Nog een paar dagen en we mogen onze stem weer uitbrengen. Door die daad helpen we verschillende mensen aan een goed betaalde baan voor de komende vier jaren. En als ze het zelf ook goed doen wellicht nog wel veel langer. Want anders dan je vaak ziet in het bedrijfsleven zorgt de politieke arena er voor dat je eenmaal binnen het systeem zelden in de goot eindigt als je onverhoopt niet bevalt of om welke reden ook eerder weg moet dan gepland. Wie zijn werk slim doet komt altijd wel weer ergens boven water op een positie die je niet kon bedenken van te voren en bij een organisatie waar je als gewone burger eerder nog nooit van had gehoord. Zo werkt dat en dus zijn die verkiezingen ook een soort arbeidsbureau voor werknemers in het politieke bedrijf. Dit jaar doen er meer partijen mee dan ooit. Van links tot rechts zitten er oude en nieuwe namen tussen die opnieuw of voor het eerst een gooi doen naar de gunst van ons, de kiezers. Vroeger was het allemaal simpel. Je had pakweg 12 partijen en vanuit je achtergrond koos je voor de stroming die het dichtste bij jouw sociale status stond. Arbeiders kozen zelden voor de VVD, een protestant niet voor de KVP en een lid uit een familie van ondernemers ging niet voor de Communisten. Tegenwoordig is er voor iedere stroming wel iets te halen.
Voor of tegen de islam, voor of tegen witte mensen, voor of tegen ouderen, de dieren, het milieu, er is er zelfs een die de islamitische dictatuur van Ankara verheerlijkt. Allemaal het gevolg van onze typisch Nederlandse verzuiling die nu nog wat meer paaltjes heeft om op te zitten dan voorheen. Wat wellicht het meest duidelijk is geworden in de afgelopen periode, we zijn op dit punt tot op het bot verdeeld. Je hebt nog steeds mensen die menen dat coalitievorming en besluiten nemen hoort bij een stel afgevaardigden die vanuit hun zelf opgeworpen wijsheid alles over het volk heen beslissen. Eenmaal in functie luisteren ze niet meer naar wat die kiezers willen. De nieuwe groepen zijn juist daar sterk op tegen. Die willen inspraak, geen rare beslissingen meer, geen zaken waar ze niet op zitten te wachten. Brussel ligt verkeerd sinds het bewees dat het de eigen grenzen van Europa niet weet te sluiten, de financiele problemen van sommige lidstaten niet kan oplossen, en vooral met zichzelf bezig is in plaats van met het democratiseren van de besluitvorming.
Wie zit te wachten op regels over de zuigkracht van een stofzuiger binnen het Europese gebied, als intussen honderdduizenden per jaar ongestoord hun economische heil in Europa zoeken en daar de totale economie en samenleving ontwrichten. Wie anti-Europa is kreeg hulp van de Brexit. De Britten stoppen er mee en gaan hun eigen gang, voor zover ze dat al niet deden. En het is maar de vraag hoe Europees Duitsland zal blijven als Mevrouw Merkel niet meer wordt herkozen. Dit alles speelt een rol als we straks met het rode potlood een vakje inkleuren van een partij die wij zien zitten en een mens die namens ons de komende vier jaar een aardig salaris mag gaan binnenhalen. Ik stem per definitie op een vrouw. Die vertrouw ik wat meer, omdat ze wellicht beter nadenken over wat ze zeggen en doen. Al zijn er heel wat voorbeelden te geven vanuit het heden of verleden van vrouwen die er niks van bak(k)ten. Maar dit terzijde. Ik wens u allen wijsheid bij de keuze en hoop dat u verder zult denken dan alleen maar een keuze voor een aardig gezicht of mooie praatjes. U geeft als werkgever zo iemand een baan voor het leven wellicht. Betaald door ook U! Zorg er dan ook voor dat de mens van uw keuze zal waar maken wat ook u wilt dat hij/zij doet. Na de verkiezingen praten we weer verder. Dat moet wel want er zal hoe dan ook weer moeten worden onderhandeld over wie de regering zal gaan vormen. Altijd interessant in een zo verdeeld land.







Anders zijn, anders denken, een afwijkende mening verkondigen. Het zet mensen al snel in een hokje. Een hokje waar ze soms helemaal niet om hebben gevraagd, maar dat hen wordt toegewezen door mensen die het leven nu eenmaal op een bepaalde manier willen indelen. Zoals in ‘wij’ of ‘zij’, ‘goed’ of slecht’, ‘zwart’ of ‘wit’. Mensen die in het verkeerde vakje zitten, vaak buiten hun eigen schuld maar gewoon omdat ze nu eenmaal niet met de grote stroom meebewegen, krijgen het vaak zwaar te verduren. Bedenk maar eens hoe het moet zijn voor iemand met homoseksuele gevoelens of geaardheid in een wereld die op dat punt steeds vijandiger wordt. Of een vrouw zijn in een culturele omgeving waarin men de rechten van vrouwen minder zwaarte geeft dan die van mannen. Of als je in deze politiek getinte tijden net voor de verkiezingen aan geeft te voelen voor een stem op (voorbeeld) Geert Wilders of (nog ‘erger’) Jesse Klaver of Pechtold. Ook ik lijd uiteraard onder dat hokjesgevoel.
Mensen die gaan voor GroenLinks of D66 zie ik als dromers zonder enige vorm van realisme. Mensen die denken dat onze welvaart weliswaar een groot goed is maar dat het heel eenvoudig gedeeld kan worden met de rest van de wereld of dat je voor het gebruik van water, lucht, eten of drinken altijd maar extra moet betalen. Omdat jij als consumerende mens hoofdschuldige bent aan alle vervuiling van het milieu of elk dierenleed. Nou dat kan best zo zijn, maar ik zie weinig in dat constante extra belasten. En dus zet ik mensen uit die hoek in een vakje. Gebakken Lucht Verkopers! Omgekeerd doen mensen uit deze kring, geholpen door de alsmaar krimpende achterban van de PvdA en de overwegend linkse media er alles aan om het stemmen op PVV of 50Plus te ontmoedigen. Immers, dan ben je een tokkie, een racist of nog erger een vuile fascist. Wilders is de nieuwe Hitler en zijn afkeer van de islam moet je echt zien ‘in het kader van de Jodenvervolging uit de tweede wereldoorlog’. Het vakje voor dat soort kiezers gaat voor je open en de deur op slot. Ook kiezen voor de partij van Henk Krol wordt sterk ontmoedigd. Immers, die arme jongeren die al die oudjes moeten onderhouden! Het is toch te erg voor woorden.
Solidariteit van de koude grond. Immers, de ouderen van nu zijn de jongeren van toen en die betaalden ook mee aan de door Vadertje Drees bedachte AOW die werd verstrekt aan na-oorlogse ouderen die helemaal niks hadden bijgedragen aan hun eigen inkomsten na hun 65e. Demagogie is de ‘politiek correcten’ vaak niet vreemd. De reactie van hen die deze bestuurlijke plucheplakkers weg willen hebben is daardoor alleen al soortgelijk. Nederland splijt zich ergens in het midden. Men is voor of tegen, ja wat eigenlijk? De dagelijkse praktijk van alle dag laat zien dat er veel is af te dingen op het optimisme dat onze cultuur niet onder druk zou staan door alle invloeden van buiten. De grenzen van Europa zijn zo lek als een mandje en het is een mooie droom te denken dat wij half Afrika hier aan het werk en een inkomen kunnen helpen. De vertrutting van de samenleving onder invloed van een gastgeloof is ook een puntje om over na te denken. Het komt toch uit dat vakje vol mensen die onze vrijheden kennelijk niet kunnen apprecieren en overal kritiek op hebben als het niet past bij dat geloof of die cultuur. Die vrijheden waarvoor ook D66 in haar vroegere vorm nog zo heeft geknokt staan intussen vlak voor de nooduitgang en dreigen te worden afgevoerd. Wie dat niet zo ziet blijft in het vakje van de dromers, al die andere mensen kiezen straks toch liever voor meer realisme. Meer vanuit onrust dan omdat ze echt iets hebben tegen andere culturen of dat bewuste geloof. Integratie, assimilatie, acceptatie. Maar nooit eenzijdig. En zeker niet als we die ‘anderen’ maar in vakjes blijven stoppen, waar ze vaak helemaal niet thuis horen. Want dat is nu net Nederland op zijn best.
Ik behoor niet tot de Nederlanders die voor iets uit het verleden ook maar een vleugje schuldgevoel of zo voelen. Nee, ik kan er tenslotte niks aan doen wat mijn voorvaderen deden, laat staan wat de regering op enig moment in de geschiedenis voor beslissingen nam, die wellicht andere schaadden. Ik voel er dan ook niks voor om wie ook excuses aan te bieden, laat staan de daaruit altijd voort komende schadevergoedingen te betalen. Net als ik zijn de meeste mensen die dat nu van ons eisen generaties ver verwijderd geraakt van het oorspronkelijke leed wat hen is aangedaan. Zoals wij langzaamaan nauwelijks meer weten dat we ooit door de Duitsers zijn bezet. Als de laatste mensen die de meest recente oorlog in ons land bewust hebben meegemaakt zijn gestorven, zal die geschiedenis nog slechts uit de vaak slechte lessen op dat gebied moeten komen. Nu al zie je dat hele nieuwe groepen leerlingen nauwelijks weten wat zoiets afschuwelijks als de Jodenvervolging heeft ingehouden.
Zo is dat ook met de door sommige redelijk gefrustreerde lieden aangehaalde slavernij. Alsof die door Nederland is uitgevonden. Dat wij er een rol in speelden? Vast! En dat was geen schone pagina in ons geschiedenisboek. Maar laten we wel zijn, slavernij op zich is ongeveer zo oud als de mensheid en nog steeds worden mensen als slaven gebruikt en vastgehouden. Vaak in landen waar het fenomeen zich ook nog eens voor het eerst voor deed. De christelijke veroveringsdrang uit het verleden kan wedijveren met die van de moslim-predikers die met het zwaard in de hand net zo over de wereld reisden en te keer gingen als die door Paus of Vorst uitgezonden Bijbelzwaaiers. Wie weleens heeft gehoord van een harem of de tewerkstelling op een Moorse galei snapt wellicht waarover ik het heb. Door de eeuwen heen hebben diverse doctrines en vorsten getracht de eigen invloed uit te breiden, schatten te veroveren en het ‘enige ware geloof’ over te brengen.
De mensen die dan in een bepaalde streek al heel lang woonden werden gezien als ‘wilden’ of ‘heidenen’ en die mocht je dan alleen al om die reden onderwerpen. Mocht blijken dat ze een zekere schranderheid bezaten in de ogen van de avonturiers en handelaren, kwamen ze wel te pas in de leegroof van de gebieden waar die ‘inboorlingen’ zelf woonden. In andere gevallen bleken het goedkope arbeidskrachten. De behoefte daaraan was zo groot dat die mensen over de hele wereld heen werden gesleept om voor heel weinig eigen leef genoegens het zware werk te doen voor de machtigen en wreden die hen daartoe aanspoorden. Is er in die zin veel veranderd? Dacht het niet. Kijk maar eens in het rijke Midden-Oosten! Al het werk wordt gedaan door mensen uit India, Bangladesh of wat ook. Tegen schandelijke onderbetaling en risico op een flink pak slaag als je de taken niet goed uitvoert. Verkrachting van dienstmeiden hoort er ook bij. Bootjes vol ‘vluchtelingen’ (ik haat die term door het misbruik dat er van wordt gemaakt) uit donker Afrika komen deze kant op. Elke dag weer.
Mensen die, verkeerd voorgelicht als ze meestal zijn, denken dat ze hier op eenvoudige manieren aan geld kunnen komen. En als ze eenmaal hier zijn verdwijnt een deel in de duistere delen van de economie in Europa of daarbuiten. Uitbuiting aan de orde van de dag. Controle is nul, het ethisch besef bij alle schreeuwers hier rond het thema slavernij, niet aanwezig. Kortom, ik wil weleens wat excuses zien van hen die steeds maar weer hebben geprobeerd om ons Nederlanders eronder te krijgen. De Romeinen, Noormannen, Saksen, Spanjaarden, Portugezen, Fransen, Duitsers, en de Britten. En dan mis ik vast nog een heel lijstje aan lieden die het niet zo hadden op die koppige Hollanders. Als we na die excuses nou ook nog schadevergoedingen krijgen, gaat het meteen een stuk beter met ons landje. En krijg ik het gevoel dat het evenwicht in die verontwaardiging wat wordt rechtgezet.
Nadat de medische molen als resultaat en conclusie opleverde dat ik in een redelijke conditie verkeer maar dat ik wat moet letten op mijn cholesterolniveau startte ik zelf maar met een soort van dieet wat moet zorgen voor verlaging van alles behalve al te veel leefgenot. Dus ook geen alcoholische drankjes meer, geen suiker in de thee, en verder minder, minder minder van alles wat ik normaal naar binnen werk(te). En dat wordt dan automatisch vast ook gemerkt door onze favoriete hoofdstedelijke banketbakker Kwekkeboom waar we voorheen erg graag na een stevige wandeling neerstreken voor een bakkie thee met een lekker broodje kroket (vrouwlief neemt steevast iets anders…). Die kroketten van deze lui zijn nationaal beroemd en dat zit hem toch in de vulling en structuur. Een lekkernij waarbij mij de tranen uit de ogen lopen als ik eraan denk dat ik die nooit meer zou mogen verorberen. Een kroket is natuurlijk een in het vet gebakken ding, vol vlees en saus, wat zout plus nog zoiets en goed heet gebakken (krokant maar niet te bruin) zijn ze het lekkerst. Een genoegen! Tot mijn besluit om op dat minder-minder-minder te gaan zitten, waren we toch tenminste een keer per week te gast bij die lui. Dat hakt er in. Zet het nu vermijden ook zoden aan de dijk? Vast niet, maar symbolische beslissingen zijn ook van waarde.
Het is trouwens opvallend hoe wij Nederlanders met die kroketten omgaan. De meeste van die dingen worden genuttigd bij een snackbar, liefst lopend op straat, en dan maar proberen tong en binnenkant gehemelte niet te verbranden. Daarmee is de kroket al decennialang een arbeidersgerecht geworden terwijl het ooit, lang geleden alweer, meer iets was voor de hoge heren en dames, als gerecht tussen voorspijs en hoofdgerecht. En je had ook heel wat verschillende soorten weet ik nog. Als kind maakte ik mee dat mijn moeder bij een heel bijzondere gelegenheid nog trakteerde op garnalenkroketten, dat was echt iets aparts, en dat at je echt niet met je handen of zo. Daar werd met mes en vork van genoten. Tegenwoordig is die kroket een lunchgerecht. Ik heb vaak aan mijn buitenlandse gasten van toen moeten uitleggen wat dat voor dingen waren, wat erin zat en hoe het smaakte. Goede exemplaren werden naar waarde geschat. Hoe donkerder gebakken en hoe meliger gevuld, des te minder enthousiasme.
Wij Nederlanders zijn er in ieder geval gek op. Iedere vaderlander eet er 22 per jaar. In totaal worden er 350 miljoen per jaar gemaakt. Een deel van de kwaliteit waar ik zelf zo van hou. Maar nu even niet. Ik moet afzien, lijden, hongeren, houtjes bijten…. Daarom wellicht dit smakelijke blogverhaal. Voor hen die er straks lekker in bijten, ga je gang. Eet smakelijk en denk aan mij….
Het was mijn passie voor vliegtuigen die mij als jong mens deed besluiten een ‘carrière’ bij een grote bankinstelling op te geven en te gaan voor een baan bij een luchtvrachtkantoor op Schiphol. Het werk daar was wel iets heel anders dan wat ik gewend was geweest op dat grote bankkantoor in hartje centrum Amsterdam. Omdat we maar met twee mensen ons bedrijf (met hoofdkantoor in Rotterdam en een groot kantoor met loodsen in Amsterdam) in de luchtvaart vertegenwoordigden moest je ook echt alles zelf doen. Dus na een dagje vrachtbrieven maken en manifesten plus de benodigde paperassen voor de douane hier of elders, moest je dan de dozen of kisten die mee moesten met de bestemde vluchten zelf voorzien van de benodigde stickers en dat spul dan uitklaren en aanbieden bij ofwel het afhandelkantoor van KLM of Aero Ground Services. Je liep of reed daarbij over het platform van Schiphol en dat was in de zomer leuk, in de winter wat minder. Mijn toenmalige chef deed overigens precies het omgekeerde.
Hij was altijd meer een importman geweest en deed nu het werk van een declarant. Maar dat kantoor werd door onze inspanningen uit de klei getrokken en al snel groter en groter. Binnen de kortste keren werd er voor dat importgedeelte een man aangetrokken die de declaraties zou doen, en voor het loodswerk kregen we een ‘vrijmaker’ in dienst. Iemand die goed kon omgaan met de douane en de afhandelaars. Voor de export was er intern niet zoveel belangstelling. Niet dat het niet liep hoor. Het was ook op dat deel van het bedrijf gewoon druk. Dat kwam nu volledig op mijn nek terecht. En dat was soms best zweten. Nu hadden we door actief verkopen al snel een breed klantenbestand. Waaronder een bedrijf in Nijverdal dat dieren verhandelde. Van kanaries tot bruine beren. En die eigenaar daar had weinig op met kantooruren. Als hij bedacht dat er iets vandaag naar een klant moest dan meldde hij dat meestal pas tegen de avond. Dáág thuisdiner. Vanuit Nijverdal kwamen de kisten of dozen met dieren dan (hopelijk op tijd) per Spoorexpresse (jaja toen nam de NS nog vracht mee in haar treinen) aan op het Amsterdamse CS, waar ik het spul dan als export-verantwoordelijke op haalde, voorzag van de voor luchtvracht benodigde labels, en transporteerde naar Schiphol, waar het uitklaringsproces kon plaatsvinden en de tijdige aanlevering bij de KLM. Vaak bestemd voor de Swissairvlucht die heel laat in de avond naar Bazel vertrok. Een andere keer moest het mee met de Japan Air Linesmachine naar Tokio.
Nu had ik wel rijervaring met de bedrijfsauto (een Ford Taunus) maar nog geen rijbewijs. Dus dat vervoer van huis naar CS en tussen CS en Schiphol moest ik dan maar op eigen gelegenheid regelen. In de praktijk hield dat in; op de brommer! Mijn toenmalige chef keek niet zo nauw. Vooral in de winter geen pretje. En hoe ik die diertjes in hun smalle behuizing door de ook toen vaak schrale wind mee wist te nemen is achteraf gezien een veiligheidswonder. Was de missie dan gelukt reed ik op dat zelfde brommertje in de donkerte en koude weer terug naar huis en stapte volkomen verkleumd in bed bij mijn toen nog piepjonge echtgenote die me gelukkig vaak weer wist op te warmen tot meer normaal menselijk niveau. Mijn geklaag over deze wel erg geimproviseerde situatie deed chef Ruud besluiten om niet alleen mijn rijbewijs te laten verzorgen (in 9 lessen behaald via een collega die er als instructeur bij beunde) maar ook een nieuwe VW Bus aan te schaffen die ik daarna mee naar huis kreeg als er weer een dierenzending aan kwam. Het scheelde veel. Al bleef ik er wel op mopperen. Maar ik leerde er echt veel van. Problemen oplossen, hoe groot de uitdaging ook was. Lukte altijd. Nog profijt van. Alleen ga ik daarna niet meer met de Puch naar Schiphol. Toen dat VW Busje mijn vaste vervoer werd, ging die de deur uit. Daar heb ik lang spijt van gehad. Maar ach, je kunt niet alles bewaren. Ben al blij met de herinneringen…
Onlangs was het weer eens zo ver. Ik had een verkoudheid opgelopen. Zo eentje die zorgt dat de neus vol zit met water waarvan je geen benul hebt waar het vandaan komt, een keel die aanvoelt of er met een ruwe rasp overheen is geschaafd, een hoofd dat nergens tegen kan omdat er een pijntje in zit dat je het leven vrijwel onmogelijk maakt. Maar het meest vervelend, die intense kou die in je lijf vast lijkt te zitten. Het begon op dinsdagavond. Schrale keel, wat snufferig. Woensdag was het al ontwikkeld tot een heftige verkoudheid en de nacht naar donderdag werd er nauwelijks geslapen. Nauwelijks adem te halen en alles verstopt. Ik voelde me zielig en alleen, ondanks de goede zorgen van vrouwlief. Mannen en ziek zijn, het blijft allemaal wringen. Ik ben niet zo’n klager hoor, maar als ik zo’n moment van ongesteldheid moet doorstaan voel ik me echt akelig en tot niets in staat. Zelfs schrijven doet me pijn.
Vrouwlief neigt er dan naar om me zo ziek als ik dan ben, te willen laten wandelen, want als je buiten loopt wordt je vanzelf beter, maar ik klapper van de kou, wil niet naar buiten maar naar bed. Wat ik zelden of nooit doe. Slechts migraine krijgt me gestrekt. Nee, ik neem wel een mix van Paracetamolletjes en vitamine C om de dag door te komen. Ik zit dan op een elektrisch kussentje, zet de kachel een tandje hoger en probeer me door de dag heen te slaan. Hete thee is goed voor de keel, en ik lees weer wat meer dan normaal al het geval is. Deken om me heen, en vooral een beetje zielig gevonden worden. Verwend, aandacht, arm om me heen, al is dat laatste dan weer niet zo handig i.v.m. mogelijk besmettingsgevaar. Want die verkoudheden draag je heel gemakkelijk over. Zoals ik het kreeg zou ik het vrijgevig hebben kunnen ronddelen. Niks te beroerd voor. Na een paar dagen ging het beter. Ik wist niet eens meer dat ik verkouden was geweest en ook niet waarom ik er zelfs een blog aan heb besteed. Maar ach, wie weet herkent iemand dit…. Dan was het nier voor niets, dat lijden bedoel ik uiteraard…
Weet je wat ik nooit goed snap? Dat mensen die met elkaar door het leven gaan als partners in dat samenleven mekaar psychisch of fysiek pijn doen. Echt slaan, pijnigen, waarbij een van de twee er vaker bekaaid af komt dan de ander. Een man is natuurlijk in de meeste gevallen de dader. Een enkele keer is er een bazige vrouw die graag ‘uitdeelt’. Toch een toonbeeld van zwakte. Want elk dispuut, elk conflict, elk verschil van mening of inzicht moet uit te praten zijn. Of desnoods uitgezwegen. Maar je slaat nooit! Ik kom uit een periode waarin slaan nog een meer normale praktijk was. Ouders gaven hun kinderen nog fikse pakken slaag, de leraren op school waren ook niet te beroerd om aanvullend ook uit te delen. Het werd gezien als disciplinair gedrag. Als extra ondersteuning voor de opvoeding. Ik maakte het gek genoeg thuis zelden of nooit mee, maar op school des te meer. Niet zelf hoor, ik was vermoedelijk te ‘populair’, zie een van de vorige blogs over dat onderwerp maar….
Maar op de toenmalige katholieke scholen waren lijfstraffen heel normaal. Klappen met de blote hand, een liniaal of zelfs een aanwijsstok….het was gewoon! Maar thuis slaan was toch meer iets voor mannen die teveel dronken en vrouwen die als viswijven te keer konden gaan en hun mannen het leven zuur maakten met hun geklaag, gezeur en allerlei verwijten. In de buurt waar ik opgroeide wilde het weleens tot een handgemeen komen. Veel werd dan met de mantel der liefde bedekt, hoewel die mantel natuurlijk besmeurd raakte met heel wat verdriet. In de moderne tijd zijn mannen en vrouwen in de meeste gevallen min of meer elkaars gelijken. Het onevenwicht van toen is verdwenen. Zou je denken. Het blijkt echter dat er in sommige groepen nog steeds heel wat wordt afgevochten tussen partners. Je snapt dat niet. Ik ben zelf een prater, een discussie ga ik zeker niet uit de weg, maar tot slaan of ander fysiek geweld komt het niet zo gauw.
Omdat je onder je eventuele (loeiende)boosheid toch altijd dat gevoel van respect en liefde voor elkaar hebt waardoor de rem er altijd op tijd op kan worden gezet. Waar dat niet lukt betreur ik de slachtoffers. En dan heb ik het nog slechts over de situaties waarin het geweld eenmalig of zo is. En niet structureel. Als dat laatste het geval is of wordt lijkt mij vertrek van slachtoffer en/of dader het meest logisch. Scheiding de volgende stap. Niemand hoeft zich te laten aftuigen. Of je moet vanuit je persoonlijke seksuele interesse houden van een pak slaag op zijn tijd. Zelfs dat is niet zo mijn ding. Ik ben er te veel een dominant ventje voor. Maar zelfs dan zou ik vermoedelijk aan ander niet echt pijn kunnen doen. Dan is er toch weer dat watje dat de kop op steekt. En gek genoeg ben ik daar nog trots op ook. Omdat geweld t.o.v. de partner in mijn besef gewoon een zwaktebod is. Niet van het slachtoffer, maar van de dader.

