Bloeddoping en migraine..

Bloeddoping en migraine..

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: migraine-1-.jpg

Toen ik dus in de afgelopen zomer ineens voor de eerste keer in het ziekenhuis terecht kwam met extreem lage bloedwaarden en daarvoor een geweldige berg bloeddoping ontving merkte ik meteen op dat dit spul me samen met de toegevoegde medicatie voorzag van een berg energie die een jong kalfje in de wei zou doen dartelen. Nu ben ik die leeftijd wel iets voorbij, maar de energie spatte uit mijn oren zowat. Wist niet waarom sommige atleten of beroepfietsers dit ook toepassen maar snap nu wel wat ze hier toe beweegt. Dus kon ik eenmaal terug thuis gewoon weer aan het werk in de tuin (sinkhole dichten) met zakken zand en zo meer. Waar ik zelf ook op hoopte was dat mijn al jaren aanwezige migraine kwaal wellicht zou verdwijnen. Immers ik was doorgespoeld, schoongemaakt, er vloeide schoon bloed door de aderen.

De huidige afbeelding heeft geen alternatieve tekst. De bestandsnaam is: pest-1.jpg

Nou, niks van dat alles. Binnen de kortste keren meldde zich weer een nieuwe aanval van die in het begin zicht beperkende migraine aandoening. En wederom in de frequentie die ik de laatste jaren gewoon ben geraakt te ondergaan. Dat verse bloed hielp daar dus niets tegen. Fysiologisch zitten wij mensen dus vreemd in elkaar. Bij de latere ingreep werd mijn in het vooroverleg besproken migraine-gevoeligheid nog genoemd, maar verder ter kennisgeving aangenomen. Niks veranderd, want na de ingreep eenmaal weer thuis kwam ook de migraine gewoon langs. Dubbel bijkomen. Stress? Het kan allemaal maar het blijft bijzonder als je pas laat in je leven met die kwaal van doen kreeg en er kennelijk niet zo goed meer vanaf kunt komen. Vrouwen in de overgang lijden er ook nog wel eens aan, maar als de hormonen eenmaal zijn geemigreerd naar elders nemen ze die kwaal bij de dames vaak mee. Bij mannen werkt dat kennelijk anders. Blijft vervelend, verrassend en ook confronterend. Op het moment dat ik dit opschrijf (een tijdje terug want ik schreef veel blogs vooruit als ik inspiratie bezat) zit ik weer met slecht zicht in de ogen en wacht ik op de hoofdpijn die me een paar uur vertraagt. De bloeddoping was en is geweldig, maar het corrigeerde bepaalde zaken niet. Integendeel… (Beelden: Internet)

Leven met de vliegende pijl – 5 – Dealer!

Op 1 april van het jaar 1977 stapte ik dan uiteindelijk binnen op mijn nieuwe werkplek. De dealer en nieuwe werkgever had in de tussentijd op een open stukje grond naast het uit 1932 stammende hoofdgebouw een soort houten loods met puntdakje gebouwd, die vooral bestond uit een showroomruimte voor twee, met wat passen en meten, drie nieuwe Skoda’s. Er naast lag een soort pijpenlade waar het ‘kantoor’ in was gevestigd. Dat bleek na al die jaren Schipholse luxe, toch wel wat slikken voor me. Maar dat werd nog erger. De man bleek een paar jaar lang parttime een werkstudent in dienst gehad te hebben gehad die de ‘boekhouding’ deed. Dat was de opvolger van een oude en nu gepensioneerde boekhouder die ooit had gewerkt voor de vroegere eigenaar en naamgever van dit autobedrijf. Die oudere heer was dus gepensioneerd en de nieuwe dealer, mijn baas toen, had in de daarop volgende jaren besloten dat boekhouding meer een noodzakelijk kwaad was en dat je met die werkstudent voor weinig geld, ook de boel kon regelen. Dat bleek uiteindelijk niet het geval. Resultaat was dat de administratie een aardige puinhoop bleek. Ik snapte zijn vraag uit het voortraject van mijn aannemen rond ‘heb je ook verstand van administratie?’ veel beter toen hij een grote stalen kast opende en daar stapels aan losse bonnen en boeken liet zien, die naar bleek een maand of acht achterstand vertoonden.

Alles werd er nog handmatig gedaan, kas, bank en giro normaal gesproken netjes bijgewerkt, maar door het gedoe met die werkstudent nu even niet. Ik had er vanaf mijn aantreden een beste klus aan. Temeer omdat ik nu eenmaal niet was binnengelopen om deze troep op te ruimen, maar wel zag dat als we dit niet onder controle zouden brengen, mijn carrière in het autovak van korte duur zou zijn. Ik miste trouwens ook de echte opleiding voor dat werk. Tussen de verkoopbedrijven door, de nieuwe Skoda-reeks trok veel, ook andere en voor het merk nieuwe klanten, werkte ik keihard aan die administratie. Samen met de intussen toch maar terug gehaalde oude boekhouder die tegen een kleine vergoeding bereid was mij ook parttime de fijne kneepjes van het administrartieve vak te leren. Maar me ook uit wist te leggen dat mijn nieuwe ‘baas’ iemand was die het verschil tussen ‘zwart en wit’ wel eens vergat, te druk was met het runnen van zijn bedrijven en persoonlijke inkomen en wat minder met de organisatorische kant van het geheel. Ik merkte dat ook al snel aan de vertegenwoordigers die ons namens de Skoda-importeur bezochten. Ik werd het nieuwe aanspreekpunt voor ze, wellicht ook omdat ik vast hield aan het ‘pak’ als uniform, net als ik dat op Schiphol altijd had gedaan. Al snel kreeg ik mede daardoor van de mensen in de werkplaatsen de titel ‘boekhouder’ toebedeeld, een Geuzentitel die ik altijd bestreed maar die tot vele jaren later aan mijn rol daar bleef plakken. Ik zat immers op kantoor, de rest van die lui werkte zich een slag in de rondte in de twee werkplaatsen die het bedrijf operationeel had.

‘Als het of hij maar een naam had’, was in die eerste periode min of meer de gedachte. Een bijzondere gebeurtenis mag ik de lezer in dit kader niet onthouden. Een van de eerste dagen dat ik daar in dienst was bij die Amsterdamse dealer, werd me gevraagd om samen met wat monteurs een aantal nieuwe auto’s op te halen bij importeur Englebert in Voorschoten. Nieuwe auto’s werden in die tijd nog maar nauwelijks per truck afgeleverd, dealers haalden ze graag zelf op om zo meteen ook te ervaren op de rit naar huis, wat er zoal aan de nieuwe auto zou kunnen mankeren. Met drie monteurs togen we dus naar Voorschoten, voor mij een nieuwe ervaring. Bij importeur Englebert zou de toenmalige verkoopleider op ons wachten en de auto’s afleveren. Aangekomen liep ik het kantoor binnen van de man, wist ik veel, en werd direct als een soort loopjongen door hem terug verwezen naar een staplek ‘achter de balie’. Daar werd ik geacht te wachten tot hij mij te woord zou willen staan. Ik heb het hem daarna eigenlijk nooit echt vergeven. Ook al bleek later dat het in de omgang een erg aardige en keurig nette vent was. Maar die behandeling, laten we wel zijn, ik was tenslotte net van Schiphol gekomen uit mijn managersrol daar.., stuitte me zeer tegen de borst. Hoe dan ook, ik ben meerdere malen in die jaren op en neer gereden naar Voorschoten voor ophalen nieuwe auto’s. Het waren in die beginjaren bij die dealer leuke en soms opzienbarende ritjes….. Wordt vervolgd (Beelden: Yellowbird archief/Skoda – Alle teksten zijn eigendom van de auteur)