
Het is vast een aan mijn ogen onttrokken ervaring geweest die maakte dat in ons gezin van toen plotseling een Skoda personenwagen verscheen. Ik herinner me die wagen nog goed. Rood van kleur met een wit dakje en van die deuren die nog aan de voorkant open gingen en dus gevaarlijk voor van achter komende fietsers. Leasepa had daarvoor vaker Amerikaanse wagens onderhouden of in/verkocht, maar ineens was er die Skoda. Ik denk dat de dealer van het Tsjechische merk waar ‘pa’ nog eens een tijdje werkte debet was aan die plotselinge liefde.

Want vanaf die rode 1100 kwamen er meer die soms binnen een dag werden verkocht aan gretige klanten die in die jaren gilden om eigen mobiliteit. Die 1100 was op zich een heel elegante auto die nog stamde uit het tijdperk dat men in het net bevrijde Tsjecho-Slowakije nog niet door had dat de bevrijders, Sovjet-Rusland, niet van plan waren deze aan de grens van het westen gelegen landen terug te geven aan de rechtmatige eigenaren. Dus had die 1100 nog een Amerikaanse lijn met ronde vormen.

Technisch baseerde het model op de van voor de Tweede WO stammende Popular die zijn naam eer aan deed door een goed verkopend model te zijn, ook in onze streken. Naast een sedan, zoals wij die thuis het meeste voorbij zagen komen, was er binnen die 1100-reeks een ruimte stationcar, een cabriolet, cabriotop en een bestelwagen die weer baseerde op de stationcarversie. Importeur De Binckhorst in de Den Haag regelde de handel in deze wagens zodanig efficient dat ze al snel met de nodige vergunningen leverbaar werden en mede daardoor ook populair. De 1100 kreeg de naam Tudor mee en werd een klassieker. Qua marktaandeel werd Skoda een top 10 merk dankzij deze elegante wagens. In 1952 volgde de grotere en zwaardere 1200 Ponton de 1100 op. Die wagen had een heel andere constructie en wat meer vermogen, maar was ook flink duurder. Gevolg, de verkopen zakten in en Skoda zag zich genoodzaakt nog even de 1100 terug te brengen om prijskopers te bedienen. Dat wat mijn leasepa later deed met die wagens had direct te maken met die slimme verkooptechniek van Skoda zelf en de landelijke importeur. Vanaf die rode 1100 zag ik later ongeveer elk Skoda-type voorbij komen in mijn jeugdjaren. Tot aan de 1000MB toe. Daarna stopte leasepa met zijn handel en ging voor wat meer zekerheden. Geen grillige inkomens meer, maar een baan met toegevoegde waarde. Maar dat is een ander verhaal. Hij had mij intussen besmet met dat virus dat niet meer is weg gegaan en zoveel bepaalde in mijn verdere leven. En waaraan ik telkens moet denken als ik weer eens zo’n nu wel erg klassieke 1100 voorbij zie komen…. (beelden: archief)


Natuurlijk volg(de) ik na mijn daadwerkelijke vertrek uit de organisatie het Skoda-verhaal nog steeds met grote belangstelling. De nieuwe modellen zoals de facelift van de Octavia, of het laatste nieuwe model van dat succesnummer, de intussen verdwenen Roomster, derde generatie Superb, Yeti en diens opvolger Karoq, Kodiaq, Rapid en zo meer zorgden in de jaren na 2003 voor veel nieuwe kansen. De export van de Tsjechen steeg steeds verder, het aantal landen dat men bediende groeide ook sterk. Rusland werd een grote markt, China, India. In ons land ging de omzet gestaag omhoog. De ooit geuite inschatting van oud-directeur Detlef Wittig dat we overal 4,5% marktaandeel moesten behalen, ook in Nederland, kwam steeds dichterbij. Maar gelijktijdig zag ik ook dat oude dealernamen verdwenen. Uit de organisatie gezet, vervangen, opgeheven.
Zou je anno nu langs de oude panden rijden van die Skoda-dealers van het eerste uur zie je nog maar weinig broeders of zusters die het merk mogen of kunnen voeren. Ze werden afgedankt, overgedaan en uitgediend. Dat laatste gold ook voor Dick de Rooy. Het duurde maar een paar jaar en ook hij mocht zijn bureau leegruimen. Naar ik begreep uit de wandelgangen wederom door een conflict met de fabriek. Het management had en heeft het lastig bij zo‘n importeur… Mijn contacten bij de fabriek, ik heb ze nog steeds, meldden soms het e.e.a. over oorzaak en gevolg. Jammer, maar helaas. Nieuwe mensen werden aangezocht, steeds jongere managers die niks hadden of hebben met het merk, maar er wel hard voor willen werken. Omdat het bedrijf Pon dat van hen vraagt. En zo hoort het ook. De crisis van 2008 en later hakte er in auto land soms stevig in. Maar gek genoeg viel het bij Skoda allemaal nog wel mee. Men had net op tijd een mooi en betaalbaar gamma in de markt en dat betaalde zich prima terug toen het elders spannend werd.
Natuurlijk zakten de omzetten wat in, maar nooit zo dramatisch als bij andere merken. Laten we wel zijn, in de jaren van crisis verdwenen merken als Rover, MG, Saab, terwijl anderen door overname of stringente samenwerking het hoofd net aan boven water wisten te houden. Het enorme VW-concern beschermde Skoda aan de ene kant, maar aan de andere zag je dat die Tsjechen gewoon nog steeds geld verdienden. En ze kwamen telkens weer met verrassend nieuwe modellen. Denk maar eens aan die tweede en derde generatie Superb. Mooie auto die toen er eenmaal ook een combi van verscheen overal aansloeg als een directe hit. Mensen die vroeger niet eens over een Skoda zouden willen nadenken rijden er nu in. Kijk eens op taxi-standplaatsen en je snapt wat ik bedoel. De kwaliteit is gewoon waanzinnig goed, de rijeigenschappen boven elke twijfel verheven. Daarbij komt dat je binnen de VW-Groep bij Skoda voor een bepaald bedrag de grootste auto koopt of de best uitgeruste.
Een van de grootste leasebedrijven in ons land, Athlon, liet onlangs weten welke elektrische auto’s het meest populair waren bij haar klantenkring. Opmerkelijk genoeg bleek dat niet de door sommige grachtengordelsekteleden zo opgehemelde Tesla Model S te zijn, maar de meer bekende en veel compactere e-Golf. Die nieuwe Golf-uitvoering stootte de Tesla van de troon in 2018. Zal veel van doen hebben met de prijs denk ik. Want een auto die nieuw tussen de 120-150.000 euro kost is in lease voor een bedrijf ook niet meteen een koopje. Heb je al snel drie BMW’s met een zeer effeciente en schone diesel voor. Die Golf is ook een stuk compacter, de wagen is ook bij leaserijders bekend en vraagt veel minder aanpassing voor het rijgedrag dan zo’n Tesla. Nu moet je die markt voor die elektrische leasewagens ook niet overschatten hoor. Het gaat in totaal om niet meer dan enkele duizenden op jaarbasis. Een beetje zakelijke rijder wil kennelijk wel probleemloos aankomen op zijn bestemming en heeft geen zin om de halve dag een laadpaal te hangen om daarna de reis te kunnen vervolgen.
Opvallend is trouwens dat van de elektrische wagens die nu nog in bestelling staan, met name Hyundai de nodige klanten zal kunnen gaan bijschrijven in 2019. Ook Audi komt met een elektrische range die belangstelling oogt in leaseland, maar dat geldt ook voor Mercedes en Kia. Tesla mikt op het hogere middensegment met de nieuwe Model 3, die momenteel nog lastig te leveren valt en in de VS veel kritiek kreeg om de matige afwerkingskwaliteit en lange remweg. Maar het bedrijf is slim genoeg om daar oplossingen voor te bedenken. Athlon zien een stijging van zakelijke rijders die kiezen voor elektrische aandrijving. Als de techniek echt een stuk beter wordt, de actieradius groter en het aantal laadplekken stijgt zal die aandrijfvorm veel mensen uit deze doelgroepen trekken. Voor particulieren is die EV nog steeds geen echte optie. Niet alleen zijn die wagens peperduur in aanschaf, tweedehands zijn ze schaars en ook nog eens prijzig. Daarbij is een laadpaal voor de deur handig maar niet zo simpel te regelen en zie je in veel steden dat zgn. ‘lurkers’ hun auto de hele dag bij een laadpaal parkeren en andere EV-rijders de stroom ontzeggen. Maar er is een stapje gezet en het marktaandeel stijgt licht naar nog altijd bescheiden niveau. Met VW nu nog als meest populaire merk. En dat lijkt me goed nieuws voor de geplaagde Duitsers die met die dieselaffaire toch wat blunderden. (foto: Yellowbird archief)