Bijzondere reis in een IFA stationwagen…

Toen ik een paar weken terug het Oostduitse merk IFA even onder de aandacht bracht van de lezers hier, vermeldde ik al dat daar nog een aardig persoonlijk verhaal over te schrijven viel. Dat werd al een keer aangetipt in mijn vervolgverhaal over dat leven met de Vliegende Pijl. Maar hier dus nu wat uitgebreider. In die jaren waarover ik spreek deed mijn leasepa in auto’s. Altijd wel een paar verschillende merken voor de deur die moesten worden verkocht, en voor eigen gebruik dan even een paar weken een auto die op naam werd gezet voor uitstapjes en korte vakanties. Mijn wat oudere broer was toen in de leeftijd dat hij al brommer mocht rijden en die had een exemplaar gekocht bij de ooit hier ook al eens gepasseerde ‘Ome Leo’, een goede vriend van de ouders met een eigen fietsen- en brommerzaak naast een investeringsbedrijf voor panden in hartje centrum Amsterdam.

De brommer van mijn broer was overtuigend van lijn en kleur, leek het meest op een TT-racer met 50cc blokje en was voor normaal gebruik uitgevoerd met een bagagedrager achter de buddy-seat. Broerlief, helemaal 16 jaar oud, besloot om op dit ding samen met een aantal vrienden met soortgelijke vehikels naar Limburg af te reizen voor een feestelijke vakantie. Best avontuurlijk natuurlijk. De diverse ouders waren niet al te enthousiast maar broerlief had een karakter dat nog eens extra eigenwijs was door de situatie thuis, dus uiteindelijk mocht en vertrok hij. Leasepa richtte intussen zijn pijlen op de handel. En kocht zich een IFA Stationwagen in een muisgrijze kleur die in meer dan goede staat van dienst verkeerde, maar qua banden wel een opknapbeurt verdiende. Maar ja, handel….dus dan was dat niet het eerste wat je verving.

Na een dag of wat kwam er een telefoontje. Broerlief was gestrand. De brommer had het opgegeven. Deed niets meer. En hij zat in een tentje ergens te kleumen in de toen ook al veel vallende zomerse buien en matige zomers. Hij wenste ‘Ome Leo’ een enkele reis Timboektoe, want die had het tweewielertje toch echt nog nagekeken voor broerlief was vertrokken. Kortom, nood maakte deugd. Ons gezin pakte noodzakelijke dingen in de IFA die werd omgetoverd tot auto van dienst en we vertrokken met de pruttelende DDR-tweetakt naar het zuiden van Limburg. Na een verder ongestoorde reis kwamen we tegen de avond aan in Valkenburg en zochten broerlief op. Die kampeerde in de constante regen ergens op een modderig stukje land bij een boer in Bergh-Terblijt. Was blij ons te zien.

Maar ja, terug naar huis om dit uur was ook niks. Dus we sliepen als gezin in de IFA (ruimte zat) en hij in zijn tentje. Volgende ochtend werd de brommer met behulp van de vrienden die waren gebleven om broerlief te helpen naar het station gesleept om met de NS naar Amsterdam te worden afgevoerd. En wij stapten in de IFA en reden richting huis. Maar dat duurde niet lang. De IFA hing na een paar kilometers wel erg scheef naar rechtsachter. Onder de last van vier personen en de extra bagage was een van de banden lek geraakt.

Geen nood, reserve-exemplaar er onder. Die hield het uit tot net onder Roermond. Toen was het ook met die band over en uit. En omdat nergens hulp te halen viel en de Wegenwacht nog lang niet zo georganiseerd was als nu, zaten we opgescheept met twee lekke banden en een IFA die dus eigenlijk niet meer kon rijden. Leasepa was niet vrolijk maar loste het praktisch op. Van een van de velgen haalde hij de band weg en zette de velg weer onder de auto. Zo reden we richting een benzinestation een paar kilometers verderop. Onderweg een spoor in het asfalt achter latend. Maar we kwamen er wel. De velg ging er weer af, de andere band geplakt en met de vingers over elkaar reden we verder. Thuis was het avontuur iets wat we nog jaren vertelden tijdens verjaardagen. De IFA maakte het niet meer mee, die was een paar dagen later verkocht. Zonder nieuwe banden, dat spreekt. Maar wel met een nieuwe reservevelg. Want die was wel erg scherp geworden van dat rijden over de Limburgse straten. En de relatie met ‘Ome Leo’ was nooit meer helemaal dezelfde….althans wat mijn broer betrof.(Beelden: Internet/Yellowbird)

Brommeren

8)Leo voor SPL - Loco 1 1965 Scan10011Zoals iedere jonge gast in die dagen was het bezit van een ‘brommer’ wel een ultiem verlangen naar zelfstandig vervoer. Op twee wielen, dat wel, maar tot de 16e verjaardag was tweewielig trapwerk voor dit ventje normaal. In de koude januarimaand van het jaar dat ik de wettelijke leeftijd bereikte voor het besturen van een tweewieler met hulpmotor werd door leenpa een tweedehandsje opgepoetst voor de deur geparkeerd. Mijn eerste brommer was een feit. Het apparaat droeg een indertijd bijzondere merknaam. HMW. Dat merk stond voor de Halleiner Motorrad Werke en vond haar oorsprong in het Oostenrijkse plaatsje Hallein. De naam van dat spul was goed, men bouwde al sinds 1955 goede bromfietsen, maar het exemplaar dat mijn deel was, bleek toch wel een heel lange en vermoeiende levensloop te bezitten. Goed, ik leerde er mee rijden, maar ook heel wat kilometertjes lopen……Tijdens langere ritten knalde meerdere malen het luchtfilter uit elkaar en ook de ontsteking liet het onderweg vaak afweten.

HPIM7870_editedStilstand was dan het gevolg. Op de dag dat ik het ding inruilde voor mijn volgende vervoermiddel vloog de oude HMW vrolijk in de brand. Gelukkig was het vlammende euvel snel blusbaar en de schade leek beperkt. De tweede brommer droeg de fraaie naam Locomotief en had een Sachs tweetaktmotortje. Geel/groen gespoten en voorzien van een (wat wankelende) buddyseat. Ik vervoerde er heel wat jonge deernes mee, inclusief mijn latere verloofde. Het was een veel trouwere metgezel dan de HMW. Maar toen er bij een met de familie verbonden brommerwinkelier een zwaarder en soort van gestroomlijnd exemplaar stond van hetzelfde merk, maar dan met een drie-versnellingsblok van het betrouwbare Duitse motormerk Sachs, was de ‘deal’ snel gesloten. De oranje buikschuiver werd mijn derde brommer en ik was daar zeer ‘fier’ mee. Het ding liep als de brandweer, maar had ook wel zijn eigen specifieke kuren. Zo wilde het tandwiel van de derde versnelling nog wel eens loslaten en dan hield je maar twee versnellingen over. Maar je kon dan wel blijven rijden. Maar tweedehands bleef tweedehands en intussen waren de tijden veranderd. Puchs en Kreidlers bepaalden het straatbeeld en zo’n Puch was mijn ultieme droom.

9)Leo op Puch 1967 10014En zo werd er na heel stevig sparen mijnerzijds en daartoe op zaterdag bijwerken, een witte Puch besteld, splinternieuw. Met hoog stuur, uitlaatpotje en veel chroom. Ik heb er al eens eerder een logje aan besteed. Die Puch had weer twee versnellingen, maar wel heel erg lange. Met wat slimmigheden kon de Oostenrijkse schone worden opgevoerd tot een top van 65km/uur en dat was best snel in die dagen. Ik heb er wat kilometertjes mee afgelegd. Alleen of met zijn tweetjes. Van Amsterdam naar Texel, of naar de Hoge Veluwe. Geen probleem voor deze snelle rakker. En toch duurde ook dat tijdperk maar relatief kort, want de Puch moest al snel plaats maken voor de door de ‘baas’ verstrekte Volkswagenbus, die mijn deel werd na het behalen van het autorijbewijs. De Puch werd alleen nog maar in het weekend gepakt en later zelfs toen niet meer. Uiteindelijk verkocht, voor de helft van de nieuwprijs. Is nu een klassieker, net als die Locomotieven. Hoe zou dat zijn voor die allereerste HMW? Is dat nu ook een gezochte bromfiets? Ik heb eigenlijk geen idee…….! Overigens heb ik het zelden zo koud gehad als tijdens mijn ritjes op de diverse brommers naar Schiphol in de winter…….Daar was geen drielaagskleding tegen opgewassen. Maar dit terzijde.