Vroegste woonbuurt…

AEMW - Amsteldijk hk Kuiperstraat tram (1971)Niet dat ik nu meteen veel behoefte had om mijn jeugd terug te halen voor dit blogverhaaltje. Het ging me meer om de straat waar ik mijn prilste jeugd doorbracht. Tegenwoordig behorende tot het deelgebied de Pijp, een langzaam aan trendy geworden woonwijk aan de zuidkant van het Amsterdamse centrum. Die straat lag na de oorlog in de zgn. Schilders buurt van Oud-Zuid, die zich uitstrekte van grofweg de Stadhouderskade tot de Tolstraat. Alles wat daarna werd gebouwd viel onder de Diamantbuurt of plan Nieuw-Zuid, waar Berlage en collegae nog een rol speelden bij ontwerp en inrichting. De kant van de straat waar wij opgroeiden week in bouw flink af van de rest van de straat. De verdeling tussen die straatdelen werd gevormd door de Van Woustraat, wat indertijd de verbindingsweg was tussen het centrum en de (huidige) A2, van Amsterdam naar Utrecht. Wat er aan onderscheid in de bebouwing bestond in die woonstraat uit mijn jeugd, leek vooral voort te komen uit het feit dat die straatjes ooit aan de uiterste rand van de stad hadden gelegen en als buitengrens leunden tegen de Gemeente Nieuwer Amstel.

OLYMPUS DIGITAL CAMERADe gekanaliseerde en brede Amstel was aan de zuidoostelijke zijde een natuurlijk barrière. In onze straat kwam je bijna per blok een andere bouwstijl tegen. Ons huis week in veel onderdelen af van de huizen aan de overkant, maar ook tien nummers verderop bouwde men ooit een totaal ander soort huizen. Hoog en laag, luxe en meer gericht op arbeiders, het stond dwars door elkaar. Waar de grote garage van autoverhuurder en toen nog transporteur Ouke Baas was gevestigd keek je aan tegen 20e eeuwse nieuwbouw, van de soort die je nu nog overal in Amsterdam terug ziet. Tegenwooordig weer opnieuws gewaardeerd, toen best modern afwijkend. Op de hoeken van onze straat, waar deze grensde aan de Van Woustraat, zaten grote winkels. Maar ook om ons heen vond je behoorlijk wat middenstanders hoor. Van een tv-winkel tot een melkboer, van een bakker tot een kruidenier en natuurlijk een kolenhandel. Opvallend waren de kleine huisjes een stukje verder in onze straat en de wonderlijk knik in de straat die voor ons bij het brommer rijden zo geweldig was om hard overheen te rijden. Je moet je echt voorstellen dat je dus een deel ‘beneden en boven’ die knik had, in een straat die op zichzelf niet eens zo heel lang was.

Willebrorduskerk Amsterdam 455Waar die bult in de straat vandaan kwam weet ik echt niet, wel dat op het ‘verloop’ in de trottoirs veel door ons kinderen werd gespeeld. Men had daar keurige trappetjes gemaakt, beetje Parijs in Amsterdam. Ook de straten naast ons, als ze maar tegen de Amstel aan leunden, kenden die dorpse huisjes. Zag je verder nergens, want in de 19e eeuw waren de meeste straten in dit gebied vol gegooid met strakke arbeiders-woonkazernes. Het is dus vermoedelijk zo dat we in een gebied leefden dat ooit aan de buurgemeente had toebehoord, langzaam aan door de gemeente Amsterdam werd verworven op Nieuwe Amstel en dat al die huisjes werden geïntegreerd in het grotere stratenplan van de vroegere buurt Zuid. Om het geheel nog af te ronden bouwde Kuypers hier zijn enorme kathedraal, de St. Willebrordus buiten-de-Veste. Was al die jaren een hoeksteen in de veelal katholieke samenleving. Verdween intussen al vele jaren geleden, net als de bevolking van die straten uit de jaren van weleer. Als ik er nu wel eens langs loop kijk ik niet met veel nostalgie, wel met belangstelling. Vooral naar de schoonheid van sommige panden, waar ik vroeger geen oog voor had. Maar het is wel aardig dat ik eigenlijk nu weer op het grensgebied leef van die vroegere buurgemeenten. Zo is de cirkel toch weer gesloten.