1100…

1100…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: img-1859.png

Het is vast een aan mijn ogen onttrokken ervaring geweest die maakte dat in ons gezin van toen plotseling een Skoda personenwagen verscheen. Ik herinner me die wagen nog goed. Rood van kleur met een wit dakje en van die deuren die nog aan de voorkant open gingen en dus gevaarlijk voor van achter komende fietsers. Leasepa had daarvoor vaker Amerikaanse wagens onderhouden of in/verkocht, maar ineens was er die Skoda. Ik denk dat de dealer van het Tsjechische merk waar ‘pa’ nog eens een tijdje werkte debet was aan die plotselinge liefde.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: img-1858.png

Want vanaf die rode 1100 kwamen er meer die soms binnen een dag werden verkocht aan gretige klanten die in die jaren gilden om eigen mobiliteit. Die 1100 was op zich een heel elegante auto die nog stamde uit het tijdperk dat men in het net bevrijde Tsjecho-Slowakije nog niet door had dat de bevrijders, Sovjet-Rusland, niet van plan waren deze aan de grens van het westen gelegen landen terug te geven aan de rechtmatige eigenaren. Dus had die 1100 nog een Amerikaanse lijn met ronde vormen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: img-1857.png

Technisch baseerde het model op de van voor de Tweede WO stammende Popular die zijn naam eer aan deed door een goed verkopend model te zijn, ook in onze streken. Naast een sedan, zoals wij die thuis het meeste voorbij zagen komen, was er binnen die 1100-reeks een ruimte stationcar, een cabriolet, cabriotop en een bestelwagen die weer baseerde op de stationcarversie. Importeur De Binckhorst in de Den Haag regelde de handel in deze wagens zodanig efficient dat ze al snel met de nodige vergunningen leverbaar werden en mede daardoor ook populair. De 1100 kreeg de naam Tudor mee en werd een klassieker. Qua marktaandeel werd Skoda een top 10 merk dankzij deze elegante wagens. In 1952 volgde de grotere en zwaardere 1200 Ponton de 1100 op. Die wagen had een heel andere constructie en wat meer vermogen, maar was ook flink duurder. Gevolg, de verkopen zakten in en Skoda zag zich genoodzaakt nog even de 1100 terug te brengen om prijskopers te bedienen. Dat wat mijn leasepa later deed met die wagens had direct te maken met die slimme verkooptechniek van Skoda zelf en de landelijke importeur. Vanaf die rode 1100 zag ik later ongeveer elk Skoda-type voorbij komen in mijn jeugdjaren. Tot aan de 1000MB toe. Daarna stopte leasepa met zijn handel en ging voor wat meer zekerheden. Geen grillige inkomens meer, maar een baan met toegevoegde waarde. Maar dat is een ander verhaal. Hij had mij intussen besmet met dat virus dat niet meer is weg gegaan en zoveel bepaalde in mijn verdere leven. En waaraan ik telkens moet denken als ik weer eens zo’n nu wel erg klassieke 1100 voorbij zie komen…. (beelden: archief)

Alles over auto’s…

Alles over auto’s…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: ybb-425.-ams-autyokatalog-2026-img_5098-1.jpg

Zoals elk jaar kocht ik me ook deze keer het standaardwerk over alle automerken in de wereld en de modellen die ze voor dit nieuwe jaar in het verkoopkanaal hebben zitten. Softcover, 258 pagina’s dik. De AutoMotor un Sport Katalog 2026 met meer dan 2400 verschillende auto’s als onderwerp. Keurig gerangschikt naar merk en model, maar ook land van herkomst. Logisch want er ontstaat steeds meer een onderscheid tussen wat wij hier op de wegen zien verschijnen en wagens die vooral bedoeld zijn voor de (grote) thuismarkten in China, India of Japan. En voor hen die menen dat de Chinezen hier onze traditionele merken snel weg zullen drukken, de teleurstelling zal groot zijn, de marktaandelen van de meeste Chinese merken zijn en blijven klein. Europeanen willen vooral wagens met een merkgevoel en als het kan betaalbaar. Eigenlijk willen Chinese klanten dat ook, maar daar zijn de grote Europese en Amerikaanse merken zo slim geweest zich in het verleden in te kopen bij nu zo snel groeiende merken of organisaties waardoor ze niet alleen extra inkomsten halen uit hun investeringen maar ook gebruik kunnen maken van de technologie die in dat grote land nog altijd flink goedkoper is. Daarbij profiteren de Chinezen van de technische kennis en innovatie van hun westerse aandeelhouders en bouwen zo een aardige portfolio op van merken en modellen die ze later hopen ook elders in de wereld af te zetten. Dit alles wordt door deze jaarlijkse catalogus aardig uitgewerkt en tevens goed leesbaar (wel in het Duits) voor de lezer neergelegd. Niet voor niets dat ik intussen al een paar decennia deze boekwerkjes koop, lees en bewaar. Want ze vertellen veel over hoe die automotive-industrie door de jaren heen is veranderd. Ik kocht het exemplaar voor dit jaar een keer niet in Duitsland zelf, maar bij een boekhandel om de hoek, die vorig jaar nog ‘nee’ verkocht maar dit keer de Katalog wel in de schappen op nam. Iets duurder dan de prijs in Duitsland maar dat heb ik er wel voor over. E. 14,60 voor een bak aan informatie en beelden waar ik veel aan heb. (Beelden: eigen Bibliotheek)

Klein maar fijn…

Klein maar fijn…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: austin-seven-mini-1000.jpg

Van de ooit zo grote Britse autoindustrie blijft voor velen vooral een stel topmerken in de herinnering. Rolls-Royce, Bentley, Jaguar, Aston-Martin. Namen die klonken en klinken als een klok. Maar voor 99% van de automobilisten ook in ons land onbereikbaar. Wat wel bereikbaar was voor veel mensen met een relatief klein gezin was de bij diverse Britse fabrieken gebouwde Mini. En dan niet die anno nu onder deze naam verkochte wagens, maar de oervorm die een jaar of 70 geleden werd uitgedacht door de briljante ontwerper Alec Issigonis die eerder met de Morris Minor had laten zien goed te snappen hoe slimme techniek betaalbaar kon worden vertaald in wagens voor een groot publiek.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: austin-mini-cooper-1997.jpg

De Mini was voor velen een positieve schok. Het was een klein en compact concept, passend bij wat indertijd op onze Europese wegen aan vervoermiddelen rondreed maar dan met moderne voorwielaandrijving, rubber ballen als veringsysteem en een kaal maar efficient dashboard. Je had voor vier mensen ruimte aan boord, de kofferbak was beperkt en voor je boodschappen moest je dus de achterbank of een dakrek benutten. De eerste motoren hadden een inhoud van 848cc en lagen dwars voorin. Met een relatief lange pook roerde je zo in vierversnellingsbak. Kind kon de was doen. De Mini was volwassen naast alle dwergauto’s die in die periode voor hetzelfde geld te koop waren en door zijn compacte en lage bouw reed de auto als een skelter.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: austin-mini-countryman.jpg

Wie wat meer geld beschikbaar had kon zelfs een 1000cc motor bestellen waarmee 125km/u bereikbaar werd. De Mini werd gebouwd door Morris, maar ook door Austin. Er kwamen versies van o.a. het het chique Wolseley merk die veel luxueuzer waren uitgerust dan de basisversies. Door de jaren heen werden de Mini’s steeds verbeterd. Maar er kwamen ook stationcarversies van, bestelwagens, men experimenteerde met wat luxere varianten op de basisuitvoeringen zoals de Clubman. Het meest aansprekend werden toch de Coopers die hun bestaan dankten aan experimenten van legende John Cooper die van de Mini een klein racemonstertje maakte dat zomaar 145 en later zelfs 165km/u kon behalen. Het imago van de Mini werd nu zodanig dat ook would-be-rallyrijders het kleine Britse karretje serieus namen en hielpen aan een gretige nieuwe doelgroep kopers. Speciale Coopers wonnen de Rally van Monte Carlo en nog veel meer.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: rover-mini-cooper-works-conversion.jpg

Helaas raakte de Britse auto-industrie door de jaren heen steeds meer in de versukkeling en veranderde men ook de aanduidingen voor de Mini telkens opnieuw. Een opvolger werd geintroduceerd met de naam Mini-Metro maar die zou de oer-Mini nooit echt kunnen vervangen. De laatste uitvoeringen gingen zelfs als Rover Mini de deur uit. De kleine auto is een dikke 45 jaar in productie geweest en het was dat succes dat BMW deed besluiten om na het verdwijnen van Rover richting China (failliet en naam gekocht)om in Engeland het merk Mini opnieuw te doen opleven en uitgerust met Duitse techniek een heel eigen modellijn neer te zetten die nu nog steeds succesvol wordt gebouwd en verkocht. Neemt niet weg dat het klassieke basismodel nog steeds een grote schare enthousiaste bezitters en gebruikers aanspreekt. En dat er op het circuit nog steeds driftig races mee worden gereden. Zelf heb ik met die kleine Mini door de jaren heen wel wat rijervaringen opgedaan en die waren altijd positief. Vandaar ook hier even aandacht voor dit rijdende fenomeen… (Beelden: archief)

Jaren tachtig…

Jaren tachtig…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: womack__womack_feb._2013.jpg

Onlangs draaide Radio 2 hier de hele week een soort toplijst af van nummers die in de jaren tachtig een rol speelden. Heerlijke muziek, de ranglijst samengesteld door actieve luisteraars die kennelijk een geheugen hadden als een ijzeren pot en al die muziek meteen duidden in het juiste tijdvlak. Ik ben daar niet van. Herken de meeste nummers meteen, zing anderen mee, vind het idee geweldig (muziek anno 2026 is me vaak net te geriedelig) en genoot. Juist in de op dat moment wat lastige periode van ons leven (zie eerdere blogs) was die muziek een genoegen. Halverwege de week waren daar ook Womack en Womack met hun nummer Teardrops te horen. En dat bracht me terug naar het jaar 1988.

Ik was nog volop actief als dealer-manager en had mij na wat gedoe via een bevriende relatie een prachtig uitziende Oldsmobile Cutlass Cruiser Brougham Estate V8 Diesel uitgezocht om de vele kilometers die ik maakte mee in te vullen. Een prachtige bordeauxrode auto met rode pluche bekleding, een zee aan ruimte, gigantische stereo-radio en ook nog cruisecontrol. Deze enorme auto volgde een soortgelijk blauw exemplaar op dat uiteindelijk goed kon worden verkocht, deze rode was een slag extra luxe. Passend bij mijn toenmalige behoefte aan uitstraling en comfort. En toen ik er de eerste rit naar huis mee maakte was op die geweldige stereo aan boord Womack en Womack te horen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: oldsmobile-cutlass-cruiser-estate-300485-ama25-scan10148.jpg

In dat jaar een hit en feitelijk actueel. Die muziek en het geluid van die enorme dieselmotor die zijn werk voor zo’n slagschip nog zuinig deed ook. Gemiddeld 1:10, tegen (omgerekend) E. 0,32 per liter Diesel. Daar kon je nog Amerikaan voor rijden. Overigens duurde het allemaal niet zo lang hoor, prestige komt met een prijs en die prijs was dat na een paar weken een lager in die enorme motor iets totaal anders deed dan door de General Motors-divisie waar deze wagen werd gebouwd, was bedoeld. Mijn lol was er meteen af, de motor liep in de prak, en moest gereviseerd. Womack en Womack beluisterde ik voortaan wel in een demowagen uit de voorraad van een van onze merken. Maar dat gevoel van die Amerikaan met die muziek…..Het was apart. En door die muziek ook weer even terug. Mooie herinnering….(beelden: Archief)- Later nog meer over die Amerikanen-liefde…

De opvolger…

De opvolger…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: 09-t1-gesloten-bestel.jpg

Met dank aan pionier importeur Ben Pon zette Volkswagen in de net na-oorlogse jaren een bedrijfsauto op de wielen die technisch was afgeleid van de toen pas in productie genomen Kever. Pon zette een soort peperbus op wielen in een schets die hij krabbelde op een sigarendoos en gaf die aan de directie van VW. Hij had net daarvoor een wonderlijk vervoermiddel gezien dat VW benutte om binnen de fabriek onderdelen te brengen van de ene naar de andere kant van de faciliteiten die men bezat. Die ‘Plattenwagen’ was in feite een bodemplaat van een kever met de motor en wielen daarvan maar zonder professionele opbouw. Ben Pon bedacht dat als je er een bestelwagen-carrosserie op zou zetten het ding prima geschikt was voor mkb-ers die in die jaren nog met paard en wagen of wonderlijke driewielers hun spullen vervoerden.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: 05-plattewagen.jpg

Volkswagen zag er wel wat in en kwam al snel met een prototype voor de T1, Transporter nummer 1. Na wat verfijningen ging die wagen ook in productie en werd een reuze succes. Ook in ons land was de T1 een bekende verschijning. In allerlei vormen en uitvoeringen zag je ze rijden. Een luxe versie werd al snel als Sambabus bekend. Achter de voorstoelen een leuk interieur met een stel banken en via klapdeurtjes in de zijkanten bereikbaar.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: p1010747.jpg

In de verhuurwereld een succesvol product. Veel grote gezinnen van toen wilden in het weekend wel eens op stap en dan huurden ze zo’n VW om ermee naar een of ander fraai oord te rijden om daar in de bermen te gaan zitten kijken naar het overige wegverkeer.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: t2-combi-lifestyle.jpg

Toch was wel duidelijk dat in de tweede helft van de jaren 60 de intussen op jaren gekomen T1 moest worden afgelost. En dus ontwikkelde men de T2. Een auto met een ander uiterlijk al was veel nog hetzelfde. Maar dat was niet de motor die nu 1.5 liter inhoud kreeg, een nieuw soort kachelsysteem mogelijk maakte, de klapdeurtjes opzij maakten plaats voor een handiger schuifdeur, en de neus was volledig anders door de panoramische voorruit. Hoewel de T2 (zoals hij werd aangeduid) een stuk comfortabeler was dan de T1 en beter reed bleven ook wat zaken gelijk. De extreme zijwindgevoeligheid bijvoorbeeld want de hoge opbouw, de motor achterin en lichte besturing maakte wel dat je er bij dagelijks gebruik aardig in moest werken.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: vw-transporter-2.jpg

Bij belading was het ding weer net even te zwaar op het stuur. Maar, de T2 werd ondanks dat zo mogelijk een nog groter succes dan zijn voorganger. En werd niet alleen in Duitsland vrij lang gebouwd, maar ook in Brazilie en Zuid-Afrika om maar wat plekken te benoemen. Basisversies waren de Transporter, de minibus, Pickup en de chassis/cabine waarop je dan allerlei speciale opbouwen kon monteren. De T2 werd jarenlang verbeterd en gemoderniseerd maar ergens in de jaren zeventig was wel duidelijk dat ook dit succesnummer moest worden opgevolgd. Dat werd de hoekiger T3. Andere opbouw, meer ruimte en comfort, maar nog steeds hetzelfde concept. Een concept dat ontstond door het ondernemerschap en de visie van een Nederlandse importeur die een markt zag die de fabrikant zelf nog niet had ontdekt. Mijn eigen persoonlijke ervaringen met de T2 dateren uit mijn Schipholse jaren, maar zeker ook uit de dealerjaren toen we zo’n ‘bussie’ benutten als servicewagen en ik met dat ding nog eens in 13 ritten verhuisde vanuit Amsterdam naar Almere. Goede herinneringen dus aan die wagens. Wie heeft die ook?? (Beelden: archief)

Banden…

Banden…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: 03-continental.jpg

Wie wel eens in een auto, bus of wat ook (mee) rijdt, fietst of pakweg op een step zijn/haar transport verzorgt zou kunnen weten dat dit vervoer vooral plaatsvindt via rubber/synthetische banden onder dat voertuig. Eigenlijk is dat een uitvinding die onze hele transportsysteem in leven houdt. Zelfs sommige railvervoermiddelen hebben tegenwoordig rubber randen aan metalen wielen zitten om zo geluidsoverlast tegen te gaan. Banden zijn er in diverse soorten, maten, maar ook voor verschillende doelen. Wie naar besneeuwde bergen wil reizen moet in de meeste buurlanden aangepaste winterbanden monteren, in ons land kiest men tegenwoordig vooral voor all-season-banden waardoor je zomer en winter het beste van twee werelden toevoegt aan het rijgenot.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: il-76-90-frontalk-view.jpg

Maar wat moet je voor banden monteren onder een vliegtuig? Bedenk maar eens dat een beetje vliegtuig vele tonnen weegt, dat die machines accelereren naar pakweg 280/350km/u om los te komen van de aarde en met soortgelijke snelheden na een vlucht de wielen weer op het beton zetten. Wie wel eens heeft gekeken op vliegvelden of via films deze mooiste transportvorm heeft bewonderd weet dat bij de landing grote blauwe rookwolken van die banden afkomen, het in een keer op snelheid komen en meteen dat grote gewicht boven zich moeten dragen is een staaltje vernuft van de bandenproducenten die deze zaken fabriceren. En het is bij sommige vliegtuigen zo dat er maar liefst meer dan 20 banden onder zo’n machine steken.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: 213825-boeing-747-2b-kl-landt-06-180781-scan10027.jpg

Die moeten het gewicht gelijkelijk dragen. En bij sommige grote vrachtvliegtuigen is dat een last van dik 300 ton! Gaat het nooit mis? Tuurlijk wel. Banden die niet helemaal okselfris zijn kunnen soms die zware belastingen niet aan en geven de geest. Op hoge snelheid over iets scherps heen rijden kan leiden tot een klapband die in het ergste geval weer oorzaak wordt van een fatale crash. Zo iets vond een jaar of 20 geleden plaats met een supersone Concorde van Air France die tijdens de start over een van een ander vliegtuig afgebroken onderdeel heen reed, waardoor de banden aan een kant van de vleugel uit elkaar spatten, deels door de brandstoftanks in de vleugels braken en daar een grote brand veroorzaakten. Oorzaak en gevolg. Maar wel heel vervelend.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: concorde-300x241-1.jpg

Nu worden constructies van vliegtuigen steeds veiliger en sterker hoor, geen nood. Slechts bij matig tot geen onderhoud is er een zeker risico. Feit is ook dat veel van de in de luchtvaart ontwikkelde bandensoorten later ook hun weg vonden naar het wegverkeer. Waar ze bij veel gematigder snelheden prima prestaties leverden en een lang leven voor de eigenaar en gebruikers beloven. Tuurlijk is er verschil in kwaliteit, veelal samenhangend met de prijs. Goede banden kosten vaak twee keer zo veel als matig tot slecht presterende. Het is maar waar je voorkeuren liggen. In de luchtvaart kent men slechts goede banden. Vanuit de fabriek althans. En het dringende advies aan zowel de luchtvaartmaatschappij als de bemanningsleden voorin de cockpit om na iedere landing of voor vertrek die banden nog eens goed te controleren. Bij twijfel…niet vliegen. Zouden mensen op de grond ook eens moeten doen, twijfel je over je banden, niet rijden. Vervangen. Het wordt weer glad op de weg. Dat rubber moet je dan beschermen tegen rampen. Kijk dus altijd even voor je vertrekt….profiel? Spanning? Slijtage? Ik wens jullie veilig reizen toe…. (Beelden: Archief)

Hard rechtuit…

Hard rechtuit…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: euro-ncap-test-crash.gif

In onze woonomgeving horen en zien we nog wel eens van die prominente machotypes die met hun auto, motor, scooter of zelfs fatbike zo hard mogelijk van hun plek gaan om dan in een rechte streep indruk te maken op het vrouwvolk of enig afgeleide daarvan. Kan zijn dat die in katzwijm vallen van zoveel gegil van banden of de lucht van verbrand rubber, maar in de meeste gevallen is het vooral de bestuurder zelf die meent dat dit voor altijd indruk maakt op de eigen ziel. Ook onderweg kom je deze types tegen. Lekker in de korte broek en t-shirt op een motorfiets met 150km.u die stomme automobilisten voorbij razend.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: car-crash.jpg

De diagonaal afslaander die maling heeft aan verkeersregels of mede weggebruikers. Maar vooral de snelle jongens die menen dat 100km.u voor de watjes bedoeld is en niet voor hen. Ik noem dat altijd dragracers. Een term die komt uit de VS waar men met extreem opgevoerde vehikels in staat is om pakweg in 1.1 seconden weg te vliegen naar de 100km/u. Rechtuit….geen bocht te zien. Dat soort types wil zich ook nog wel eens begeven op een van de grote Europese circuits met hun eigen autootje (of dat van de baas) om daar Max Verstappen te imiteren dan wel een of andere held uit het race-wereldje. Knoeperhard over een racecircuit heen denderen…het kan zelfs mij bekoren.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: p3311063_edited.jpg

Mits je goed kunt rijden en ook weet dat er grenzen zijn aan wat jouw auto of motor aankan. En dat is vaak niet de absolute topsnelheid of sprint, nee, die grenzen liggen meer aan jouw stuurkunst. Tijdens mijn ritten op Zandvoort of de Hungaroring merkte ik wel dat ik in bochten toch een beetje de veilige kant opzocht en niet met 150km.u probeerde om de boel heel te houden. Dat deden anderen wel. En stonden dan soms achterstevoren op dat circuit. Als ik naar (heel leuke) Youtube filmpjes kijk van types die met hun bugermansbolides de Nurburgring in Duitsland proberen te slechten zie ik de ellende van crashes en schade al op voorhand aankomen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: mid-4-cockpit-images.jpg

Men rijdt geen ideale lijnen, houdt het gas er vol op en weet niet dat een haakse bocht ook echt bedoeld is om de snelheid er uit te halen. Met een Formule 1 auto geen probleem, Max zou de tip van zijn schoen er niet voor van het gas halen, maar met een gemiddelde BMW, Audi, Toyota of wat ook is dat wel handiger. En dus gaan er veel van die would-be coureurs rechtdoor, rammen over betonranden, gras, gravel, raken stootranden en lopen fikse schade op aan hun semi-rallywagens. En dan is het balen. Ook Nederlandse macho’s zoals ik die in de aanhef al beschreef komen hier voor een paar tientjes (onverzekerd) racen. Ik kijk er met verholen glimlach toch hoofdschuddend naar. Hoewel er heel goede chauffeurs tussen zitten, weinigen beseffen dat hun auto ook een wapen is, en dat kan dodelijk zijn als jij het niet beheerst. Bochten, toch iets anders dan hard rechtuit…Maar ik vermaak me er wel mee. Mits niet op de openbare weg…. (beelden: Archief)https://www.youtube.com/watch?v=-xolb18-yG0

Chinese troep…

Chinese troep…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: geely-emgrand-ec7-crashtest.jpg

Uiteraard! Ook ik laat me wel eens verleiden tot een bestelling bij een van de grote Chinese postorderbedrijven. Zeker op hobbygebied is daar veel te halen wat ik hier met de grootste moeite kan vinden of zelfs helemaal niet. Daarbij heb ik ontdekt dat als ik de Nederlandse Bol.com of het Amerikaanse Amazon zou benutten de kostprijs inclusief verzenden vrijwel het dubbele vraagt van wat meneer Ali of pakweg Temu (er zijn er nog veel meer) me berekent voor iets soortgelijks. En natuurlijk, dan weten ze ook meteen alles van me, maar onderzoeken naar het datagebruik van Amazon maakt wel duidelijk dat ze in China echt niet alleen goed zijn in verzamelen van al mijn gegevens. Dat kunnen ze in de VS ook!

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: byd-brilliance-m1.jpg

Hoe dan ook, China maakt meer dan alleen hobbyspullen of prullierie die je ook bij goedkope ketenwinkels in heel Europa kunt vinden. Toen Poetin de Veroveraar zijn oog en bommen had laten vallen op de Oekraine kwam zijn eigen land achter een muur van boycots terecht waardoor de Russische burgers ook vrijwel zonder aanvoer van westerse (en zeer gewaardeerde) producten kwamen te zitten. Dat gold ook voor de daar zeer geliefde wagens uit het westen. Mercedes, Audi, VW, Skoda, Bentley, het mocht wat kosten, maar ook de moderne Russische consument waardeert merkgevoel, kwaliteit en status.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: chery-qq3-4290944130_3fb743efb0.jpg

Dat is nu totaal veranderd. Poetin haalt de mobiele invulling van transportbehoeften uit China. 70% van de totale automarkt is nu vanuit dat land afkomstig. Maar uit een recente reportage die ik voorbij zag komen op Youtube en die was gemaakt in Rusland is de koper/gebruiker van die rijdende eenheidsworsten zeer ontevreden. Of ze nu komen van BYD, ZeekR, Geely of wat ook, de kwaliteit lijkt bedroevend slecht. Zelfs voor Russische begrippen. Want men is wel iets gewend met een eigen merk als Lada. Maar die wagens kosten wel slechts een derde van de prijzen die Chinese wagens vragen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: great-wall-voleex-c10.jpg

En dan blijkt dat veel van die auto’s niet goed zijn opgewassen tegen het strenge Russische klimaat, ze zeer roestgevoelig in elkaar steken, men veel meer componenten gebruikt om de auto in elkaar te zetten dan een vergelijkbaar westers of Japans model. Ook is de nazorg bedroevend, onderdelen nauwelijks leverbaar en als ze dat al zijn peperduur blijken. Importeurs en dealers geven niet thuis bij problemen van consumenten en over garantie praat men liever helemaal niet. Kortom, Made in China is volgens de Russische consumenten zeker geen garantie voor kwaliteit. Integendeel. En dus zoeken slimme jongens (en die zijn overal te vinden, ook in Rusland..) naar sluikwegen om import van westerse auto’s alsnog voor mekaar te krijgen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: pa020008.jpg

En dat levert gouden handeltjes op. Als de situatie voor Rusland een beetje mag worden vergeleken met die in ons land, waar ook heel wat Chinese merken worden aangeboden, is maar de vraag hoe lang het zal duren voor de Consumentenbond of andere onderzoeksinstantie tot dezelfde conclusies komt. En dat is dan vaak meteen de doodklap voor een als een luchtballon opgeblazen merkimago dat uiteindelijk niets waard blijkt. Hou het dus maar bij de bekende merken. Die hebben een kleine 80 jaar voorsprong op al dat Chinese spul en bieden nu net wel dat wat men in China niet voor mekaar heeft. Voor de prijs hoef je het ook niet te doen, al worden heel wat Chineesjes hier voor ramprijzen weggezet nu men lijdt onder de heffingen van Trump. Vinger aan de pols is nodig. Ik raad het jullie allen aan! (Beelden: Internet/archief/diverse )

Grijs….

Grijs….

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: 131-2.jpg

Kijk eens op verkeersfoto’s of stadsgezichten van pakweg 50 jaar geleden en je ziet dat de blijheid van de toenmalige mens met de nieuwe vrijheden, waartoe het autobezit zeker behoorde, afstraalde in de lakkleuren van die tijd. Felrood, oranje, helgroen, lichtblauw, wit, beige, bedenk het en het was bij veel automerken te koop. Een zwarte of grijze auto was iets voor begrafenisondernemers of pakweg het koninklijk huis.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: daf-600-op-de-rai-2009-3518182452_7d400621e1.jpg

Door de jaren heen is er veel veranderd. De signaalkleuren verdwenen. De zakelijke rijder wilde niet opvallen, die reed en rijdt graag een beetje neutraal in het rond. En als ik de recente statistieken over 2024 mag geloven is er op dit punt vooral ingetogen saaiheid te melden. Zwart, grijs, en dan nog wat zachte tinten en zie daar het gemiddelde kopers/leasegedrag op mobiel gebied. Dat heeft zeker ook van doen met de restwaarde over een bepaalde periode.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: cadillac-62-convertible-tails-foto-darth-maltball.jpg

Een knalgele of gifgroene auto kan dan rekenen op 15-40% minder restwaarde en dat vinden mensen toch snel een beetje al te gortig. Pas als je besluit je auto helemaal op te rijden of die centen gemakkelijk kunt missen is er weinig mis met een uitgesproken lakkleur. Zelf had ik de laatste jaren een voorkeur voor zilvergrijs, maar door allerlei omstandigheden of beschikbaarheid werden het achter elkaar een Royal Blue uitgemonsterde auto, gevolgd door een knalrode en nu weer een jeans blauwe, met name omdat vrouwlief een voorkeur heeft voor die kleur blauw.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: img-1897.png

Daarmee onderscheid ik me wel wat, want we konden indertijd ook kiezen uit zwart, grijs of wit, maar het werd deze blauwe. Geen moment spijt van gehad. Maar misschien komt dat nog eens. Ik weet wel dat in de tijd dat ik nog in de ‘dealerhandel’ zat knalrood stond voor sportief, net als knalgeel, en dat zwart lastig te verhandelen was. Met een witte bleef je zitten, behalve als het ging om piepkleine stadswagens zoals een Daihatsu Cuore.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: daihatsu-cuore-premiere-1988-ams19-scan10187.jpg

Met wat leuke striping kon je die ook in het wit wel kwijt. Bij de andere merken zag ik veel pastelachtige tinten voorbij komen. Beige, zachtgroen, lichtblauw, zeepgeel. Dat was voor die oostelijke hoek in Europa indertijd een beetje standaard want vrijwel alle merken uit dat deel van Europa gebruikten die zelfde lakkleuren. Niks mis mee, het gemiddelde gezinshoofd kocht nog wat er stond, aan bestel/levertijden had hij een hekel, immers zijn oude in te ruilen auto was veelal niet meer APK-waardig. Intussen zien we heel wat bijzondere Chinese merken opduiken. En daar heeft men op gebied van lampjes, piepjes en lakkleuren een heel andere smaak dat de gemiddelde Europeaan. Eens zien welke smaak het gaat winnen. Kan nog verrassend zijn. Ik houd jullie op de hoogte als de dingen veranderen….en schroom niet om je eigen kleurvoorkeuren hier te delen hoor… (Beeld: archief)

Auto wassen…

Auto wassen…

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: la-3-kombi.jpg

In onze vroegere woonstraat was ome Jaap een fenomeen. Hij had een sigarenwinkel, een jongere vrouw, maakte van zijn winkel een mini-supermarkt toen de kruidenierswinkel naast hem de ondernemerspijp aan Maarten gaf maar ook omdat hij een auto bezat. Dat was in die tijd nog niet zo normaal als tegenwoordig. En anders dan veel Nederlanders in die tijd koos hij voor een bijzonder merk, Lloyd. Dat bouwde vooral kleine wagentjes die zuinig omsprongen met brandstof maar toch een soort van comfort en ruimte verzorgden. Niet dat ome Jaap overigens vaak reed in zijn bolide.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: triumph-mayflower-grey.jpg

Dat was vooral in het weekend het geval en dan wisten we al dat hij dit weekend ging rijden omdat dan op zaterdag middag een emmer naar buiten werd gehaald met gekookt water en zeepsop. De kleine Lloyd kreeg een verwenbeurt opdat hij op die zondag glimmend en wel kon afreizen naar het Gooi of Zandvoort. Ome Jaap was zuinig op zijn auto, net als veel andere mensen die toen een auto bezaten. Immers, het vertegenwoordigde best een kapitaal allemaal en je verhief je toch wat boven de toenmalige middelmaat uit. Veel gezinnen bezaten net aan een brommer of scooter, maar een auto was iets voor de middenstand.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: img-1872.png

Grappig was dat de snoepjeswinkelier een eind verderop in de straat ook een auto bezat. Een opvallende Triumph Mayflower. En ook die werd op zaterdag uitgebreid gewassen of gepoetst voor de zondagse ritten. Die laatste figuur had een reeks kinderen en die hielpen allemaal mee. Daar kon ome Jaap niet op rekenen, hij bleef kinderloos. Dat maakte hem overigens nooit verbitterd, het was een vrolijke vent. Bij ons voor de deur stonden ook altijd auto’s. Ik verhaalde al dat mijn lease-pa ‘er in deed’ en dat hij de handel glimmend en wel voor de woonstede neerzette. Adverteren hoefde nauwelijks of nooit, klanten genoeg. De gezinsauto van dienst kwam vaak uit die handel voort.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: studebaker-commander-1953.jpg

Even testen in het weekend of gewoon omdat mijn moeder zo’n auto leuk vond of zelfs een soort trots uitstraalde als we er weer eens mee op stap gingen. Maar het werd pas link als die gezinsauto vooraf werd gepoetst. Dan wisten we bijna zeker dat ‘pa’ er een klantje voor wist. Zo herinner ik me een Skoda 438 in een fraaie bruine laktint met een licht gekleurd dak. Mijn moeder vond dat prachtig en noemde de Skoda ‘haar chocolaatje’. Had ze beter niet kunnen doen. Twee dagen later was de Skoda weg. Of ‘Pa’ het er om deed weet ik niet maar wassen was wel altijd een dingetje. Ik zelf ben uiterst zuinig op ons vervoer. Niet voor de handel, gewoon omdat ik door al die jaren in het vak vind dat je in een schone en opgeruimde auto moet rondrijden. Smerig is niet mijn ding. Dus was en poets ik het voiture voor de eigen huisdeur. Ruim alles daarna netjes op opdat de groene goegemeente er geen scheve ogen van krijgt. En opvallend, je hebt altijd aanspraak als je er mee bezig bent. Zou ome Jaap dat indertijd ook zo hebben gehad? Vast wel. Hij was er slim genoeg voor….. (foto’s: archief)