Snelle jongen…

Altijd gehad. Die behoefte aan snelheid. Op zijn driewielertje vroeger al, altijd razen, door de kamer, of in de hal van hun best grote huis van zijn ouders. Tuurlijk wel eens een bult op zijn bol opgelopen als hij ergens tegenop reed of omviel. Maar daar werd je hard van, zo vond zijn vader. Gelukkig wreef zijn moeder dan over de pijnlijke plek of legde er een nat lapje op. Huilen deed hij zelden. Hard moest hij zijn. En dat werd hij. Op de fiets, de scooter, motor en later in de auto. Haantje de voorste in het verkeer, de bekeuringen zijn fanmail. Maar elke auto die hij weer kocht als opvolger voor dat waaraan hij eerder een tijdje verknocht was geweest, bleek opnieuw sneller te kunnen. Hij gaf veel geld uit aan verfraaiingen, aan tuning van de motor, het onderstel, en steeds weer was hij de snelste van de straat, zelfs het dorp waar hij leefde toen hij eenmaal het huis uit was gegaan. Zijn liefdes kwamen en gingen net zo snel als zijn auto’s. De meeste meiden niet zo blij met zijn rijstijl. Die wilde gewoon dat hij lief voor ze was, kluste in huis of in de tuin. Maar hij zag meer in die racemonsters van hem. De kick die het gaf als hij er iemand uit reed bij het verkeerslicht of net even sneller een rotonde over kon dan anderen. Nooit deed hij echt onvoorzichtig, rijden kon hij wel, bekeuringen zeiden op dat punt weinig tot niks vond hij. Op een avond reed hij weer naar huis vanaf zijn werk. Een afstand van 25 km, deels langs het kanaal. Het was donker, regende en het zicht was matig. Toch ging het gaspedaal weer diep omlaag, want zijn nieuwste liefde wachtte op hem thuis. Een lieverd die hem verwende en ook hield van zijn passies. Tuurlijk, je mocht hier maar 80km/u maar ach, dat was niks, dus hup, 120km/u moest ook kunnen. Had hij zich aan de snelheid gehouden had hij dit verhaal persoonlijk naverteld, nu zag hij te laat die trekker met aanhanger van rechts de weg opdraaien voor hem. De bestuurder schatte zijn snelheid veel lager in dan hij echt was, de klap die volgde was zo heftig dat zijn auto in twee brokken brak. De kracht van de aanrijding maakte dat dat deel waar hij zat totaal verfrommelde tegen de stevige landbouwaanhanger…Het licht ging voor altijd uit. Toen het weer aan ging vroeg Petrus aan hem wat hij op Aarde zoal had gedaan en hoe hij werd gezien door anderen….. Met moeite kon hij nog uitbrengen..’een snelle jongen’. En daarna werd het donker…..

Afkeer van dwang…

Afkeer van dwang…

Eind vorig jaar kon je op de zaterdagavond een programma volgen onder de titel ‘Kamp van Koningsbrugge’.

Daarin was te zien hoe een basisgroep van 16 kandidaten een aantal dagen lang werden onderworpen aan militaire oefenpraktijken. Letterlijk tot ze er bij neervielen. Allemaal jonge, wel getrainde en van zichzelf overtuigde mannen en vrouwen. Als expert op afstand kon ik op voorhand al aanwijzen welke lieden het niet zouden redden. Deels had ik gelijk. Maar wat me ook bekroop was plaatsvervangende afkeer van de instructeurs die er plezier in hadden om deze ‘recruten’ fysiek en geestelijk af te knijpen en tot ‘dingen’ terug te brengen. Veel van die kandidaten braken daardoor al snel.

De macho’s veelal als eersten. Maar ik zelf hield me toch vooral bezig met de technieken die men benutte om die lui murw te maken. En ontdekte meteen waar ik in mijn karakter de trekjes had zitten die me maakten tot wat ik was of ben maar ook waarom het soms zo fout was gegaan in de omgang met ‘meerderen’. Zit overigens in de familie. Mijn oudere broer heeft hetzelfde euvel. Altijd gehad. Geen van bovenaf opgelegde dwang om iets te moeten, want dan komt het verzet omhoog. Geen diplomaten maar vooral eigenwijze lieden die het veelal menen beter te weten dan de boven hen geplaatsten. En in mijn geval had ik daarbij in 90% van de gevallen ook nog eens het gelijk aan de zijde. Want niemand neemt me kennis en ervaring af of maakt me tot een object in plaats van een vent die zijn eigen plek in het leven heeft verdiend. Wij meninggevers noemen ons niet voor niks zo. Die mening is een uiting van hoe we kijken naar de dingen en een ingebakken afkeer hebben van domheid of leugens. En soms zijn die laatste twee ook nog eens met elkaar gecombineerd. Vaak had ik geen enkele moeite om iemand te volgen die mij uit hetzelfde hout gesneden leek. Dan was ik degene die mee vooraan in de strijd ging en de loopgraven van onderhandeling of bestrijding onrecht graag betrad. Maar o wee als die man/vrouw duidelijk maakte niet geschikt te zijn voor de taak maar wel mij de les wilde leren.

Het leidde vrijwel altijd tot ellende. Elke zwakke plek was goed om er een stel goed gemikte pijlen op af te schieten. Trek je dan aan het langste eind? Tuurlijk niet, maar soms is het wel bevredigend. Ik wees er later zelfs opdrachtgevers op af. Nee….ik verdwijn niet in de achtergrond, ben niet geschikt als decor, maar zal altijd zorgen dat men mij niet vergeet. Liefst op basis van kennis van zaken. Maar dat vinden die ‘anderen’ veelal niks. Die worden instructeur bij het leger en drukken hun wil door bij mensen die zich al dan niet vrijwillig onderwerpen. Het leger was dus geen plek voor mij. Behalve als ik generaal had kunnen worden. Maar ja, aan houwdegens heeft men tegenwoordig een broertje dood. Slappe hap! Opvoeden die lui…. Ben toch benieuwd wat er zou gebeuren als we een stelletje kandidaten voor zo’n programma zouden halen van straat uit de kringen van de ‘verveelde jeugd’. Ik vrees dat we dan geen twee uitzendingen zouden kunnen vullen. En dat er dan overal protesten zouden volgen over onderdrukking, uitbuiting en racisme. Want zo zitten we tegenwoordig als maatschappij in elkaar. Watjescultuur…… Maar een leuk programma was het wel……Op naar de finale…Het Korps Commandotroepen…sponsor van het geheel…. (Beelden: Yellowbird archief)

De machochauffeur…

Je kent ze vast wel. Machochauffeurs. Mensen die weliswaar ooit een rijbewijs haalden en daar wat regels leerden rond hoe zich te gedragen in het verkeer. Maar eenmaal in het bezit van dat rode kaartje menen dat de hypotheek die zij op hun huis namen ook van toepassing is op de door hen gebruikte rijbaan. Vooral de linker rijstrook kent veel van die lieden. Zij rijden daar en gaan ook niet meer naar rechts. Bij vijf banen (veel nieuwe rijkswegen kennen dat tegenwordig) blijven ze ook graag halstarrig in het midden rijden. Mochten ze al van hun baan afwijken dan toch vooral omdat ze ineens ontdekken dat ze de afslag naar rechts moeten nemen. Richtingaanwijzers noch spiegels worden daarbij benut en wat rechts van hen rijdt moet maar even op de remmen gaan staan. Zij gaan voor! Want ze zijn toch tenminste Mister Selfie (of Mrs) en heel belangrijk in hun eigen leven. Al die andere weggebruikers zijn decor, obstakels, in de weg zitters. Aan de kant aan de kant, want Mister IK kom er aan. Die snelheidsregels gelden ook niet voor hen. Wie niet snapt wat ik bedoel moet zich maar eens aan die regels houden.

En dan zien of ervaren hoeveel bestelwagens en SUV’s zich het liefst door je heen zouden rijden op weg naar hun veel belangrijker afspraak of supermarkt. Opzij, opzij, opzij, ik kom er aan! Het is echt opmerkelijk hoe dat gedrag vaak is toe te schrijven aan mensen in bepaalde typen auto’s. Die SUV is geen goede keuze als je lontje al wat kort is. En als je te laat bent voor een afspraak dan is dat vaak niet de schuld van medeweggebruikers. Maar die moet het wel ontgelden. Ook in steden is de macho in zijn element. Knalt met 80km/u door hofjes waar je 30 mag en kunt, rijdt tegen de rijrichting in, liefst met een bonkiebonkie-geluidsinstallatie aan en een super-coole zonnebril op de neus opdat je er ook als macho uitziet. Opvallend is ook dat dit gedrag zelden wordt opgemerkt door de dienstdoende agenten. Sterker nog, die geven soms het slechte voorbeeld. Zoals ik onlangs meemaakte. Vlak voor de Amsterdam Arena (uh…de Johan Cruyff-Arena) zag ik in de spiegels een VW Passat aan komen denderen in de kleuren van de Politie. Opvallend want die rijden normaal toch in Tourans en dat soort spul? Maar deze had haast.

Bij de splitsing voor een kruising naar links of rechtsaf joeg de Passat (zonder zwaailicht en sirene) langs de links afbuigers, wrong zich toen alsnog naar links en negeerde het rode stoplicht. In de regelgeving mag dan staan dat de politie voorrang mag nemen als dat zo uitkomt maar dan wel met alle signalering aan toch? Dit gedrag was asociaal en vooral gevaarlijk. En nergens was terug te vinden waar deze lieden in uniform nu zo snel heen moesten. Maar ook ambulancebroeders kunnen er wat van. In een file bij Hoevelaken (als altijd) kwam ons over de vluchtstrook een ambulance met gillende sirenes voorbij. Hij denderde voort en wrong zich toen een paar honderd meter voor de afslag Utrecht tussen de andere auto’s door naar links. Zette sirene en zwaailichten af en reed verder in een meer normaal tempo. Later passeerde ik de auto zelfs bij Huizen. Het ging hen kennelijk om filevermijding. Probeer dan de volgende keer maar respect te verkrijgen van normale automobilisten. Kennelijk is alles geoorloofd als een macho aan het stuur zit van een auto met dit soort uitmonstering. Het blijft wennen. Toch zou ik pleiten voor een optielijst bij de dealer of leasemaatschappij die in 90% van de gevallen dit soort burgervoertuigen levert. Zet spiegels, richtingaanwijzers en snelheidsmeters gewoon op de optielijst. Extra voor laten betalen. Wie dat dan niet bijbestelt kan meteen een speciaal kenteken verkrijgen. Met de letters MAC of ASO. Zijn ze goed herkenbaar en weten de andere weggebruikers wat ze kunnen verwachten. Wellicht dat dit eindelijk helpt om die botterikken na te laten denken over wat een auto eigenlijk is. Naast een vervoermiddel ook een dodelijk wapen. Terroristen weten dat al. Maar je wilt daarmee toch niet worden vergeleken??!! (Beelden: Yelowbird archief/internet)

Richting raden

OLYMPUS DIGITAL CAMERAStel je de volgende situatie nu eens voor; je loopt een bakkerswinkel binnen en gaat voor de balie staan van die zaak. Als de winkelmeneer/mevrouw je vraagt wat je wilt hebben zeg je niks. Je kijkt wat in de rondte. Wat zou de reactie zijn denk je? Of dat je bij een dokter binnenstapt voor een al dan niet vermeende klacht en de dokter je vraagt wat er aan scheelt en je ook daar zwijgt. Vreemd gedrag? Valt mee hoor. Wij mensen doen dit veelvuldig. Maar dan vooral in het verkeer. We zijn te belazerd om fatsoenlijk richting aan te geven en laten het aan anderen om het spelletje ‘gaat ie/zij heen of niet’ te spelen. Of we ons nu in een auto bewegen, op een scooter of de fiets, we weigeren steeds vaker de basis-verkeersregels die in dit land gelden te gehoorzamen. Ik pleitte al eerder voor het niet meer standaard meeleveren van richtingaanwijzers op gemotoriseerde vervoermiddelen, zonde van het geld en de energie.

Car crash 2Kennelijk zijn we zo druk met andere dingen dat aangeven welke kant we op willen te veel gedoe is. En dat leidt weliswaar tot gevaarlijke situaties, maar die worden vooral veroorzaakt door hen die op degene rijden die de richting niet aangaven. Moeten die maar  opletten. Net als die bakker en dokter. Gewoon raden welke kant wij op gaan. Wij zijn te macho voor die regels, onze telefoon vraagt de aandacht, of de kinderen op de achterbank. Overmatig veel vrouwen lijden aan dit euvel, maar naar respect hunkerende nieuwkomers in het verkeer kunnen er ook wat van, zelfs een enkele SUV-piloot vindt dat zijn rijdende container groot genoeg is om anderen in het ongewisse te laten omtrent welke richting deze mastodont op zal waaien. Nu spot ik er een beetje mee, maar het is levensgevaarlijk gedrag. Richting aangeven moet! Ook op rotondes! Ook op de fiets! En graag op het moment dat je een meter of tien af bent van de plek waar je gaat afslaan.

Verkeerslicht - 2Als je al bent afgeslagen je richting aangeven is mosterd na de bekende maaltijd. Het is vastgelegd in de Wegenverkeerswet en leidt (als de agenten ooit eens een controle zouden uitvoeren, wat ze nooit doen) absoluut tot een bekeuring. Elke zichzelf respecterende rijschool leert het je ook, maar kennelijk is die regel na het behalen van het roze gekleurde creditkaartje niet meer nodig. Ik zou er voor willen pleiten dat we met elkaar nu eens afspreken dat we met zijn allen weer gewoon richting aangeven. Of dat we dit niet doen, maar dan ook graag bij de bakker en slager. Wie zwijgt, stemt toe en het scheelt mij veel tijd als ik in de rij sta of in de wachtkamer zit voor een bezoekje aan de dokter. Ik vertel wel altijd wat ik ergens van vind, welke kant het op moet en doe dat ook in het verkeer. Als laatste der Mohikanen wellicht?