De schitterende St. Jan in Den Bosch…

WP_20160810_007Ik geef direct toe dat ik ergens nog wel een restantje katholicisme in me heb zitten. Niet zo zeer voor wat betreft de godsdienstinhoud, maar wel met sommige uiterlijkheden van het instituut. Gek op kerken gebleven. Prachtige historische gebouwen vaak. En de beleving van het enige ware geloof (..) is natuurlijk omgeven door veel optische verfraaiing die mij wel bekoort. Als het dan toch moet, dan maar zo. En niet anders! Hoe dan ook, een kerk die al een flinke tijd op het verlanglijstje stond om nog eens vanbinnen te bekijken was de St. Jans-basiliek in Den Bosch. Een van de bezienswaardigheden van die verder ook zo gezellige stad. Maar de keren dat wij er voorheen waren was er telkens een reden om het gebouw niet te bezoeken. Steigers in verband met een verbouwing of restauratie, een toegangsprijs die men vroeg om erin te mogen (doen wij principieel niet aan mee) of lange files voor de ingang. Toen we dan ook onlangs weer eens in Den Bosch verkeerden en we er zo maar zonder enig probleem in mochten, dachten we: ‘Kijk, dit is onze kans’ en we liepen er vol verbazing in rond. Dit is geen kerk, dit is geen kathedraal, dit is een basiliek. Brabantse gotiek, prachtige ornamenten, dito gebrandschilderde ramen. Van oorsprong daterend uit 1366 werd de kerk door de loop van de jaren heen uitgebouwd tot een kathedraal en in 1929 gekroond tot basiliek.

WP_20160810_014Wat je ziet is prachtig. Er zijn overal afbeeldingen te zien die te maken hebben met de katholieke leer door de jaren heen. Het orgel is een prachtig ding dat al stamt uit 1617 maar waaraan een heel verhaal kleeft voor wat betreft de bouw en afstemming van het geluid. Pas in de 18e eeuw kwam het ding echt op toon. Best lang voor een orgel. Maar dan heb je oog wat. De St. Jan is 115mtr lang, 62 meter breed, het koepelgewelf in het midden is 41 meter hoog. De hoogste toren kent een lengte van slechts 73 meter. Dichter bij God kon men indertijd niet komen kennelijk. Maar vanuit diens troon ‘in den hemel’ zal hij dit eerbetoon aan zijn bestaan vast niet kunnen missen. Terwijl de St. Jan best een indrukwekkend complex is, blijkt dat in de omgeving weinig tot niets lijkt op de bouwstijl van deze kerk. Dat zie je op andere plekken weleens anders. Hij lijkt in veel opzichten op andere kerken in het Brabantse, maar heeft weer niets van de majestueuze kerken die door bouwmeester Kuypers zijn neergezet. En ja, ook deze kerk viel ooit in handen van de hervormden. In 1629 werd de eerste dienst van die stroming gehouden in de St. Jan. Pas in 1810 kregen de katholieke gelovigen met dank aan Napoleon hun eigen kerk en bisdom weer terug.

WP_20160810_013 Een paar jaar later vloog de westertoren (nee niet die in de hoofdstad…) in brand. Twaalf jaar later was de schade pas hersteld. Maar toen was er meteen een heel klokkenspel in gehangen, een oude wens van de katholieke gemeenschap. U ziet, ik heb mijn huiswerk gedaan. Tijdens ons bezoek zagen we nog een expositie over de Lijkwade van Turijn. Interessante expositie over een van de meest bediscussieerde zaken uit de katholieke geschiedenis. Maar hoogst interessant ook. Na al die jaren dus toch bezocht. En weer het e.e.a. bijgeleerd. Ook dat is nuttig. Want wie niets meer (bij) leert is klaar om er definitief mee op te houden. En dat was ik niet van plan. Maar dat waren al die ‘belangrijke en rijke lieden’ die in de St. Jan begraven liggen ook niet. Geeft te denken…..

Reizen in een sardienenblik…

WP_20160531_021We zouden onlangs weer eens voordelig gaan treinen. Niets zo leuk als je laten rijden en dan nog naar een plek waar het leuk toeven is en je nog gastvrij wordt ontvangen. Voor ons zijn veel van die plaatsen in het zuiden van ons land te vinden. Dus op naar het station waar we de rechtstreekse trein naar Maastricht/Heerlen konden nemen. Op zich ging dat prima, ware het niet dat de trein te laat arriveerde. Net als de treinen naar Nijmegen/Arnhem, ons alternatief qua bestemmingen. Als de een te laat is komt de volgende in het NS-schema er achteraan en loopt dus ook vertraging op. Het treintype dat ons uiteindelijk vervoerde was een zgn. koploper. Dat zijn wat oudere treinen met enkele etage, waardoor je al snel het gevoel hebt dat je het warm krijgt en dat die gele rups wel erg over de rails heen en weer slingert. Bij een auto zou ik denken aan doorgesleten spoorstangen of slechte schokdempers. Vanaf Utrecht reden we intussen soms stapvoets naar Den Bosch. Geen uitleg van het personeel, maar we stopten zelfs op het station Culemborg, waar de deuren dicht bleven, dus dat was vast niet gepland. Wat we wel hoorden was dat het achterste deel van de trein in Eindhoven zou blijven staan, de voorste rijtuigen gingen door naar Heerlen.

WP_20160531_009Voor ons geen probleem. Wij zaten voorin, en dat bewuste treindeel passeerde onze bestemming, Roermond. Maar niet ver van Eindhoven kwam via de intercom een akelige mededeling. De hele trein bleef voorlopig hangen in Eindhoven. Er was een aanrijding geweest achter of net voor Weert en dat hield in, geen treinverkeer voorlopig. Tja. Wat dan? Bussen? Ook niks! Dus uitstappen dan maar. Eindhoven bekijken. Gelukkig was er markt, anders is het daar toch een kale toestand voor het station. De Bijenkorf bood soelaas. Een lelijk gebouw van buiten, maar prachtig vanbinnen en een geweldig aardig team. Zelden zo meegemaakt. Heerlijk gezeten met een keur aan bladen en kranten en een heerlijk stukje gebak bij de koffie/thee. Maar verder is dat Eindhoven toch niet onze stad. Terug naar Den Bosch dan maar. Gezelliger, warmer (ook letterlijk) en met een leuk centrum.

WP_20160531_026We gebruikten er de lunch op een gezellig terras, ik bezocht er een van mijn lokale favoriete winkels en we zagen dat de St. Jan nog steeds in de steigers staat. Na een paar uurtjes daar, toch maar weer op weg. Voor de spits in de trein. Ervaring leert dat je dan tot de hoofdstad kunt blijven zitten. Nou dat ging maar net aan goed. Volle en vooral korte trein stond ter beschikking op de lijn naar Schiphol. Mensen met koffers versperden overal in- en uitgangen en ook zitplekken. Handig! Hoe dan ook, we zaten en boemelden (anders kan ik het niet noemen als je soms 5km/uur rijdt) richting Utrecht. Daar stonden zoveel mensen te wachten dat het leek of we alsnog in de spits aan kwamen. Maar dat was toch echt niet zo. Alles vulde zich als een sardienenblik. Staande mensen, half op leuningen zittend, de portalen propvol. Japanse toestanden! Het werd een benauwd ritje in die Intercity. Bij het uitstappen was het een genot om de geur van de buitenlucht in te kunnen ademen. Wat een gebrek aan comfort bij die NS. Als je forens bent hou je het vast snel voor gezien. Nee, dit was niet het meest succesvolle tripje dat we ooit maakten. De bestemming niet bereikt, opgepropt in een te kleine trein en ook nog vertraging. Volgende keer gaan we toch maar weer met de auto. Dan maar een glas wijn minder…..

Stedelijke relativering….

OLYMPUS DIGITAL CAMERAIk hoef maar een keer iets neer te zetten over de fraaie en positieve aspecten van een stad als Amsterdam en ik krijg vanuit het hele land input van lieden die menen dat ik ofwel gelijk heb dan wel volkomen ongelijk. Vaak zijn onderliggende emoties de oorzaak. Zo zijn er nogal wat voetballiefhebbers die Amsterdam niet los kunnen zien van Ajax, alsof dat voor een wereldstad als de onze het enige is dat telt. Omgekeerd heb ik zelf wel ‘iets’ met een aantal plekken in het land die mij kunnen bekoren. En dat hoeven dan helemaal geen grote, bekende, of beroemde plaatsen te zijn. Juist in het provinciale schuilt soms de aantrekkingskracht. Opmerkelijk is dan dat inwoners van die steden of stadjes zelf vaak heel relativerend doen over de pluspunten van hun woonomgeving. Iets wat wij Mokummers niet kennen of zouden kunnen. Wij zien best wel dat niet alles koek en ei is en dat op bestuur en bewoners best wel eens wat aan te merken valt. Maar ja, grote stad, met bijbehorende problemen.

WP_20141003_013Onlangs waren we weer in een provinciestad waar het heel goed toeven is en de terrassen niet alleen aantrekkelijk zijn qua ligging maar zeker ook qua prijs. Met een van de uitbaters kwamen we in gesprek. Hij snapte bijna niet dat wij zijn stad uit hadden gezocht voor ons uitje. Als Amsterdammers?? Wat zoek je hier dan? Nou, dat legden we hem nog eens uit, want wij zijn hier minstens drie, vier keer per jaar. Hij zag zelf meer in Eindhoven of Den Bosch. Grotere steden, mooie centra en nog leukere horeca. Het is opvallend dat je dit vaker tegenkomt. Dat bijna negatief verkopen van je eigen stad. Ik zou dat niet snel doen. Er is niets beter dan de plek waar je woont, de auto waarin je rijdt, de winkel waar je altijd koopt, de vakantiebestemming die je zelf uitzocht, toch?

OLYMPUS DIGITAL CAMERAEn als we dan zijn verhuisd, in een andere auto rijden, een nieuwe winkel hebben gevonden of eens ergens anders heen zijn geweest op vakantie komen vaak de negatieve mededelingen. Over saai, problemen, prijs of onvriendelijke inwoners. Nou over dat laatste maak ik me in dat bewuste provinciestadje geen zorgen. Mensen zijn er erg aardig, je kwekt binnen de kortste keren met allerlei wildvreemden en met wat opletten versta je ook nog wat ze zeggen. Wat ik wel heel vervelend vindt is dat het winkelbestand zo rap afneemt. Dat kortingwinkeltje, de speelgoedzaak, die aantrekkelijke kledingwinkel….allemaal weg. Dat worden veel (te veel) te huur bordjes. Jammer, want ook dat was een van de aantrekkelijkheden. Maar daar hoor ik niemand over. Zou men zich er voor schamen?