En terwijl het in het vorige blogje nog ging over Fokker en haar rol in de wereldluchtvaart, dit keer wil ik het hebben over een min of meer verwant onderwerp; reizen. Want uit een recent onderzoek van de ING-Bank onder 8000 Nederlanders bleek dat tijdens de afgelopen vakantie mensen die een vakantie boekten in eerste instantie in meerderheid eerst keken naar een bestemming, daartoe besloten onderweg te gaan en pas later keken of ze wel een toereikend budget hadden voor die trips. Pas veel later keek men ook hoe lang men eigenlijk weg wilde blijven. Dat houdt in dat veel mensen min of meer ‘als een kip zonder kop’ een reis boekten. ‘Maakt niet uit wat het kost, ik wil op vakantie en graag ver weg’. Kan niet schelen wat de prijs is voor dat tripje, gaan met die banaan.
Dit gedrag staat zover af van mijn eigen idee over vakantie, dat ik het opmerkelijk genoeg vond om er even een verhaaltje over te dichten. Immers, ik geef toch even meer aandacht aan het besteedbare budget dan aan wat ik eigenlijk zou willen. Nooit schulden maken voor grote uitgaven zit er nogal in gebeiteld bij me, en dat zorgt nog steeds voor grote terughoudendheid als het even niet uitkomt. Liever sparen en genieten dan lenen en lange tijd moeten bloeden voor iets wat je al snel vergeten bent. OK, lijkt ouderwets, maar zo zijn wij opgevoed. Met als voorbeeld ouders die vaak de eindjes bij elkaar moesten leggen om uiteindelijk van vakanties te kunnen genieten. Bij ons thuis ging dat zeker zo. Al waren het dan geen verre bestemmingen, dan nog. Een week volpension in Limburg was het ultieme dat de soms zo hardwerkende ouders voor mekaar konden brengen. Maar dan moest het geld er wel zijn. Want als we gingen dan bezuinigde men niet. Hapjes, drankjes, uitstapjes, het moest allemaal gedaan worden. En die tripjes zitten nog aardig in de bol.
Geldt ook voor de plekken waar ik zelf in de loop der jaren heen ging. Altijd comfortabel, beetje shoppen, cultuur, reizen per vliegtuig of een snelle trein, soms met de auto. Maar nooit op de bonnefooi of op basis van geleend kapitaal. Het past me niet, ik zou er kriebelig van worden. En als ik dit onderzoek dan lees weet ik zeker dat ik van een andere generatie begin te worden. We lenen weer wat af tegenwoordig en alles moet kunnen. Van de grootste auto (als die niet van de zaak is), tot het meest luxe huis, de nieuwste smartphone en/of computer, en natuurlijk een paar keer per jaar op vakantie. Logisch, want ‘we werken er hard voor’. Alsof ik dat ook niet deed. Maar goed, andere discussie. Ben wel benieuwd hoe jullie hier nu naar kijken. En o ja, die reisduur…..ik denk aan mijn drie vierpotige huisgenoten en vind direct twee dagen weg al lang. Dat mag je die beesten niet aan doen toch???

Precies een jaar geleden reden we met onze nieuwe aanwinst vanuit het Overijsselse Rouveen in de richting van Almere om onze nieuwste rijdende aanwinst in fonkelnagelnieuwe conditie even te laten zien aan onze lieve vriendin daar. Na 2,5 jaar met een zilvergrijze driedeurs was het tijd voor een nieuwe vijfdeurs. Uitvoering qua deuren en kleur met dank aan vrouwlief die bij de vorige nog wat had gezwegen. Die vijfdeurs uitvoering bleek in de praktijk een stuk handiger dan de vorige driedeurs. Ook al deden we daar ook dingen mee die de ontwerpers vast niet voor mogelijk hadden gehouden. Intussen is de kilometrage aardig opgelopen en heeft ook de blauwe er heel wat ritjes opzitten naar verre Duitse of Nederlandse dreven. Tegen een gemiddeld brandstofverbruik van 1:19, wat voor een benzineauto in mijn rijstijl best een groot compliment is. Dat de auto cruise-control heeft blijkt in de praktijk zeer handig. De airco zorgt voor plezierige omstandigheden en het veercomfort is wat beter dan bij de vorige versie die 1,5cm lager op zijn wielen stond.
Dat hield in dat je dan als een slak over verkeersdrempels heen moest, dat is bij de blauwe beter verzorgd. De radio kent ook twee boxen meer dan bij de vorige auto van hetzelfde merk en ook dat werd in dank aanvaard. Jammer is wel dat het merk en haar moederconcern niet in staat is om zelf stootstrips of spatlappen te leveren. Die laatste dingen lijken ouderwets, maar wie weet hoe snel de achterkant van het vlotte karretje aanslaat weet dat je dit met een paar van die rubber beschermplaatjes zonder problemen kunt oplossen. Maar ja, wat niet is kan nog komen. Het onderhoud deden we bij de garage die het dichtste bij onze woonstek is gelegen. Een technische instelling met grote mate aan servicegevoel. Naast het reguliere onderhoud moesten ze me een keer helpen. Omdat ik een voorband lek had. Lek door een schroef die diep in het rubber geboord bleek. Dat moest even opgelost. Intussen is de reparatie daarvan alweer 5000 km geleden.
Het gaat hard, ook met de blauwe, ook al gaat het minder snel qua kilometers dan bij de zilveren voorganger die ook nog deels zakelijk werd benut. Dat scheelde toch flink wat kilometertjes per jaar. Voorlopig kan het nog even, de garantie duurt nog drie jaar (..) en het ding doet al rijdend geen slag verkeerd. Het lijstje bestemmingen waar hij al geweest is groeit. Ik ben zelf altijd verbaasd wat we met die compacte blauwe allemaal hebben bekeken. De zilveren reikte al verder, maar ja, baas boven baas. Ik wilde het maar even memoreren. De jarige kreeg een wasbeurt voor de velgen. Dat moet het maar zijn voorlopig. Zoals mijn jeugdvriend Fons ooit uitlegde bij het wassen van de door zijn vader geexploiteerde huurvloot auto’s die ik mocht helpen (..) schoonmaken, velgen, banden en ramen schoon = auto schoon! En daar houd ik me dan maar aan. En ga verder op de ingeslagen weg….
De winter is als ik dit opschrijf net op de terugweg en de temperaturen lopen onder invloed van een zuidwestelijke stroming in onze omgeving weer op tot flink hoge waarden. We hadden een week waarbij de vorst even liet voelen hoe het kan zijn in januari en in sommige streken bleek zelfs schaatsbaar ijs te ontstaan. Aan mij is dat niet besteed overigens, ik ben niet zo van dat gladde gedoe op 1,5 centimeter bevroren water. Het doet me wel terugdenken aan winters die ons mensen overspoelden met de ongemakken die bij dit seizoen behoren. Sneeuw, gladheid, dik ijs. Zoals begin jaren zestig toen we een winter kenden die nu als horror te boek staat. Ongeveer alles wat normaal water was vroor dicht. De Amstel achter ons huis, de Zuiderzee, en de Elfstedentocht bleek een rampenplan. Zo koud, zo heftig. Met huizen die slechts op kolenkachels draaiden v.w.b. de verwarming en een steeds schaarser wordende anthracietvoorraad was het ook spannend hoe de boel een beetje gangbaar bleef.






