Scheiding tegen wil en dank…

Hij had het als jeugdig mens al gehad. De gave om uit zijn eigen lichaam te kunnen treden en zich dan vrij te bewegen door de wereld om zich heen. Soms was dat spannend, op andere momenten niet veel meer dan gewoon leuk vermaak. Je had er een bepaalde situatie bij nodig. Vreemd genoeg moest het windstil zijn, Nieuwe Maan en mocht er niet te veel elektrische activiteit om hem heen zijn. Een keer was hij bij de overburen aan het gluren geweest en had daar de beide bloot slapende dochters kunnen bekijken in hun bedden. Spannende beelden. Maar tijdens die uitstapjes moest hij wel opletten dat zijn ouders niet ineens de slaapkamer in konden stappen, want dan gaf dat ellende natuurlijk. Als hij ronddwaalde was zijn lichaam bijna in een vorm van coma en dat kon er zorgwekkend uitzien. Dus lette hij goed op dat alles bleef gaan als gepland en hij toch van zijn ‘gave’ gebruik kon maken. Later, hij was intussen jong volwassen, vloog hij uit door de wereld en keek regelmatig overal in het rond. Hij kon warenhuizen bezoeken en daar de nog niet aangekondigde uitverkoop op planborden zien staan, hij las rapporten over zichzelf bij werkgevers en hoorde roddels aan bij zijn schoonfamilie toen hij met Ria verloofd was. Toen hij eenmaal met haar getrouwd was moest hij helemaal opletten, want hij kon moeilijk in die beginperiode een vrijwillig coma aannemen om met zijn geest rond te kijken. Nee, dat was ondenkbaar en Ria wilde in die periode graag dat hij veel aandacht aan haar gaf. Ze moesten samen nog veel ontdekken en dat vond hij ook heel belangrijk en plezierig in die periode.  En zo nam hij voor zijn geestesvluchten even een pauze. Dat zorgde er wel voor dat hij wat minder getraind raakte en de keren dat hij het alsnog probeerde soms uit evenwicht raakte wat zich vertaalde in een fysieke duizeligheid als hij weer terugkwam in zijn stoffelijk omhulsel zoals hij zijn lijf toen noemde… Waar hij ook niet zo goed op lette waren de omstandigheden waar hij gebruik van kon maken. En op die bewuste dag dat hij weer eens zin had in een uitstapje had hij geen idee dat er een onweersbui over zijn woongebied zou trekken. Hij was net opgestegen nadat hij er voor had gezorgd dat Ria in een bevredigende slaap lichtjes lag te snurken en richtte zijn pijlen op het niet ver van zijn huis gelegen nonnenklooster. Aangestuurd door een stuurse moeder-overste die hij wel eens met een van de novicen had ontmoet bij de lokale Albert Heyn. Hij zweefde door de gangen van het oude klooster en keek in de kleine kamertjes naar wat zich daar allemaal afspeelde en genoot van de aanblik van al die onschuldige vrouwen in hun vaak wat te dikke slaapkleed. Een gesloten deur was geen enkele probleem, dus toen hij in de kapel aan was gekomen om daar nog even te kijken naar wat er te zien was, dook hij dwars door de eikenhouten deur heen die een wat donkere ruimte scheidde van het eigenlijke schip van de kapel. Op dat moment sloeg de bliksem in de toren en werd hij getroffen door de ontlading. Hij voelde zich warm en daarna koud worden…. En daarna ging het licht uit. Een paar minuten later hapte de oude abt van het belendende klooster die pas geleden was overleden en in de kapel van de nonnen lag te wachten op zijn begrafenis, naar adem. Hij bezag de wereld om zich heen en bedacht dat hij gevangen zat. In een ander lichaam. Dat voelde heel zwaar, vermoeid. Met inspanning van alle krachten gilde hij het uit….Maar niemand hoorde hem in die afgesloten kist…..

Scheiding der geesten…

OLYMPUS DIGITAL CAMERAAls er een opvallend ding is dat ongeveer alle volkeren op Aarde verbindt dan toch wel de mystiek van het leven of het evt. voortbestaan na de dood. Of je nu te gast bent bij rijke westerlingen, arme sloebers in de krotten van Manilla of in de oerwouden van Brazilië, de mens gelooft in ‘iets’ dat hoger is gesteld dan ons mensen zelf. Dat is best opmerkelijk. Zeker ook omdat zelfs die oerbewoners van onze planeet het idee hebben dat we na onze dood terug zullen komen als geesten of goden. Een beetje zoals ook de Germanen dat al deden voor de komst van de Romeinen in onze streken. En die Romeinen, Grieken, Egyptenaren of Assyriërs waren buitengewoon gelovig in hun hoogtij-jaren, ver voor de komst van de predikers die later zorgden voor verspreiding van het christelijke of islamitische geloof. Allemaal geloofden ze dat die ‘God’ iets meer was dan een gewoon mens en dat na de dood een scheiding van geest en lichaam zou plaatsvinden. Dat is best een mysterieus fenomeen.

Griekenland - 2 - AtheneNog los van het feit dat wij mensen eigenlijk best vreemd in elkaar steken. Anders dan de ons omringende diersoorten of planten zijn we in staat tot duidelijke communicatie, we vinden van alles en nog wat uit, we bouwen er vrolijk op los, zingen., maken muziek, schrijven, en zo meer. Dat is best vreemd als je alle andere zoogdieren er nog eens op naslaat. Dat filosofen en theologen er op af kunnen of konden studeren verbaast mij niks. Is er echt een scheiding mogelijk van lichaam en ziel op het moment van het definitieve afscheid nemen? Het zou mooi zijn, al vrees ik zelf het ergste. Die vrees ligt bij veel gelovigen op een heel ander niveau. Daar is men vaak bang voor wat het hiernamaals zal bieden. Wordt het de Hemel (al dan niet gevuld met maagden…)of toch de Hel waarin we naar rato van het aangehangen geloof min of meer eeuwig kunnen branden of tenminste nagezeten met een drietand. Ook daarin zie je veel parallellen tussen de geloven. Al dan niet van elkaar overgenomen, maar dat is een andere kwestie.

SAMSUNGMij gaat het hier even over dat moment van splitsen. Zoef, vliegt de geest uit het lijf en wenen wij over de stoffelijke overblijfselen. Kijken we dan vanuit een nevelige situatie zelf toe? Of is het echt over en uit. Het blijft opmerkelijk en iets om de kop over te breken als je er gevoelig voor bent. Gelukkig voor hen zijn veel gelovigen dat niet. Die nemen aan, accepteren en gaan ervoor. In de hoop dat het hiernamaals leuker is dan het heden. En dat is voor mij net een brug te ver. Wie het echt zeker weet, of uit de eerste hand verslag gedaan kreeg, mag het zeggen.