Onlangs was het weer zover. Een lezer op een van de sociale media diende me stevig en vrij persoonlijk van repliek toen ik weer eens mijn gal spuide over ‘linksige’ mensen als Pechtold die menen dat haantjesgedrag altijd moet leiden tot de politieke macht. Ook al ben je met jouw stroming lang niet de grootste van het land geworden bij de laatste verkiezingen maar wordt je wel geacht mee te doen in een volgend kabinet. Kennelijk is kritiek op juist die partij een doodzonde in dit land. In de loop van de jaren heeft het al heel wat s.m.-contacten gekost. (Nee, niet die van de sadomasochistische soort, daar heb ik zelf niet zoveel mee al zal het vast heel spannend zijn..). D66 is een stroming die ooit (jawel alweer 50 jaar geleden) werd opgericht om het politieke bestel omver te werpen. Men had onder leiding van Hans van Mierlo nieuwe plannen, verfrissend in die tijd, wilde het bindend referendum invoeren, de gekozen burgemeester, een afbouw van het aantal leden van eerste en tweede kamer en was voor een goede abortuswet.
Prima allemaal en in die periode doorbrak het samen met de sociale revolutie die op straat plaats vond alle oude muren waarachter vooral wat vermolmde stromingen trachtten het volk koest en tevreden te krijgen en te houden. Heel lang speelde D66 geen rol van echte betekenis. De andere partijen zagen er niks in. Tot ze eens mee gingen of mochten regeren. Niet altijd met succes voor de eigen partij. Het aantal zetels schoot op en neer als een jojo. Stukje bij beetje gaf men daarbij ook de eigen principes op. De heer de Graaff, ooit fractievoorzitter van de partij in de Tweede Kamer doorbrak het eigen principe van de verkozen burgemeester door zich te laten aanstellen als burgervader van Nijmegen. Het referendum is het tweede principe. Overboord als dat tegen vermeende Europese belangen in druist. Dus ook daar leverde men het eigen democratische geloof stevig in. Daarnaast zag je dat men eenmaal aan de macht in gemeenten of provincie dezelfde trekjes vertoonde als alle andere partijen. Regentengedrag pur sang! Men zet nu in op beter (hoger)onderwijs.
Maar het hogere technische onderwijs dat o.a. door bedrijven als KLM en Fokker van ongekend niveau was, werd weggesaneerd toen D66-minister Wijers Fokker de nek omdraaide. Tien duizenden mensen verloren hun baan. Het onderwijs voor een heel stuk geknakt. Fractievoorzitters bij D66 kwamen en gingen. Tot die ene die nu zijn populistische teksten oreert alsof hij de Messias zelf is. Alexander Pechtold. Een man die zeker kan debatteren, maar wel vrijwel altijd met een lange lijst van kritiekpunten op anderen. Het fatsoen is daarbij vaak ver te zoeken. En dan die anderen altijd maar de maat nemend. Hij speelt machtspolitiek. En krijgt nu nog zijn zin ook. Mijn lijstje van afkeer is nog langer waar het deze partij betreft. Maar dat mag niet. Van heel wat aanhangers die zich wel voelen bij D66. Mochten die zich geroepen voelen banden te verbreken, het zij zo. Ik sta voor mijn principes. En die stroken niet met die van D66. Principes moet je handhaven, gebruiken, de politiek mee bedrijven. Het is zwart of wit. Grijs pas niet als je bent opgericht om het politieke landschap te hervormen. Nu lijkt het meer op P66. Populisme anno 1966. En dat is geen compliment. Maar dat zal wel duidelijk zijn geworden..(beelden: Yellowbird/D66)

Dit jaar – 19 september a.s. om precies te zijn – is het honderd jaar geleden dat het eerste vliegtuig landde op een drooggemalen, drassig stukje grond in de Haarlemmermeer. Een stukje grond dat later bekend zou worden als Schiphol. Die plek markeert een bijzondere geschiedenis waarvan je inmiddels al het nodige bij mij hebt kunnen lezen. Schiphol is in die 100 jaar uitgegroeid tot een mainport in de luchtvaartwereld die jaarlijks ruim 58,2 miljoen reizigers ontvangt, waar 1,6 miljoen ton vracht passeert en waar 65.000 mensen direct hun brood verdienen. Schiphol verbindt Nederland met de rest van de wereld. Reizigers, zakenmensen en goederen bereiken via Schiphol ons land of gaan vanaf hier op wereldreis. Dit verrijkt ons land niet alleen in economisch opzicht maar ook emotioneel. Door Schiphol komen we contact met andere wereldburgers, het is een start- of eindpunt van onvergetelijke ervaringen en mooie herinneringen. Herinneringen die ook mij niet vreemd zijn. Immers voor een beetje hoofdstedeling was Schiphol heel lang in feite het vliegveld in de ‘achtertuin’.
Hemelbreed lag het iets van 12 kilometer van mijn geboortehuis vandaan en door de toenmalige positie van platform en banenstelsel werden wij regelmatig geconfronteerd met die bijzondere buurman. Vliegtuigen kwamen over onze straat heen, ik zag ze uit de ramen van mijn school en later uit die van het kantoor waar ik in het centrum van de stad werkte. Het virus van de luchtvaartgekte heeft zich vast in die periode in mij genesteld. Leuk hoor, die baan op kantoor bij een bankinstelling, Schiphol trok me toch meer. Van mijn jongste jeugd af was ik gefascineerd door wat zich daar allemaal afspeelde en op mijn 12e dreinde ik al zo lang tot mijn ‘pa’ mee ging naar de KLM Technische Dienst waar ik graag wilde gaan werken. Voor de luchtvaart was het een zegen dat men daar adviseerde dat ik nog beter even kon doorleren. Mijn technisch inzicht bleek om en nabij het nulpunt te bewegen, zou voor de veiligheid van die vliegtuigen weinig hebben bijgedragen. Eind 1965 was het dan zo ver. Na een korte stage bij Martinair stapte ik binnen bij een luchtvrachtkantoor op het aloude Schiphol en werd aangenomen. De rest is ook hier al eens verhaald. Historie! Schiphol bleef sindsdien in het bloed.
Als spotter, als werknemer, als passagier, auteur van diverse uitgaven, altijd was er die luchtvaart. Ik weet nog dat wij verhuisden naar de polder. Ik ontdekte dat het veel te ver weg was van Amsterdam en Schiphol. Ik hoorde de vliegtuigen niet meer. Dat vond ik vreselijk, erger nog, mijn luchtvaartradio waarmee ik het ‘verkeer’ tussen de toren op Schiphol en de vliegtuigen altijd volgde, werkte niet meer. Wat een geluk toen ik door andere omstandigheden ineens weer dichtbij de luchthaven kwam te wonen. Alles werd weer normaal, ik genoot weer als voorheen. En dat doe ik nog. Vliegtuigen hoor ik, zie ik, en als ik er behoefte aan heb ga ik even langs om ze van dichtbij te bekijken. Het Schiphol van nu is onvergelijkbaar veranderd. Was het vroeger een open ruimte waar je nog lekker kon genieten van al die zaken die een vliegveld leuk maken, tegenwoordig is Schiphol nog strenger beveiligd dan vroeger Soesterberg. Maar dat komt door de veranderde tijden. Na kapingen door Palestijnen, 9/11 en de verder gaande expansie van het veld zelf, worden eisen gesteld aan de omgeving die het voor malloten zoals ik lastig maken om ouderwets te genieten. En toch blijf ik vervangend trots op het fenomeen Schiphol. Lawaai? Hoezo? We eten er ook allemaal van hoor. Die luchtvaartsector rond en op de luchthaven zorgt voor 200.000 banen. Denk die maar eens weg. Kortom, ik vind het een felicitatie waard. En zie ook meteen dat ik een dagje ouder ben geworden. Want ik praat nu net zo over vroeger als de generaties voor mij die Plesman en de modder van vroeger nog hadden gekend. Al bladerend door mijn oude fotoalbums komt er weer veel terug. Daar stop ik nu mee, net als met dit blogverhaal………U wilt vast ook nog wel iets kwijt over Schiphol….toch?





