Wie mij een beetje volgt door de loop der tijd weet dat ik met tuinen en groen niet zo heel veel heb. Nou ja, wel om in te zitten en te genieten, maar niet om er ddw iets aan te doen om al dat groen te verzorgen. Eens per jaar scheer ik de heg, ik trek wat onkruid uit de grond als vrouwlief me het verschil uitlegt tussen wat moet blijven en gaan, maar daar houdt het wel op. Zowel voor als achter het huis zit ik graag in de open ruimte waar wij over beschikken, maar dan vooral om te lezen of iets te drinken. En tegelijkertijd kijken naar de overvliegende metalen vogels. Het was dus een grote verrassing toen ik tegen de lieve vriendjes die me uitnodigden om mee te gaan naar De Tuinen van Appeltern, gelegen in het land van Maas en Waal, bevestigend antwoordde. Ach, je moet iets doen voor het onderhoud van die vriendschappen….
Maar ik kom op mijn evt. scepsis van vooraf graag terug. Die Tuinen zijn prachtig en de bestemming meer dan de moeite waard. Ook als je zoals ik niets hebt met groene vingers of zo. Los van al dat groen of de gekleurde variantie van de begroeiing in de vorm van fraaie bloemen, zijn er ruim 200 tuinpartijen met huisjes, kunst, steenformaties, watervallen etc. Je loopt je een kriek, maar je weet soms echt niet waar je kijken moet. Volgens verklaring van het bedrijf zelf is het Europa’s mooiste en grootste tuinexpositie en ik geloof dat direct. Men heeft ook aan de kinderen gedacht, er is een soort speeltuintje, open velden met ‘wilde vogels’, een zelf te bedienen pontveer, je kunt er op twee locaties lekker eten en drinken en er is een shop voor hen die kruiden willen gaan telen of bijvoorbeeld boeken over tuinieren mee naar huis willen nemen.
Overal wordt informatie verstrekt, er bestaat een mogelijkheid om bij de kassa draagbare apparatuur mee te nemen die je bij elke uitstalling informatie geven over de planten en gebruikte materialen. Dat inspreken gebeurde op fluisterniveau, je veroorzaakt er geen last mee bij de medebezoekers. Een handige plattegrond helpt je de weg te vinden in dit doolhof vol fraais, en je moet een beetje aardig ter been zijn om alles te kunnen bekijken. Dat je nog wat zitplekken kunt vinden, zelfs koffieautomaten en water-tappunten is allemaal een pre.
Ook toiletten voldoende, niemand hoeft de route met gekruiste knietjes af te lopen. Ik was ervan onder de indruk. En dat wil iets zeggen. Geen liefhebber en toch….. Ben je gek op groen, bloemen en tuinen is dit een must. Je weet dan niet wat je ziet en het geeft je vast veel inspiratie. Entree is officieel E. 13,50 voor volwassenen, met drie Euro korting als je boven de 65 jaar oud bent. Maar er zijn ook allerlei kortingkaarten of acties te vinden als je even je best doet. Parkeren, wel op enige afstand van de ingang, kost je 3 euro per auto. Maar echt, je krijgt er iets voor terug en de echte liefhebbers zijn hier een hele dag zoet. Wij niet, wij reisden door. Maar dat hadden we dan ook van tevoren zo afgesproken. Vanuit Amsterdam was het 1u15minuten rijden om in Appeltern te komen. Goed te doen voor een leuk dagje uit.

Wat we nu zien aan terreur was een eeuw eerder vooral het werk van anarchisten. Mensen met een afkeer van het burgerlijke en wettelijke of democratische. Zij zetten zich af met soortgelijke terreurdaden als we in onze dagen zien, al was of is de achtergrond van de daders dan anders. Het geestelijk welzijn van die daders is wel vergelijkbaar. Vaak mensen die bewust niet nadenken over de gevolgen van hun daden voor de slachtoffers omdat ze die zien als onderdeel van de gehate maatschappij die zij zelf willen veranderen. Bij die anarchisten, voortgekomen uit de revolutie van de socialisten of communisten, ging het om een totale ontkenning van de centrale macht. Of dat nu een regering betrof, een geloof of een Partij zoals de communistische. In basis stamde het idee van die anarchie uit de 19e eeuw toen bepaalde stromingen zich verzetten tegen het idee dat kapitaal, productiemiddelen en bijvoorbeeld bodemschatten in een beperkt aantal handen verkeerde en de grote massa daar niet voldoende van zou profiteren.
En die anarchie hield het niet bij woorden alleen. Ook al waren er stromingen binnen de anarchie die geweld verafschuwden namen sommige van die lieden het recht in eigen hand. Zij plaatsen bommen en vermoordden mensen omdat ze vonden dat die hun kijk op de wereld in de weg stonden. Ook in onze dagen kennen we deze lieden nog steeds. Veelal nog steeds aan de extreme linkerkant van het politieke spectrum. Veelal zitten ze nu in de hoek van de ecoanarchisten, mensen die het milieu willen beschermen en daarvoor alles in zullen zetten om hun doelen te bereiken. Ze steken fokkerijen in brand en blokkeren kolencentrales of soortgelijke acties. Dat dit kan leiden tot veel ernstiger zaken bewees de moordenaar van Pim Fortuyn. Heeft maling aan de samenleving en gaat door roeien en ruiten om zijn onaangepaste instelling te verdedigen. De anarchie is gericht op het doen vervangen van wat nu normaal is door een samenleving waarin het communistische denken tot in de laatste letter wordt uitgevoerd en alles van iedereen is en niemand meer macht heeft over de ander.
Een aardig idee, maar meteen ook levensgevaarlijk natuurlijk. Hoe dan ook, de anarchie met zijn geweldsuitspattingen kende zijn hoogtepunt voor W.O. 1. Daarna verdween het wat naar een donker gebied aan de linkerkant van onze samenleving. Waar het nog steeds te vinden is. Veel kraker zijn in feite anarchistisch in hun denken en doen. En opvallend is hun afkeer van alles wat rechts is en wellicht een verstoring van hun ideale wereldbeeld zou kunnen opleveren. En dat we dit gevaar niet moeten veronachtzamen heeft o.a. de Rote Armee Fraktion laten zien. Kortom, gevaar komt niet alleen van ultrarechts of uit moslimextremisme. Het zit ook elders en het vraagt van onze bestuurders een grote wijsheid om ook daar goed op te letten en op te treden als er weer eens een escalatie dreigt. Want geweld is geweld. Voor de slachtoffers maakt het allemaal maar weinig verschil. Toch? (Beelden: Internet)
Aan de zuidkant van de grote stad waar ik woon, werk en leef, bevindt zich een paar enorm uitgebreide groene zones die bij mensen van buiten onze stad nauwelijks bekend zijn. Zoals het Amsterdamse Bos dat in basis werd opgezet om niet alleen bleekneusjes uit de grote stad van de jaren twintig/dertig in de vorige eeuw van wat frisse lucht te voorzien, maar ook om de massale werkloosheid die toen heerste te helpen onderdrukken. Ergens in 1932 werd het project in fase 1 afgerond, daarna kwamen er nog wat stukken bij en zelfs na de oorlog legde men een nieuw deel aan ten zuidwesten van de toenmalige verbindingsweg tussen Amstelveen en Schiphol. Het Amsterdamse Bos is intussen verworden tot een flink groot woud vol spontane of aangestuurde natuur. Er zijn vennen en grote waterplassen te vinden, strandjes, wandelpaden en fietswegen, je kunt er via de zgn. Bosbaanweg met de auto in en wij zijn er dan ook al vele jaren lang regelmatig te vinden. Heerlijk wandelen bij het geluid van de vogels, het ritselen van de bladeren en het geblaf van de altijd in dubbele zin van het begrip uitgelaten honden.
En wie houdt van dynamiek, kom dan bij stevige westenwind eens langs, dan landen de vliegtuigen op de zgn. Buitenveldertbaan en dan lijkt het wel of ze midden in het bos de landing willen inzetten. Ik kijk er als liefhebber altijd met veel plezier naar. Stukje verderop, aan de rand van de chique wijk Buitenveldert en begrenst door de Amstel ligt nog een prachtig gebied. Ik beschreef het al eens eerder. Het Amstelpark. Ooit onderdeel van de opzet voor de begin jaren zeventig gehouden Floriade-expositie. Die tentoonstelling verdween, het park bleef. Prachtig, rustig en interessant. Voor hen die er oog voor hebben. Beide groengebieden zijn voor ons simpel te bereiken. Met de auto, fiets of als het moet lopend. Je kunt er heerlijk vertoeven en waant je zeker niet in de grote stad. En wellicht maakt dat Amsterdam wel extra zo’n aantrekkelijke stad om in te wonen. Of voor toeristen om te bezoeken. Niet allemaal komen ze voor de Wallen, musea of Coffeeshops. Als ik de talen hoor die hier in die bos- en parkgebieden worden gesproken heeft het nieuws over al dat groen ook mensen van elders bereikt. En dat is goed. In de winter is het allemaal weer voor de Amsterdammers. En voor hen is het natuurlijk ooit bedoeld geweest. Als Oase in de drukke omgeving van een enorme stad. De hoofdstad!

