Klus…boem…voet…

Klus…boem…voet…

Best cryptisch omschreven eigenlijk. Een pijnlijke periode in de afgelopen weken. Waarvan ik dagen lang de herinnering kon bekijken bij het wisselen van mijn sokken. Wat gebeurde er?? Nou het begon allemaal simpel. In een van mijn kamers in dit huis staat al een tijdje een enkele vitrine en ook nog wat losse kasten. Daarin de verzamelde op schaal rijdende werken uit Oost-Europa die ik met zorg behandel en dus zo goed mogelijk op- of weg berg. Nu onze kinderen hebben besloten om de stap te zetten om in de provincie te gaan wonen komen uit hun huidige woning wat vitrines vrij die ik dan mag overnemen. Nou dat liet ik me maar een keer zeggen. De eerste haalde ik in de eerste helft van oktober in gedemonteerde toestand op en sjouwde die naar de eerste etage van ons huis. Daar stond alles al te wachten wat ik had ingepland voor die interne verhuizing. Gedachte was…vitrine…kast er tussen voor allerlei zaken die niks met die verzameling te maken hebben….en dan de nieuwe vitrine aan de andere kant. En dan dwars over die twee glazen torens een smalle houten kast waarin ik weer wat grote modellen kon uitstallen en een stereosysteem met radio.

Alles opgemeten, het moest passen en werken. En dat deed het… Die vitrine kreeg ik relatief vlot in elkaar, schoof hem op zijn plek, monteerde de verlichting, en maakte het glas helemaal helder. Toen dat klaar was nam ik een van die smalle kasten die ik op het oog had om er overheen te schuiven beet…Maar dat ding bleek flink zwaarder dan ik dacht en bleek niet te houden. Knal, boem, op mijn rechtervoet. Verdoofd door de klap en de pijn zweeg ik even. (een wonder…)Toen vrouwlief naar boven stormde (zij hoorde die klap ook en dacht dat ik het aardse bestaan had verruild voor het hemelse..) en me vroeg wat er gebeurd was liet ik mijn voet zien…..Die zwol op en toonde in eerste instantie vooral de plek waar de kast op gevallen was. Natte doeken en zo meer moesten de zwelling stoppen. Intussen tilden we samen die kast alsnog op en legden die op de beoogde plek. Het paste…Top! Hinkelend werkte ik verder….

In de dagen die volgden bleek de zwelling steeds meer plek te maken voor blauwe tinten die later zelfs de kleur zwart benaderden. Die rechter voet was echt gekwetst. Maar ik ben niet zo van de goed bedoelde adviezen. ‘Been omhoog’ ‘rustig aan doen’ ‘dokter naar laten kijken’….Gewoon doorgaan. Mijn oudste Rieker schoenen bleken me relatief pijnloos te kunnen dienen (alle ander paren kreeg ik niet aan). Na een dikke tien dagen zag die voet er uit of ik door de teer had gelopen, een en al bloeduitstorting…maar ik ben gewoon doorgegaan met inrichten van die kamer en die vitrines. Daar ben ik nu heel blij mee. Toch maar mooi klaar die klus. Zielig zijn kan later wel…. Intussen zijn we een week of wat verder. En vertel ik het verhaal. Opdat u niet denkt dat een beetje meninggever ook een echte klusser is…wel een kanjer vind ik zelf…Maar dat mag je als lezer ook zelf beoordelen. Voor het gemak de beelden maar even bijgevoegd… En die zijn echt niet bijgewerkt….puur realisme…..(Beelden: Prive)

The real queen…

The real queen…

En dan bedoel ik niet de charmante Maxima of die schaduwkoningin (Rietz) uit het Haagse maar een vliegtuigtype dat deze (bij)naam met verve verdiende. De Lockheed (Super) Constellation. In haar dagen net zo modern en vooruitstrevend als de Boeing 787 Dreamliner van nu. Een vliegtuig dat hoger en verder kon vliegen dan haar concurrenten en een stuk ontwikkeling dankte aan multimiljonair en uitvinder Howard Hughes. Voor ‘zijn airline’ Trans World Airlines zocht die een vliegtuig dat veel meer comfort bood en transcontinentaal binnen de VS kon vliegen. En dat alles al voor WO2 uit zou breken. Bedenk maar eens dat een deel van de toenmalige luchtvloot van maatschappijen uit die tijd nog werd opgebouwd met houten frames en bedekt met geimpregneerd linnen.

De Constellation was dus een toestel uit een andere dimensie. Helaas kwamen de eerste Connies vooral in gebruik bij de Amerikaanse strijdkrachten toen de oorlog een feit was en moesten de burgermaatschappijen (waaronder KLM van Plesman) die aanbetalingen deden op hun eerste exemplaren wachten tot na de oorlog. Plesman wist al snel een stel van zijn bestelde kisten los te weken en startte met die fraaie machines vluchten naar Indie en later New York. Anders dan de ook binnen gehaalde Douglas DC-4 had de nieuwe Constellation een drukcabine en kon dus boven het weer uitklimmen en was ook aardig snel.

Je vloog al vlot met 500km/u door het luchtruim. Latere versies van het basismodel reikten nog verder en waren in staat om met lading aan boord enorme afstanden af te leggen wat voor KLM dat indertijd tegen een boycot aanliep van veel islamitische landen vanwege de ‘Politionele acties’ tegen de extremisten van Soekarno, goed uitkwam. De meest zuidelijke route die men non-stop kon vliegen was normaal gesproken te veel gevraagd van de machines en bemanningen maar KLM klaarde het klusje met dank aan de Connies. Begin jaren 50 kwam uiteindelijk de Super Constellation op de markt. Een prachtig vliegtuig dat een verlengde romp koppelde aan andere vleugels, sterkere motoren (3400pk elk) en vierkante ramen in de romp. Met deze machines kon ook KLM haar lange routes extra comfortabel uitvoeren.

Meest bekend werden de Super-Connies met extra tiptanks waarin je nog eens 2.500ltr brandstof elk kon meesjouwen. De machines bleven een paar jaar bij KLM in gebruik tot ze werden afgelost door de DC-8 straalmachine en de meeste propliners van dit Lockheed-type een roemloos einde vonden bij charterbedrijven, vrachtvervoerders of zelfs werden gesloopt. De afschrijving op die relatief jonge vloot was daardoor best groot. Een fraai boek over deze prachtige machines vond ik eind september en las het in een adem uit. Geschreven door Giesbert Oskam en Dr. Roger Soupart krijgen we via de tekst en de afbeeldingen een prachtig beeld van hoe die Connies ons nu nog bezighouden. Een enkele machine van dit type werd door het Aviodrome naar Nederland gehaald. Ik heb er zelf nog eens financieel aan bijgedragen om dat doel te verwezenlijken. Helaas was de Connie al snel uitgevlogen maar staat hij nu in de hoofdhal van het museum op Lelystad te glimmen en vertelt een prachtig verhaal over een even fraai ontwerp. Het boek, onder de titel De Lockheed Constellation – een legende van schoonheid, kent ISBN-nummer 90-9025068-4 en werd met dank aan het Aviodrome uitgegeven. (beelden: Archief)

Ik vertrek…

Ik vertrek…

… niet hier hoor, al zullen sommigen juist dat spijtig vinden……Nee, ik bedoel meer het tv-programma dat al zo lang te zien is in allerlei vormen en uitvoeringen. Mensen die het niet meer zien zitten in eigen land en vertrekken naar een of ander Europees of derde-wereld-land en daar ontdekken dat ze in dat nieuwe thuisland net zo hard moeten werken als in Nederland het geval was maar ook dat onze samenleving zodanig is ingericht dat het meest simpele feit goed te regelen valt. Die emigranten onderschatten vrijwel allemaal de kosten voor het herstel van een of andere oude watermolen of kasteel en dat ze met hun op een A4-tje uitgewerkte plannen voor een B & B (dat blijkt de meest bedachte inkomstenbron voor dat nieuwe leven te zijn..) hopeloos achter de realistische feiten aanlopen.

Want ineens heb je een vergunning nodig voor vrijwel alles, blijkt die burgemeester die zo leuk de stroopwafels uit Nederland in ontvangst nam eigenlijk de lokale slager te zijn en bestuurlijk helemaal niets in de melk te brokkelen hebben. Afspraken met aannemers of klusjesmensen zijn veelal niet te maken.. Kinderen (ik heb daar altijd extra medelijden mee) moeten naar een of andere school ver weg, spreken de taal niet en worden in eerste instantie doodongelukkig. Daarnaast speelt al dat klussen vaak op bij het huwelijk dat in Nederland al zo op losse schroeven stond en moeten een of beide partners tussendoor ook nog werk onder hun niveau aan nemen om tenminste een stokbroodje brie te kunnen eten.

Dat A4-tje vol plannen ging uit van een maand of twee, drie klussen om dan in het ‘hoogseizoen’ de eerste gasten te kunnen ontvangen. Maar in de praktijk duurt dat klussen een jaar langer en zitten die lui dik twee seizoenen zonder gasten en echt inkomen. En dan maar zeggen dat ze zo veel gelukkiger zijn dan voorheen in Nederland. Het moet je liggen, jouw ding zijn. Ik kijk er met kromme tenen naar en verbaas me altijd weer over de naiviteit waarmee men dit avontuur aan gaat. Een nieuwe variant is die waarbij je voor minder dan een ton een huis koopt in een of ander land en daar dan je toekomst gaat opbouwen. Soms weet je niet wat je ziet. Paleisjes, maar vaker toch boerderijtjes met een lek dak en rotte vloeren. En hup, dan gaan we weer klussen. Nou is dat met zulk soort prijsjes (huizen kosten soms 40 mille) niet zo gek, maar als je het achtvoudige moet neertellen en dan ook zo moet klussen zou ik passen. Maar ik ben ook geen klusjesman…Een van volgende blogs zal dat bewijzen…. Wie heeft nog meer plannen om te vertrekken…?? Ik ben benieuwd….En als je er alleen van droomt vertel dan maar wat je er bij bedenkt mocht het zover komen… (Beelden: Internet/Archief)

Dussuh…

Dussuh…

Wij Nederlanders zijn kennelijk gek op bepaalde uitdrukkingen en als ze niet zijn overgenomen uit het Engels of straattaal dan toch wel omdat we denken dat we door ze te gebruiken opvallend intelligenter overkomen dan we eigenlijk zijn. Bij het beluisteren van wat radio/tv-interviews dan wel het altijd geweldige programma ‘We zijn er bijna’ van MAX kwam de hier gebezigde uitdrukking veelvuldig voorbij. Kan geen straattaal tegenop. Voorbeeld, veel van die caravantypes uit die wekelijkse reisverslagen blijken op 2500km afstand van huis Nederlandse gewoonten altijd mee te nemen. Zoals hagelslag op je brood, maar uiteraard wel meegenomen uit Nederland in de caravan of camper. Net als pindakaas, koffie of ingevroren groenten.

En dan zoemt de camera in op zo’n stel dat dan laat zien wat men eet. ‘Wij eten altijd groenten en aardappelen en liefst om half zes…..en dat is lekker…..dussuh!’. Dat laatste is een veel voorkomend taalkundig fenomeen. Mensen die een statement maken vanuit een zekere burgerlijke standvastigheid gebruiken het. ‘En mevrouw, wat vindt u van de huidige regering??’.. ‘Nou meneer, ik vind ook dat er wel iets mag gebeuren aan het vele vuil op straat….dussuh’…. ‘Waar gaat u heen deze herfstvakantie?’ ‘Wij gaan naar de Rijn, met een boot varen…dat vinden we leuk….dussuh’.

Die uitdrukking in feite het uitroepteken achter een zin, maar dan ernstig uitgesproken. Betekenis; waag het niet ons tegen te spreken, want zo doen we dat en daarover geen discussie. Dussuh… Een ander niet uit te roeien fenomeen, ik schreef er al langer geleden over, ‘Ú mag daar gaan zitten’ of ‘dan mag u hier even wachten’. Veelvuldig in gebruik bij receptionistes(n) of assistenten(s) van doktoren of andere semi-gewichtige types. Betekenis: ‘Ik sta u toe daar te gaan zitten of te wachten’. Toch iets anders dan ‘Ga lekker zitten tot ik u oproep’ of iets dergelijks. Als we net zo dwingend zouden zijn richting dingen die niet mogen werd de wereld heel anders van opzet en inrichting. Onlangs in een boekenwinkel te gast waar we wat lang op onze beurt moesten wachten, zette de uitbaatster even stevig in tegen een stel dames met klierende kinderen die van alles en nog wat oppakten en zeurden dat het een lieve lust had. Ik had er bewondering voor. En bepaald niet voor de moeders die hun kinderen zelfs na de vermaning niet toespraken. Immers…Zij lieten hun kinderen altijd vrij…..zo doen we dat….dussuh…… Dom volk! (beelden: Internet)

Snelheid en genoegen..

Snelheid en genoegen..

Ik weet niet hoe het jullie als mijn trouwe lezers vergaat, maar een van de genoegens van ons mensen is wel dat we ons op enig moment met een enorme snelheid kunnen verplaatsen. Dat kan per elektrische fiets, motorfiets, auto, trein, vliegtuig of pakweg een raket. Van jongs af aan is dat een verlangen en genoegen. Alleen al doordat we dat fijn vinden zijn al die uitvindingen gedaan die we nu nog benutten. Zelfs voor hen die houden van rustiek dobberen in een bootje is er ruimte voor dat gevoel. Speedboten komen niet voor niets voor in onze taal…of op onze waterwegen en meren…

Om het over raketten maar helemaal niet te hebben. Die ruimtevaarders die nu al een jaartje of 60 omhoog worden geschoten vinden de ervaring van snelheid bij de start of landing eigenlijk een geweldige kick. Dat geldt dus ook voor gewone stervelingen. Sportwagens en racemotoren zijn niet voor niets uitgevonden. En succesvol verkocht. Het imago van Ferrari toch totaal anders dan dat van het vrij saaie Opel. En ik kan uit eigen ervaring vertellen dat hard rijden in een auto op de Autobahn bij de oosterburen of op een circuit heel anders aanvoelt dan 30km/u over grote lanen in Amsterdam.

Zelfs op mijn toch al wat gevorderde leeftijd blijft die kick bestaan. Ken ik dan geen restricties op dat punt? Natuurlijk! Want dat harde rijden kost geld. Niet zozeer door bekeuringen, de hoogst gemeten overschrijding van de snelheid die ik moest betalen kwam niet boven de 10km/u uit, maar wel door de kosten van brandstof bij al dat gescheur. Want hoe sneller we rijden, hoe eerder die metalen gegalvaniseerde tank onder ons vervoermiddel leeg raakt. En echt, dat geldt nog meer voor de accu’s van de nu zo op het schild getilde elektrische auto’s. Bij een gemiddelde en vrij theoretische actieradius van 400km voor die wagens, is bij hard rijden vaak niet meer dan 50% over. Zaak dus om het wat rustiger aan te doen. Niet leuk, want die dingen willen soms wel als je het programma aan boord er op instelt. Maar dat is bij normale auto’s ook al zo.

De hoogste snelheid die ik zelf ooit reed was (afgetopt door elektronica) 250km/u. Het voelde geweldig. Maar ook beangstigend. Want een foutje van een medeweggebruiker en je gaat met een rot vaart richting Petrus. Het is om die reden dat ik de drang om overdag 130km/u te rijden in ons piepkleine en veel te drukke landje, niet helemaal snap. Wel vanuit dat gevoel van macht over een voertuig dat zo snel kan, maar meer omdat ik weet dat er malloten op de weg zitten die menen dat zij zonder te kijken naar links kunnen schieten, of voor wie 130km/u nog steeds niet snel genoeg is. Want dat is de grootste beperking. Gedrag van mensen. En zeg nu niet dat je niet weet waar ik het over heb. Als je dagelijks rijdt weet je dat zeker. Hoeveel keren heb jij zelf niet een bijna-raak situatie meegemaakt? Al reed je zelf wellicht netjes? Hoe vaak kreeg je niet zo’n malloot op je achterbumper die er hoe dan ook langs moest? Kortom, dat snelle rijden is leuk….op lege wegen, maar bestaan die nog?? Ik ken ze vrijwel niet. En als….dan is het een dure hobby. Precies….voor types die dat kunnen betalen. En voor 85% van de bevolking is dat dus niet zo… Rij voorzichtig dus en ga naar een circuit als je meent dat je zelf een coureurstatus hebt of wilt bereiken…(Beelden: Archief)

Straf en boete…

Straf en boete…

Op een of andere manier hebben wij langzaam aan een justitieel rechtssysteem gekregen dat grote ongelijkheid tussen burgers lijkt te willen vasthouden. De een krijgt voor moord een taakstraf, de andere moet voor het dragen van een fakkel in de buurt van een mislukte politica een half jaar de cel in. Dat geldt ook voor al die uitvoerders die in opdracht van een of andere crimineel een vuurwerkbom of erger bij mensen aan de deur hangen die nog iets moeten betalen aan schuld of zo. De schade daarvan loopt in de miljoenen, de daders zijn als ze al worden opgepakt zo jong dat ze met een boete of een voorwaardelijke straf zo weer op straat staan.

Dat werkt lekker motiverend voor anderen om zich niet aan de wetten die dit land kent te houden. Zo denken met name types die in de extreme hoek van de samenleving bewegen en snelwegen of vliegvelden bestormen en lam leggen, of die een haat aan de dag leggen voor joodse medeburgers die zijn weerga niet kent. Vaak komen die lui uit de zelfde hoek van het politieke spectrum of juist uit de krochten van de onderste samenlevingslagen. Worden ze al opgepakt of nog fraaier, aangepakt, krijgen ze fluwelen handschoenen dragende agenten om ze beet te pakken en af te voeren.

Veelal is de rit niet naar het politiebureau of het gevang maar gewoon naar een of andere industrieterrein waar ze dan zonder straffen mogen teruglopen naar hun holen. Dat die agenten niks doen toch vooral verbonden aan de instructies van linkse stadsbesturen of het korps zelf. Anarchisme en activisme lijkt daar op grote sympathie te mogen rekenen. Zeker als je ziet hoe een paar jaar terug demonstranten werden behandeld uit een heel andere hoek, zoals de types die niet gevaccineerd wensten te worden tegen corona. Toen ging de lange lat er over heen en de waterspuit van de rijdende kanonnen met dit spul stonden op standje oorlog. Gewonden meteen het gevolg. En bij een boerenprotest in het oosten van het land was een agent zelfs bereid om meteen met scherp te schieten op een 16-jarige bestuurder van een trekker. Voor mij is het simpel, wie zich niet aan de wet houdt dient daarvoor een straf te krijgen.

En zeker die jonge gasten die maar menen dat iemand in elkaar trappen of een meisje aanranden gewoon normaal gedrag is mogen wat mij betreft wel wat steviger in hun ego worden aangepakt. Wat te denken van het uit de middeleeuwen bekende schandblok? Zet die zichzelf als het centrum van de aarde ziende daders daar maar eens een weekje in. Naar gelang hun daden zou je zo daarbij ook kunnen ontkleden om de schaamte te laten voelen die veel van hun slachtoffers ook moesten beleven tijdens de misdaden die tegen hen werden begaan. Wat mij betreft geen onderscheid tussen mannen en vrouwen. Wie zich misdraagt, de wetten aan de ongepoetste laars lapt of meent dat jouw doelstellingen boven die van de democratie gaan, moet maar eens ondervinden hoe dat is dan. Echt straffen. Tien tegen een dat we dan snel al dat gepeupel kwijt raken. Want een groot ego is belangrijk voor dat vaak domme spul. En als we dit te zwaar vinden stel ik voor dat we dan maar besluiten om ze een weekje onder de dwang van instructeurs als Ray en Dai brengen zoals ik dat voorbij zag komen in dat geweldige TV-format ‘Kamp van Koningsbruggen’. Als je ziet dat zelfs half volwassen ego’s binnen 24 uur gebroken zijn, is het een koud kunstje (letterlijk) om die dadergroepen klein te krijgen. En als ze toch die discipline ondergaan worden ze meteen gewassen. Want de stank die van dat straatvolk afkomt is vaak onverdraaglijk. Alsof Lucifer zelf zijn zwavelputten heeft geopend om dat soort volk de straat op te sturen. Kortom….voor van alles en nog wat goed. Maar toekijken is dat niet. Gelijke monniken, dito kappen. Toch? (beelden: Internet)

Op deze dag in….1924..

Op deze dag in….1924..

..precies 100 jaar geleden werd het vandaag net geen 16 graden warm. Het was een schrikkeljaar en ook een waarin de Olympische Spelen werden gehouden te….Parijs. Niks nieuws onder de zon dus. Dat verandert snel als we zien dat het toch nog redelijk jonge KLM besloot om per vliegtuig een route te openen naar Batavia in het toen nog Nederlands-Indie! De Fokker F-VIIa die daarvoor werd ingezet deed er weken lang over, want het was nog pionieren in die tijd. Wat zijn we op dat punt toch ver vooruit gegaan.

Dat deden we (maar dan toch met het nodige voorbehoud…) ook op het gebied van de totale bevolking qua omvang. Een eeuw terug was die net 7 miljoen mensen groot. Elk jaar kwamen er door geboorten dik 100.000 mensen bij, een klein deel ook door immigratie, die indertijd vooral plaatsvond vanuit landen als Duitsland en Polen. Daar had men met ernstige gevolgen te maken van WO1 en pogroms richting joden. Ook toen al. Als we eens kijken naar het boodschappenlijstje, omgerekend in Euro’s voor het gemak, zien we dat 1 kilo aardappelen voor 0,05 cent van eigenaar verwisselde. Brood kostte 0,09, 1 kilo kaas 0,78, eieren 4 cent per stuk, koffie 46 cent per pak en margarine 27 cent. Melk kostte 7 cent per liter. En die was nog van de volle soort.

Hard werken leverde de gemiddelde Nederlander 85 euro per maand op. Moest je wel vaak 6 dagen per week arbeid voor verrichten. Voor de liefhebbers van cultuur was er George Gershwin die o.a. zijn befaamde Rapsody in Blue componeerde. De man zou jaren lang een grootheid zijn in de Amerikaanse muziekscene. Wat je niet ziet is dat veel Nederlanders ronduit in armoede leefden. De gemiddelde arbeider moest bijna slavenarbeid verrichten om nog een beetje aan het dagelijks brood te komen. De hygiene liet in veel woonomgevingen fiks te wensen over en de scholing van met name mensen uit lagere milieus was of bleef slecht.

Men was overwegend nog wel zeer gelovig. Katholieken en protestanten bleven trouw aan hun kerkelijke tradities en heidenen waren vaak communisten. Ging je niet mee om. Achteraf gezien een prima advies…. Hoe dan ook, de wereld is ook in Nederland flink veranderd. We leven nu in een vorm van weelde, mixen met andere culturen voor zover die daar voor open staan. Deden we indertijd met die toenmalige immigranten ook. Maar Nederland was een eeuw geleden veel minder gericht op het buitenland dan nu. Immers, de neutraliteit moest gehandhaafd, net als de goudstandaard. De regering gaf niet meer geld uit dan de tegenwaarde van de goudvoorraden. Kwam ons op enig moment nog duur te staan. Maar dat was meer voor de toen nabije toekomst….. (Beelden: Internet)

Pionier ging heen…

Pionier ging heen…

Onlangs overleed Martin Schroder. Naamgever en oude baas van Martinair Holland. Een grote naam in het Nederlandse luchtvaartgebeuren. Naast die van Albert Plesman, John Block, Anthony Fokker of Bob Schreiner, was Martin Schroder een echte ondernemer die door roeien en ruiten ging voor zijn bedrijf. Pionier en visionair. Buiten zijn alsmaar groeiende luchtvaartbedrijf zette hij ook een vliegschool op, een luchtreclame-afdeling, een restaurant op Lelystad Airport en ook nog eens een cateringbedrijf.

Allemaal met elkaar verbonden en bedoeld om er een totaal succes van te maken. Hard werken de boodschap en met een 9 tot 5 mentaliteit bleef je maar thuis. Bijnaam ‘De Lange’ vanwege zijn fysieke lengte. Gevreesd om zijn rechtlijnige aanpak van ‘uitdagingen’ en respect afdwingend door elke tak van de operatie van zijn bedrijven zelf op te volgen en soms te corrigeren. Geen manager, maar een hands-on man. Na de prille jaren van vliegen met oude toestellen kwamen de eerste jets. De actieradius werd groter en de grote baas dwong respect af door allerlei landingsrechten te verwerven in zowel het Verre Oosten als Zuid-Amerika. Rechten waarvan KLM nu nog profiteert.

Naast DC-8-ten en 9’s, nam Martinair op enig moment een aardige gok door ook DC-10’s te bestellen. Splinternieuw, groot en dus duur. Maar met extra kapitaalinjecties van nieuwe aandeelhouders en een samenwerkingsverband met KLM kwam ook dat goed. De nog grotere Boeing 747 kwam ook nieuw in de vloot, net als de toen even nieuwe Airbus A310. Groeien werd een doel op zich en dat deed de maatschappij. Maar ook de leeftijd van de naamgever. De dynamiek van de luchtvaart was nog steeds een uitdaging, maar het pensioen lonkte. Samen met zijn vrouw (ex stewardess) Tineke ging hij genieten van cruises op luxe schepen. Hij liet zijn bedrijf over aan de managers van KLM.

En die maakten in relatief korte tijd stuk wat hij in alle jaren zorgvuldig had opgebouwd. Stukje bij beetje verdween Martinair als passagiersmaatschappij en werden de vliegtuigen verkocht. Wat nu nog rest is een enkele Boeing in eigen kleuren en een tweetal 747’s die voor KLM vliegen. Het rode uniform verdwenen. Onderhavig aan Air France en KLM. Martin zelf verscheen af en toe nog wel eens tijdens luchtvaartsymposia. Maar je zag zijn leeftijd er zeker in de laatste jaren wel aan af. Sterk vermagerd, broos, een oude man. Maar met ogen die nog vol vuur konden meepraten over hoe het in de luchtvaart van nu toe ging. 2 oktober jl kwam dan het nieuws dat zijn fysiek laatste take-off was gekomen. 93 jaar oud geworden. Ik zelf vrees dat zijn bedrijf die leeftijd niet meer gaat bereiken. Rood werd blauw, en managers zijn geen ondernemers. Deze grote gaan we missen. Net als die andere die ik al eerder benoemde. En voor hen die dat wellicht zijn vergeten, i v m het vijftigjarig bestaan van Martinair schreef ik nog een boek vol iov een uitgeverij in de luchtvaart. Dat boek heeft nu vast extra waarde. (Beelden: Yellowbird)

Totaal genoegen in Rotterdam..

Totaal genoegen in Rotterdam..

We werden uitgenodigd voor een heerlijk samenzijn in Rotterdam door onze lieve vrienden uit de omgeving van die grote havenstad. En omdat ik zelf van een paar jaar geleden de uitgekozen eetgelegenheid nog goed herinnerde als een geweldige ervaring, reed ik er vol enthousiasme dwars door het drukke verkeer met vrouwlief en de vriendjes heen. Wereldrestaurant Cathay aan de Martin Luther Kingweg 7 daar ons doel. En meteen lijdend voorwerp voor mijn verslagje over wat je daar zoal mag verwachten. Nou het is een restaurant plus bowling van de all-you-can-eat soort, maar dan met een enorme mate van verfijning qua gerechten en drankjes. Je betaalt een bepaald bedrag, koopt een tijdslot en wordt naar je toegewezen tafel gebracht waar je vanaf dat punt op allerlei strategische plekken de meest opvallende en lekkere gerechten kunt oppikken. Van voor- tot nagerecht, van Nederlands tot uitheems, groot of klein.

Na elke gang zet je het gebruikte bord aan de kant, dat wordt direct weggehaald, en ga je na het sociale aspect van samen aan tafel zitten kwekken weer op weg voor de volgende gang. Wil je het bord helemaal vol stampen? Prima, ga je gang! (en ik zag heel wat mensen dat nu net doen). Ik zelf ben meer van de diverse gangen met allerlei wat kleinere gerechten, nou van vis tot vlees, groenten of wat ook, het ligt hier voor je klaar. Wie dat wil kan stukjes vlees afsnijden van een varken aan het spit, maar je kunt ook een visje op de hete plaat laten klaarmaken, dan wel het geheel laten wokken.

De sfeer is gemoedelijk, de akoestiek voor de bakker, gewone gesprekken zonder stemverheffing te voeren, ondanks dat de zaak ook op deze doordeweekse woensdag begin deze maand, bijna tot de rand toe gevuld was. Rotterdam kan deze gelegenheid bijna blind vinden denk ik. Hele gezelschappen meldden zich namelijk voor een genoeglijke avond bij goed eten. De bediening is efficient, vriendelijk maar vooral ook terughoudend. Dat is altijd plezierig. Naast en achter het pand is een grote parkeergelegenheid, de toegang tot het restaurant-gedeelte is rolstoelvriendelijk. Zijn er ook minpunten? Ja. De toiletten zitten in het keldergedeelte. En de aanwijzingen er heen zijn niet van de meest opvallende soort. Het toilet kan er mee door, mits je goed naar de details kijkt, dan is dat qua aankleding minder verzorgd. Aandachtspuntje. Maar het maakte onze uren samen er niet minder om. Integendeel, ik raad iedereen aan die lekker wil eten (of veel) om hier eens een arrangement te boeken. Tussen 30-40 euro p.p. zit je hier een paar uur goed onderdak en hoef je daarna een paar dagen niets meer te eten. Overigens zijn echt dure likeurtjes niet bij de prijs inbegrepen. Verder al het andere en gangbare wel. En daarmee is de prijs/kwaliteit bij Cathay prima verzorgd. Overigens betekent die naam in feite niet meer dan China anno de 12e/13e eeuw. Maar dat is gewoon een weetje….De lieve vriendjes die ons trakteerden bedanken we uiteraard langs deze weg nogmaals, het was echt top! (Beelden: Cathay/prive)

De pop…

De pop…

Toen zij werd geboren kwam zij ter wereld uit liefde en wel met als doel anderen te bekoren. Haar naakte lijf werd aangekleed in de beste Schotse tradities. Lekker warm, met de kleuren die passen bij een fantasievolle clan. Zij werd opgemaakt, haar ogen omgeven door dat wat een jonge vrouw aantrekkelijk maakt. De haren gekamd, alles klopte. Daarna werd ze verpakt. In een mooie kartonnen huisje met uitzicht naar voren. En van de ene stad naar de andere verplaatst. Tot ze terecht kwam in een warm nest waar ze samen met haar gelijkvormige zussen werd uitgestald als ware zij een publieke vrouw. Als het huis werd opengesteld werd zij door de mensen die binnen kwamen uitgebreid bekeken. Soms beetgepakt en een enkele keer aangeraakt om te voelen of zij wel van voldoende kwaliteit was als real Scottish Girl. Op een goede dag werd ze uitverkoren.

Een Nederlands stel koos juist haar uit om mee te reizen richting hun eigen huis. Ze nam snel afscheid van haar klasgenoten in de winkel en verdween in een stuk papier en dan in een zak. En die zak later in een koffer. Na een paar uur heen en weer geslingerd te zijn en geen idee te hebben waar ze nu was, werd ze voorzichtig uit haar kartonnen huisje gehaald en neergezet in een glazen flatgebouw tussen allerlei lieden uit andere landen. Maar ook tussen teddyberen. Als het donker en stil was in het huis waar ze nu verkeerde spraken ze onderling met elkaar. ‘Waar kom jij vandaan? En jij? ‘. Iedereen vertelde dan zijn of haar verhaal. En zo hielden ze elkaar bezig. Geen van hen werd ouder, maar het stel dat hen had meegenomen wel. En op een dag bleef het stil in huis. Geen licht, geen lucht, gewoon stilte. En ze zagen vanuit hun glazen onderkomen hoe het huis om hen heen werd leeggemaakt. En op een dag werden ook alle medebewoners een voor een opgepakt en meegenomen. Waarheen wist zij niet. Zij zelf werd in een plastic verpakking gestopt. Ze hoopte dat ze terug zou reizen naar Schotland, maar ze eindigde op een plank in een kringloopwinkel in Almere-Haven. In vol ornaat, met haar warme kleding aan en een klein prijsstickertje om haar alsnog een nieuw onderkomen te verschaffen. Ze hoopte op een mooi leven bij iemand anders. Zette haar mooiste glimlach op en keek de passerende potentiele baasjes hoopvol aan. Zo zag ik haar ook, maar liep er toch aan voorbij….Maar hoop wel op een mooi nieuw huisje….Dat verdient ze…this flying Scotsgirl….(beeld: Prive)