Kwart eeuw gele vogel…

Yellowbird-chainDe naam was het minste probleem weet ik nog goed. Die hing al een jaar of 25 langer aan mij en in mijn liefhebberijen uitte ik die naam in de periode voorafgaande aan 1 april 1991 regelmatig. Maar het idee om voor mijzelf officieel iets op te zetten waarmee op termijn brood met beleg te verdienen viel kwam indertijd op als een plan dat de jaren waarin dat speelde moesten vervullen van hoop. Het was niet de fijnste periode uit mijn werkzame leven. Het bedrijf waar ik dienst deed als manager vervulde haar werknemers met afschuw door binnen 1,5 jaar tijd twee keer te fuseren en van naam te veranderen. Dat vroeg om veel uitleg, veel overredingskracht. Was aan mij wel besteed en de bijkomende communicatie deed ik met verve. Maar het was daar dweilen met de kraan open en dat beviel matig. Dus dan maar zien of je op eigen benen die adviezen op communicatiegebied en/of taaltechnische hoogstandjes, kon uitventen.

Kort. networking employees-togetherIk weet nog dat ik met vrouwlief die inschrijvingen deed. KvK, Belastingdienst, ik ontwierp mijn nieuwe logo, mijn briefpapier, opende een eigen bankrekening. De start van het bedrijfje dat ik toen parttime opereerde ging redelijk van een leien dakje. Een luchtvaartbedrijf, een vriend wiens zelfstandigheid ook vorm kreeg en wiens briefpapier, auto en pand moesten worden voorzien van nieuwe logo’s en opschriften. Het gaf me het idee dat het wel goed zou komen. Teksten werden gemaakt, verhalen bijgedragen aan een paar toenmalige bladen. Een stuk verder in de tijd zou ik juist daarmee mijn geld aardig verdienen. Ook met verhuur aan derden. Mijn kennis en ervaring geexploiteerd in de wereld van de bladen, klantentevredenheid, coachings, training.

Actie B en L zondat 220407 027 (2)Ook veel advieswerk voor mensen die met hun bedrijf een bepaalde richting op wilden. Ik organiseerde met een aardig team mensen en zakenpartners om me heen de nodige braderie/markt/actiematige zaken, gaf speeches weg, en schreef intussen het halve internet vol op websites met een commerciele achtergrond. Een kwart eeuw is zo voorbij als je plezier hebt. En dat leidde ertoe dat ik juist vandaag, op die 1e april 2016, een piepklein feestje vier. Het bedrijfje bestaat nog, maar ik ben duidelijk rustiger geworden. De leeftijd en zo….:) Maar ben toch wel trots op wat ik in al die jaren zoal deed. Wat een afwisseling, wat een klantengroep. Van auto’s tot verzekeraars, van Office Supplies tot uitgeverijen. Allemaal gezien en meegemaakt. Neemt niemand me meer af. Met dank aan dat plan en die toch opvallende naam……..YELLOWBIRD!

Hundie

ALD - Hyujdai Pony GLS RAI - RAI 1981 Scan10257In die jaren waaraan ik nu even refereer verging het ons bedrijf wat minder goed. We waren dealer van het Tsjechische automerk met die lange traditie, maar de pers fakkelde zowat elke dag alles af wat die Tsjechen zoal produceerden. Dat was wellicht voor een deel nog te verklaren, maar ik kwam er later achter dat er achter de schermen ook wat rekeningen werden vereffend met vertegenwoordigers bij de importeur door de mannen die zichzelf zagen als ‘goden’ in dat vakgebied. Als dealer moest je wat dus we zochten naar expansie via andere kanalen. En op dat moment kwamen we in contact met een automerk dat we nu wellicht kennen, ik had er zelf nog nooit van gehoord toen de eerste vertegenwoordigers van wat later de importeur zou worden, voor ons bedrijf stopten. Men vertelde enthousiast over Hyundai. Een nieuw Koreaans merk waar wij zeker dealer van zouden kunnen worden als we de moed hadden te geloven in een toekomst die ons zeker zou voeren naar winst en succes.

ALD22 - Hyundai Pony TLS RAI 0281 - Scan10256We reden even proef in het eerste exemplaar van het technisch kunnen dat de Koreanen in Nederland importeerden, de Pony sedan. Een auto waar de gemiddelde Europese (lees Nederlandse) man maar moeizaam in paste. Maar hij was opgebouwd uit onderdelen van Mitsubishi en Ford en de vormgeving was van Italiaanse snit. Het bordeel paarse interieur nam je dan maar op de koop toe. We zagen er wel iets in en gingen in zee met de nieuwe importeur. Die waren zelf gezeteld in een piepklein kantoor achter een caravanhandel in Leidschendam, maar de sfeer was er goed en de service vriendelijk. Al snel stonden de Koreaantjes in onze showroom en reden we rond in een demonstratiewagen. Wat lastiger was, voor de meeste Nederlanders was die naam onbekend, maar ook onuitsprekelijk.

ALI10 - Hyundai Pony TLS GN83BP Spl 0781 Scan10262Wij zelf maakten er Hie Joen Dai van, maar onze collega-dealer in Amsterdam-Centrum noemde zijn  merk Joen Dai en de Koreanen spraken het uit als Oendee of zo. Gelukkig heette dat eerste model dat ze jaren zouden voeren gewoon Pony en dat was voor veel mensen wel uit te spreken. Tot die ene keer dat er een plat Amsterdams sprekende potentiele koper binnen stapte en mij op luide toon vertelde dat hij wel eens wilde proefrijden in een ‘Hundie Ponnie’. Kijk, toen wisten we dat er nog veel werk te verrichten viel. Het succes en zeker de winst werd ons uiteindelijk niet gegund met en door Hyundai. De match was er niet meer toen het merk naar een nieuwe importeur overging en die daarop zulke eisen stelde dat wij daaraan gewoon niet konden maar vooral ook niet wilden voldoen. Intussen waren we wel veel wijzer geworden. En ik leerde zelf in die jaren dat als je klanten iets wilt verkopen de naam van het merk tenminste herkenbaar en uitspreekbaar moet zijn en de communicatie op dit punt overduidelijk. Maar als pioniers waren we daar toen nog lang niet zo mee bezig.

Langdurige verbintenissen

03_artikelkopfgalerie_876x584-c08bffead6d218f4Eerder dit najaar beschreef ik al mijn eigen ervaring met een langdurig huwelijk. Naar nu uit cijfers van het CBS blijkt ben ik samen met mijn partner-in-wedding bepaald geen uitzondering. Het lang durende huwelijk is iets van vroeger kennelijk, want er komen steeds meer mensen bij die 50,60 of zelfs 70 jaar getrouwd zijn. Een gevolg van de veilige keuzes die veel stellen maakten in de jaren veertig, vijftig en zestig van de vorige eeuw. Wilde je samen zijn en de relatie ‘consumeren’ moest er getrouwd worden en liefst met een vruchtbaar gevolg. Dat was op zich logisch, want wat wist je als jong getrouwde uberhaupt over seks of voortplanting. Nou ja, je had natuurlijk wel door hoe het ongeveer werkte, maar bedacht ook niet meteen dat als je A met B vermengt dit kan leiden tot een resultaat dat het na negen maanden op een schreeuwen zet. Althans, dat is het algemene beeld dat ik verbind aan die toenmalige huwelijken. Ik had het geluk zelf een oudere broer te bezitten die al heel vroeg in zijn leven ‘biologie studeerde’. Maar dan in de praktijk en waar dat toe leidde kon ik dus als jong ventje meemaken.

Family in the U.S.Dan leer je veel. Maar ik wist ook dat het met die ene wel ultiem moest zijn. Dat is tegenwoordig wel anders. De jeugd experimenteert er vrolijk op los en als men na partner nummer vijf en zes meent dat die ene specifieke man of vrouw de beste technieken combineert met een maatjesgevoel dat vertrouwen schenkt komt men nog wel tot samenleven en misschien ook tot een huwelijk. In die zin is de neiging om uit sleur bij elkaar te blijven minder groot. Immers, je weet dan wat elders interessant is of aantrekkelijk, maar dat ‘samen’ ook wel iets te bieden heeft. Onze generatie groeide echter op met dat huisje-boompje-beestje denken. Niks buiten de deur eten! Je mocht best trek krijgen, maar wel graag thuis eten. Vandaar dat die huwelijken het zo lang vol houden. Daar komt nog bij dat veel mensen in leeftijd ouder worden. Ook al een oorzaak voor die langere huwelijken. Mannen worden ook ouder, elke tien jaar gemiddeld wel weer een jaar er bij. Scheelt veel, want de gemiddelde man is binnen een huwelijk ouder dan zijn vrouwelijke partner. Ging hij vroeger al flink wat eerder ‘hemelen’, tegenwoordig blijft hij langer doorgaan met ademen en blijven die huwelijken alleen daardoor al zo trouw in stand.

REC_0003_editedNiks mis mee, en goed nieuws voor mannen. Die vaak niet zelf kunnen koken, en mede daardoor al hun vrouwen op handen dragen. Maar de kentering komt er aan. Na een piek in de komende jaren neemt het aantal echtelieden dat goud, zilver, of zelfs platina gaat bereiken sterk af. Latere generaties, zij die langer doorleven in de onderzoeksfase of studie, trouwden later of helemaal niet. Tja, en dan valt er later weinig te vieren. Maar misschien genieten die dan wel weer van de ervaringen elders. Veel mensen met langdurige verbindingen reizen minder, zoeken minder avontuur, nemen ook geen risico’s, terwijl dat latere generaties bijna op een presenteerblaadje werd aangeboden. Kortom, ook daarin zie je de verschillen in moraal, maar ook de verlegging van interesses. Geniet nu en leef later! Hoe ging het bij de lezers? Lange huwelijken? Of toch maar eerst experimenteren en daarna kiezen voor evt. zekerheid? Ben benieuwd!

Rijvaardigheid

A10trajectcontroleANP-TelgraafZelfs in mijn eigen toch aardig vrouwvriendelijke geest kwam nog wel eens de twijfel voor aan de rij-capaciteiten van sommige vertegenwoordigsters van dat geslacht. Je hoeft maar om je heen te kijken, en snapt waarom. Ik schreef er in ander verband wel eens eerder over. Nu kwam onlangs bij de ANWB, toch een instituut op het gebied van verkeer als het niet gaat over verdedigen van de rechten van autobezitters, een onderzoek uit waarvan de uitslag de haren te bergen doet rijzen. De gemiddelde automobilist heeft niet te veel kaas gegeten van de verkeersregels in dit land. Van de bijna 11.000 deelnemers aan het onderzoek onder Kampioenlezers vielen er 78% door de mand. Driekwart! Dat is best veel. Maar uit het onderzoek bleek ook dat de mannen die regels beter kennen dan vrouwen. Van de vrouwen zou slechts 16% van hen slagen voor het theoretisch examen. Mannen deden het beduidend beter met 28% al is dat cijfer ook niet al te hoopgevend.

foto_nieuweschansWaar men over het algemeen weinig van snapte waren de verkeersregels op rotondes, van het voorrang nemen of geven bij uitritten, het in- en uitvoegen op snelwegen en men bleek ook moeite te hebben met snelheidslimieten. Het woud aan borden en uitzonderingen op bepaalde verbods- of gebodsregels was voor velen een te hoge hindernis. Van al die mensen die men in het onderzoek had kunnen betrekken bleken ouderen het minder goed te doen dan jongeren die hun examen net achter zich hadden gelaten. Veel ouderen hebben moeite met nieuwe verkeersregels en interpreteren die dan maar op eigen wijze. Wie nu tussen de 25 en 34 jaar oud is heeft de meeste kans om een herexamen ook echt te behalen.

Veiligheidsriemen 2Maar dat zegt niets over veroorzaken van schades, want daar scoren ouderen juist weer veel beter dan jongeren. Jeugdige overmoed en een machogevoel spelen daarbij een grote rol. Los van het feit of je nu man of vrouw bent, de slechtste chauffeurs kiezen gek genoeg voor een bepaald merk auto waardoor ze bijna simpel zijn aan te wijzen als notoire verkeersregels aan hun laars lappend. Alfa Romeo, KIA, Mercedes, Daihatsu en Suzukirijders zitten in de gevarenhoek. Niet gek als je ziet dat veel modellen van die merken door vrouwen worden bereden. Mannenmerken als Chevrolet, Volkswagen, Skoda, Audi en Volvo scoren daarentegen juist goed. Hun eigenaren kennen de regels juist bovengemiddeld goed. Binnen de grenzen van die totaaluitslag natuurlijk. Want die is verbijsterend. Zeker voor vrouwen!

Schilders…

WP_20150521_002De laatste keer dat hier het huis werd geschilderd aan de buitenkant was ergens in 2007. En het op het oog professionele bedrijf uit onze woonbuurt dat indertijd de klus mocht doen deed dat achteraf bezien niet met de zorg en aandacht die je er van mocht verwachten. Ik heb in 2007 nog eens een blogverhaal aan de man besteed die het werk voor zijn baas deed. Een van de oudgedienden bij dat bedrijf, maar ook een met een handleiding, en die hadden wij vooraf niet gelezen. Men deed indertijd wat werd gevraagd, maar ook geen streek meer. En dat merkten we in de jaren daarna. Al snel verschenen er wat slechte plekken in het houtwerk, de verf verdween spontaan op andere plaatsen. Maar ja, wat moet je dan. Als houtwerk slecht wordt, moet je dan vervangen, is het te repareren? Ik neem voor die zaken graag de tijd tot ik aanloop tegen een of andere klusjesman die me even kan  adviseren en assisteren. Een ding doe ik in ieder geval niet meer, op de ladder gaan staan en zelf weer aan het schilderen slaan. De wereld is veel te ver weg als je op 4 meter staat en de klap als je naar beneden kiepert in mijn geval vermoedelijk dodelijk. Toeval wilde dat bij een lieve vriendin in de woonplaats waar wij ook nog eens een aantal jaren bivakkeerden onlangs een paar schilders aan de slag waren.

WP_20150523_006Ook die vriendin wil de boel graag bijhouden maar kan dat zelf door allerlei fysieke beperkingen echt niet meer. Al snel was een afspraak met de heren gemaakt. Marokkaanse Nederlanders, maar wel met een eigen klus/schilderbedrijfje. Ze kwamen, keken, offreerden. Goeie prijs en alle slechte plekken hadden ze zelf al heel snel te pakken. ‘Zullen we de schuur meteen meenemen? Die kan ook wel een verfje gebruiken’. Tuurlijk, graag. In de dagen voor het Pinksterweekend kwamen ze. Stipt op tijd. Drie dagen later waren ze klaar. Binnen het schema. Veel werk extra gedaan, maar alles binnen de grenzen van het financiele redelijke. Alles overlegd, elke manier van repareren werd even uitgebreid verteld, ik kreeg zelfs een cursus (..) op het gebied van twee-componenten-vulmiddel en de beste verf die Akzo-Novel leverde. Tijdens de koffiepauzes spraken we over wereldzaken, ik snap nu wat van het verschil tussen een Soenniet een Shiiet, en daarna ruimden we op. Trots met een huis dat er tenminste aan de buitenkant uit ziet alsof het gisteren is opgeleverd.

WP_20150523_003Andere kleur ramen en deuren, veel aandacht voor detail. Zo werden de ramen ook nog eens extra gekit, wat vochtinwerking tegengaat. Kleine details, maar in de praktijk extra degelijk voor het bijhouden van… Ik ben er dik tevreden over. Kijk, dat is nog eens schilderen. Dat je drie dagen lang twee vreemde kerels over de vloer hebt is wel weer een hoop ‘gedoe’. Op Pinksterzondag was het onze eigen taak om alles schoon te maken, want er komt toch stof vrij en spetjes op de ramen krijg je er gratis bijgeleverd. Maar ja, het is het grote resultaat dat telt. En dat is zeer fraai…al zeg ik het zelf. Net alsof ik het zelf heb gedaan….Maar ja, dat laatste gelooft intussen niemand meer….

Talentloze ergernissen….

OLYMPUS DIGITAL CAMERAIk ben ze al heel wat keren tegengekomen, zgn.kunstenaars, maar vooral vaak zonder echt talent. Ze zijn ook helaas veruit in de meerderheid. Mannen of vrouwen die zelf menen dat ze een uniek talent koppelen aan een even unieke persoonlijkheid die vraagt om sterk naar buiten treden met wat zij zoal kunnen. Met de moderne media is dat laatste ook nog eens relatief eenvoudig. En dus kom ik overal en nergens zangers of zangeressen tegen die vooral valse noten voortbrengen maar verder kwetteren als een schorre kraai. Of schrijvers wiens teksten voor de meeste mensen niet te bevatten zijn maar die zelf menen dat ze iets voort brengen waar de grote auteurs van deze wereld bij zullen verbleken. De kunstscène zit helemaal verstopt met werkjes van lieden die het verschil tussen hoogte en diepte niet eens kennen of voor wie het heel logisch is dat hun kunstwerken vooral niets voorstellen wat een toeschouwer zou moeten kunnen boeien. Ik ben er echt heel wat tegengekomen en als ik in het echte of sociale mediawereldje kijk zijn er nog talloze lieden die menen dat ene en unieke talent te bezitten wat die oppermachtige god op een heldere zondag aan slechts hen heeft geschonken. De werkelijkheid is echt veel rauwer. Velen zijn wellicht geroepen, weinigen uiteindelijk uitverkoren.

Van Gogh 1Met de maatstaven van een beetje kwaliteit gemeten, komt 99,9% van al die lieden niet door de ballotage met echte critici heen. En als ze dat wel doen verdwijnen ze snel in de vergetelheid. Is niet nieuw, zo verging het velen immers voor hen. De leerlingen van Rembrandt of Breugel zijn nooit zo beroemd geworden als hun meester. Het waarom van dat geloven in eigen kunnen zit bij veel van die lieden vaak in frustratie. Veel miskenning komt naar boven als men aan het kleien, kwelen, kledderen of schrijven slaat. Ouders die nog wel enige warmte konden opbrengen voor de kunstuitingen op kleuterleeftijd van het onderhavige kind,  zagen zelf wel in dat het met hun pupil niet goed zou komen als dat vals spelen op de viool zou blijven voortduren of als het in de oven uitgeharde stukje rivierklei echt niet leek op die buste van opa die was nagemaakt. Ik heb veel talenten aan me voorbij zien komen toen ik zelf nog mocht balloteren voor functies in het commerciële of creatieve deel van de samenleving.

Verkoper - 1Zo waren er heel wat kandidaten voor de een of andere rol in het bedrijf waar ik indertijd achtereenvolgend voor werkte. Maar je moest vaak al na korte tijd constateren dat van al dat aanbod meer dan de helft meteen naar huis kon en de rest met wat training tot een aardig gemiddelde score te krijgen was. De echte toppers waren uniek. En leverden dan ook vaak kunstwerkjes af. Maakt dat die afvallers of talentlozen dan tot mindere mensen? Nee! Bepaald niet. Soms waren of zijn ze geweldig in heel andere dingen. Waar die toppers in dat kunstje waar ik het over had helemaal niet goed in zijn. Want de combinatie; dat je echt alles goed kunt, talent hebt en dat ook nog weet te verkopen, is zo uniek dat je dat maar een heel enkele keer tegenkomt. De rest tracht het via soms slinkse wegen alsnog te bereiken. Voor hen zelf of ons als toeschouwer is het soms te hopen dat ze daar niet in slagen. Scheelt een hoop ergernis. Ergernis die ik bij deze van me af heb geschreven. Als dat geen talent is…..

Leerschool…

WP_000781Het leven is een leerschool. En anders dan je wellicht zou vermoeden als je zelf een jaar of veertien/vijftien bent, raak je als het goed is nooit uitgeleerd. De mens doet constant ervaringen op, loopt met zijn/haar bol tegen lampen, deuren of laag gehangen balken, stoot twaalf keer zijn teen aan dezelfde steen (of een die er veel op lijkt) en ontdekt dat de dingen toch net weer even anders in elkaar steken dan ze in eerste instantie leken te doen. Zo vergaat het mij net als ieder ander met een leeftijd van boven de puberale. Ik refereerde al eens eerder aan mijn ‘enorme kennis’ op het gebied van auto’s en vliegtuigen voor ik uberhaupt een stap beroepsmatig in beide werelden had gezet. Toen ik dat eenmaal had gedaan, bleken de imago’s en vooroordelen t.o.v. bepaalde zaken toch anders in elkaar te steken dan ik dacht. En is het idee dat je ‘alles weet’ een pure illusie. Je kunt proberen alle kennis op te doen, je te specialiseren en dan als expert door het leven te kunnen gaan, soms is verbreding ook net zo handig.

OLYMPUS DIGITAL CAMERANiet dat je nu meteen hoeft te weten dat een regenworm in het oerwoud van Nieuw-Guinea wordt aangeduid als de Archivaris graveengaticus of zo. Maar als je in je expertise gaten hebt zitten is dat wel lastig. Mij ergert dat meteen. Zo had ik onlangs een wonderlijke ervaring tijdens de AutoRAI die momenteel loopt. Ik mag er altijd wat eerder doorheen trekken, de Persdag is voor dat doen zeer geschikt. De Amstelhal van het complex stond vol klassieke modellen en die mogen zich ook bij mij in grote belangstelling verheugen. Immers, elke nieuwe auto die vandaag wordt aangeprezen, staat over tien jaar in die nostalgische hal of museum. Tussen al die fraaie bolides uit verloren dagen, een onooglijk karretje. Stoffig, klein, opvallend vorm gegeven. Nog nooit gezien! Dat intrigeert. Het bleek een elektrische auto van de Franse vliegtuigbouwer Brequet uit de oorlog te zijn.

Breguet_Electric_Car_02Dat deed zeer, kwam even binnen. Want a) ik wist niet dat Brequet ook auto’s had gebouwd, b) ik wist niet dat er een elektrische auto uit de Tweede W.O. in ons land te zien is bij het Louwman Automuseum in Den Haag. Dat komt aan, dat scheurt door de ziel, dat beschadigt mijn zelfvertrouwen.. Nou ja, niet overdrijven, een beetje. Juist vandaag beschrijf ik het ding op mijn autoblog. Wie het leuk vindt moet daar maar even gaan lezen. Maar neem van mij aan dat ik bij de voorbereiding van het verhaal enige tijd bezig ben geweest om alles uit te zoeken over dat apparaat. Tot groot genoegen. Kost wat tijd, maar dan heb je wat. En wat de tijd betreft; medebloggers die menen dat ik hen wat ben vergeten, hebben gelijk. Veel weg, vaak op reis, gedoe, het zorgt niet voor grote reactietrouw. Maar ik blijf jullie gewoon volgen hoor en kom waar mogelijk weer ff inhalen. Of er moet iets tussen komen. Een researchprojectje of zo….

Opruimen

Boekenkasten YB Ktr.04 maart 2007 010 (2)Verzamelen en passies voor leuke dingen maken samen een combinatie die niet meteen zorgt voor lege zalen van kamers in ons toch niet al te kleine huis. Integendeel. Boeken die ‘nog eens gelezen’ moeten worden, vitrines vol spullen die leuk zijn om te laten zien en het delen van al die genoegens met vrienden die daar ‘ook iets mee hebben’ maken dat ons huis toch een aardige last aan opgestapelde collecties te bieden heeft. Een deel daarvan stamt uit een ander tijdperk van ons leven. Zoals onze boekencollectie. Ik geef toe wat leesverslaafd te zijn, zo maar drie boeken tegelijk lezen is soms geen uitzondering, vrouwlief kan er op dat punt ook wat van. Wij stammen nog uit die periode dat alles wat op schrift werd gesteld verslonden moest worden en veel dommer werd of wordt je er niet van, dus… Ik beschreef die liefde voor boeken al eerder hier.

FRI-412078 - Journaaljaren HPIM7280_editedToch komt er een moment dat je moet constateren dat de boekenkasten en kamers waar je deze opstelt, toch wat al te druk bevolkt zijn geworden en dat je bij nadere beschouwing ook moet vaststellen dat bepaalde boeken meer als decor dan als leesvoer dienen. Vrouwlief trok onlangs de stoute schoenen aan en begon de grootste boekenkast qua inhoud te ontmantelen. Ongekend welke ‘schatten’ je daarbij tegenkwam, maar ook wat je eigenlijk zeker weet nooit meer te zullen inkijken. De Winkler Prins van 1975 is bepaald niet meer actueel, een science-fiction reeks uit de jaren zestig is bijna bespottelijk in de voorspellingen van de wereld waarin wij nu zouden leven. Kortom, weg er mee. En de waarde is meestal nihil tot laag, zo slecht gaat het intussen met de leescultuur in dit land.

WP_006071De Kringlopers zijn er goed voor. Waar je, als je goed oplet, hele bibliotheken  van anderen kunt kopen voor een prikkie. Thrillers en chicklit’s liggen er bij stapels op je te wachten als je dat zoekt. Een fotoboek met prachtige plaatjes uit de jaren zestig deed ik overigens niet weg. Te veel nostalgie. Prachtig om te zien hoe vrouwen zich indertijd bloot gaven, krachtig, revolutionair, ongebonden of geschoren. Nee, dat boek blijft nog even. Maar voor de rest? Negen grote banenendozen vol leeswerk bracht ik intussen al weg. De grootste boekenkast heringericht. En nog steeds vol. Alleen staat het nu wat netter allemaal.  Nog drie kamers te gaan…….(de foto’s zijn niet waarheidsgetrouw voor de huidige collectie trouwens…)

Gaat niets boven een echt boek….

OLYMPUS DIGITAL CAMERANatuurlijk, ik weet het wel, zit in de leeftijd, vandaar…… Maar of dat nu echt zo is? In ieder geval is het zo dat ik ontdek dat wel veel mensen van mijn generatie als ze al lezen dat toch het liefste doen in een echt boek. Gemaakt van papier, gebonden of gelijmd in een omslag die een mooie foto of zo laat zien en waarop je mag rekenen als je aan het lezen slaat. Dat er digitale varianten bestaan? Het zal zo zijn. De echte lezer wil een boek in zijn (of haar) handen voelen en soms wegdromen bij de inhoud. Successen als Scandinavische thrillers, het verhaal van 50 Tinten grijs of pakweg Saskia Noort zouden nooit zo groot zijn als er geen echte boeken zouden bestaan. Wij zijn er nog mee opgevoed. Net zoals met het fenomeen auto’s, het gebruik van vliegtuigen of enig fatsoen. Lezen was onderdeel van de ontwikkeling, het paste bij iemand die verder wilde komen in het leven. En het vulde aan wat je in het echte leven niet meemaakte. Wie niet weet wat ik daarmee bedoel moet toch maar eens kijken naar het succes van de boeketreeks of doktersromans. Worden gevreten en de schrijvers daarvan hebben vaak een tien tot honderd keer hogere omzet of inkomen dan de verder zo door de incrowd gevierde schrijvers die zichzelf altijd uitnodigen op het vaderlandse Boekenbal.

FRI-41045 - Vliegvelden in oorlogstijd HPIM1879_editedLiteratuur is geen garantie voor grote omzetten. Meestal beperkt zich dit tot de enkeling die mee kan in de maalstroom der gedachten van bepaalde auteurs. Rijmboeken (o sorry, proza) hebben het helemaal lastig. Omzetten van 500 boeken zijn dan al bijster groot. Dat een boek weinig waard is na aankoop bewijzen de enorme stapels die voor een prikkie te koop liggen bij de diverse kringloopwinkels. Als je een half jaar geduld hebt na uitkomen van een nieuw boek kan je daar vaak al terecht voor een slechts door de eerste eigenaar gelezen exemplaar. De echt bijzondere of specialistische boeken vindt je daar zelden of nooit. Ik kan bij bezoeken aan die winkels al snel zien welke reeksen boeken ooit enorm populair waren. Zeker op het gebied waar ik nog wel eens zoek kom je weinig relevants tegen, maar zie je wel enorme stapels boeken van Lecturama of enig andere reeks die ooit bij bosjes werden verkocht via abonnementen of zo meer.

FRI-411058 - De opperwazchtmeester Scan10314Maar leuk is ook om te zien hoeveel boekenlezers zich op die stapels storten om alsnog met de nodige aankoopjes voor weinig naar huis te kunnen. Vaak onder de verzuchting dat ‘ze al zoveel boeken hebben, maar toch…’. Ik herken er veel van. Zit altijd met stapels boeken om me heen. Lees voor het slapen gaan, of ‘s-morgens na het ontwaken. Lezen is heerlijk, en ik ben blij dat ik het ooit geleerd heb. Waarbij later taalonderwijs ook nog eens zorgde voor verbreding, want ook in het Engels of Duits pik ik nog wel eens een titeltje mee… Van mij mag het drukken en verkopen van boeken nog wel even doorgaan. Hoewel het aantal boekwinkels gestaag daalt, de omzet in aantallen boeken stijgt weer wat, en dat lijkt me prima nieuws. Sorry, ik stop er even mee, er ligt een leuk boek op me te wachten….

Veelvraat

8)Leo voor SPL - Loco 1 1965 Scan10011Ik geef direct toe een veelvraat te zijn. Dat geldt vooral bij zaken die mijn interesse weg dragen, maar ik ben al snel enthousiast als ik iets tegen kom dat me kan boeien. Toch lijd ik (..) naast verbreding van alle kennis ook aan verdieping hoor. Veel van die input blijft ergens in de grijze cellen steken, maar duwt dan kennelijk wel wat andere zaken weg. Ik schreef in het verleden al eens over mijn buitengewoon matige herinnering aan bepaalde mensen en hun namen. Ik kan me dan gebeurtenissen of auto’s en vliegtuigen nog goed herinneren,  de zgn. ‘hoofdrolspelers’ niet. Als jong joch was ik er al van overtuigd ‘veel te weten over vliegtuigen’. Zoveel zelfs dat ik er een ‘Bureau voor Burgerluchtvaartkennis’ voor opzette en altijd betrokken was bij bladen en clubs die met die luchtvaartkennis iets deden. Zo had je indertijd groepen lieden die zich specialiseerden in het betere spotterswerk. Spotters zijn lui die al dan niet met een notitieblokje of camera vliegvelden af lopen om de registraties of beschilderingen van vliegtuigen vast te leggen. Ik behoorde indertijd tot die categorie, al kon ik me op mijn jeugdige leeftijd echt geen goede camera veroorloven. Dan waren er nog de vliegtuigkenners. Lieden die een Spitfire Mk. 2 van een 5 konden onderscheiden en daar een hele toestand omheen bouwden. Zo had je in die jaren kampioenschappen vliegtuigen herkennen waaraan deze lieden graag deelnamen om te zien wie eigenlijk de beste van Nederland was in hun kringen. Mijn vriend Fons, altijd overtuigd dat ik alles wist over vliegtuigen zoals hij over auto’s, schreef ons op enig moment in voor zo’n competitie.

HPIM7861_editedWerd gehouden in een school in het midden van het chique Amsterdam-Zuid en we zaten op de bewuste dag met een man of 30 in een klas en kregen in hoog tempo beelden te zien van vliegtuigen die we dan op moesten schrijven. Dat was best lastig want er zaten er ook bij die ik van mijn leven nog nooit had gezien of uit militaire kring afkomstig waren, niet mijn specialisatie op dat moment. Als 17-jarige vulde ik alles met grote zelfverzekerheid in. Laatste kon ik niet worden, eerste zeker ook niet. Want bij sommige plaatjes zat ik echt even te kijken naar al die uitvoeringen die van bepaalde vliegtuigen zijn verschenen en die voor de punten bepalend waren. Toen de competitie klaar was en de thee en cola werden geserveerd begon het grote wachten. De punten werden geteld, dat duurde een uurtje. De dertig deelnemers klonterden samen en trachtten bepaalde antwoorden bij elkaar af te checken op al dan niet juist zijn. Fons en ik keken rond, dronken wat en wisten een ding zeker, tot de top zouden wij nooit behoren. Maar we hadden het vast aardig gedaan. Van onder tot boven werden de namen op enig moment opgevoerd.

15541 - Leo en Wim duwen PH-MIT op zijn plek EHAM 270383 Scan10059 Fons zat, als meer oppervlakkig in vliegtuigen geinteresseerde deelnemer, bij de lieden die tussen de 20e en 30e plaats hadden gescoord. Mijn naam was nog niet genoemd, dat gaf hoop. Maar ook tussen 20 en 10 zat ik niet, dat gaf opwinding. Laten we wel zijn, tussen al die experts…… Uiteindelijk bleek ik derde van de dertig. Had ik dus toch best wel het e.e.a. in huis op kennisgebied en dat hielp me aan een sterker zelfverzekerdheid. Ik ging nog meer rond neuzen, fotograferen (intussen een simpele camera) en ben er van overtuigd dat ik na al die jaren best veel weet over voer- en vliegtuigen. Als men me maar niet vraagt wat het verschil is tussen een ‘B’ of ‘J’ versie. Dat moet ik nog steeds even opzoeken. Maar gelukkig weet ik wel waar dat te vinden is. Ook dat heb ik in die jaren geleerd. Plus het feit dat je maar beter bescheiden kunt blijven. Omdat je altijd een keer je kop stoot. Als je weer eens naast een specialist komt te zitten. Blijft voor mij altijd een lastig mensentype om mee om te gaan……