Isolatie in de ruimte…

De gemiddelde man of vrouw is niet gemaakt voor lange perioden van eenzaamheid. Denk maar eens aan de vele verhalen die over dit thema verschenen. Onbewoonde eilanden, lijken leuk, in de praktijk kan 99,9% van de mensheid daar niet overleven zonder mentaal ziek te worden. Om het over honger en dorst niet eens te hebben. Een paar maanden niet kunnen winkelen of naar de kroeg in coronatijd maakte duidelijk dat velen al symbolisch tegen de wanden klimmen. Moet je eens indenken dat je dan jaren vast komt te zitten in de oneindige ruimte om ons heen. En oneindig is die ruimte zeker. Zodanig dat we als mensheid vermoedelijk niet veel verder kunnen reizen dan pakweg een deurtje verder in een straat die is gelegen in een stad die weer is gesitueerd in een land zo groot als Rusland en dat dan weer op een wereldbol die eerder zo groot is als Saturnus dan de aarde zoals we die kennen. Lichtjaren weg houdt in dat je met de snelheid van het licht vele jaren zult moeten reizen om ergens te komen. Nou, voorlopig zijn onze raketten voorzien van een technologie die tripjes als die van een slak in een teerton mogelijk maken.

En niet veel meer. Hoe dan ook, we plannen trips naar de Maan (opnieuw nadat we in de jaren 60/70 al eerder die kant op gingen) waarvoor je ongeveer een dikke week moet reizen, maar ook naar Mars. En dat laatste is andere koek., Want een jaar ben je zo onder weg. Enkele reis. Want heen en weer is nog best een oefening. En dus selecteert men mensen die in staat zijn die eenzaamheid in de ruimte te doorstaan, maar ook een verblijf op een zeer mensvijandige planeet vol te houden gedurende een periode van wellicht een normaal mensenleven. Tuurlijk zijn de mannen en vrouwen die dit willen doen van oordeel dat ze dit aan kunnen, maar de vraag is of ze zich wel realiseren wat ze dan bedenken. De trips die astro- en kosmonauten maakten naar en in de ruimte (denk aan het ISS) gaven als resultaat te zien dat een jaar in de ruimte het menselijke fysiek aardig verandert. Ons beenderstelsel geeft het op, de spieren verslappen, hoe zeer we ook trainen, en ook de bloedsomloop is een probleem.

Komen die lui dan weer terug op aarde zijn ze een paar centimeter gekrompen en voelen zich tijdenlang niet lekker. Erger lijkt me de optie dat er bij zowel die lange Marsvluchten of de landing op die planeet misloopt en je roemloos ten onder gaat. Of een noodlanding maakt die grote schade geeft aan jouw vervoermiddel en je dan langzaam aan sterft op die rode planeet. Ik moet er niet aan denken, maar ja, ver weg van de Westertoren begint het al te jeuken. Dus ik ben om diverse redenen niet geschikt. Als je besluit om een kolonie te stichten op Mars, en die plannen zijn er, moet je dus ook mannen en vrouwen sturen om die kolonie duurzaam de toekomst in te leiden. Samen zoveel mogelijk kinderen maken, gezinnen stichten die de missie kunnen voortzetten en de basis daar gevestigd desnoods ontginnen. Met een rood waas voor de ogen en vooral verlangend kijken naar die ene blauwe planeet die heel ver weg in de sterrenhemel te zien is. Het lijkt mij vreselijk. Maar goed, ik hoef ook niet. Nee, met beide benen op de aardse grond. Toch net even plezieriger. Maar wie het aandurft is voor mij wel heen held(in)hoor. Ik wens hen behouden vlucht….(Beelden: Internet)

Relativiteit van de schepping…

Het heelalHet was voormalige blogster JJ die via Facebook een filmpje deelde waardoor ik nog een keer op de feiten werd gedrukt van ons relatieve bestaan. Relatief als onbetekenend in de enorme ruimte om ons heen. Immers, onze planeet is groot, maar stelt in relatie tot andere planeten of met name de door ons als sterren aangeduide zonnen in het heelal niets voor. Sommige van die hete gasbollen in het voor ons vijandige heelal zijn zo groot dat wij er met een vaartje van 1000km/u overheen vliegend meer dan zeven duizend jaar over zouden doen om er een rondje te kunnen maken. Stel je dat eens voor, de omvang van zoiets maakt dat ons dagelijkse gedoetje toch wel een enorme beperking kent. Maak je druk, ons hele leven is een oogknip op zo’n ver weg gelegen fenomeen. En wij maar denken dat die ‘ene god’ ons mensen op het oog had als centrum van de schepping. Vergeet het maar!  Als er al een god is zit hij vooral in ons brein, is een illusie en ligt hij/zij verankerd in ons verlangen om altijd leiding te krijgen van iemand die als vader/moeder voor ons zorgt, ons bewaakt en ook nog eens straft als dat nodig is.

Maan-Saturnus 5 met Apollo 11 start op weg naar de maanHet is een oerinstinct dan in alle mensen voor komt, net zoals je ziet dat andere zoogdieren zich maar met moeite los kunnen maken van wat ze van hun ouders meekregen aan affectieve bagage. Geloof is dus een illusie, een wendroom en moet als zodanig worden bekeken. Het relatieve van wat we intussen uit de wetenschap hebben kunnen leren over de ruimte om ons heen zou velen duidelijk moeten maken hoe bespottelijk dat idee van dat godsbeeld eigenlijk is. Maar ik gun iedereen de bevrediging van het geloof, net zoals ik het mensen gun dat ze zich door hun partner laten vastbinden voor het kennelijk ultieme genot. Doe wat je niet laten kunt, maar laat mij er buiten s.v.p. Juist die wetenschap zorgt er voor dat we steeds meer te weten komen over hoe het eigenlijk ‘echt’ zit met dat ontstaan van heelal en aarde, maar ook dat we daardoor steeds verder af komen te staan van de kerken met hun wonderlijke leer van schuld en boete. Waar de claim op dat eeuwige gelijk waarschijnlijk op los zand is gebaseerd, vaak ook nog uit dezelfde woestijnen afkomstig.

saturnEen blik naar buiten onze dampkring zou ons moeten leren hoe kwetsbaar we als mensen allemaal zijn.  Er is maar weinig nodig om onze planeet net zo te laten worden als die bolletjes die we nu hebben her- of verkend om ons heen. Zonder lucht, water en leven. Daar helpt geen moedertje lief aan en al helemaal geen brein verweven god. Tijd voor een penitentie voor al die geloven. Stop met fantaseren op dat punt en bekeer je tot de wetenschap dat we in dat hele universum (noem het schepping als je wilt) niets voorstellen. Vanaf Mars is de Aarde al nauwelijks meer te zien, gaan we naar een van die super planeten zijn we echt totaal verdwenen. Als dat niet relativeert…..

Stel dat de aliens echt komen….

WP_000076Op een dag ziet men door de telescopen op de grond en in de ruimte ‘iets’ op ons af komen dat men niet kan verklaren. Het is geen komeet, geen stuk steen, nee het is iets dat lijkt op een ruimteschip. Met alle mogelijke middelen proberen de NASA en ESA samen met de Russen en Chinezen om een communicatie op te zetten met die door de ruimte op ons afkomende wezens, maar tevergeefs. Ruis is ons deel en wat men door de lenzen van alle apparatuur kan zien is niet bepaald geruststellend. Deze lieden komen niet om melk te drinken. Het zijn oorlogsschepen die in staat zijn door de ruimte te reizen. Ze zijn ook ineens verschenen wat inhoudt dat ze over een geweldige kennis en technologie beschikken die de onze ver vooruit is. Als de snel vooruit komende ruimteschepen ons planetenstelsel binnen komen bemerken we dat er radiogolven en radarachtige straling op ons wordt gericht. Men scant de planeten in het stelsel op evt. geschiktheid om er te kunnen landen en leven. Uiteindelijk blijkt de Aarde het meest geschikt en komen de schepen op ons af. In het Pentagon slaat men alarm, net zoals dat in het Kremlin en in Beijing het geval is. Hoe gaan we ons verdedigen tegen dit soort wezens? We hebben nog geen idee hoe ze er uit zien, wat ze willen en wat hun doelstelling is. De uitgezonden berichten van menselijke kant blijven onbeantwoord. Wat blijft is de keuze om hen op een stel met atoomlading uitgeruste raketten te trakteren of we laten hen toe op onze planeet en zien dan wel hoe we de communicatie verwezenlijken. Als de schepen in een baan om onze Aarde vliegen blijkt plotseling dat veel van de nu gebruikte satellieten het niet meer doen. Contact met het ISS ruimtestation gaat verloren, de communicatie op Aarde gaat ineens bijzonder lastig. Radio en TV vallen uit voor zover ze via satellieten hun signalen verzenden.

WP_003364Mobiele telefoons en andere digitale technieken zijn ineens onbruikbaar, het lijkt er op dat de schepen ons elektronisch hebben lam gelegd. Dat is voor de generaals op Aarde aanleiding om de handschoen op te pakken. De meest geavanceerde wapens waarover wij mensen beschikken worden in staat van paraatheid gebracht. De kerken zitten intussen vol, gelovigen bidden tot hun respectivelijke goden om hulp en bijstand in deze donkere dagen. Plotseling daalt een baan van licht af naar de Aarde. Afkomstig uit een van de oorlogsschepen die om de Aarde heen cirkelen. Op de grond verschijnen insectachtige wezens met groene ogen die bij contact met de daar toevallig in de buurt zijnde mensen direct toeslaan. Zij eten de mensen en dieren die ze vinden direct op. De wezens zijn groenachtig van kleur, een beetje metallic-achtig van uiterlijk en bewegen zich op acht korte poten. Of ze iets van uniformen of bescherming dragen is niet te zien, wel dat ze een meter of drie lang zijn en bijna twee meter breed. Ze maken een laag brommend geluid, dat ruiten doet trillen. De mensheid is in paniek als op andere plekken ook lichtbanen verschijnen waaronder ook dit soort wezens verschijnen waartegen weerstand bieden zinloos is. De mens is prooi, de nieuwkomers zijn vleeseters en maken geen onderscheid tussen een koe of een mens. Vlees is vlees zo lijkt het en hun kaken vermalen een mens in iets van 1,5 minuut.

Maan - Mare Tranquillitatis - de landingsplek van Apollo 11Wat te doen als dit scenario echt zou zijn? Geen idee. Maar ik kom er op omdat wij in het verleden al diverse satellieten de ruimte in schoten met allerlei relevante informatie voor buitenaardse beschavingen. Binnenkort gaat er weer een onderweg. Met de stand der techniek zijn die apparaten nog wel even bezig om ergens heen te vliegen waar ze dat contact echt zullen maken. Maar als ze dan ‘iets’ tegenkomen is het wel te hopen dat dit vredelievende en intelligente wezens zijn die niet uit blijken op de dominantie van het heelal. Soms vraag ik me wel eens af of men over de mogelijke consequenties van dit handelen wel eens heeft nagedacht. Zo niet, is wat ik hier beschrijf wellicht het gevolg. Zo ja zou ik graag willen weten hoe men zich een ontmoeting met die ET-achtigen voorstelt. Maar ik denk ook, nee, weet bijna zeker, dat ik het niet meer zal meemaken. De eerste ruimtesonde, Voyager, is nu, na iets van 45  jaar vliegen net uit ons eigen zonnestelsel los gekomen en de grote onbekende ruimte in gegaan. Met de snelheid van een paard en wagen als je het op deze schaal bekijkt. En dat geeft wel iets van rust…