Hufters uit 2009

In 2009, intussen dus 9 jaar geleden, schreef ik op mijn toenmalige weblog (www.altijdeenmening.com) een verhaal over acties vanuit de reclamewereld tegen huftergedrag. Als je het nu leest zie je dat die acties maar weinig hebben geholpen. Integendeel. De wereld is sindsdien in een stroomversnelling gekomen wat huftergedrag betreft. En wie niet wil geloven dat dit zo is, moet af en toe toch even de kranten beter lezen. Maar ook hoe ik me al in dat jaar 2009 kritisch opstelde t.a.v. de doelstellingen uit uitgekozen onderwerpen…

‘Sire, een organisatie van reclamemakers met een maatschappelijk doel, komt met een campagne tegen huftergedrag. Ik ben het daar van harte mee eens, maar vrees toch dat men er geen Effie’s mee gaat verdienen. Voor hen die dat misschien niet weten, de reclamewereld geeft zich zelf het hele jaar door allerlei prijzen, slechts een mag zich verheugen op enige realiteitszin, de Effie. Die prijs wordt verstrekt op basis van effectiviteit van de boodschap en het gevolg op gedrag van de ontvangers. Ik kreeg er een in 1998 toen we een nieuwe auto introduceerden met zoveel reclameflair dat we direct in de leveringsproblemen kwamen, zoveel vraag was er naar die nieuwe auto ontstaan. Ziet u in dat kader zelf al de effecten onder hufters? Mensen die vanuit hun ego redenerend in feite een last zijn voor de samenleving?

En die dan door een serie spotjes aangesproken worden en daardoor hun gedrag veranderen? Ik niet! Zo cynisch ben ik wel. Een uurtje rijden over de vaderlandse wegen en je weet direct dat daar al een aardige dwarsdoorsnede te vinden is van wat Sire hufters noemt. Snijden, bumperkleven, links blijven rijden, geen richting aan geven, een deur openmikken zodat de achterop komende fietsers zich lens schrikken en ga maar door. En wat dat openmikken van die deuren betreft, het werkpaard heeft er weer een deukje bij. Opgelopen doordat een of andere hufter in zijn (hogere) suv zijn vette lijf kennelijk niet uit een iets bescheidener doorgang kon persen en dus die deur tegen die van mijn werkpaard liet rusten. Dader natuurlijk gevlogen, maar dat geldt niet voor het bewijs voor zijn daad. Stap je in het openbaar vervoer zie je dat de daar gratis beschikbaar gestelde krantjes na lezen worden achtergelaten. Niet op een zitplaats of op de plek waar ze voor het oprapen liggen, maar het liefst op de vloer. Net als etensresten, verpakkingen daarvan en kauwgum. Het mobiele telefoontje kan net zo goed worden afgeschaft, want mensen schreeuwen zo hard in zo’n ding tijdens een gesprek dat je de man/vrouw aan de andere kant van de verbinding ook ‘zo’ had kunnen toespreken. Hetzelfde geldt voor die leuke mp-3 spelers of iPod. Vaak staan die zo hard dat je via de vette oortjes van die apparaatjes de dito beat van de gedraaide nummers zo kunt volgen.

Hufters zitten ook onder de voetbalhooligans die het gebied rond de Amsterdam-Arena (en vermoedelijk alle andere voetbalstadions) het aanzien geven van een of andere achterstandswijk in Sarajevo. Bushokjes en abri’s gesloopt, talloze bierblikjes en andere troep over de grond en in de brand gestoken vuilnisbakken. En dan heb ik het nog niet over de wonderlijke vernielzucht in achterstandswijken, het opgefokte gedrag tegen hulpverleners als ambulancebroeders en wat dies meer zij. ‘Huftergedrag zit in ons allemaal’, zo laat Sire ons weten. En daarbij wijst men op een paar voorbeelden van zaken die daarmee van doen zouden hebben. Die voorbeelden staan niet in mijn lijstje. Echte hufters zijn zij die ik hiervoor al noemde, zonder respect voor de spullen van anderen, zelfs niet voor het bestaan van anderen. Echte hufters hebben geen respect voor anderen en laten we maar tot de conclusie komen dan dat ze dit dus ook zelf niet verdienen. Dat besef alleen al maakt dat de actie van Sire wel als geslaagd mag worden gezien als hij weer van de buis en uit de ether verdwijnt. Maar een Effie? Nee, daarvoor zit de hufterigheid al veel te diep verankerd in onze samenleving’.

Wie nu, anno 2018, nog wat wil aanvullen moet dat vooral niet laten hoor…..

De G van Gierigheid…

Gretigheid, gulheid, gezelligheid, allemaal termen die passen bij de letter G van het door mij al een paar blogjes geleden opgevoerde ABC van onderwerpen. Maar ik wilde het hier meer hebben over de G van Gierigheid. Dat is een eigenschap die ik wel eens om mee heen zie. Bij mensen die het eigenlijk best kunnen missen maar toch de indruk maken dat ze het geld niet gemakkelijk uit de binnenzak trekken als het gaat om de aanschaf van zaken die zij als vluchtig beschouwen. Gierigheid is iets dat past bij mensen die heel lang kunnen doen met wat ze bezitten. Die niets geven om verandering van mode of trend. Die het geld een ander niet gunnen en ook menen dat bezit meegenomen kan worden naar die plek waar wij allemaal zullen eindigen. De mier in optima forma in een wereld die tegenwoordig in hun ogen wordt bevolkt door hele krekelvolkeren. Gierigheid is ook goed te combineren met het benutten van de bronnen die anderen kennelijk bezitten en waarmee zij rijkelijk om zich heen strooien.

Bij de ander eten, meerijden, roken, snoepen, of zelfs nog wat grotere zaken, zorgen voor verminderde uitgaven bij hen die het geld het liefst in een grote kist in de tuin zouden begraven. Het zit in de genen vaak, kinderen krijgen dat mee in de opvoeding. Ledigheid is des duivels oorkussen en zo. En dus zie je dan bankstellen en stoelen die zonder overdrijven een leven lang meegaan. Waar anderen, ik denk ook aan mijzelf, gemiddeld om de tien jaar zo’n zithoek vervangen. Hoe onverslijtbaar ook. Je wilt wel eens iets anders. Ik heb ooit een collega gekend die zo leefde. Hij reed in een oude Saab, die nooit werd gewassen en waar bijvoorbeeld de ruitenwissers niet werden vervangen maar voorzien van plakband als het rubber de metalen houders verlieten. Hij had een regenjas aan die echt kon dienen als bron voor de lokale gaarkeuken en zijn pak werd nooit maar dan ook nooit gestoomd.

Een zeldzaam portret. Afkomstig uit een goede buut in het Gooi, afgestudeerd, slim en in staat om in het buitenland carriere te maken. Indertijd maakte hij gebruik van de mensen om hem heen zoals ik dat hiervoor omschreef. Alles werd ‘gebietst’ en hij werd om dat gedrag vaak beschimpt of uitgescholden. Met een minzame glimlach onderging hij de behandeling. Zijn tijd zou nog wel komen. Jaren later kwam ik hem bij toeval weer eens tegen. Tijdens de AutoRAI waar ik mijn merk stond te vertegenwoordigen. Ik kon hem op afstand herkennen. Zelfde pak, dito jas, (te duur om die jas op te bergen in de garderobe..) maar wel met een bijster fraaie dame aan zijn zijde. Hij woonde en werkte nu in Zwitserland. Had het naar de zin. En vroeg brutaal of wij nog woonden waar we hem indertijd wel eens hadden ontvangen. Dat was niet meer het geval en ik hield de nieuwe locatie maar even buiten het gesprek. Voor je het weet stond hij weer voor de deur…. Later belde hij me heel vaak op. Wilde graag nog eens langs komen voor de koffie en even bijkletsen. Ik hield de boot af. Ik ben niet gierig, vrijgevig zelfs, maar heb niets mee mee/uitvreters. Mag dat? Is dat netjes? In geval van echte gierigaards vast wel.

De bom

A B-52G Stratofortress bomber aircraft of the 1708th Bomb Wing takes off on a mission during Operation Desert Storm.

B52G van de USAF

Aan het begin van deze maand werd in Japan herdacht dat twee grote steden in dat land in 1945 op de betreffende data, getroffen werden door de eerste aanvallen met (Amerikaanse) atoombommen. Experimenten met een nieuw wapen dat zij n vruchten af zou werpen. Hoewel er honderdduizenden doden vielen was dat toch vooral aan Japanse kant en konden de Amerikaanse troepen die in die periode gek werden van de fanatieke weerstand bij de Japanse verdedigers van eilanden in de Stille Oceaan, opgelucht adem halen. De oorlog was afgelopen en Japan capituleerde. De atoombom bleek een vreselijk wapen. Mensen werden min of meer weggevaagd en de ellende voor gewonden en andere overlevenden was dat de straling hen alsnog een leven lang zou teisteren. Atoombommen zijn vreselijk vuile wapens en dat werd al snel ook hun grootste aantrekkingskracht. Niet alleen de Amerikanen bouwde hun atoommacht uit, ook de Russen, Fransen, Engelsen, Israeli, Indiers, Pakistani, en nog zo wat landen beschikten op enig moment over wapens met een kernlading. Er waren jaren dat we de Aarde waarop we leven een keertje of 80.000 volkomen zouden kunnen vernietigen, in het beste geval de komende 20.000 jaren onleefbaar maken. Dat zorgde voor zogeheten stabiliteit.

Tupolev tu-95ms_004En juist dat evenwicht willen lieden verstoren die met compacte atoomwapens graag strategische doelen zouden willen vernietigen. Omdat ze haat voelen tegen andere mensen en de gevolgen van die bommen op Japan zien als het beoogde doel. Vernietiging van hen die hun doctrine of geloof niet aanhangen. Maar daarmee ook de kans om via dialoog of gewoon vredelievend naast elkaar bestaan een leukere toekomst op te bouwen. Atoomwapens zijn decennia lang goed gecontroleerd aanwezig geweest bij de grootmachten die ooit de dienst uitmaakten. En de wapensystemen waarmee men die dingen kan vervoeren zijn steeds geavanceerder geworden. Boven Japan moesten er nog speciale uitvoeringen van standaard bommenwerpers aan te pas komen. De B-29’s die deze bommen afwierpen waren ontdaan van hun bewapening, ze vlogen hoger dan normaal en waren voor de Japanse verdediging daardoor niet meer te onderscheppen. De bom moest dan op een bepaalde manier worden afgeworpen, maar wel boven het doel.

Hiroshima 1945Tegenwoordig schiet je die dingen vanaf land of vanaf de zeebodem als een soort hagelstenen af op je tegenstander en weet je met een raket meteen 20 steden uit te schakelen. Het atoomwapen als ultiem vernietigingswapen. Overigens zijn er intussen ook ‘normale’ bommen beschikbaar die enorme krachten kunnen ontwikkelen. De Russen gaan prat op die ontwikkelingen. Hele steden plat gooien zonder stralingsgevolgen. Valt er toch nog iets te veroveren. Ook de Amerikanen bezitten dat soort wapens, de eerste keer dat ze werden ingezet was dat boven Afghanistan waar ze de vermeende schuilplekken van Osama Bin Laden in de bergen bestookten met die dingen. De luchtdruk is zo groot dat je als mens aanvallen met die wapens alleen al door de luchtdruk niet meer overleeft. Wat zijn we toch geraffineerd geworden waar het gaat om de vernietiging van anderen. En wat blijven we toch terughoudend als het gaat om acceptatie van uitgestoken handen. We zullen hopen dat het min of meer gezonde verstand van al die staten die nu zo graag dreigen met atoomwapens, zal prevaleren. Want niemand bij zijn gezonde verstand kan zich een voorstelling maken van de gevolgen die het gebruik van die dingen anno 2015 zou kunnen hebben. Slechts de Japanners kunnen het ons voorhouden. Nog steeds. En dat is maar goed ook!