Klein (maar voor ons groot) leed. Pixel!

Op 21 maart 2014, de dag dat in dat jaar de lente begon, haalden wij hem als kleine kitten op bij medeblogster Bettina in Oss. Pixel. Gitzwart van kleur, fluweel van huid, ondernemend, maar vooral intens lief. Vanaf het eerst moment dat we hem hier onderdak boden, wist hij ons in te palmen. Een vrijdoos, knuffelkat, maar zeker niet zonder eigen wil. Zijn oranjerode en even oude broertje, Lucky, kreeg een warm onderdak bij een naast familielid. Vanaf het moment dat we Pixel in huis hadden leek het wel of ook in ons huis de lente echt door was gebroken. Hij was zo aanhankelijk dat hij echt een soort kind werd. Een diertje dat je constant wel moest aaien en dat was waar hij ook zeer van hield. Ach, hij maakte wel eens iets stuk in mijn hobbykamer, maar dat vergaf je hem als hij dan knorrend naar je op keek met die blik die hem zo kenmerkte.

Eigenlijk kwam hij ook in huis als gezelschap voor onze ‘oude theemuts’ Poespoes, die na het verlies van haar even oude broer een jaar eerder, toch een wat zoekende en eenzame indruk maakte. De oude dame en de jonge kater gingen al snel heel goed met elkaar om. Helaas duurde dat niet zo lang. Poespoes was op leeftijd, had nog nooit een dierenarts gezien, maar was ineens ‘op’. Werd benauwd en dat noopte tot een beslissing die Pixel nu op zijn beurt alleen deed zijn. Iets waar hij maar matig van hield. Als we wel eens een dagje of zo weg wilden keek hij ons voor het raam na en braken we zowat of zegden soms die tripjes bijna af. Reden waarom we een maatje voor hem zochten in de vorm van de achteraf bezien zeer ongelukkige Punky die naar later bleek zo’n slechte start te hebben gemaakt dat dit zijn korte leven elke vreugde uit het jonge diertje zou weghalen.

Pixel bleef een stabiele factor, maar had weinig op met deze nieuwe kameraad. Sterk/zwak ging kennelijk niet goed samen. Pixel werd de dominante kater en dat was even een andere kant van zijn karakter die wij nooit eerder hadden gezien, maar achteraf logisch bleek. Nadat we eind vorig jaar november die arme kleine stakker moesten laten verlossen uit zijn lijden, was er intussen een nieuwe kandidaat huisvriend aangetreden in de vorm van de meer extravagante Prins Percy. Dat ging wel goed samen en de kleine Prins kreeg van Pixel een opvoeding die er toe leidde dat die intussen best grote jonge kater zijn zwarte maatje overal volgde. Van onder naar boven in ons huis, maar ook in bed. Want Pixel was een bedslaper. Mandjes had hij minder mee. Tegen ons aan in bed vond hij veel fijner. Een speciale poezendeken bracht uitkomst. Kon hij trappelen en zich daarna nestelen. Anders dan andere poezen en katers die wij gewend waren, sliep hij dan als een mens.

Diep, zonder onderbrekingen en dicht tegen je aan. Grappig genoeg nam de prins dat van hem over, al ligt die dan niet strak tegen ons aan. Pixel lag ook tot op het laatst naast me als ik hier in mijn werkkamer mijn stukjes tikte. Altijd op een kussen naast mijn bureau. En als het moest gewoon op mijn toetsenbord omdat hij even extra aandacht wilde. Vaste waarde, vaste prik. Altijd lief, altijd onvoorwaardelijk trouw en dus nu enorm gemist. Gisteren, de dag na Kerst, moesten we hem laten inslapen. Preventief. Oorzaak, een gemuteerd Coronavirus in zijn intussen sterk vermagerde lijf. Want hij viel in de laatste fase van het jaar enorm snel af. Van 5,5 naar 4 kilo. Opmerkelijk. At ook nauwelijks meer. Dan denk je al snel aan iets anders, maar na bloedonderzoek en analyses plus drie confronterende gesprekken met der dierenartsen werd het oordeel vrijwel even erg.

Hij zou enorm gaan lijden als we niets deden. Dat wilden we niet. Het voorspelbare trauma van ‘middelen die erger bleken dan de kwaal’ bij Punky zat en zit zeer hoog. We besloten hem wel nog tijdens de kerstdagen bij ons te houden en te verwennen. Hij at weer wat, hij deed alle dingen die we zo van hem waardeerden. Hij was als altijd lief en aanhankelijk, lag strak tegen me aan in bed. En mijn hart brak, bij elke aai die ik hem gaf. De decemberdip was en is dit jaar extra diep. Het afscheid is een open gescheurde wond geworden. Naast mij op dat speciale kussen ligt nu geen zwarte kater meer. In bed heb ik weer wat extra ruimte, maar o hemel wat mis ik dat diertje nu al. Net 4,5 jaar oud geworden…Maar gelukkig in een poezenhemel en naar we oprecht hopen hier op aarde veel leed bespaard. Ook een vorm van liefde. Wel een heel pijnlijke vorm….heel pijnlijk!

Eenzaam

DecemberdipJuist in deze periode van het jaar is het fenomeen eenzaamheid best een probleem. Veel mensen hebben daar mee te maken, lijden er onder of zijn domweg zo diep weg gezonken dat ze bijna geen uitweg meer zien. Gezelligheid overal, lichtjes, cadeautjes, maar voor sommigen geen automatisme. En dat is triest. Onlangs zag ik een reclamespotje van de Duitse supermarktketen Edeka die daarin wees op de positie van ouderen die het moeten stellen zonder aandacht van hun kinderen en daardoor bijna in afzondering door deze maand vol festiviteiten heen moeten. De betrokken hoofdpersoon bedacht een list. Hij stuurde een overlijdensbericht, waarop zijn kinderen en kleinkinderen ineens wel tijd hadden en allemaal tegelijk op zijn adres aankwamen. In het mooie pak of dito jurk. Tot grote verrassing van de gasten bleek pa springlevend, had de tafel gedekt en lekker eten gekookt. Hij stelde in zijn finale zin, dat hij niet meer wist hoe hij zijn familie bij elkaar moest krijgen. Het geeft te denken. Clock quarter to three

Wij mensen zijn altijd druk, we hebben geen tijd, we willen geen gedoe aan ons hoofd. Maar er zijn mensen die echt gillen om een beetje aandacht, die we niet zien in onze zucht naar comfort of luxe en carrière. Familie en sommige vrienden lijden hieronder, al melden ze zich vaak niet. Beter gesteld, juist de echt eenzamen melden zich niet. Die hebben het al opgegeven. Soms kom je ze wel eens tegen. In de supermarkt, in een winkelcentrum op een bankje of…al kan ik daar uit eigen ervaring niets zinnigs over zeggen, in de kroeg. Je moet ergens je verdriet(jes)kwijt. Is eenzaamheid hetzelfde als alleen zijn? Nee! Sommige mensen die alleen zijn voelen zich niet eenzaam, andere mensen zijn niet alleen en voelen zich toch eenzaam. Omdat ze niet gezien worden, niet gehoord, omdat hun mening er niet toe doet!

road closedHele tv-programma’s worden er aan besteed, zonderlinge mensen soms, maar in de meeste gevallen heel normale mannen en vrouwen die gillen om een beetje aandacht. Soms komt die eenzaamheid overigens niet door verdriet in een persoonlijk leven. Kan ook zijn dat ze als jonger mens anderen verdriet deden en daardoor door God en iedereen verlaten zijn geraakt. Robert Long zong er ooit eens een liedje over met een doeltreffende tekst. Naar ik meen over Juffrouw van Dam waar nooit eens iemand kwam. Maar die in haar jonge leven een etter van het zuiverste water was geweest. Dat kan ook, maar laat ik hopen dat die dames en heren de echte uitzondering vormen. Naar de rest mag best eens wat meer worden omgekeken. Want eenzaamheid lijkt mij vreselijk!