Cadeautje..spotten!

Cadeautje..spotten!

Als jong ventje, ik verhaalde daar al eerder over, fietste ik vanuit huis meerdere malen per jaar naar Schiphol, zette mijn toenmalige tweewieler tegen de heg daar en klom er op. Dan kon je net over de struiken heen het vliegverkeer volgen dat toen nog een schaduw was van wat er nu zoal opstijgt of landt. Door de jaren van het leven heen heb ik dat zgn. ‘spotten’ tot een ware passie verheven. Kocht er ook de nodige apparatuur voor en kan me verheugen op heel wat avonturen langs de diverse startbanen van vliegvelden die ik hiervoor opzocht.

Maar de afgelopen pakweg vier jaren kwam er eigenlijk niks meer van. Het verlangen er naar nam overigens niet af en dus pakte ik onlangs de hele boel weer eens bij elkaar, laadde de SLR-camera op, zette nieuwe batterijen in mijn luchtvaartontvanger en stapte in de auto voor een ochtendje in juni waar ik weer eens echt kon genieten. Want net als mensen die een sportwedstrijd bezoeken of anderen die op het strand liggend alles wat daar voorbij komt observeren, doe ik dit dan langs een van Schiphol’s start/landingsbanen.

Grote en kleine kisten, Nederlandse en buitenlandse carriers, zakenjets, of zelfs een oefendemo van de lokale brandweer. De camera klikte, en af en toe zette ik ook de iPhone in voor wat videowerk. Heerlijk. Het was die ochtend na de bloedhitte van een week eerder, zalig koel, de wind blies me in de rug en boven me trok het zwerk dicht wat weliswaar zorgde voor minder heldere beelden, maar ook de zon wat filterde die hier nog wel eens precies tegenover je staat. Later reed ik even langs mijn bekende ‘pornoshop’ in Aalsmeer voor wat aankopen en deed toen als toetje nog even een looprondje op Schiphol-Oost waar ik dan veelal de daar geparkeerde zakenjets op de plaat zet. Ik luister naar de kisten, ik ruik de lucht van kerosine, ik zie de bedrijvigheid, bereken hoeveel mensen er in die kisten zitten en ook hoeveel werk deze parel in de kroon van onze economie de regio en het land biedt en geniet. Ik spot zolang het kan.

Want voor je het weet is Schiphol opgelost in het zoutzuur van de linkse klagers waarvan er naar nu bekend werd 80 goed waren voor 55.000 klachten per maand. Ik behoor daar niet bij, zal duidelijk zijn. En omdat ik een echte omwonende ben, ook dat nog, zal ik nooit klagen. Want ik spot zelfs onbewust wat hier voorbij komt als ik in mijn mancave mijn geschoten opnames ver- en bewerk…! Heerlijk tijdverdrijf…(Beelden: eigen archief)

Leuke winkel in Buren…

Leuke winkel in Buren…

Halverwege de afgelopen maand juni was ik te gast in het Gelderse Buren. Plaatsje van de Oranjes, maar ook van het aardige Marechaussee-museum en een geweldig pannenkoekenrestaurant. Maar sinds kort is er voor mij nog een aantrekkelijke reden om er eens heen te gaan bij gekomen, het prima gesorteerde automodellenwinkeltje van Joke Koppen daar. Een verzamelaar als ik heeft het soms best lastig als hij aan bepaalde leuke aanwinsten wil komen, maar bij Joke kan je daarvoor prima terecht. En wat ze in haar smaakvolle winkel voor specialisten niet heeft staan, bestelt ze eventueel direct voor je. Omdat er op die hete zaterdag in juni ook nog een ruilbeursje werd gehouden van een stel lieden die ik van heinde en verre komend in eerdere sessies heb leren kennen, plus een stel meer, toog ik dus in de blauwe Tsjech richting dat mij toch wel bekende Buren.

Immers, ooit woonden hier een paar leuke en lieve blogsters in de buurt en hielden we daar zelfs wel eens een blogmeeting met grote mate van gezelligheid. Maar dat was in het verleden. In het heden is daar dus die winkel van Joke Koppen. Die ons ontving met koffie, thee, limonade, koekjes etc. En waar ik als liefhebber van het ware Tsjechische spul op schaal net zo slaagde als bijvoorbeeld die enorme specialist die alleen maar VW-bussen in zijn vitrines heeft staan. Joke heeft voor iedereen wat. Van kleine HO-modellen tot grote joepers voor de mensen met de dikke beurs. Zij is gezellig in de omgang, heeft voor iedereen een praatje en weet waarover ze het heeft. Neem van mij maar aan dat dit zeker niet geldt voor heel wat mensen die zich ook geroepen voelen in deze handel een boterham te gaan verdienen. Velen werden geroepen, weinigen uitverkoren. Hoe dan ook, voor de liefhebber is dit een aanrader. En ik zal er bij leven en welzijn nog wel eens binnenwippen. De ruilbeurs lijkt een jaarlijkse traditie te worden. Ik kijk alleen daar al naar uit. En nu maar weer sparen voor al dat fraais dat op me wacht in Buren… (Beelden: prive)

Museum…

Museum…

Voor veel mensen is het hebben van een hobby of liefhebberij in feite min of meer een luxe aanvulling op een werkzaam leven. Ze weten alles van opera of kantklossen, doen aan klaverjassen, bouwen een treinenbaan op zolder of zitten elke avond voor de buis i v m het voetballen. Het zal je verbazen als je zou weten hoeveel mensen er doen aan dergelijke activiteiten. Dat is een grote meerderheid. Zeker in Nederland, maar vlak ook de Belgen, Duitsers en Britten niet uit.

Natuurlijk zijn er ook mensen bij wie het huis vrij is van ‘smetten’ en mensen hun onderkomen bijhouden als ware het een showroom van een meubelwinkel. Niks hobby’s! Het geld geven zij uit aan vakanties of merkkleding, ze rijden in een stevige auto en hebben uiteraard elektrische fietsen. Ik ben in mijn leven bij heel wat mensen op bezoek geweest en voel me zelf altijd het meest thuis bij hen die behoren tot de eerste categorie. Herkenbaarheid een logisch gevolg van die daar gevoelde warmte. Ik heb er een paar heel hoog zitten, zeker waar je als je binnen stapt meteen het idee hebt in een museum, veilinghuis of rommelwinkel te verkeren. Maar de mensen die daar wonen zijn vaak ook van de warmere soort en het praten over de al dan niet gedeelde passies een waar genoegen.

Je omringen met leuke of mooie (niet altijd waardevolle) stukken is ook een soort schil. Vervelen hoef je je niet en de kennis die je door research over het onderwerp dat je aanspreekt op doet bouwt ook mee aan je eigen kennis en ervaring. Kom daar maar eens om als je in een kaal huis verkeert en geen interesses hebt die op enigermate vergelijkbaar zijn met die lui waar ik het over heb. Zelf woon ik in een huis vol liefhebberijen.

Mijn mancave (speciaal gebouwd om alles wat ik leuk vind in onder te brengen) is mijn eigen miniatuurmuseum. Ik weet hier waar het over gaat, en waar het staat, bouwde een aardige bibliotheek op waarin al die interesses zijn terug te vinden, verzamel relevante foto’s en zo meer en geniet elke dag die me een evt. opperwezen geeft van wat ik zoal verzamel(de). Zoals dat hoort gecatologiseerd, gesorteerd en geregistreerd.

Nee, geen gerommel, gewoon goed doen. En dat leidt weer tot nog steeds voortdurende zoektochten in kringloopwinkels, op rommelmarkten of braderieen in het land of daar buiten. Een buitenlands bezoek is niet compleet als ik ook daar niet iets heb gescoord. Veel van mijn boeken over… kocht ik in Duitsland of Engeland waar de winkels op mijn interessegebied toch echt een stuk breder zijn ingericht qua aanbod. En dan heb ik dagen lang plezier met het lezen en bekijken van opnieuw (vaak) nieuwe informatie. Kortom, juist als het buiten frisser wordt en we op de bank zitten met iets lekkers, tel ik daar die lectuur bij op. Hobby’s zijn geweldig. Maar als je er niks mee hebt, ben je van harte welkom om even je commentaar neer te zetten. Maar als je wel gek bent op dit of dat….laat het zeker even weten. Warme woorden zijn dan jouw deel… (beelden: Prive-collectie)

Dia’s

Dia’s

Jaja lieve kijkbuiskindertjes en bloglezers, ooit had opa Meninggever geen digitale camera of smartphone om daarmee zijn plaatjes te schieten. Nee, dat ging allemaal met een camera waarin een filmpje zat. Naar gelang het type of de keuze van materiaal had je dan 24 of 36 opnamen beschikbaar en schoot je dus altijd selectief de onderwerpen die je van te voren had bedacht. Lukraak foto’s maken was er niet bij. De eerste camera’s waren een soort plastic doosjes met een lensje voorop, een cassette propte je in dat ding en met wat plastic of metalen schuifjes maakte je een foto, of zoals in mijn geval dia, en transporteerde dan de film naar het volgende potentiele plaatje. Film vol? Naar de fotozaak of centrale en hopen op goed resultaat.

In 1971 toen ik echt ging fotograferen deed ik dat op aanraden van een in die dagen goede vriend, op dia. Dan kon je later leuke voorstellingen houden in kleur en op een groot scherm geprojecteerd. Door de jaren heen maakte ik zo dik 15.000 beelden. Die heetten officieel dia-positief. Toen ik overstapte op digitale camera’s van de eerste soort, bleef de SLR van goede snit en met een scala aan lenzen voortaan in de bijbehorende aluminium koffer. In feite begon ik opnieuw met fotograferen. De latere smartphones verbreedden het aanbod van mogelijkheden.

Een nieuwe digitale SLR die ik ooit kocht inclusief nieuwe lenzen was toch vooral voor de luchtvaart bedoeld. Hoe dan ook, keurig gesorteerd in mijn op zolder staande archief bevinden zich al die dia’s. Toch zonde. Dus maar eens digitaliseren. Ik begon daar jaren her met verve mee en kwam tot ongeveer halverwege. Toen schakelde Windows van Win7 naar 10 en deed de scanner het niet meer. Dat was wel een tegenvaller. Maar ach, er zijn erger dingen. Maar het bleef jeuken. Onlangs kocht ik mij van o.a. de verkregen verjaardagsgelden een nieuwe scanner. Deze werkt op andere wijze en biedt me de kans om nog wat beelden uit die bakken vol platen en plaatjes tot eind jaren negentig te redden voor het nageslacht of gewoon mijzelf. Het vraagt tijd en discipline. Ik hoop oprecht dat die mij zijn gegeven. Want de eerste resultaten zijn bemoedigend…. Ik hoop af en toe ook hier wat te kunnen laten zien….Wens me maar sterkte… (Beelden: Archief)

Internetkopen…

Internetkopen…

We mochten niks van de vorige regering, want het virus, en dus was Nederland aardig op slot gedraaid. Oorzaak en gevolg intussen wel bekend.

Maar ja, wat moet je dan als je de dringende behoefte voelt om een paar miniatuur kunstwerken te kopen op gebied van jouw persoonlijke interesses. Ik kon niet even naar dat lekkere winkeltje in Aalsmeerderburg, niet op zoek bij specialisten, ik mocht niet naar Duitsland waar ze vaak aardige zaken voor me hebben en als het ging om leeswerk mochten we ook niet naar de welbekende boekhandels waar ik zo heerlijk kan neuzen voor die of die titels. Dus, leg je oor te luisteren en zoek het op basis van advies online. Nou dat was een leerschool. De zaken die ik wilde hebben, dit keer ging het om wat piepkleine maar erg fraaie vliegtuigmodellen, zocht ik het eerst op de website van die favoriete winkel in Aalsmeer.

Prachtige site, werkte snel en goed en al snel was mijn piepkleine ‘winkelwagentje’ gevuld. Toen kwam de truc. Bij betalen zag ik dat die lui voor verzenden meer dan 10 euro rekenden. Voor een afstand van net aan 16 km. Dat werd hem dus niet. Op naar iets anders. Ali Express. Veel van de verzendingen gratis, maar wat een waardeloze website met onvoorstelbaar vreemde prijzen. Je kunt er op afstuderen. Maar dat wilde ik natuurlijk niet. Wel mijn verlangde spullen. Volgende website, Bol.com. Nou daar kom je ook bedrogen uit, want die hebben dan weer net niet wat ik zocht. Net zo min als de trouwens aardig prijzige Amazon. Nee, van die warenhuizen-on-line moet ik het net zo min hebben als van de vroegere V&D of Hudson Bay. Dan maar op zoek naar de fabrikant van dat spul in Duitsland. En ja hoor, prima website, alles goed geregeld, gratis verzendkosten. Dus besteld, betaald en even wachten op de beloofde bevestiging van bestelling. Die kwam niet.

Nou ja, na een rappel van mijn kant een week later. Wederom geen echt antwoord, meer een melding dat het pakket bij de Duitse post lag. Track & Tracenummer en linkje er bij. Leek mooi. Maar daar bleef het bij. Drie weken lang bewoog er niets meer. Ik werd het zat. Weer een rappel, in mijn beste Duits. Waar blijven mijn spullen? De Duitse post liet niets van zich horen, de fabrikant ook niet. Tot, op de 22e februari. Er werd aangebeld, ik opende de voordeur, en daar stond het pakje. Bezorger intussen verdwenen. Wonderlijk. Blij natuurlijk, maand onderweg geweest. Nadat ik de spullen had uitgepakt, en in de bijpassende vitrine geplaatst kwamen de diverse berichtjes van de Duitse post. Het pakket was onderweg, een dag later, het is bezorgd en wij staken de informatievoorziening….. Van de fabrikant moet het antwoord nog steeds komen. Het kan verkeren. Maar dan de verrassing. Drie dagen later, nog een pakket. Zelfde afzender, idem qua inhoud. Zonder aankondiging. Gewoon een vervangende set, kennelijk vanuit de gedachte dat die eerste verloren was gegaan. Wie het weet mag het zeggen. Eerlijk als ik pleeg te zijn maar weer geschreven naar de afzender. Duur cadeautje… Dank daarvoor. Maar moet wellicht weer retour?? Voor mij is dat online kopen dus niet zo’n geweldige gedachte. Maar voor anderen vast wel. Wie ook het een of het ander meemaakte mag het zeggen. Ik ben benieuwd…… Hoe dan ook zijn de modellen prachtig. En daar ging het me om…. (beelden: Yellowbird)

58 jaar passies….

Juist in deze periode van het jaar is het weer de ideale tijd om terug te kijken. Op een bewogen jaar vol nieuwigheden, ervaringen, en in mijn geval ook nieuwe aanwinsten voor het hobbymuseum. Wie veel verzamelt komt nog wel eens iets tegen en in dat geval viel het jaar 2018 niet tegen. Maar ooit, heel lang geleden, op de 20e december van een jaar dat ver weg in de geschiedenis ligt opgeborgen, startte ik officieel mijn hobbygedoetje. Als kind, maar wel al met een missie, een visie en de daarbij behorende doelstellingen. Alles wat ik daarna deed stond op een of andere manier in relatie tot mijn hobbybeleving. Vanuit de miniatuurwereld vertaling zoeken naar de echte wereld buiten en omgekeerd. Ik leerde door die hobby’s mensen kennen die nu nog behoren tot mijn oudste en trouwste vriendenkring en dat is best knap als je bedenkt dat er soms wel meer dan een halve eeuw aan jaren zit tussen de eerste kennismaking en het hier en nu.

Natuurlijk zijn de liefhebberijen iets veranderd van opzet en uitvoering. De dingen die ik in het verleden belangrijk vond, zoals het produceren van zoveel mogelijk zelf gebouwde schaalmodellen, zijn sterk op de achtergrond geraakt, terwijl andere zaken daarvoor in de plaats kwamen. Neemt niet weg dat als ik om me heen kijk in mijn creatieve ruimte, ik zie hoe mijn leven toch deels is verlopen. Keuzes die ik ooit maakte vertaalden zich in wat ik nu zie als de invulling van een deel van mijn levensvreugde. Want voor die liefhebberijen reisde ik tot en met dit jaar heel wat af. Ieder land of stad(je) heeft wel weer iets nieuws te bieden en het moet gek zijn wil ik tijdens de strooptochten niet iets tegenkomen dat ik in de eigen omgeving niet kan vinden. Ook bij de beroepskeuze zorgde mijn liefde voor alles wat vliegt en rijdt voor carrièrestappen die een ander niet zo snel zou hebben genomen. Soms was die keuze minder gelukkig dan op andere momenten, maar geleerd heb ik er veel van en dat helpt me tot op de dag van vandaag met zo’n beetje alles wat ik doe, adviseer of uitvoer.

Zelfs de naam van mijn enige tijd geleden gesloten adviesbureau had een verbinding met die liefhebberijen uit vroeger jaren. Als je ergens het fenomeen creativiteit leert kennen dan toch wel in de branches waar ik mijn brood verdien(de). En dat alles omdat ik heel lang geleden, op 20 december van dat bepaalde jaar, koos voor een officiële status bij dat wat ik daarvoor nog als ‘speeltje’ had gezien. In 2010 vierde ik het feit dat ik nu al 50 jaar lang bezig was met mijn luchtvaarthobby. Dit jaar al weer acht jaar verder. De rest is er later allemaal aan toegevoegd. De beschrijving van al dat verzamelde fraais deel ik nu in groepen op Facebook. Gewoon omdat daar nog meer gepassioneerden rondhobbelen. Of er nog meer te vieren valt laat ik even afhangen van het fysiek. Want een ding had ik indertijd niet voorzien, dat juist in het jubileumjaar soms een kinkje in de kabel zou kunnen zorgen voor wat onzekerheden. Daar dacht ik indertijd als jong kind niet over na. Er moest een ‘bedrijf’ worden geleid…….En jullie beste en lieve lezer(s)essen, zelf ook lang geleden een geapssioneerde visie gehad die je nu nog nastreeft en die je wel of niet datgene bracht waar je indertijd voor ging? (Afbeeldingen: Yellowbird collectie)

De V van Verzamelen (reprise)

Oh wat heb ik warme herinneringen aan tv-programma’s als ‘Showroom’, ‘Het Pakhuis’ of soortgelijke. Het waarom ligt hem in het feit dat ik als verzamelaar en liefhebber van wat ik steeds weer zie als leuk en (be)waardevol daarbij bevestiging vond van mijn gelijk. Het is leuk om er een serieuze hobby op na te houden en ‘later’ zou ik wel zien wat er dan met al dat spul zou gebeuren. De uitstalling van al dat verzamelde spul nam al snel een paar kamers in beslag en daar gingen we altijd vrij slim mee om. Later werd het vooral een kwestie van stapelen en was tussen de diverse kasten en vitrines doorlopen een tamelijk hachelijke onderneming. Maar ook huiskatten zijn een redelijk slechte toevoeging aan in kasten opgestelde modellen. En het begon ooit zo simpel. Een plank boven mijn (opklap)bed in het ouderlijk huis herbergde de eerste zelf gebouwde vliegtuigmodellen. In een aantal kastjes lagen mijn luchtvaartbladen en boeken.

Toen ik ging trouwen en verhuisde naar ons eigen piepkleine woninkje werd er voor de hobbyspullen ook een ruimte gebouwd, in een gangkast bovenaan de toen vrij steile  trap. Maar al snel woonden we ruimer en kregen de liefhebberijen meer ruimte. En begon de grote expansie. Een jaar of tien geleden, voorafgaand aan de verbouwingen in en aan ons huis die extra ruimte moest bieden, had ik de meeste zaken weer eens in de handen. Het was onvoorstelbaar veel. Alleen al het parkeren en opslaan van al die dozen vol mooie zaken bracht een hele logistieke operatie met zich mee. Toen de boel klaar was en de herinrichting begon van vooralsnog alleen mijn hobbymuseum bleek al snel dat het heel lastig zou zijn om alles weer terug te plaatsen. Het paste niet meer zo goed. Een jaar lang heb ik staan passen en meten. Velen om mij heen zuchtten dat het wellicht handiger was om wat zaken te verkopen, dingen weg te doen of me zelfs te specialiseren.

Klinkt leuk, maar wie eenmaal besmet is met een verzamelaarvirus kan dit dus niet. Als ik al zwakten heb zitten in mijn karakter, dan deze wel. We zijn nu een aantal jaren verder, en warempel, het past nog steeds. Veel van de uitgestalde waren zijn goed te bekijken. Het papieren archief heeft een plekje gekregen en zaken die ik niet kwijt kan keurig netjes opgeslagen. Vol is vol, dat is zeker, en ik heb al eens verhaald dat het hier voor enkele bezoekers claustrofobisch aandoet. Maar de ware liefhebber vindt het hier schitterend. En daar gaat het me om. Liever een huis vol hobbyspullen waaraan wij (vrouwlief heeft zo haar eigen verzamelingen) plezier beleven dan een vol geraniums waarachter we ons zouden moeten vervelen. Hoe kom ik nu (weer) op dit onderwerp?

Wel in Oost-Nederland is ooit door een Provinciaal bestuur ruim een miljoen Euro betaald om een collectie van een ‘alles-verzamelaar’ op leeftijd over te nemen die anders dreigde uit elkaar te vallen. De collectie is zo groot dat de man nauwelijks meer kon leven in zijn woonhuis en schuur. Er is dus nog hoop, ik kan gewoon doorgaan met verzamelen, de Provincie of de Gemeente ziet het wellicht straks allemaal als echt museaal en van lokaal of regionaal belang en is er toch nog hoop voor zoonlief. Die dreigde al dat na mijn onverhoopte verscheiden de hele boel in de ‘container’ zou worden gesmeten. Zou wel zonde zijn van al die potentiele waarde natuurlijk. Hoewel de jongere generatie gemakkelijker met geld smijt dan de oudere….Maar een miljoen Euro? Gelukkig is alles hier wel gecatalogiseerd. Dat had die man in het oosten des lands niet gedaan. Ik maak het mijn opvolger(s) ook veel te gemakkelijk en voor de goede orde, het is lang niet zoveel waard!

Mannengrot…

man-cave-kal_toycollection6Veel vrouwen zijn volgens mij van mening dat 99% van de mannen afkomstig is van Mars en zij zelf van Venus. Mannen zijn vaak grof, snappen niets van emoties, willen maar een ding als het er op aan komt en dat is zeer zeker niet de vuilniszakken buiten zetten. Mannen zelf zien hun leven pas echt ingevuld als ze in huis of daar in de buurt een ruimte hebben waar ze zich kunnen  terug trekken. Nooit veel verder gekomen dan de oermens die in zijn grot levend allerlei handige of wellicht zelfs nutteloze zaken binnensleepte en bewaarde. Mannen met interesses in nog iets anders dan het huishouden, klussen, kinderen of de mooiste aller scheppingen, de vrouwen in ons leven, vullen die ruimten op met alles wat ze leuk of interessant(er) vinden. De een doet dat met zijn motorfiets(en), de ander met in blisters verpakte dames op schaal, stripboeken, tv-schermen om alle sportwedstrijden te volgen, er zijn mensen met museale verzamelingen schaalmodellen, treinenbanen, of wat ook.

50s-diner-man-cave1Leuk om in te vertoeven, liefst met vrienden voor het ‘Amstelbier-gevoel’. Niks voor vrouwen. Die vinden dat vaak kinderachtig. Wat die mannen dan weer niet begrijpen en daarop reageren met nog meer terugtrekkende bewegingen. In feite zouden veel mannen wel twee huizen willen bezitten. Een voor het gezin, waar ze dan zeker een keer het vlees komen snijden per week, en die eigen omgeving waar niets hoeft, veel mag en geen kritiek bestaat op het eigen gedrag. Die zgn. ‘Man-Caves’ zijn een internationaal fenomeen. Ik lijd er zelf ook aan hoor. Geen nood, de laatste die dat niet zal toegeven. Omgeven door de dingen die van belang zijn geniet ik van vroeger en nu, en ook de toekomst. Ik schrijf er o.a. deze blogs en ben dan ook extra gestimuleerd door wat ik zie of wat voor het grijpen ligt.

man-caveLukt je echt niet als je in de huiskamer het gesprek gaande moet houden of naar tv-programma’s moet kijken die je feitelijk niet echt interesseren. Vrouwen hebben veelal heel andere interesses. Niet bevooroordelend bedoeld hoor. Maar het is niet anders. Onlangs was ik weer eens op bezoek bij iemand die zo’n enorme ‘Man-Cave’ helemaal voor zichzelf had. Vol met een museum waar hij alles over wist, wat andere collecties (tot op het toilet hing het vol met vitrines en schaalmodellen). Zijn vrouw kwam er naar zijn zeggen twee keer per jaar langs. Als de caravan er werd gestald en als dat ding er begin van het zomerseizoen weer uit werd gehaald. Zijn passies deelde ze niet. Ook dat is een typische vrouwelijk trekje. Geen interesse tonen voor wat manlief zoal uitspookt. Daarbij drinken ze zelden bier en kunnen ook geen echt grote verhalen opdissen. Daarin zijn wij mannen uniek. Vandaar dat we ons zo graag onder vrienden terugtrekken. Proost mannen! En als je nog geen mannengrot bezit, wacht niet te lang er een te bouwen of in te richten. Echt waar, het redt je relatie. Mits je op tijd ook die vuilniszakken buiten zit of de hond even een rondje laat maken. Dan is alles top op Venus en kun jij snel afreizen naar Mars!

Zomerse spottersgeneugten…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Onlangs trakteerde ik mijzelf weer eens op een paar dagjes met genoegens die van doen hebben met de vliegende vrienden die de verschillende Nederlandse vliegvelden frequenteren. Ik was weer even hobbyist, in het jargon, spotter! En dat beviel goed mensen! Bij mooi weer en druk verkeer is het voor mij een soort genot om me in die sferen te bewegen. Veel te lang niet gedaan. ‘Moeten we meer doen’ het voornemen. Al laat de soms drukke agenda dat toch minder toe dan ik wel eens zou willen. Daarbij zijn de plekken waar je nog echt lekker kunt spotten beperkt geworden. De veiligheid en het terrorisme maken dat luchthavens hun gebieden afschermen voor al te opdringerige lieden met camera’s en notitieboekjes. Je moet van goeden huize komen om dwars door parkeerverboden en andere beperkingen heen te dringen om zo je hobby te kunnen beoefenen.

Leo Foto (3)En dat maakt mijn plezier in de achterliggende jaren toch een stuk minder groot. Ooit, in een grijs en ver weg gelegen verleden, begon ik met deze liefhebberij door op de fiets vanuit mijn woonhuis of school naar het toenmalige Schiphol te fietsen en daar dan over de heg te kijken naar die startende en landende vliegtuigen. Dat werd later weer wat anders. Zomer en winter, warm of koud, altijd een paar uurtjes per week zitten op een van de toenmalige terrassen met een bakkie warme chocolademelk en dan maar kijken naar al die vertrekkende en aankomende vliegtuigen. De meeste daarvan nog voorzien van zuigermotoren en propellers. De eerste jets maakten het de oren in die tijd best wel eens lastig. Want die kisten van toen waren nog niet van de milieuvriendelijke soort. Met de brommer later ook wel eens naar de andere vliegvelden die vanuit Amsterdam binnen redelijke tijd bereikbaar waren. Hilversum, Soesterberg, Rotterdam-Zestienhoven. Zag je weer eens iets anders dan het standaardwerk. Wist ik veel in die tijd.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Later voegde ik heel wat trips naar het buitenland toe aan mijn zoekprogramma. Begon te fotograferen, later dia’s te maken, zelfs te filmen. Het is materiaal waar men later wellicht nog eens met belangstelling naar zal willen kijken. Sinds begin deze eeuw werd het minder allemaal. Te druk, te weinig zin, te veel beperkingen. Hooguit twee, drie keer in het jaar nog maar. Met de auto. De nodige catering aan boord, mijn apparatuur, de luchtvaartradio aan, en dan maar genieten. Maar in de zomer toch wat meer dan in de wintertijd. De ontberingen zijn me vreemd geworden. Watjesgedrag…. Als ik terug reken beoefen ik deze hobby nu iets van een 54-55 jaar. Best lang eigenlijk. En na de recente plezierige ervaringen wil ik er nog niet aan  om er mee te stoppen. Het intrigeert me nog steeds, het interesseert me ook, motiveert me, en ik haal er inspiratie uit. Kortom het is net zoals anderen zullen voelen bij bezoeken aan voetbalwedstrijden of musea. Die laatste categorie doe ik er uiteraard ook even bij. En als er dan een uitspringt die ook aandacht heeft voor de luchtvaart kan mijn dag niet meer stuk. Binnenkort weer naar het Amsterdam-Museum, i.v.m. expositie ‘100 jaar Schiphol’. Waarvan ik qua geschiedenis meer dan de helft zelf heb meegemaakt. Een echte oude kn..uh spotter…..

 

 

80-plus jaar Dakota

21243 MDC DC-3 Nor Fly  65371 FRA 0879Scan10712Het komt maar weinig voor dat je tijdens jouw eigen leven roerende objecten ziet of ervaart die ouder zijn dan jij zelf en die nog steeds intensief worden gekoesterd of gebruikt. Lezers die niets ophebben met techniek moeten nu maar afhaken, want juist hierover gaat het. Vorig jaar werd het 80-jarige bestaan gevierd van een van de meest beroemde vliegtuigtypen ooit, de Dakota. Officieel heette dat vliegtuig ooit de Douglas Commercial number three en werd het gebouwd om de toenmalige luchtvaartbedrijven in de Verenigde Staten te helpen aan een vliegtuig dat passagiers van de ene naar de andere kant van het land zou kunnen transporteren in stoelen die ook als bedden te gebruiken waren. Douglas gaf ze om die reden een naam mee die ons nu minder zegt; Douglas Sleeper Transport (DST). De slimme Amerikaanse fabrikant had met haar DC-2 bewezen dat metalen vliegtuigen veel beter bestand bleken tegen intensief gebruik dan alles wat er tot dan toe rondvloog en was gebouwd van allerlei andere materialen. 0-49789_VC-47_09091968_1280Zo werkte Fokker nog steeds met metalen frames, hout en linnen. De DC-2 maakte de luchtvaart veel volwassener dan ooit voorheen gedacht, maar de DC-3 deed daar meer dan een schepje bovenop.

Al snel waren er flink wat orders binnen van de civiele bedrijven die wel iets zagen in de oersterke en indertijd uiterst moderne DC-3. Maar ook de Amerikaanse defensiestaf zag genoeg potentie in de DC-3 en bestelde een aangepaste versie die als C-47 werd ingelijfd. Daarbij werd de toegangsdeur van rechts achter naar linksachter verplaatst en kregen de machines een sterkere laadvloer en o.a. een grote vrachtdeur die handig was bij het laden en lossen. Na het uitbreken van de tweede wereldoorlog en het betrokken raken van de Amerikanen daarbij werd de C-47, intussen aangeduid door de strijdkrachten als ‘Gooney Bird’, in grote aantallen geleverd. Duizenden van deze vliegtuigen werden tijdens de oorlog ingezet en er gingen ook hele series naar Engeland en Rusland, toen medestrijders tegen de zgn. Asmogendheden. DC-3 KLM 4823303055_c8fba9ecb2_mOpmerkelijk is dat de machine door de Engelsen pas zijn enige echte en bij ons bekende naam kreeg; ‘Dakota’ en die draagt het toestel tot op de dag van vandaag nog steeds. In Rusland werd de machine al snel gekopieerd, uitgerust met Russische Shvetsov radiaalmotoren en aangepast aan de specifieke omstandigheden daar. Die kopie heette Lisunov Li-2 en ook daarvan zijn er nog een stuk of wat bewaard gebleven.

Ook Japan kopieerde de machine op basis van bij oorlogsbuit meegenomen C-47’s en ook de Duitsers hadden de beschikking over Dakota’s, al was het maar door de uit Nederland van de KLM geroofde exemplaren. In totaal werden er meer dan 11.000 Dakota’s gebouwd. Een deel daarvan kwam na de oorlog overal en nergens in gebruik als passagiers- of vrachtvliegtuig en tot op de dag van vandaag zijn er nog commerciële maatschappijen die deze unieke machines naar waarde weten te schatten. Opvolgers voor die DC-3 waren er genoeg, maar steeds bleek de Dakota zelfs die te overleven. Toch beginnen de aantallen vliegende Dakota’s wel snel af te nemen. De toestellen zijn antiek geworden, onderdelen raken op, net als de benzine waarmee de motoren worden gevoerd. DC-3 PH PBA Hybrid c.s.Die wordt door het hoge octaangehalte en de afnemende vraag steeds schaarser. De Nederlandse luchtvaart werd mede groot dankzij de Dakota en het is goed dat er nog een paar exemplaren bewaard zijn gebleven, waarmee soms nog wat wordt gevlogen ook. Wat het vliegen betreft; de Dakota is het enige vliegtuig dat mij persoonlijk ooit luchtvaartziek wist te krijgen, best een eer! Hoe twijfelachtig ook. Voor een deel zijn die Dakota’s ook verantwoordelijk geweest voor mijn liefde voor de luchtvaart. Als kind hoorde en zag ik die kisten overkomen op de plek waar ik woonde en dat beeld zette me aan tot mijn huidige verzamelwoede. En als je dan nagaat dat die machines toen al een jaar of 25 oud waren, wat toch best ‘stok’ is geeft het wel een beeld over hoe belangrijk dit vliegtuig is geweest en nog is voor de wereldluchtvaart. Eind vorig jaar een klein feestje dus, en ik persoonlijk vind dat die Dakota’s dat meer dan verdiend hebben. O wacht even, er komt er net een voorbij. Niet meer in de kleuren van KLM, want dat bedrijf gaf de sponsoring van de museumexemplaren van de DDA juist deze maand op! Eigenlijk een schande, maar goed. (foto’s: Yellowbird collectie)