Ik was op Schiphol begonnen. En zou er nog heel wat jaren blijven…(Beelden: Yellowbird archief/Peter Jongbloed)

Schrijven over werk en carriere…

Voor veel lezers hier of elders en de mensen uit mijn algemene of directe leefomgeving ben ik een ‘automan’. Wat op zich best een compliment is natuurlijk. Zeker het vorig jaar gepubliceerde vervolgverhaal over leven en werken voor en met dat fraaie automerk met die vliegende pijl in het logo deed dat duiden nog eens extra wortelschieten. Toch is het niet geheel volgens de waarheid. Want er was ooit ook nog een zeer bewust gekozen leven buiten die autowereld. Wie mijn vervolgverhaal goed gelezen heeft weet dat er nog een periode voor heeft gezeten waarin met name de luchtvaart een flink aantal jaren mijn werkende aandacht had. En daar, in die dynamische wereld, leerde ik ook waanzinnig veel. Zoveel, dat ik meen er goed aan te doen ook daarover een paar hoofdstukken te besteden die ik als vervolgverhaal af en toe op zondag zal aanbieden ter lering en vermaak. Omdat het een wereld was die ik in eerste instantie niet kende en die later net zo in de genen kwam te zitten als die auto’s uit een later tijdvak.

De optelsom der branches maakte dat ik ben geworden wie ik nu ben. Gepokt en gemazeld door jobs in vakgebieden die voor veel mensen vooral vanaf de buitenkant worden bekeken en daarbij al dan niet beoordeeld. Een derde sector die altijd mijn aandacht heeft gehad en nu leidt tot wat ik u al 13 jaar digitaal aan kan bieden maar ook tot boeken heeft geleid die gewoon te koop waren of zijn, is de schrijverij. Ik had daar heel vroeger al een aardig gevoel voor. Als klein kind kon ik (al zeg ik het zelf) aardige verhalen maken die ik dan op school mocht voordragen omdat zelfs de toch vrij behoudende katholieke onderwijzers ze wel erg levendig geschreven vonden.

Als tamelijk jonge puber maakte ik al mijn eigen kranten. Later gevolgd door echte magazines, bijdragen aan vakbladen en zo meer. Ik deed daarover ook in mijn vervolgverhaal over de Vliegende Pijl al eens verslag. Nadat ik uit de wereld van de auto’s stapte was de transfer naar die van grotere publicaties waar ik de hoofdredactie mocht vormen, niet zo gek. Schrijven lag en ligt me kennelijk, managen zit in het bloed en de combi zorgde voor veel plezier. En zo rolde ik al schrijvend voor printmedia vanzelf in die van de digitale media. Die later dan weer sociaal werden genoemd. Goed te combineren met andere dingen die op het pad kwamen zoals advies geven aan bedrijven rond betere communicatie en meer. En nu, de rust is wat teruggekeerd in het Meninggeefleven, houd ik me regelmatig bezig met…… Schrijf van alles en nog wat, over vliegtuigen, auto’s, Amsterdam of de horeca. Met plezier, u zult dat begrijpen en hopelijk uit de regelmatige blogs oppikken. En dus straks ook vanuit de herinnering over wat ik op dat Schiphol (en wat andere vliegvelden) zoal meemaakte als keihard werkend mannetje met een carrière wens. Vanaf volgende maand in dit theater. Koop nu alvast kaartjes. Nestel je in het pluche van de eerste rij en onderga….(Beelden: Yellowbird archief/internet)

Don’t f…k the Meninggever!

De geweldige Netflix-serie ‘Peaky Blinders’ heb ik eind vorig jaar achter mekaar bekeken en was er zeer van onder de indruk. De familie Shelby uit Birmingham, zigeunerbloed en dito tradities. ‘We’re the Fucking Peaky Blinders’ een gevleugelde kreet. Nooit bleef een wrede of criminele daad tegen de familie onbestraft. Laten we wel zijn, je komt aan mij, aan ons…dan moet je daarvoor dus de rekening betalen. Desnoods met je bloed of leven. Zo doen wij dat in ‘onze kringen’. In de familie Meninggever gelden deze regels ook, al kan ik me niet herinneren dat er ooit bloed vloeide bij een of andere ‘terugbetalingsactie’. Subtiliteit zit meer in de genen. Maar zeker ook wraakzucht. Wie ons iets aandoet moet rekening houden met represailles ook al worden daar dan meestal geen wapens bij gebruikt. En elk lid van de familie heeft het in meer of mindere mate in zich heb ik ontdekt.

Altijd ook wel verhalen uit de geschiedschrijving waarbij mensen die ons iets vervelends aandeden de rekening gepresenteerd kregen. Kan 25 jaar duren, maar het komt! Nu ben ik zelf een verhalenverteller, dus ik kan of kon het vaak in woorden en/of media kwijt. Het kan zijn dat me zakelijk iets is gelapt wat me persoonlijk slechts indirect raakte, maar waarvan ik wel vind dat het niet door de beugel kon. Ook dan komt er een reactie. Kan ook dat er dan negatieve publiciteit volgt en mensen daarmee de pin op de neus krijgen voor hun onbetamelijke gedrag. Maakt het veel indruk? Soms wel. Ik heb er wel eens hele discussies over gehad met iemand die ik in een artikel een aantal jaren later echt verweet dat hij zeer slecht leiding gaf aan een onderneming waar ik ooit mee moest samenwerkte. Het schandblok stond klaar voor hem. De man las het en ontplofte. Nog steeds overtuigd van zijn eigen gelijk. Maar de lezers en zij die de situatie kenden waren het niet met hem eens.

Ik heb wel eens uitgezocht dat het toch iets is wat wij van onze familiemoeder hebben overgenomen. Die had dit ook sterk. Kwam niet aan haar leefwereld of omgeving, je kreeg ervan langs. Al duurde het twintig jaar. En hoewel wij die eigenschap als kinderen of pubers wellicht verafschuwden, het bleek ons toch meegegeven in die al eerdergenoemde genen. ‘We’re the fucking Meninggevers’ en zo meer. Tegenwoordig gaat het er anders aan toe. Mensen die persoonlijke hetzes voeren gaan achter de blokkade van wat ook. Bij sociale media een fluitje van een cent. Heel wat lieden met al te persoonlijke verwijten of te linkse meningen (ieder heeft recht op zijn/haar opinie, maar er bestaat niet een 100% waarheid natuurlijk omdat dit politiek correct lijkt…zelfs de mijne niet) gaan achter de barrière van niet meer kunnen reageren of meelezen. En zo wordt wraak alsnog zoet. Zij het…heel digitaal en keurig binnen de lijntjes van onze normen en waarden. Zouden velen een voorbeeld aan kunnen nemen…Maar ja….die bezitten die genen niet…..Want zij behoren niet tot de Fucking Meninggevers….

 

 

Verjaardag met terugwerkende kracht…

Gisteren, ja echt, was de meninggever jarig. Voor de zoveelste keer in mijn leven. Met hen om me heen die me dierbaar zijn. Het weekend benut om iedereen die langskwam te laven met spijzen en drank. En te genieten van de gesprekken. Een verjaardag is een bijzondere gelegenheid. Men viert met je mee dat je wederom een kalenderjaar in je eigen leven verder bent gekomen. Terwijl je daar soms niks speciaals voor hoeft te doen. Gaat veelal vanzelf. Behalve als je iets mankeert. Dan is het een al dan niet medisch wonder. Relativeren is een kunst. Moet soms wel. Gek genoeg neem ik op mijn huidige leeftijd de volgende verjaardag niet zo snel meer voor vanzelfsprekend. Laten we wel zijn, ik heb al heel wat mensen om me heen, ook uit de digitale wereld, en ook vaak jonger dan ik zelf ben, gedag moeten zwaaien. Verdwenen in de geschiedschrijving, voor altijd hemelen. Dus zo eenvoudig ligt het allemaal niet. Geldt ook voor de vele presentjes. Ik geniet er vaak nog steeds van.

Kan me van vroeger herinneren dat een verjaardag iets was om echt naar uit te kijken. Want als je mazzel had kreeg je dit of dat wat je ‘altijd al wilde hebben’ en dan op die dag echt bleek te zijn aangekocht door toen nog liefhebbende ouders en/of familie. In de praktijk een paar jaar meegemaakt, maar in ons gezin was later een of andere uitvlucht ook zo gemaakt en kreeg je toch echt iets anders dan verwacht. Toch koester ik nog steeds bepaalde zaken die ik op jeugdige verjaardagen ontving. En doe ik dat tegenwoordig ook wat met de herinneringen aan mensen die het feestje compleet kwamen maken. Tantes, ooms, neven, sommige nichten, oma van moeders kant. Allemaal lekker aan de hapjes en drankjes en zeker aan de rookwaar die toen nog gewoon op tafel stond. Ik had (heb) de pech dat januari een lastige maand is. Immers, koud en net na de dure kerstdagen.

Hielp niet echt bij het binnenhalen van al te veel groots. Maar ja, wie geeft daar om als je met ‘liefde’ bent omgeven? Gelukkig werd dat later toen ik meer volwassen was anders. Nog even de tradities volgehouden en op de verjaardagen allerlei lieden uitgenodigd die er ‘bij hoorden’. Maar dat verplichte opzitten en pootjes geven begon steeds meer tegen te staan. Dus decennia lang op eigen initiatief gewoon afgeschaft. Wel lekker eten met de geliefde(n), maar echte vieringen gestaakt. Tot ik min of meer besefte dat het leven niet zo maar iets is, maar een gift die je moet koesteren. Dus nu maar weer een bescheiden viering. Je weet maar nooit. Even kijken wat ik zoal verkreeg…..Zal ik dat spul eindelijk uitpakken dan???? Hoe vieren jullie eigenlijk de eigen verjaardagen en welke herinneringen heb je aan de jeugdige jaren en familiebijeenkomsten rond dit soort festiviteiten??? Ben benieuwd…

Praktijkervaringen – dealerverkoop – 3

In die jaren dat het met ons hoofdmerk nog niet zo lekker en eenvoudig ging, helemaal in het begin van de jaren tachtig, waren we zes dagen per week volledig open. Ook op zaterdagen en die gebruikten we dan vooral om alles op orde te brengen in het gebouw waarin de werkplaats en showroom/kantoor te vinden waren. Daarbij bleef de showroom het langst open. Veelal tot een uur of vijf. Daarna was het vaak over en uit. Op die bewuste zaterdagmiddag dat ik dienst had en net bezig om alle buiten staande demo- en showwagens weer binnen te zetten stapte er een wat oudere heer binnen. Hij was goed gemutst en praatte honderduit over het weer, zijn vrouw en de behoefte aan een nieuwe auto. Die moest rood zijn en een beetje luxe. Wat vond meneer van deze hier in de showroom uitgestalde Skoda 120GLS voorzien van alle denkbare opties uit die tijd, zoals een toerenteller en superluxe velours-bekleding? Ik putte mij uit in opnoemen van alle positieve zaken op, aan en in deze bijzondere Skoda!

De man nam de tijd, ging zitten, draaide aan het stuur, bekeek serieus de motor, de kofferbak en schudde instemmend met zijn hoofd. Dit was wel de auto die hij zich zag berijden. In mijn hoofd klonken schapengeluiden. Zoals altijd als een ‘deal’ redelijk snel gesloten kon worden bij wat minder kritische prospect-klanten. ‘Radio er bij wellicht’?? We hadden net een nieuwe lijn van Blaupunkt in huis die geweldige stereogeluiden beloofde. Kon mooi in die fraaie middenconsole die we ‘bij toeval’ ook in de showroom uitgesteld hadden staan. ‘Ja doe die ook maar!’ zei de man. Kortom, het werd tijd om de boel op papier te zetten. Wat ik alleen al om het late tijdstip met grote snelheid en dito enthousiasme deed. De betreffende auto stond er al een tijdje en veel belangstelling hadden we er nog niet voor gehad. Een GLS was best prijzig in vergelijking met de goedkopere S en L modellen die in Amsterdam sneller de showroom uit wilden. Kortom, alles keurig op papier gezet en laten ondertekenen. Nog even een kopie van het rijbewijs maken dan kon ik de zaken voor de man regelen en zo meer. Intussen was afgestemd dat hij omdat hij niet inruilde een aardige korting zou krijgen ook nog. Opgeruimd staat netjes was mijn gedachte. Rijbewijs had de man niet bij zich, maar dat kwam goed, had hij thuis liggen.

Kwam hij volgende week even brengen…..Goed?? Tuurlijk meneer! Klant is koning. Het telefoonnummer genoteerd en de man uitgelaten. Toen ik hem nakeek zag ik dat hij met flinke tred en de brochures plus contract in een keurig mapje onder de arm richting de stad liep. Wel op wonderlijke schoenen….leken wel sloffen. Maar ja, Amsterdam, vreemde mensen soms….Ik sloot af en ging naar huis. Weekend was goed dit keer, leuke deal gesloten. Op de daaropvolgende maandag werd ik gebeld. Door een of andere medewerker van een tehuis. ‘Heeft u een auto verkocht aan meneer XXX??’ ‘Ja zeker, afgelopen zaterdag!’ ‘Hoe vervelend ook, dat gaat niet door. Meneer verblijft hier in ons tehuis en heeft afgelopen zaterdag voor dik 30 mille aan spullen gekocht. O.a. meubels, televisies en twee auto’s’. De domper was groot. Die schoenen van zaterdag waren alsnog sloffen gebleken. In een onbewaakt ogenblik was hij ontsnapt en aan de wandel gegaan…….Deal kon verscheurd. En de 120GLS bleef nog een half jaar langer in onze showroom staan. Maar ik had wel weer een goed verhaal er bij…Bij deze verteld! (Foto’s: Yellowbird/Skoda)

Trieste herinnering

Wat was die kerst van vorig jaar een ellendige geschiedenis zeg. Niet omdat we het niet naar de zin hadden of omdat onze kinderen en lieve Almeerse vriendin ons niet verwenden zoals zij naar traditie elk jaar doen. Nee…we wisten voor de kerst al dat op die dag, nu precies een jaar geleden, het definitieve afscheid zou moeten plaatsvinden van onze zwarte lieve kater Pixel. Slechts 4,5 jaar oud, gekregen als kitten en zo met ons vergroeid dat hij vrijwel niet weg te denken viel uit ons gezin. Toch moest dat afscheid er komen, want hij was getroffen door een vreselijk virus, dat hem uitmergelde en waar tegen geen enkel kruid of middel gewassen bleek. De o zo trotse kater gedroeg zich nog als een jonge god, maar was intussen fysiek een schaduw van zijn jonge ik uit het verleden. De dierenartsen die hem hadden behandeld wisten geen oplossing. Dit virus sloeg (slaat) toe bij vooral jongere en oudere katten en men had of heeft er geen medicijn of werkende behandeling tegen. Het einde zou extreem pijnlijk zijn voor het dier, dus besloten we dan maar om elk lijden te vermijden, zelf in te grijpen. En om dat na de kerst van vorig jaar te doen.

Hadden we hem nog even bij ons. Hoe dom kan een mens zijn. Want wat je dan doet is uitkijken naar het moment dat… Net zoals een operatie of tandartsbehandeling waar je tegenop ziet. Stressvolle uren gingen vooraf aan dat definitieve afscheid en het verdriet werd er niet minder om. Integendeel. Pixel overleed dus op ‘humane’ wijze precies een jaar geleden en we eren hem op onze wijze zoals we ook vaak doen met zijn voorgangers die soms nog korter dan wel veel langer leefden. We kijken naar zijn foto’s, filmpjes, we herinneren ons zijn lieve manier van omgaan met zijn personeel. Bij je liggen, liefst met zijn kop op je benen, hoe hij ons toen nog kleine Prinsje Percy als kitten opvoedde, en welke liefde we vanaf moment een bij het dier kregen. Kortom, het was een rot dag vorig jaar om deze tijd. Nu is Kerstmis uberhaupt al een periode van mixed feelings, ik ben zelf altijd blij als het weer 1 januari is. Maar vorig jaar was dat dus nog een slag erger. En besloten we dat mocht het ooit onverhoopt nog eens plaatsvinden we niet meer doorschuiven naar de toekomst, maar sneller handelen. Dat scheelt veel verdriet, schuldgevoel en sfeer. Nu gedenken we alsmnog weer in warme herinnering. Een kat die we niet hadden willen missen, die niet gemist had moeten of mogen worden, maar ons qua geschiedenis en beleving nooit zal verlaten. Vandaar dit stukje….Ik vermoed dat onze Pixel na het lezen van dit stukje tevreden knort en samen met zijn andere dierenvrienden geniet van het grote Walhalla…..Maar God wat voelt dat nog steeds wrang en onrechtvaardig….

Giga-verrassing….Dortmund Kerststad!

Zoals naar traditie ieder jaar intussen, bezoeken we samen met onze Soester vriendjes een Duitse stad voor de Kerstmarkten daar en voor wat extra gezelligheid samen. We deden al eens eerder (2x)Dusseldorf, Essen, Duisburg, Aken, Keulen, dit jaar viel de keuze op Dortmund. Vanaf Utrecht gezien zo’n beetje de verst gelegen stad in het Ruhrgebied, maar dat mocht de pret niet drukken. Nu was ik samen met echtgenote zelf al eens een paar dagen in Dortmund te gast geweest, een jaar of zeven eerder, en ik vond het toen wel een aardige maar ook wat grauwe stad. Enorm veel nieuwbouw en ook de nodige lopende bouwprojecten. Maar goed. Ons (heel bijzondere) hotel bleek in het centrum te liggen dit keer, en de ingang naar een van de zes met elkaar verbonden kerstmarktlokaties lag letterlijk op 50 meter afstand om de hoek van dat nachtelijk onderkomen. En het aanbod aan lekkers en leuks was hier in Dortmund enorm.

Net als de grootste kerstboom van Duitsland die maar liefst 45 meter hoog reikt en 170 ton zwaar is met het fundament meegeteld. Opgebouwd uit 1700 sparrenbomen uit het belendende Sauerland, voorzien van bewegende engelen, 48.000 (LED)lampjes en met een opbouwtijd van 4 weken is dit op de Hansa-Platz een waanzinnig trekpleister natuurlijk. Men heeft hier in Dortmund ook podia staan tussen de vele stallen en huisjes, waar om de zoveel tijd iets wordt opgevoerd of gezongen of gespeeld. Ook een reuzenrad deed haar werk. De sfeer is in Dortmund gemoedelijk, en het aantal bezoekers aan die kerstmarkten groot. Opvallend daarbij, niet te veel Nederlanders. Die kom je in andere steden rond deze periode wel veel tegen.

Toch apart. Dortmund is bij ons niet zo bekend kennelijk. Onterecht want er is naast die kerstmarkten genoeg te doen. Enorme winkelpaleizen, leuke lokale winkels die typisch zijn voor Duitsland, aardige kroegjes, eetzaken met de heerlijkste gerechten, bedenk het en het is er. Wij genoten van dit alles in goed gezelschap. Om o.a. in de donkere avonduren te zien hoe dit fenomeen ‘Weinachtsmarkt’ een echt begrip is in die Duitse steden. Hele teams van bedrijven komen bij elkaar met een verlichte muts op de bol, drinken zich een glas en kakelen over alles wat in stad of land speelt.

Dortmund verraste ons dus. En zeer positief. Deze kerstmarkten en wat er omheen zat waren opgeteld leuker dan we de afgelopen jaren meemaakten in steden die op dit gebied een grotere naam hebben opgebouwd en via slimme promotie ook veel Nederlanders of Belgen weten te trekken. En je moet wel erg ongevoelig zijn voor het fenomeen van die Kerstmarkten wil je niet iets aardigs op de kop kunnen tikken wat in ons land echt nergens te vinden is.

Dortmund is zoals gesteld wel een stukje rijden. Je kunt er trouwens wel goed in de binnenstad parkeren, kost niet te veel (Dagkaart 12 euro) en veel van het aantrekkelijke ligt op loopafstand van de vele parkeergarages. Verwacht geen oud centrum met mooie vooroorlogse panden.

Die zijn hier door de oorlog schaars. Maar de sfeer is er niet minder om. En voor shoppers is het toch een paradijsje, zonder de dure chique van Dusseldorf of het wat kitscherige van Keulen. Aanrader voor liefhebbers! En bij ons met grote stip bovenaan het lijstje geplaatst. (Beelden: Yellowbird)

Windows’ Downdate…

Ergens in september besloot Windows dat het tijd werd om weer eens een update uit te voeren op haar 10e versie. Duurde even maar dan zou ook alles in mijn laptop nog meer spic-en-span verlopen als voorheen. Nou, dat zal dan wel maar na afloop van dat gedoe moest ik voor elke app opnieuw inloggen. Alle wachtwoorden en gebruikersnamen weer alsnog invoeren. No problem meestal want ik heb die namen wel paraat. Maar een ding lukte niet. Mijn Outlook-mail opstarten. Die deed het niet meer. Stopte op de dag van de update en kwam niet meer op gang. Vervelend want dat (via XS4All) lopende account was verbonden aan mijn zakelijke mailadres en website plus domeinnaam. Hulp vragen aan de Windows-helpdesk en zoonlief (veel meer verstand van computers dan ik…) leverde in het eerste geval geen een werkend antwoord op. Niemand bij Windows die mijn probleem belangrijk genoeg vond om antwoord te geven. Waarom je dan een helpdesk hebt mag mij een raadsel zijn.

Bij XS4All dan maar aangegeven dat ik zo niks meer aan hun (19 jaar lopende) www-connectie had. Ik kon immers niet meer mailen of mails ontvangen. Dan kan ik me die extra maandkosten ook wel besparen. En dus aangegeven dat als er geen oplossing was ik het account zou opzeggen. Zakelijk afstandelijk gaf men als antwoord dat men die opzegging zou verwerken. Abonnement werd aangepast. Geen woord over de klacht. Op internet zoekend (Google toch wel een geweldig instrument dan) zag ik wel dat dit een wereldwijd probleem was. De updates op WIN10 gaven overal storingen met mailverkeer en brachten mensen echt tot wanhoop. Zover kwam ik niet. Ik sloot een periode af. Een ander mailadres, even iedereen informeren. Dat lukte voor het grootste gedeelte ook nog. Je komt er dan ook achter dat bepaalde websites en nieuwbriefzenders de mogelijkheid van gewijzigde mailadressen ontberen.

Dan moet je maar opnieuw aanmelden of zo en blijven die voorlopig doorgaan naar de gestopte mailadressen sturen. Onbegrijpelijk maar ik werd een stuk wijzer. Nog net niet wanhopig maar wel kribbig. Want alles wat werkt heeft waarde. Wat je pas merkt als het ineens niet meer functioneert. Met dank aan die update van Windows. Mocht je die ook moeten doorvoeren, houdt alle inlogcodes bij de hand. En zorg dat je een alternatief mailadres hebt. Want o ja, bij sommige bedrijven, zoals Windows kan het zo maar voorkomen dat ze je advies geven op je oude en niet meer werkende mailadres. Tja…Kafka en zo…of gebrek aan klantvriendelijk denken toch? Zennnnnnnnnnnnnnnnnnnnnn!

 

Praktijkervaringen uit de verkoop….(1)

In mijn vervolgverhaal over leven en werken met /voor de Vliegende Pijl beschreef ik al eens wat ik als dealer-vertegenwoordiger zoal meemaakte. En en-passant kwam er ook wel eens een klantje voorbij dat speciale indruk maakte. Maar er waren in mijn toenmalige leven veel mensen die de showroom of werkplaats bezochten die indruk maakten maar het opgeknipte verhaal indertijd niet haalden. Zoals veel vertegenwoordigers in dat prachtige vak valt er veel te vertellen over ervaringen met prospect-kopers of klanten die in een auto van een van onze merken gingen rijden. Zo herinner ik mij een cliente die uit Amstelveen afkomstig was en trouw was aan ons Tsjechische wondermerk. Maar de indruk maakte geestelijk niet alles op orde te hebben. Niet dat het een iets met het ander van doen had, maar dit was toch wel een bijzondere dame. Ze kwam soms binnen met een schaterlach, de volgende maal met een gezicht dat op donderen stond. Ze was vrijgezel en lonkte naar veel van onze technische lieden, maar die vonden haar denk ik een beetje ‘eng’. Hoe dan ook, op een dag stapte ze binnen met haar broer.

Was zij nog wel netjes gekleed en vaak naar de toenmalige mode opgemaakt, haar broer leek een type dat elke nacht ergens op een bankje in het park sliep. Maar daar mocht je mensen niet op beoordelen. De man had weinig geld, zijn zus hielp hem, want hij wilde een auto kopen. Tweedehands, liefst bijna nieuw voor pakweg 1500 gulden. Dat was ook indertijd een schijntje en geen garantie voor iets echt jongs. Gelukkig hadden wij wel wat staan. Achter op een als parkeerplek voor uitgedienden klein stukje land stonden de wagentjes die normaal richting ‘handel’ gingen en daar tussen stond een Skoda Coupe in een verkleurde rode lak die al wat zuchten en steunen achter zich had gelaten. Dat moest hem worden. Technisch was de sportieve Skoda goed in orde. Maar die lak was wel een dingetje. Toch kocht het stel de auto en verdwenen er blij lachend mee. Paar dagen later kwam de man alleen terug. Buiten stond een glimmende Skoda. Leek wel opnieuw gespoten. Daar had hij toch het geld niet voor? Nee! Maar een potje Jif had wonderen verricht. Wij keken elkaar maar even aan en wensten hem succes. De eerste de beste regenbui zou hem snel uit de droom helpen van zijn uitvinding wisten we!

Een ander voorbeeld van een bijzonder klant was een ontwerper die ergens op het terrein waar ons bedrijf gevestigd was zijn nering verdiende. Hij was bekend, want munten met betaalwaarde waren van zijn hand en ook de Amsterdamse musea hingen werk van hem neer. Hij kocht van een van zijn opbrengsten verkoop kunst een nieuwe Hyundai Pony. Prachtig bordeauxrood van kleur, speciale uitvoering en met grote achterklep waardoor hij beelden en schetsen makkelijk kon vervoeren. Na een jaar was de auto veranderd in een grote vieze rijdende bende. Buiten- en binnenkant onherkenbaar grijs geworden. Net als ‘s-mans overall. Toen de Hyundai voor grote service in de werkplaats kwam deed ik iets wat andere klanten vaak erg op prijs stelden. Even de auto laten wassen en de binnenkant reinigen. Er stond weer een prachtige Koreaan klaar voor ophalen. Maar de kunstenaar vond het allemaal maar niks. Hij moest dan weer teveel wennen aan dat schone interieur. Twee dagen later was de auto weer even vies van binnen en hij had vermoedelijk speciaal een paar modderpoelen opgezocht om doorheen te raggen om dat grijze weer terug te krijgen op de flanken. Een Pietje smeerpoets dus, maar ach, het was zijn smaak en eigendom en wij waren vermoedelijk te naief geweest…..(Beelden: Yellowbird/Internet)