Edam….

WP_20160813_018De eerder verhaalde opvolging van Tommie door een nieuwe navigator voor in de auto maakte dat we op de dag van aanschaf van die nieuwe wegwijzer in zakformaat onderweg waren van Hoorn naar onze eigen hoofdstedelijk omgeving, maar dan wel via de IJsselmeerdijk en de weggetjes die daarlangs leiden. Een aan te raden route voor als je wilt onthaasten of houdt van schapen tellen. Af en toe even stoppen en op de dijk naar het water en de boten kijken. Vanuit Warder, een van de gehuchtjes daar, kan je bij goed zicht Amsterdam zien liggen. Een tussenstop voor een broodje en wat thee maakten we in Edam. Nu ligt dat b.w.v.s.. op fietsafstand van Amsterdam, ik ben er in mijn bewuste leven nooit echt geweest. Wel in de buurgemeenten Monnickendam of Volendam. Maar Edam kende ik alleen van de kaas die men daar maakt met een wereldwijd bekende klank.

WP_20160813_024Dat Edam is best een aardig plaatsje. Onderdeel van de Gemeente Edam-Volendam kent het in totaal 28.500 inwoners. De naam van het stadje is afgeleid van het feit dat men indertijd gelegen was aan de rivier de IJe of E. En dat leidde dan weer tot Edam. Dat riviertje mondde ooit uit in de Zuiderzee, maar werd later omwille van de veiligheid (bij slecht weer en hoogwater wilde de boel nog weleens blank komen te staan) afgesloten. De haven van de stad was daarmee een zinloze onderneming geworden, men richtte zich dus uit nood op andere vormen van nering bedrijven. Kaashandel was daarvan een heel belangrijke en dat deed men met verve toen de (zee)havens dicht moesten.

WP_20160813_028Toch is goed te zien als je in het buitengewoon fraaie historische hart van de stad loopt dat men hier goed geld verdiende in de jaren van die handel. De huizen zijn buitengewoon rijk, de trapgevels doen denken aan Amsterdam en ook de grachtjes helpen bij dat beeld. Er staat een heel fraaie kerk, de St.Niklaas, die een toren heeft die je elders in het land niet ze snel zult aantreffen. Die toren noemt men een speeltoren en stamt uit de 15e eeuw. Voor wie zoekt naar vermaak, dat is er genoeg. Een museum, de nodige horeca, rondvaarten, markten, en voor wie een leuke foto wil maken in de vorm van een selfie op locatie moet daarvoor echt even op de brug bij de Dam gaan kijken vlak bij het stadhuis. Wonderlijke stenen constructie, maar bij glad wegdek niet aan te raden met glad schoeisel. Edam was een prima tussenstop. Wij genoten er even van de gastvrijheid en de omgeving. Net als een bundeltje toeristen die er vermoedelijk per fiets verdwaald waren geraakt maar er nu blij verrast rondliepen. Met iets lekkers in de hand vaak. Helaas geen brokken kaas. Die nam men vermoedelijk mee naar huis.

De bootjes van Bergmann

http://www.beeldbank.amsterdam.nl/beeldbank/weergave/record/layout/widget/tmpl/widget?id=PBKD00200000018&width=640 Indertijd was het op het hoofdstedelijk IJ bijzonder druk. Niet af en toe een beetje druk zoals nu vaak het geval is, maar echt druk. Het oostelijke havengebied was het overslaggebied voor alles wat met zeeschepen werd aangevoerd. Op de kop van die eilanden lagen de grote passagiersschepen die o.a. emigranten vervoerden naar Canada of Australie. Een stuk verderop langs de kaden, de vrachtschepen die over de hele wereld voeren. Vaak met een Nederlandse vlag aan boord. Er was toen nog een druk stuk werkgelegenheid aan de noordkant van het IJ waar de Draka, ADM en NDSM huisden. Werf- en andere industriele bedrijven met ook nog altijd een belangrijke onderhoudsfunctie. Daarbij was er veel verkeer van binnenvaartschepen en lichters. Kortom, achter het Amsterdamse CS was op het water van de haven altijd veel te doen. Het water zelf daardoor meestal in grote beroering, golven van een halve tot hele meter hoog soms, zeker als er een groot vrachtschip voorbij was gevaren. Naast de veelal zeer drukke IJ-veren van het GVB, waarop indertijd ook al het autoverkeer mee moest naar de andere kant, van een IJ-tunnel was wel sprake maar die lag er nog lang niet, was er ook een forenzenveertje dat vertrok vanaf het toenmalige Noord-Zuid-Hollandse Koffiehuis, net als toen gelegen voor het Centraal Station, al was dat dan net even op een andere locatie.

Bootje bergmann 2Die bootjes waren relatief snel, je had er binnen- en buiten zit- of staanplaatsen en de cabine voor de kapitein/stuurman was een beetje hoger gelegen dan de plek waar de (Vaak vele)passagiers werden ondergebracht. Regelmatig voeren die bootjes over het IJ heen en weer, vaak op volle kracht en zo ontweken ze behendig de grote vaart. Maar niet de golven en dat wilde nog wel eens uitpakken in een aardig nat pak door overkomend water voor hen die op het open dek vooraan waren gaan staan. De bootjes kregen de (bij)naam van de rederij, Bergmann. Intussen allang geleden overgenomen door Mokumse rondvaartgrootheid Kooy, maar indertijd een bedrijf met een aardige vloot schepen. Het aardige van die bootjes was ook dat je er mee werd afgezet bij de begin/eindhalte van de trammetjes naar/door Waterland naar Volendam. Dat was handig voor hen die bijvoorbeeld in Ilpendam woonden en in Amsterdam werkten, maar ook voor de nodige toeristen.

Bootje Bergmann 4Een uitstapje naar Volendam was best een heel dagje. En nog leuk ook. Mijn moeder nam ons als kinderen nog wel eens mee. Het meest spannende toch het varen met dat bootje van Bergmann. Vanwege die golfslag. En je hoorde dan ineens tot die schepen die daar allemaal voorbij voeren. Hetzelfde gevoel had ik vorig jaar toen we met een veerpontje overstaken van Noord naar het CS tijdens Sail. Tussen die enorme drukte van passerende jachtjes en af en toe toeteren als er weer een kano of half gezonken plezierscheepje voor die grote pont langs trachtte te komen. Maar toch wel heel anders dan in mijn jeugdjaren en aan boord van die Bergmannbootjes. Al was het maar door die golven. Of zijn die in je jeugd gewoon hoger omdat je zelf kleiner bent? Zou zo maar kunnen. Maar het is een herinnering die me niet zo snel los laat. En dat is voor mij al heel bijzonder…net als die bootjes zelf! ┬á(Beelden: Historisch archief/Bakker archief/Binnenvaart)