Allemaal lijden we aan een of andere vorm van vooroordelen t.a.v. anderen. Zelfs in gelovige kring, waarover ik het later nog eens zal hebben, kijkt men op een bepaalde manier naar anders denkenden of zoals we recent zagen, homoseksualiteit. Zo kan het zijn dat wij een luidruchtige buurman door diens gedrag best wel wat asociaal vinden. En we hem daardoor al snel zullen betichten van zaken die niets met zijn gedrag van doen hebben. Hij is immers luidruchtig. En lawaai is iets waaraan een deel van de moderne mensen een hekel heeft. Anders dan vroeger. Een uitlaat op de brommers van toen sloegen we inwendig als puberend volk graag door, zodat het tweewielertje niet alleen sneller werd maar ook luidruchtiger. Een beetje derdehands auto in handen van jonge lui kreeg (krijgt) een speciale uitlaat waardoor je met veel meer decibels dan wat de fabrikant ooit voor ogen had, door het verkeer kunt jakkeren. En veel mensen vonden of vinden dat prachtig. Anderen zijn er niet gelukkig mee, want hun rust wordt verstoord. Ook al wonen ze aan een snelweg, en kozen ze voor het uitzicht bewust voor die plek. De behoefte aan rust bepaalt ons denken op dat punt vaak.

En die reflexen zie je ook bij hen die rond Schiphol, Rotterdam, Eindhoven of zelfs Lelystad Airport zijn gaan wonen. Leuk zo’n vliegveld, je krijgt er een goede economie door, veel werk, huizenbouw en een behoorlijke infrastructuur, maar het moet geen lawaai maken natuurlijk. Lawaaiige buren niet gewenst! En vanuit die reflex zie je dan groepen lieden op staan die met allerlei kul-argumenten wijzen op een kans om die vliegvelden te verplaatsen naar zee. Zo, opgeruimd staat netjes! Voor even. Want ho even, wat was er eerder. De woonwijken waar al die klagers zijn gaan wonen, of Schiphol dat vorig jaar een eeuw bestond?! Wie moet je nu aanspreken op economische groei…onze (lokale/regionale)overheid of Schiphol dat profiteert van een goede ligging en een nationale carrier huisvest die maar liefst ruim 80 bestemmingen bedient. Daarbij is die buurman door de jaren heen minder hard gaan schreeuwen. Was vroeger 125 dB de norm voor een startend of landend verkeersvliegtuig, nu moet je moeite doen om de 100dB te halen. En de uitstoot van die machines is verwaarloosbaar i.v.m. voorheen. Maar…toegegeven het zijn geen zweefvliegtuigen.
Net zo min als we op straat met paard en wagen richting onze bestemmingen rijden. De moderne tijd vraagt om efficiency en daarin passen die ouderwetse vormen van vervoer niet meer. Kortom, wensdromen genoeg, maar honderden miljarden aan investeringen weg doen omdat er een paar lieden menen dat we groen, duurzaam of stil moeten gaan samenleven is echt een mallotig plan. Ik pleit voor verhuizing. Van hen die niet willen wonen naast een lawaai makende buurman. Of in de buurt van een volgens hen stinkende fabriek, een drukke snelweg of spoorbaan. In de Noordoostpolder en Oost-Groningen zijn heel wat plekken te vinden waar het absoluut stil en ook schoner is. Maar verwacht dan niets van de daar bestaande lokale economie of infrastructuur. Zelfs een supermarkt is lastig vinden. Maar dat zal voor die actieklagers wel geen bezwaar zijn toch? Ik blijf wel wonen naast die buurman waaraan ik intussen mijn leven lang gewend ben geraakt. En ik zal nooit wennen aan die beroepsklagers en betweters! Ik heb mij zelf aangemeld bij een steeds groeiende groep mensen die belang hebben bij een mooi en goed functionerend vliegveld als Schiphol. Als omwonende mag dat best. Er wordt al genoeg zogenaamd namens mij gekakeld, zonder ooit met me het gesprek te zijn aangegaan. Die belangengroepen zijn vaak enkele tientallen fanatici groot. De groep pro-Schiphol is de 10.000 leden al gepasseerd. Wellicht dat die ook eens mogen meepraten in al die mallotige milieugesprekken met een negatieve insteek? (Beelden: Yellowbird collectie)


Na veel soebatten waarbij de politiemensen zich keurig en geduldig gedroegen, werd de jongeman aangehouden. De andere man liep gedwee achter het hele gedoe aan. Opmerkelijk genoeg kwam de aangehouden persoon even later de wagon weer ingelopen. Nu hoorden we toch dat hij wel wat Nederlandse woorden bleek te kennen, een paar daarvan wilden wij zelf liever niet kennen. De politiemannen ook niet want die kwamen nu de wagon echt binnengestormd en begonnen weer op de nu best wel opgewonden man in te praten. Waarom hij zich zo gedroeg, waarom hij mensen uitschold en zo meer. Het tamelijk magere type waarmee die discussie als hoofdpersoon liep maakte duidelijk dat hij niets met die orde-handhavers op had en gewoon zijn reis wilde voortzetten. Kaartje of niet. En dus werd het allemaal gewelddadig. Opnieuw werd de man en nu stevig beetgepakt. Dat ging niet zonder slag of stoot. De jonge man wenste bij gebrek aan respect(..)niet beetgepakt te worden en verzette zich hevig.
De provinciehoofdstad van Flevoland is nog altijd Lelystad. En dat is niet meteen een garantie voor grote aantrekkingskracht. Maar als je er in de buurt bent omdat het Aviodrome (zie blog 31-07 jl)je lokt en je ook nog even een rondje kringlopers deed om links en rechts nog wat aardigs te scoren voor je collectie, krijgt de trek in iets eten of drinken je vanzelf te pakken. In het voor ons nieuwe overdekte winkelcentrum Lelycentre zochten en vonden we een plek om even onderuit te zakken. Dat kon goed bij Harrels daar. Gevestigd naast de Kik-winkel en tegenover een Bijbelse boekhandel zit je er op de gemakje en wordt er geweldig bediend. Aardige dame, dito kok. Gerechten heet en lekker, net als de thee. Ik kan over thee serveren een hele verhandeling houden maar heb een paar opmerkingen daaromtrent even opgenomen in dit verslagje. Bij veel tentjes waar je neerstrijkt serveert men soms de meest wonderlijke theesoorten, maar gewone normale ontbijtthee lijkt wel op de bon soms. Earl Grey is dan het meest in de buurt komende alternatief.
En dat is best klantonvriendelijk als je voor een bakkie thee gemiddeld toch al snel 2 euro of meer betaalt. Bij Harrels geen thema, gewoon lekkere thee die men zelf al in een zeefje in de thee stopt waardoor je al snel ziet dat het water verkleurt. Top geregeld. Een tweede voorwaarde, en dat heeft met dat verkleuren van doen, is dat het water heet genoeg is om de thee te doen trekken. Ook daarover vaak klachten, maar niet hier. Deze Lelysteedse horeca-ondernemer heeft zijn/haar zaakjes voor elkaar. Geldt ook voor de uit de prachtig verzorgde menukaart bestelde hapjes. Helemaal top en goed betaalbaar. Daarbij zit je hier prima in een rustige ambiance. Voor de prijs/kwaliteitsverhouding moet je het zeker niet laten. Je moet er even naar zoeken wellicht, wij kenden dit centrum helemaal niet, wel het andere dichtbij het station van Lelystad. Maar hier in Lelycentre heeft men naast de nodige aardige winkels ook deze goede diensten aanbiedende horecazaak. Aanrader met een rapportcijfer 9.0!! Zeer verdiend.
Het Themapark Aviodrome moet je als ware luchtvaartgek eens in de zoveel tijd absoluut bezoeken, dus dat deden we onlangs op een aardig warme dag in juni toen de schoolvakanties nog niet waren begonnen. Met de Museum-Jaarkaart is de toegang er gratis, het parkeren kost je evenwel 7 euro. Ongeacht de duur van je verblijf. Best pittig! Hoe dan ook, wat men hier uitstalt binnen en buiten kan de toets der kritiek prima doorstaan. Je krijgt zeker als je niet zo thuis bent in de materie, een aardig beeld van hoe ver die luchtvaart eigenlijk is gekomen in de eerste 60 jaar van haar bestaan. Daar helpen buitengewoon doordachte audio-visuele presentaties ook bij. Leuk is ook dat men bepaalde thema’s met overtuigende beelden en geluid aan elkaar heeft geknoopt en dat de echte oude vliegtuigen tegenwoordig worden vergezeld van soortgelijke twee- of vierwielers.
Een museum waardig. Dat dit eigenlijk ook een pretpark is, merk je vooral buiten. Daar zijn een paar pretparkonderdelen voor de kleintjes rond wat vliegtuigen gemaakt. En je kunt een deel van die oude toestellen van binnen bekijken. Daarnaast is voor de echte liefhebber ook een technische hangar beschikbaar waar je ziet hoever men is met het werk aan o.a. de unieke DC-2, en op te bouwen Noorduyn Norseman. Maar ook de Fokker Four S11’s staan hier onderdak naast een stel lichte en wat grotere vliegtuigen. Zo is de vleugelloze romp van de DC-3 PH-DDZ te zien in de kleuren van Martinair. Of die ooit nog zal vliegen is maar zeer de vraag. Voor de deur van het gebouw staan ook nog wat vliegtuigen. Aardig is ook de expositie over het oude Schiphol, toch alweer een eeuw oud, in het nagebouwde en zo kenmerkende stationsgebouw van ons nationale vliegveld van voor de oorlog.
Neem daar ook eens de tijd voor. Want je krijgt een aardig beeld van hoever we tegenwoordig zijn gevorderd waar het de vliegerij betreft. Groter tegenstelling met de ook buiten geparkeerde Boeing 747 ikv KLM kan dan bijna niet zijn. De enorme ‘Jumbo’ is de trekpleister van het museum, je kunt er de omvang van zo’n toestel aardig ervaren. De ingang van de romp is verbonden met het museum, je moet er even voor omlopen, maar dat is gezien hetgeen hier te zien is geen echt bezwaar. De gidsen zijn intussen allemaal nog steeds gepensioneerde vrijwilligers.
Sommigen daarvan kunnen aardige verhalen vertellen en zijn over het algemeen vriendelijk. De shop van het museum heeft een redelijke keuze, maar is wel aan de prijs. Maakt niet uit als je echt een souvenir daar vandaan wilt meenemen. Voor de koffie en iets lekkers adviseer ik overigens liever het restaurant Mart-inn dat niet ver van de verkeerstoren op het vliegveld Lelystad te vinden is.
Met name het buitenterras (gelegen boven op de Martinair-Vliegschool) geeft een schitterend uitzicht. En de prijs voor koffie en thee zijn binnen de perken gehouden. Voor broodjes moet je omwille van de prijs even goed kijken wat je bestelt. En ik geef dat advies omdat de coffeeshop van het Museum even buiten dienst leek door een verbouwing en men je slechts heel beperkt kan helpen aan een versnapering. Kortom, een aardig museum wat ik zeker eens in de zoveel tijd zal blijven bezoeken. Al was het maar omdat je niet weet hoe lang het nog die provinciale sfeer zal kunnen bieden die een vliegveld als dit nu nog heeft. Aan de overkant van het museum zie je op enige afstand al de terminal verschijnen van het ‘overloopvliegveld’ Lelystad Airport dat in 2019 klaar moet zijn. Leuk voor de vakantievliegers en Schiphol, toch iets minder voor dat rustige tempo waarin momenteel alles hier zich afspeelt.
De hele discussie over de verandering van ons luchtruim op zodanige wijze dat er ruimte komt om een (klein)deel van de burgerluchtvaart te laten opereren vanaf het aan te passen Lelystad Airport leidt consequent tot de meest wonderlijke discussies. Tegenstanders van lawaai in de omgeving van dat veld maar ook ver daar vandaan, voeren de meest vreemde argumenten aan om hun gelijk te behalen. Zij vinden die bromvliegen al niks die nu op Lelystad te vinden zijn, maar dat past bij het dorpse karakter van veel van die woonoorden van de betreffende tegenstanders. Blaadjes aan een boom maken daar al te veel herrie. Ik zag onlangs dat iemand uit die vrij fanatieke groep mensen zelfs aangaf dat er Boeing 747’s van/naar Lelystad zouden gaan vliegen. Wat ook in de nieuwe situatie compleet ondenkbaar is.

De oude lawaaiige vliegtuigen verdwenen, de nieuwere worden steeds stiller. Net als auto’s. Maar voor de klagers (de klachtenlijn Schiphol wordt elke dag gebeld daar een zeer kleine harde kern van klagers) is dat niet genoeg. Die willen rust. Rust die ze toen ze kwamen wonen bij Schiphol (of welke luchthaven ook) niet mochten verwachten te krijgen. Dus daarom roepen ze van alles en nog wat en krijgen ook nog steun uit bepaalde media. Ooit had ik een Stichting die dit soort mensen toch eens wees op hun toenmalige leugens. En ik merk dat de handen jeuken om dat weer te doen. Maar ik ben er te oud (en wijs) voor geworden. Neemt niet weg dat ik vind dat als je bij een luchthaven gaat wonen, je moet leren leven met de nadelen van die keuze. Ook ik woon trouwens in die buurt en klaag nooit. Maar dat zal niet verbazen….
En dat maakt mijn plezier in de achterliggende jaren toch een stuk minder groot. Ooit, in een grijs en ver weg gelegen verleden, begon ik met deze liefhebberij door op de fiets vanuit mijn woonhuis of school naar het toenmalige Schiphol te fietsen en daar dan over de heg te kijken naar die startende en landende vliegtuigen. Dat werd later weer wat anders. Zomer en winter, warm of koud, altijd een paar uurtjes per week zitten op een van de toenmalige terrassen met een bakkie warme chocolademelk en dan maar kijken naar al die vertrekkende en aankomende vliegtuigen. De meeste daarvan nog voorzien van zuigermotoren en propellers. De eerste jets maakten het de oren in die tijd best wel eens lastig. Want die kisten van toen waren nog niet van de milieuvriendelijke soort. Met de brommer later ook wel eens naar de andere vliegvelden die vanuit Amsterdam binnen redelijke tijd bereikbaar waren. Hilversum, Soesterberg, Rotterdam-Zestienhoven. Zag je weer eens iets anders dan het standaardwerk. Wist ik veel in die tijd.



