Je zult maar je leven lang actief zijn geweest in branches en beroepsmatige werelden waarbij vervoer en alles wat daarmee van doen had, de hoofdrol speelden. Dan is het lastig luisteren naar mensen die juist die branches en wereld aanduiden als hoofdschuldig aan de al dan niet dreigende ondergang van de Aarde. Of woorden dan wel stellingen van die strekking. En bij dat met het bekende vingertje wijzen worden nog wel eens feiten en cijfers genoemd die nergens over gaan. Zo is elke smeltende ijsberg de schuld van de gemiddelde leaserijder in zijn Volvo-diesel volgens het bekende Groenlinkse of Pechtoldistische jargon, terwijl in de praktijk van alle dag oorzaken en gevolg een wat andere samenstelling kennen. Niet het verkeer of het vervoer zijn de grootste boosdoeners als er al sprake is van onverantwoord uitstotelijk gedrag, maar wij allemaal als gewone burgers. Onze uitstoot aan stikstoffen, fijnstof en CO2 zijn opgeteld wel vijf keer zo groot als we niet rijden dan wanneer we dat wel doen. Domweg omdat we onze huizen en bedrijven voorzien van verwarming en elektriciteit en ook doordat we dagelijks van alles en nog wat consumeren en daarmee bijdragen aan een stevige extra vervuiling van dat zelfde milieu. Valt niet tegen op te fietsen!
Nog steeds bestaat ook de illusie dat als je nu maar elektrisch zou rijden of het OV extra zou benutten dat je dan een bijdrage levert aan een schoon milieu. Nou dat valt nogal tegen. Een (eerlijk)automerk als Toyota berekende ooit dat het opwekken van elektriciteit t.b.v. een van haar hybride-modellen een even zware belasting oplevert als het rijden in een gemiddelde benzineauto. Niks schoner milieu, alleen stoot je in directe zin minder troep uit. Opvallend is overigens wel dat in alle sectoren van de uitstoot volgens recente cijfers tussen het jaar 1990 en 2014 aanzienlijke waardenminderingen zijn bereikt. Het milieudenken heeft dus wel degelijk veel opgeleverd, maar het kan natuurlijk altijd minder en nog beter. In ons land lopen we op dit punt voorop. Nu is het niet zo dat we hier in ons kleine landje aan de zee in een glazen bubbel leven. Stoten wij minder uit en de buren meer, merken we dat ook bij ons.
Veel vervuiling komt vanuit het (verre) buitenland ook bij ons voorbij. Denk maar eens aan de gevolgen van de kernramp in Tsjernobyl in de jaren tachtig. De straling als gevolg van dat gedoe was binnen een dag of vijf, zes ook bij ons meetbaar. Fukushima vervuilde de Stille Oceaan zodanig dat men aan de andere kant van die enorme zee, een paar maanden later verhoogde stralingsniveau’s kon meten. Niet zorgwekkend, maar toch! Hoe dan ook, Nederland is op de goede weg en moet zich dus niet zo laten ringeloren door een paar geitenwolensokkentypes met een aangeboren haat tegen alles wat modern en vooral gemotoriseerd is. Het alternatief is domweg dat we niet meer consumeren, nooit meer reizen, geen auto meer rijden, de mode al dan niet meer volgen, geen mobiele telefoons meer benutten, geen tv meer gebruiken, geen radio, en ook dat we gaan leven van het land. Het eigen land wel te verstaan. Niets meer im- of exporteren. Ook geen make-up meer, geen kappers, geen tandpasta, geen parfums, nee, niks. Op weg naar de grof met de hand geweven kostuums en jurken en de wollen ondergoedjes. En de CV gaat definitief uit. Leuk vooruitzicht? Nee! Nou ja, wel voor die freaks. Dus is mijn advies; stem nooit op een partij die dat allemaal op de agenda zet. Voor je het weet zit je ineens in een berenvel ergens op de Veluwe je potje konijnenpootjes te koken. Voorzichtigheid is geboden.

In onze wijk zijn een paar jaar geleden van die ondergrondse vuilcontainers geplaatst. Beetje graafwerk en hup. Nieuw systeem, werkt prima. Maar ik ontdekte onlangs ook dat de bewoners ergens na de jaarwisseling hun oude kerstbomen van de ‘afvallende naaldensoort’ keurig naast die containers plaatsen. Niet de bedoeling, maar toch. Overigens worden die containers vaak ook oneigenlijk gebruikt. Een van de aannemertjes uit onze buurt wil nog wel eens een halve aanhanger spullen in dat ding dumpen, kennelijk om zich een ritje grofvuil-stortplaats te besparen of zo. Hoe dan ook, die kerstbomen deden me ineens terugdenken aan een heel andere tijd. Dik vijftig jaar geleden. In de huizen uit mijn jeugd stonden ook bomen. Niet van die Nordmannen of andere dure soorten, maar gewoon kerstbomen. Die dingen stonden er van pakweg een week voor de kerst tot een dag of tien later. Mooi opgemaakt met engelenhaar en ballen. Maar omdat we vrijwel allemaal met kolen stookten (olie en gas moesten nog worden uitgevonden..) werden die bomen kurkdroog en lieten al snel hun prikkende naalden vallen. Reden om ze direct na de kerst de deur uit te mikken. Die enkele uitzondering daar gelaten. En daar op straat was een cultureel evenement aan de gang dat je tegenwoordig niet meer zo ziet.
De zgn. kerstbomenjacht. Jongelui, ik ook, stroopten de straten af voor de afgedankte bomen, verzamelden en bewaakten ze daarna. Want dat oude groen ging dienen als brandstof voor het oudejaarsvuur dat in veel van die buurten gewoon midden in de straat werd ontstoken om 12.00 middernacht tijdens de Oudejaarsviering. Spannende dagen, want je moest bijna militair denken rond die bomenjacht. Je werd benoemd door de grotere jongens als ‘jager’ of als ‘bewaker’. En dat was nodig ook, want in belendende straten en buurten deed men precies hetzelfde en wie de grootste berg bomen bezat had ook het grootste vuur. Er wilde nog wel eens een knokpartijtje uit voort komen. Gelukkig was het een fenomeen dat iedereen in onze straat aansprak, dus de jonge lieden die als automonteur of smid in de buurt actief waren wilden wel een handje bijsteken als het op vechten aan kwam. En dat maakte veel verschil.
Net als de pluimpjespistolen en geweren die we bij de bewaking van die bomen gebruikten. Dwong respect af. Als ik het nu terughaal voor dit blog denk ik wel eens, jeminee, wat een risico voor die verrekte bomen…. Maar een fenomeen was het en als ik nu wel eens kijk op Google of Wikipedia zie ik dat het ook in andere steden en dorpen in die jaren heel normaal was. Toen ik die straat verliet om elders te gaan wonen was ik ook niet meer op de hoogte van hoe men dat met de kerst allemaal regelde. In de nieuwe woonbuurt kwam het niet voor, daar woonden geen jongelieden die er mee bezig waren. Ik hoorde het nog wel eens van mijn ouders. Die woonden in die periode na een verhuizing juist op dat punt in die straat waar wij vroeger de vuren stookten. En dat maakte soms nerveus, zo’n groot vuur voor de deur. Intussen is het ondenkbaar geworden. Overal staan auto’s en scooters, de huizen zijn allemaal gekocht door mensen met een andere mentaliteit of afkomst. Nee, geen bomen meer en al helemaal geen vuren. Men zet ze gewoon bij de vuilcontainer. En niemand die er naar omkijkt. Er is veel veranderd in de loop van al die jaren….
Het beperkte zich toch wat tot praktische zaken met Sinterklaas en iets bijzonders tijdens mijn verjaardag. Veel van mijn eerste Dinky Toys stammen uit die periode. Eens per jaar mocht het iets kosten en ik kan me die blijdschap nog goed herinneren als er weer een doosje gevuld met zo’n Brits model door mijn ouders voor me werd neergezet. De meeste er van bezit ik nog. Maar ook boeken over mijn luchtvaartpassie of een schaalmodel dat je zelf moest bouwen wilde in de loop van de jaren nog wel eens voorbij komen. De rest van het jaar was het vaak niet zo vrolijk allemaal, je koesterde wat je kreeg en poetste soms de lak zowat van de modellen of las de boeken letterlijk stuk. Wat is dat toch veranderd. De verjaardag is nu meer een statistisch gegeven. Weer een jaar ouder, de geest blijft qua leeftijd een heel stuk achter bij het gegroefde spiegelbeeld.
Soms schrik ik van dat laatste, vindt mensen met wie ik qua generatie opgroeide en nog mee maak of weer eens ontmoet, ‘ouder geworden’ en blijf dat beeld voor mijzelf aardig confronterend vinden. Daarbij komt die leeftijd soms met gebreken. Schrikbarende zaken soms. Dingen die angstig kunnen maken ook al vallen ze dan uiteindelijk weer mee als je er de huisarts mee lastig hebt gevallen. Maar toch…. De tijd van de glanzende huid, de onuitputtelijkheid, de eindeloze weg naar de toekomst, het valt allemaal wat weg en je koestert nu maar dat je er nog mag zijn en zo kunt genieten van zaken als geluk, gezondheid en liefde.
Wat ik me uiteraard wel afvraag is of de kinderen van nu nog steeds zo zouden genieten van hun presentjes als ik dat indertijd deed. Als ik zie wat er aan cadeau’s wordt gegeven tijdens de officiele feestdagen en dan optel wat verjaardagen brengen, maar ook hoe kinderen soms worden verwend door het jaar heen, vraag ik me echt af wat die generatie van nu echt zal bewaren voor de toekomst. Wie weet is dat ook wel goed want dan mis je ook het nostalgische van die verjaardagen die je naast een hoop plezier ook terug doen kijken naar een periode die toch niet altijd even leuk was. Ook al willen we dat ‘vroeger’ nog wel eens overdreven oppoetsen. Net als die modellen die ik in die periode kreeg. Of die boeken. Die mij ook vormden tot de persoon die ik nu ben. Nog steeds. Van harte proficiat spiegelbeeld, ben jij echt net zo oud als ik???
Mensen onderscheiden zich van de gemiddelde hond, aap, kat of mier door een paar extra vermogens die maken dat wij ons zelf als superieure wezens in de ‘schepping’ of evolutie beschouwen. Zo denken wij (in veel gevallen) na over wat we doen, maken muziek, bouwen hele steden of landen, voeren oorlogen en zijn in veel gevallen tevreden met slechts een enkele partner. Maar wat ons ook onderscheidt van de dieren om ons heen, wij kunnen lopen. Op twee benen wel te verstaan. Een kind wordt al beoordeeld op het vermogen zo snel mogelijk op die twee pootjes te kunnen rond hobbelen en als het wat groter en halfvolwassen is op denkbeeldige exemplaren zelfstandig het leven in te gaan. Dat lopen lijkt dus vanzelfsprekend maar is het bepaald niet. Om te zien hoe bijzonder dat vermogen is moet je eens op een terrasje gaan zitten kijken naar wat er zoal voorbijloopt. En dan vooral naar het hoe!
Elk mens heeft zijn eigen stijl. Je ziet schuifelaars, wijdbeners, x-beners, heupwiegers, mensen met een kromme rug, anderen met een rechte en de nodige zwaaiende armen. Er lopen er tussen met een vorm van chimpanseegedrag, armen wijd en een soort opvanghouding voor alles wat om hen heen beweegt. Mensen hobbelen, hinken, rennen of wat voor vorm van voortbeweging je ook maar wilt bedenken. Het is het gevolg van de evolutie. Want wij stammen allemaal af van een naakte aap of oermens die op handen en voeten liepen. We klommen in bomen, we deden allerlei zaken die we nu als primitief beschouwen. En de vrouwtjes showden met dat wat hun mannetjes kon aantrekken. De billen en later borsten, showen, pronken, dus aantrekken maar. Wie nu in het rond kijkt ziet dat gedrag nog steeds. De billen worden geaccentueerd door de vrouwtjesmensen die op zoek zijn naar erkenning, de borsten pront vooruit, de lipjes getuit. Kleding daarop aangepast.
Ik wens alle dierbaren, lezers, medebloggers, Facebookers, Twitteraars, vrienden, kennissen, (oud)collega’s, relaties en wie verder ook een heel fijn nieuw jaar 2017 toe. In goede gezondheid, geluk, vol plezier en humor. Moge het weer een wat beter jaar worden dan het voorgaande. Op naar de nieuwe kansen. Maar eerst….proost! Op het nieuwe jaar!
Ik weet nog goed dat ik net als alle andere keren in de afgelopen jaren aan het begin van een nieuw kalenderjaar begon met de hoop en de wens dat het eens een heel ander jaar zou worden. Een keer zonder ellende, terreur, oorlog, verdriet, armoede, onbetrouwbare politici, maar vooral met liefdevolle omgang tot elkaar, meer humanisme, sociale uitingen en daden, enz. enz. Op dat punt stelde ook 2016 weer teleur. De idioten en terroristen van hoog tot laag verenigden zich weer met de dictatoren qua dadendrang. De echte armen werden weer armer en de rijken een flink eind rijker. De politieke stromingen die ons land al rijk was kregen ter linker en rechter zijde steeds meer gezelschap van lieden die menen dat het altijd nog een tandje erger kan in retoriek of populisme. Het realisme mankeert meestal, Nederland is een aardig land, maar de rekeningen moeten voor de meeste inwoners gewoon betaalbaar blijven. Leven op de ‘lat’ is niet van deze tijd, maar een asociaal beleid dat omwille van de staatsbalans vooral de armen treft is natuurlijk ook niet meer te verkopoen. De afkeer van de politiek zette zich in brede kring van de samenleving door. Horen, zien en verzwijgen doet nog steeds opgeld in bepaalde ‘politiek correcte kring’ maar de uitslagen van verkiezingen in de hele wereld laten zien dat ‘het volk’ zoekt naar daadkracht en oplossingen voor soms compleet uit de hand lopende maatschappelijke problemen. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Op blogniveau was 2016 een relatief rustig jaar. Ik zelf sloot een paar specialistische bloglijntjes af. Vond mijn heil in Facebookgroepen met dezelfde insteek. Alleen de horecaverslagenblog bleef nog meelopen tot eind dit oude jaar. Hierna is het over en uit en gaat de stekker ook daar uit. Voor dat soort verslagen bent u wellicht nu al gewend geraakt dat ik die hier af en toe voor u neer zet. Persoonlijk en zakelijk zette ik een punt achter mijn eigen bedrijf, ging officieel een beetje met pensioen, ik deed er al eerder verslag van. Na 54 jaar werken mocht het wel vond ik zelf. 2016 was wat dat betreft een bewogen jaar. En een ding voorspel ik u; het wordt in 2017 niet veel anders. Net zo min als het ineens anders was in 1957, 67,77, 87, 97 of 07. Geniet dus maar van de oliebollen, hapjes en drankjes en doe voorzichtig met vuurwerk. Voor 2017 wens ik u allen veel geluk en een doorlopende goede gezondheid. Want zonder dat wordt het uberhaupt niet veel in het nieuwe jaar. Tot volgend jaar! En dat is morgen al!
Het waren zalige kerstdagen. Samen met haar, ze heette Gina, had hij met een paar takken en wat kleine lampjes de boel nog wat opgefleurd in zijn flatje. Daarna was ze thuis nog wat spullen gaan halen en terug gekomen om niet meer te vertrekken. Samen kookten ze een maaltje voor de dagen die kwamen, zij dekte de tafel met een laken dat hij in de kast had liggen maar zelf nooit zou gebruiken, en ze maakten er een feestje van. Ze kletste hem de oren van zijn hoofd, maar wat ze zei klonk als muziek. Muziek die hij al zo lang in zijn leven had gemist. Met zijn vrouw praatte hij wellicht nog net over de kinderen, of wat praktische zaken, maar nooit over gewone alledaagse weetjes. Gina was daar wel van. Ze vertelde hem over haar voormalige partner, die haar zo had beduveld. En dan vooral financieel. Over haar familie, waar nog een vleugje Italiaans bloed in te vinden was, vandaar haar naam, en over haar behoefte aan geborgenheid. Voor hij het wist had ze in zijn armen gelegen op de bank en was van het een het ander gekomen. Langzaam maar zeker hadden ze toegewerkt naar sterren en vuurwerk en dat bleek voor beiden een zeer ontspannende finale. Hij wist niet dat hij het nog in zich had. Zij maakte emoties bij hem los die hij in jaren niet had gekend. Wat een vrouw. Ze bleef die avond ook slapen. In zijn bed dat hij daarvoor maar even extra had opgemaakt. Ze nestelde zich tegen hem aan in het weinige dat ze aan had, en dat maakte dat de nacht net zo ontspannen plezierig verliep als de avond voorafgaand. Na een lekker ontbijtje samen had hij haar gevraagd wat ze verder wilde.
Als elk jaar waren we ook deze keer weer in Duitsland op een Kerstmarkt. Traditioneel samen met onze Soester vriendjes, waarvan de vrouwelijke helft in staat is om een vijfsterrenhotel te boeken voor een ‘Actionprijsje’. Elk jaar weer een verrassing. Dit keer was Dusseldorf onze bestemming. Daar waren we een paar jaar geleden ook al eens geweest, maar toen lag een deel van de binnenstad op de schop. En was het er bitter koud. Wellicht was dat dit jaar anders? Het hotel, een Dorinth-filiaal, lag in Neuss, op de andere oever van de Rijn, maar de tram stopte daar voor de deur en die tram reed over de Rijnbrug naar de overkant en zette ons af aan de kop van de KonigsAllee, nog steeds het hart van inkopend en welvarend Dusseldorf. Wie een horloge zoekt van pakweg 20 mille kan daar goed terecht, en die klandizie kom je dan ook frequent tegen. Het is en blijft een bijzonder fenomeen. Geldt ook voor mode-artikelen als een jurkje of jas. In Dusseldorf moet je daarvoor in de winkels altijd een nul toevoegen achter de bij ons al exclusieve winkelprijs. 2 mille voor een Kerstbloes is zo betaald. Niet door ons, dat zal duidelijk zijn, maar het is meer om de sfeer van de stad te schetsen. En of het zo moest zijn, het was er weer aardig fris toen wij onze wandelingen langs al dan niet verlichte bezienswaardigheden maakten.
Zeker aan de Rijn zelf, je moet even op de boulevard kijken naar het uitzicht, werkelijk fascinerend, was het opnieuw zo koud dat ik de handschoenen maar even aantrok. Met een prachtige zonsondergang namen we afscheid van de dag en beleefden de verlichte binnenstad van Dusseldorf met dubbel veel plezier. Toch……de kerstmarkt was minder gezellig dan we van andere steden kennen. Minder compact ook en wat die markten altijd typeert, dingen die je normaal nooit te zien krijgt of kunt kopen, waren hier nauwelijks te vinden. En wat er was had aangepaste prijzen. Minder aantrekkelijk. Hoe dan ook, de tram bracht ons weer terug naar de ‘overkant’ waar we in het veel rustiekere Neuss heerlijk aten op het Marktplein bij Kleeberg.
Zeldzaam lekkere gerechten, een prima wijntje, aardige bediening en een warme atmosfeer. De volgende dag bezochten we het centrum van Neuss en ontdekten dat ook dit een erg aardige plaats is met vele verwijzingen naar een Romeinse geschiedenis en andere historische feiten. Wandelen was hier ook cultuur opsnuiven. Vrijwel elke Duitse ketenwinkel is er te vinden en een paar daarvan bezochten we voor onze terugreis naar Nederland nog even. Al met al weer genoten van de jaarlijkse Kerstmarkttrip. De bestemming voor volgend jaar al uitgezocht. Gaan we naar een plek waar wij ons altijd thuis voelen en waar de prijzen nog een beetje ‘normaal’ zijn. En die qua historie niet onderdoet voor wat we nu hebben meegemaakt. Dank aan de vriendjes voor de gezelligheid! Op naar 2017!
