Wandelen door Zuid…

Het oude Stadhuis van Nieuwer Amstel werd uiteindelijk het Gemeente-archief Amsterdam.

Als ik wel eens mensen te gast had of heb die Amsterdam willen zien en dan niet specifiek de bekende plekken als Dam, musea of de P.C. Hooftkoopgoot, laat ik ze vaak bepaalde routes lopen. En stevig ook. Dan wandelen we bijvoorbeeld in redelijke tempo langs de Amstel, toch de naam gevende stroom water die de stad in feite vormde, richting het oude centrum. En dan komen we steevast langs ofwel de Amsteldijk dan wel Weesperzijde voor onze toeristische route met uitleg. Want die route laat goed zien hoe de stad ooit door de eeuwen heen over de eigen grenzen heen bleef uitbreiden. En dat doet Amsterdam nog steeds. Heel wat vroegere buurgemeenten werden zo opgeslokt of men kocht land van die buren om daar stadsuitbreiding ruimte te geven. Tijdens onze wandelingen laat ik ook de diverse schillen zien die de eeuwen verbeelden waarin dit zich allemaal afspeelde. Het grappige is dat de grote expansie eigenlijk plaats vond in de 19e eeuw. De grote stad trok mensen aan vanuit heel wat verre streken, al was dat dan wel in Nederland zelf. Friezen, Zeeuwen, Limburgers, bedenk het en men kwam zich omwille van de economische dynamiek in Amsterdam settelen.

Aan de Weesperzijde staan fraai versierde panden…peperduur tegenwoordig.

Daarvoor had men huizen nodig. En omdat de meeste nieuwe bewoners vaak leefden van een laag inkomen mocht dat weinig kosten. En zo ontstonden de nu nog bekende arbeiderswijken als De Pijp. Waarvan een groot deel werd gebouwd op het grondgebied van Nieuwe-Amstel dat een zeer behoorlijk gebied van haar gemeente in die periode over deed aan de grote buurman. Inclusief het oude Gemeentehuis. Dat vindt je nu nog langs de Amsteldijk, ter hoogte van de zgn. Tolstraat. En die dankt zijn naam weer aan de oude tolhuizen die daar ooit hebben gestaan. Amsterdam dempte sloten, en bouwde in feite op dezelfde wijze als die waterwegen de nieuwe straten. Zat ergens een bocht in een sloot zit die dus ook in de straat. Overigens heette dat deel van de stad waarover ik het heb ooit gewoon Amsterdam-Zuid.

Het plan Zuid en Oud-Zuid links op deze foto. De Amstel is hier op haar breedst..

Toen achter de waterstroom dat we nu kennen als de Jozef Israelkade het Plan Zuid van Berlage werd gebouwd was die nieuwe buurt Nieuw-Zuid en noemde de gemeente Amsterdam het oudere deel Oud-Zuid. Latere stadsbestuurders gaven er weer andere benamingen aan, alles moest met de tijd mee. En wat voor Zuid gold was ook van toepassing op de uitbreidingen aan de westkant van de stad of het oostelijke stadsdeel. Kenmerkende eigenschappen, revolutiebouw, lange rechte straten en veel gelijkvormigheid. Al snel werden de huizen door de beoogde huurders ingenomen, en soms door de jaren heen compleet uitgewoond. Nog niet zo lang geleden zijn veel oudere woningen opgeknapt en onderdeel geworden van de yuppenbuurten die Amsterdam er nu zo veel telt. Waarbij veel van die oude huurvoorraad in de particuliere verkoop werd gedaan.

De Rijnstraat was ooit de belangrijkste toegangsweg vanuit Utrecht richting het centrum..

Opvallend detail is ook dat langs die eerdergenoemde waterweg, de Amstel, de huizen aan beide zijden relatief duur en chique waren of zijn. Bedoeld voor de beter gesitueerden van toen. Versieringen, luxe, uitzicht op het water, het mocht wat kosten. En als je over die wandelwegen met me mee loopt zie je ook niets van die vroegere armenwijken maar slechts de chique van vroeger. Zo wilde de stedelijke bestuurders het ook graag zien. Eveneens mooi, aan die eerdergenoemde Tolstraat lag ook de diamantslijperij van de familie Asscher. Een groot gebouw dat zorgde voor flink wat werkgelegenheid.

Amsterdam kent heel wat groenzones….

De veelal joodse werknemers kregen een piepklein huisje van de firma in een buurtje dat wat verscholen ligt tussen de veel hogere huizenblokken waar de elders werkenden woonachtig waren. Je moet er eens doorheen lopen om te zien hoe armoedig dat vroeger allemaal zal zijn geweest. De term bloeddiamanten past ook best bij deze benadering vanuit de grote heren die flink verdienden aan de handel in dit harde edelstenenspul. Maar ook dit wijkje is intussen gerenoveerd en wordt bewoond door heel andere lieden. Kortom, een dorpje in de stad. En de moeite waard om te bezoeken. Mocht je eens in de buurt zijn…Maar wel de wandelschoenen aan. Een beetje wandeling is toch al snel 10-12 km lang. Oefenen is noodzaak….

Het lastige afschrijven….

Wij mensen zitten soms best vreemd in elkaar. We menen bijvoorbeeld dat alles wat wij aanschaffen voor altijd en eeuwig de zelfde waarde zal houden of wellicht zelfs in waarde zal stijgen. Immers, wij kochten het en dat alleen al is reden om die (veel te hoge)verwachtingen te koesteren. Maar het komt ook voort uit het feit dat veel mensen de waarde der dingen nog kunnen of willen erkennen. Een televisie is bijvoorbeeld een modern ding dat technisch nog jaren meegaat als we het apparaat op normale wijze gebruiken. Dat geldt ook voor een bankstel. Veelal zijn dat toch best prijzige uitgaven en we menen dat de waarde die wij er voor betalen altijd aan dat onderdeel van het huishouden zal blijven kleven. Nou….vergeet het maar. Diezelfde tv, uitgepakt en opgesteld, is eigenlijk al 50% minder waard dan zijn net betaalde nieuwprijs als hij in de kamer staat en zijn eerste programma doorgeeft. Dat geldt in nog wat sterkere mate voor normale confectiemeubelen. Het verandert iets als het gaat om een bijzonder merk met een enorme aanschafprijs.

Maar bedenk maar eens dat 99% van de mensheid het geld niet heeft om die peperdure zaken aan te schaffen. Zo zit dat ook met andere artikelen. De meeste zaken in een normaal huishouden lijden onder de afschrijvingsregels. En die afschrijving is vaak steil. Veel hoger dan wij ons vaak ook maar kunnen voorstellen. Alle roerende goederen hebben er last van. Zelfs kunst. Want dat wordt wellicht ooit iets waard als we tweehonderd jaar verder zijn, maar nu?? Zeldzaam! Ook al denken veel mensen dan wel dat ze met dat kunstzinnige spul goud in handen hebben. Komt ook doordat ze kijken naar programma’s als Kunst of Kitsch en dan ontdekken dat zij ook een ‘Rembrandt hebben gekocht op de rommelmarkt’. In de praktijk valt dat veelal tegen. Dat doet het ook bij auto’s of motoren. Die schitterende glimmende bolide die je net splinternieuw uit de showroom naar buiten rolde bij de dealer die hem aan je verkocht, is nadat je bent ingestapt al 5% minder waard! En die afschrijving gaat gestaag verder.

Al was het maar omdat de meeste auto’s ook gewoon worden gebruikt, er wordt mee gereden, en die auto lijdt dan onder het fenomeen van het gebruik, het weer, of wat ook. Je schrijft dus gemiddeld per jaar 15% van de waarde af. En bij sommige auto’s gaat dat sneller dan bij anderen. Vraag en aanbod spelen een rol, net als het merk of het type auto dat je koos. Maar zeker ook de kleur. Wit lijkt leuk, maar niemand wil dat tweedehands kopen. Resultaat een witte auto schrijft sneller af dan bijvoorbeeld een zwarte of zilverkleurige. De staat van onderhoud speelt ook een rol. En wie denkt (gezien de vele gesprekken tussen koper en verkoper waarin dit onderwerp passeert) dat zij/haar auto gewoon nog de nieuwwaarde zal opbrengen na vier jaar met 50.000km op de teller snapt het economische systeem niet. In feite zie je slechts bij huizen of ander vastgoed dat het daar anders in elkaar steekt.

Huizen worden in de goede jaren meer waard dan je er ooit voor betaalde. Moet je wel geduld hebben en een markt die gewillig is, maar dan nog. Op een huis schrijf je zelden zoveel af als bij roerende zaken. En dus is dat geen slechte investering. Mits je financieel zodanig bent voorzien dat je een eventuele tegenvaller kunt opvangen. Belangrijk als je terugdenkt aan de crisis van een jaar of tien geleden. Wie toen boven zijn nek gefinancierd was, bleek onder water te gaan en dat is een heel vervelende zaak. Dan schrijf je bij verkoop nog veel meer af dan bij die tv of bank. Maar dat is dan weer iets voor een ander blogje…..

Het gif van de afgunst

OLYMPUS DIGITAL CAMERAOmdat ik mij mijn hele leven nog nooit heb kunnen betrappen op enig gevoel van jaloezie ken ik ook de bijkomende emoties niet. Ik lig dus niet wakker over mensen die het naar eigen idee goed getroffen hebben in hun leven. Die menen dat saaiheid een vorm van avontuur is en dat een flat in een dorpje aan de Spaanse kust afgunst kan opwekken bij hen die meer gaan voor de grote stad en koelere noordelijke streken van Europa. Het doet me niks als mensen pochen met hun Canon SLR-camera. Als vliegtuigspotter mag ik me namelijk verheugen op de nodige camera’s om dat werk te kunnen verrichten. Ik heb niks met klassieke auto’s om die zelf te bezitten althans, het zal me dus een worst zijn of iemand er nu twee of drie van op na houdt. Ik heb niks met boerendorpen, nou ja, een keertje doorheen rijden of naartoe om een visje te eten, en snap dan ook niet dat je daar zoveel poeha over kunt maken. Saaiheid is niet avontuurlijk en pochen dat je zo’n geweldige vut-regeling had of hebt terwijl je nog nooit echt hard heb gewerkt gaat aan mij voorbij als nuttig. Toch heb ik in het blogwereldje helaas iemand leren kennen die de hele dag met niets anders bezig is dan dit. Pochen, zgn. rijkdom etalleren, afgeven op anderen en vooral ook roddelen. Heel wat mensen uit die vroegere blogwereld hebben de man (en zijn vrouw) intussen tot paria verklaard.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAOok op Facebook werd hij uitgekotst. Toen mij op enig moment een aantal roddels ter orde kwamen die hij ook over mij verspreidde in de kring van de enkeling die nog met hem(n) om wil gaan was het genoeg. Ik verbrak alle banden, maar niet nadat ik hem, net als een aantal collega sociale mediavullers via een mail had gewezen op het vervelende van al die door hem verspreide verhalen. Er kwam natuurlijk geen antwoord op. Wie zich verheven voelt boven anderen doet niet aan excuses. Maar gaat wel door met giftige verhalen uitdragen via mensen die op een of andere wijze worden gezien als zijnde ‘in het eigen kamp’. Er zijn bloggers die de contacten nog niet verbraken. Dat is hun keuze. Maar het kan ook zijn dat het gif hen heeft bedwelmd en ze niet meer in staat zijn om feiten en fictie van elkaar te onderscheiden. Feit is dat deze lieden waarover die verhaal hier gaat, alles doen om zich boven anderen te stellen terwijl ze geen benul hebben hoe anderen leven. Hun eigen leven is de norm. Wie daar niet aan voldoet krijgt er ongenadig van langs. Narigheid en ellende van anderen is voor hen kaassie, ze genieten er van en geven die informatie ook weer door aan derden.

Geurtjes - 1Omdat ze menen dan ‘iets te weten’ wat hen zelf interessant maakt in de ogen van derden. Er zijn wat mensen uit het blog- en Facebookwereldje die aan den lijve ondervonden (of nog ondervinden) hoe dat werkt. Is er iets waarop je bij deze mensen jaloers zou moeten worden? Naar mijn mening niet. Beter is om een soort medelijden te krijgen over hun kleinzieligheid en gebrek aan medeleven voor hen die dat verdienen. Jaloers zijn komt in mij persoonlijk nooit op. Al heb je tien huizen, vijftien inkomens en twintig klassiekers. Want kennelijk wordt dat gecombineerd met een grenzeloze saaiheid en daaraan heb ik pas echt de pest. Zij die hier goed lezen weten over wie ik het heb. Mocht je nog steeds banden hebben, verbreek ze. Het is echt beter voor je eigen imago en zo weet je zeker dat anderen niet meegenieten van wat jij aan verdriet of narigheid met je mee torst.

Vroegste woonbuurt…

AEMW - Amsteldijk hk Kuiperstraat tram (1971)Niet dat ik nu meteen veel behoefte had om mijn jeugd terug te halen voor dit blogverhaaltje. Het ging me meer om de straat waar ik mijn prilste jeugd doorbracht. Tegenwoordig behorende tot het deelgebied de Pijp, een langzaam aan trendy geworden woonwijk aan de zuidkant van het Amsterdamse centrum. Die straat lag na de oorlog in de zgn. Schilders buurt van Oud-Zuid, die zich uitstrekte van grofweg de Stadhouderskade tot de Tolstraat. Alles wat daarna werd gebouwd viel onder de Diamantbuurt of plan Nieuw-Zuid, waar Berlage en collegae nog een rol speelden bij ontwerp en inrichting. De kant van de straat waar wij opgroeiden week in bouw flink af van de rest van de straat. De verdeling tussen die straatdelen werd gevormd door de Van Woustraat, wat indertijd de verbindingsweg was tussen het centrum en de (huidige) A2, van Amsterdam naar Utrecht. Wat er aan onderscheid in de bebouwing bestond in die woonstraat uit mijn jeugd, leek vooral voort te komen uit het feit dat die straatjes ooit aan de uiterste rand van de stad hadden gelegen en als buitengrens leunden tegen de Gemeente Nieuwer Amstel.

OLYMPUS DIGITAL CAMERADe gekanaliseerde en brede Amstel was aan de zuidoostelijke zijde een natuurlijk barrière. In onze straat kwam je bijna per blok een andere bouwstijl tegen. Ons huis week in veel onderdelen af van de huizen aan de overkant, maar ook tien nummers verderop bouwde men ooit een totaal ander soort huizen. Hoog en laag, luxe en meer gericht op arbeiders, het stond dwars door elkaar. Waar de grote garage van autoverhuurder en toen nog transporteur Ouke Baas was gevestigd keek je aan tegen 20e eeuwse nieuwbouw, van de soort die je nu nog overal in Amsterdam terug ziet. Tegenwooordig weer opnieuws gewaardeerd, toen best modern afwijkend. Op de hoeken van onze straat, waar deze grensde aan de Van Woustraat, zaten grote winkels. Maar ook om ons heen vond je behoorlijk wat middenstanders hoor. Van een tv-winkel tot een melkboer, van een bakker tot een kruidenier en natuurlijk een kolenhandel. Opvallend waren de kleine huisjes een stukje verder in onze straat en de wonderlijk knik in de straat die voor ons bij het brommer rijden zo geweldig was om hard overheen te rijden. Je moet je echt voorstellen dat je dus een deel ‘beneden en boven’ die knik had, in een straat die op zichzelf niet eens zo heel lang was.

Willebrorduskerk Amsterdam 455Waar die bult in de straat vandaan kwam weet ik echt niet, wel dat op het ‘verloop’ in de trottoirs veel door ons kinderen werd gespeeld. Men had daar keurige trappetjes gemaakt, beetje Parijs in Amsterdam. Ook de straten naast ons, als ze maar tegen de Amstel aan leunden, kenden die dorpse huisjes. Zag je verder nergens, want in de 19e eeuw waren de meeste straten in dit gebied vol gegooid met strakke arbeiders-woonkazernes. Het is dus vermoedelijk zo dat we in een gebied leefden dat ooit aan de buurgemeente had toebehoord, langzaam aan door de gemeente Amsterdam werd verworven op Nieuwe Amstel en dat al die huisjes werden geïntegreerd in het grotere stratenplan van de vroegere buurt Zuid. Om het geheel nog af te ronden bouwde Kuypers hier zijn enorme kathedraal, de St. Willebrordus buiten-de-Veste. Was al die jaren een hoeksteen in de veelal katholieke samenleving. Verdween intussen al vele jaren geleden, net als de bevolking van die straten uit de jaren van weleer. Als ik er nu wel eens langs loop kijk ik niet met veel nostalgie, wel met belangstelling. Vooral naar de schoonheid van sommige panden, waar ik vroeger geen oog voor had. Maar het is wel aardig dat ik eigenlijk nu weer op het grensgebied leef van die vroegere buurgemeenten. Zo is de cirkel toch weer gesloten.