Jeugdvermaak….

Het is weer zomers qua zon en temperaturen buiten en dan komen traditiegetrouw de onderzoekingen voorbij door afgestudeerde mensen die van alles en nog wat uitzoeken waarvan het nut soms wel maar ook vaak niet te bewijzen valt. Komkommertijd of zo. Onlangs was er weer zo’n onderzoek. De ‘jeugd’ zat te veel achter de computer en kwam te weinig buiten. En dat ‘was slecht voor de ontwikkeling van fysiek en herseninhoud’. Nu twijfel ik vaak aan dat laatste omdat pubers sowieso vaak gedrag vertonen dat leeghoofdigheid doet vermoeden. Maar dit terzijde. Wat zijn trouwens de uitkomsten van die onderzoeken na een x-aantal jaren? Er wordt zoveel in beweerd wat lastig te controleren valt. Immers, een aantal jaren geleden wees men weer naar andere oorzaken van verkeerde tijdsbesteding. Altijd was er wel een of andere reden te twijfelen aan goed opgroeien van die jeugd als men dit of dat zou blijven doen.

En is dat ook zo? In mijn jeugd waren de kerken sterk van organisatie en maakten zij de normen en waarden die ons allemaal in het gareel moesten houden. Handen boven de lakens, zowel jongens als meisjes moesten dat ondergaan, maar het waarom werd er niet bijverteld. Want zondig gedrag en o wee wat er dan met je kon gebeuren. Hersenverweking of een zwakke ruggengraat. Ik denk dat echt niemand later last had van zijn eigen experimenten. Integendeel. Zo ging dat ook met ons straatgedrag. Binnen zitten was er niet bij, buiten was het leven te vinden wat je moest leiden. Samen met je vrienden. Klooien, knokken, achter de meiden aan, op de brommer zinloos rondracen, roeien op groot water zonder dat je de zwemkunst beheerste en zo meer.

Wat waren we nog onder de indruk van zo’n uniform….andere tijden…!!

Toen we later groter werden kwam het werk, de studie, het meisje, de verkering, verloving en trouwen. Een carriere volgde vanzelf en alles wat daarmee van doen had. Wat tegenwoordig internet is was vroeger voor ons de jeugdfilm. In de bioscoop. Vecht- en oorlogsfilms! De pastoor had er van gerild. Maar wij deden wel inspiratie op. Later naar films voor 18 jaar en ouder. Avontuurlijk als je er in kon met je 16e. Gewoon goed aankleden en stoer kijken. Lukte vaak. En dan zag je dingen die volwassenen als bijzonder of spannend omschreven. Ongecontroleerd, en weinig nadenken over je latere opgroeiperiode. In de tussenliggende generaties was er wel weer iets anders wat ‘ons’ als jeugdigen zou kunnen beinvloeden. Maar het kwam altijd goed. Nu waren wij nog wel opgevoed met ontzag voor ouders, politie, leraren, kerkdienaren en zo meer. We spraken nog beleefd tegen ouderen, en liepen er zelfs door de week bij alsof we elk moment naar de kerk moesten. Normen en waarden waren er aardig ingeprent.

Dat is tegenwoordig wel anders, maar of dat nu ligt aan gebruik van smartphones of het spelen van games waag ik te betwijfelen. Er zijn kennelijk wel generaties opgegroeid zonder enige opvoeding die ook maar in de verste verte leek op wat wij  nog hadden meegemaakt. Men heeft maling aan gezag, de politie (maar ook abulancemedewerkers en brandweer) mogen worden aangevallen, ouders zijn geldkoeien, de echte kerken tellen niet meer mee en de selfiecultuur is ingeburgerd geraakt. Aan dat laatste zal ik nooit wennen. Van de 6.500 foto’s die ik alleen al met mijn iPhone heb gemaakt in een jaar tijd zijn er twee van mij zelf. Althans met mij als zelf verkozen onderwerp er op. Dat is omgekeerd evenredig aan wat de meeste jeugdigen tegenwoordig doen. Je zelf centraal stellen is nieuwe norm geworden en daaruit komt ook het verlangen naar respect krijgen. Terecht of niet. Maar dat is een ander onderwerp en wellicht opnieuw een onderzoek waardig. Ik ben wel benieuwd hoe mijn lezers hier en op de sociale media aankijken tegen het geschetste beeld. En houdt je niet in hoor…..

Aanslag…

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Ooit, lang geleden, ik zat nog op school, leerde ik tikken op een schrijfmachine. Voor hen die geen idee hebben over wat voor ding ik het heb, de schrijfmachine was min of meer het technische hoogstandje van de jaren 50-90. Een soort computer zonder verbindingen maar wel met een mechanisch systeem om letters op papier te tikken door middel van toetsen. De oudere exemplaren hadden nog geen elektrische bekrachtiging dus je werd geacht aardig te hameren op die dingen om het papier te vullen met alles wat je er op moest of wilde zetten. Dat leren tikken hield in dat je met gelijke kracht met tien vingers deze machines bediende. Logisch, er zat vaak een enkel velletje papier in dat werd opgerold richting de plek waar de letters een voor een hun afdrukjes achterlieten. Toen ik later met al die bij een typecursus opgedane theoretische kennis in de praktijk aan de (aan)slag ging op kantoor en bij de eerste mediale uitgaven die ik toen het levenslicht liet zien, bleek al snel dat ik een ‘stevige aanslag’ bezat. Ik ramde die hamertjes echt tegen het papier, en dat ook nog eens met een grote snelheid. Noem het talent of zo, maar het was vaak niet goed voor de documenten die ik bewerkte.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Daartoe behoorden ook zgn. stencilvellen. Dat waren technische manieren om om goedkope wijze bladen of documenten te verveelvoudigen. Bandaline, Gestettner, noem maar een paar namen. Dat moedervel moest echt met de nodige voorzichtigheid behandeld worden. Dan haalde je het ‘schutvel’ er af en werd het flinterdunne moederblad op die stencilmachine geklemd en rond gedraaid. Net ongeveer als een fotokopieermachine van later dat kon. Maar dan allemaal mechanisch. Tikte je echter te hard sloeg je bijvoorbeeld het hart uit een letter o of bij het cijfer 0, kreeg je zwarte vlekjes bij de afdrukken op juist die plekken. Zag er niet uit. Nee, dan moest je niet zo hameren. Ging al snel beter toen de elektrische schrijfmachines verschenen. Van IBM, Hermes etc. Die filterden de aanslag wat en zo kon je dan zelfs als hameraar nog redelijk uitziende publicaties verzorgen. Op Schiphol werkte ik met zgn. Airwaybill’s. Dat waren dcocumenten die je nodig had om lading per vliegtuig van A naar B te vervoeren. Maar die dingen moesten in 20-voud of zo worden doorgedrukt. Het origineel was voor je eigen dossier, de rest moest overal leesbaar zijn. U snapt het al!

wp_000961De aanslag die ik had was net goed. Rammen maar. En als je een vliegtuig vol gecharterd had werd er heel wat raak getimmerd in erg korte tijd. Liefst foutloos!  Die vliegtuigen wachtten niet dus het moest snel en leesbaar. Ik kreeg er een aanslag door die ik nu nog heb. Toetsenborden van computers en laptops hebben het lastig bij mij. Ik zie vaak de letters ook op die bordjes wegslijten. QWERTY staat gelukkig altijd op dezelfde plekken dus ik weet waar veel letters te vinden zijn, maar toch. Subtiliteit is qua eigen tikstijl niet terug te vinden. Hoezeer ik mijn best doe. En die tien-vinger-aanslag? Ook niks! Ik tik met vier vingers en mijn duimen voor de spatiebalk. Snel als een hinde, maar qua tikaanslag zelf net een neusdier of stevige olifant. Ondanks alle vermaningen van mensen om me heen die me steeds weer wijzen op het feit dat ik die machines stuk tik zo. Ik kan niet anders. Gelukkig tik ik de letters niet stuk. Geen gaatjes meer in de o’s en 0-llen. Goed geleerd is slecht achterhaald op dit punt. Sorry mensen. O…maar u merkt het helemaal niet? Goed zo. En hoe tik je zelf dan? Net als ik of toch een slagje rustiger??? Ben benieuwd….naar jouw aanslag….

Smartphone….

Leo - schaduw voor Kruidvat Weesp WP_004695Het is niet eens zo heel lang geleden dat ik niets moest hebben van het idee om met een smartphone aan de gang te moeten. Laten we toch gewoon zo´n mobiel ding benutten waar het voor bedoeld is, zo was mijn devies. En dat leek mij vooral bellen, of het toen nog gebruikelijke sms-sen… Tot zoonlief me voorzag van mijn eerste smartphone. Een Nokia Windows Phone met een erg aardige Carl Zeiss lens voor het maken van zeer fraaie foto´s. Je kon er alles mee wat ook op een computer of laptop mogelijk was, al was het schermpje dan een stuk kleiner. Binnen de kortste keren kon ik mee lezen en schrijven. En dat laatste deed ik, Facebook, Twitter, blogs, alles kon interactief en via de compacte zakcomputer. Ik was ´om´. Het viel vrouwlief al op dat ik heel wat meer tijd met dat ding in mijn handen zat dan met een boek…. In september vorig jaar ging het mis. Door domme pech viel de Finse zakgenoot op de grond en brak zijn scherm. Maken kan, natuurlijk, maar bleek duur. Gelukkig had zoonlief een nieuwe voor me liggen, nou ja, een half jaartje gebruikt en dus kon ik snel vrij snel schakelen.

Utrecht - Selfie in museum Speeldoos WP_004642Weer wat sneller, flink groter en met een 20MP camera. Het bleek een groot genoegen met het ding onderweg te zijn. Nam ik voorheen de laptop mee op tripjes of zakelijke afspraken, nee, hoeft niet meer. Kan in de Smartphone alles net zo goed en snel en de foto´s zijn beter dan die gemaakt met mijn compacte micro/Japanner. Kortom ik ben een adept. Net als ongeveer ieder ander die ik onderweg tegen kom. We zijn er maar druk mee. Social media, selfies, filmpjes op YouTube. Zelfs mijn afspraken staan er in en worden uren voor de afspraak keurig gemeld. Je moet wel slordig zijn wil je dan een afspraak vergeten. Onlangs las ik een leuk onderzoekje onder zakenreizigers. Men wilde weten hoe veel waarde men hechtte aan bepaalde zaken die een mensenleven tot genoegelijk kunnen maken.

WP_000246Een van de vragen was…´Wat zou u opofferen voor een goed glas wijn..´. Het antwoord was echt opvallend. 23% van de ondervraagde zakenreizigers wilde daar wel een week lang de sociale media voor laten, er waren er ook heel wat die vonden dat ze wel een week zonder (vermoedelijk kwalitatief matige) seks konden als ze dat glas wijn maar mochten opdrinken en op 1 met stip, stond dat 29% van de ondervraagde wel een dagje zonder smartphone zouden kunnen voor dat glas. Kijk eens naar de waardebepaling van die drie zaken. Een week seks, of een dag smartphone…. Er gaat toch iets mis met ons mensen. Volgend jaar het volgende onderzoek. Zouden we dan twee weken seks en een uurtje zonder smartphone invullen…ik vraag het me oprecht af….

Digitale verkeersdrempels

005Sinds de wereld digitaliseerde zit ik op de eerste rij. Van een eigen PC in 1983 tot en met nu doe ik zoveel mogelijk met de computer en was ik een van de eersten die de aloude schrijfmachine aan de kant mikte. Niet dat ik alles perfect doe hoor, soms wil ik iets wat geen enkel softwarepakket aan kan, maar ik heb ook ontdekt dat sommige programmatuur niet door of voor mensen geschreven kan zijn. Daar werkt het spul te stom voor. Ook snap ik vaak niet dat een aanbieder werkt met een soort ‘twee-werelden-politiek’ waarbij ze volgens eigen zeggen druk doende zijn alles leuker en sneller te maken voor hun klanten, maar aan de andere kant vasthouden aan analoge klantvriendelijkheid anno jaren tachtig. De overheid is er zo een. Aan de ene kant vragen van iedereen om digitaal aangiften te doen, maar in geval van aanslag of terugbetaling alles per brief op schrift aanbieden. Soms wel vier brieven over hetzelfde onderwerp.

Tussentijdse wijzigingen kunnen flink kostenverhogend werken....Terwijl ik mij dus door die brij van voor me liggende digitale snel- en zijwegen worstel gaat er nog wel eens iets mis. Zoals onlangs. Drie keer op een dag. Je zou bijna denken dat het dan aan jou ligt. Maar dat was oprecht gesproken niet zo. De eerste was een aanbieder waar ik iets wilde bestellen. Ik maakte een account aan, gaf de beschikbare bankgegevens in, bestelde wat ik wilde en kwam niet verder dan dat mijn ‘karretje’ gevuld was met die items. Geen millimeter verder. Wat ik ook deed. Nu bestel ik wel meer zaken op het www en dat gaat al jaren probleemloos, maar in dit geval…geen beweging. De helpdesk, toch handig als je problemen hebt, bleek niet bereikbaar tussen Kerst en Nieuwjaar. Opmerkelijk! Gelukkig bleek een noodverband, gelegd door een lieve vriendin, afdoende om alsnog bij de bestelling te komen, maar van vlotte verwerking was geen sprake. De tweede op die dag was mijn bankier.

Soms valt de rekening mee, soms tegen.....Normaal vlot met het doen van mijn betalingen en ook met het verstrekken van digitale afschriften, bleek dat ineens veranderd. Per 1/1/15 geen afschriften meer zoals ik ze wenste, nee in voor de belastingdienst en accountant geschikte bestanden. Leuk, maar onleesbaar voor mij! Dus een klacht verstuurd. Digitaal. Antwoord (uit de computer), uw klacht is verwerkt, over twee werkdagen krijgt u antwoord. De stoom kwam lichtjes uit de oren. Dat werd nog leuker toen ik mijn Btw-aangifte wilde doen. De overheid, hun website, dat het me lukte om het voor mekaar te krijgen (ik doe al vier jaar digitaal aangifte, nooit een echt probleem gehad, maar deze keer wel…)had vooral met mijn ‘geduld’ te maken. Dat god zelf nog niet uit de hemel kwam om mij te helpen (of te berispen) is het eerste wonder van 2015. Kortom, ik begon het jaar vol ontspannen plezier. En blijf geloven in dit digitale wereld. Jammer dat er mensen werken achter de schermen…anders was het wellicht perfect