Opgebouwd geluk…

Kon zij er wat aan doen dat zij rood haar had? Nee toch zeker? Nou dan? Waarom werd ze dan altijd gepest op school? Ze was volgens haar ouders knap, ook al miste ze dan het slanke van haar nichtje Dorien. Ze kon aardig meekomen op school, maar had niet de hersens van haar broer David. Die ging studeren, zij moest naar een praktijkopleiding. Waar ze via klasgenoten hoorde over hoe je als individueel mens de wereld niet kon redden maar als groep wel. Al snel verzorgde ze haar kleding niet meer zo. Wat later liet ze haar rode haar niet meer knippen. Make-up op dierlijke basis gebruikte ze niet meer. Medemensen waren al snel lieden die het laatste restje van wat goed was op de Aarde opsoupeerden. Ze sloot zich aan bij extremistisch groepen die volgens de eigen filosofie de wereld wilden redden. Daar ook ontmoette je Art-Jan. Die wist precies hoe het allemaal moest. Klom in bomen die bedreigd werden door een autofabriek, lijmde zich vast aan de gevel van een olie-raffinaderij, werd opgepakt, maar bleef actief. Op enig moment nam hij haar mee in de wereld van de veganisten. Alle dierlijke zaken werden geboycot. En omdat Art-Jan haar leermeester was volgde ze hem in al zijn acties. Zoals streaken tijdens een sportwedstrijd. Met viltstift allerlei teksten op haar lijf, waarbij Art-Jan een overmatige belangstelling had voor haar borsten en billen. Het ontging haar niet. Het publiek stond te joelen toen zij over het sportveld renden. Opgepakt door beveiligers voelde ze dat die hun handen goed lieten dwalen over haar lijf voor ze met een deken omgeslagen in een politie-auto werd afgevoerd. Ze had het idee dat haar leven zin had. Toch moest er meer zijn. En dat vond ze bij Johan. Gewoon een aardige vent die een keer in het biologisch verantwoorde kroegje waar ze wel eens een bessensap dronk tegenover haar ging zitten en haar complimenteerde met haar mooie haardos. Van het een kwam het ander en al snel zagen ze mekaar meer en gaf ze zich op een avond aan hem toen de temperaturen broeierig waren en zij daarvan ook last had. Een paar weken later wist ze dat ze zwanger was geworden. Ze kreeg ineens een grote beschermingsdrang voor haar nog ongeboren kind. Veranderde haar levensstijl, zocht en vond een huisje in een dorpje ver buiten de drukte van de Randstad en bouwde een nieuw bestaan op. Nu, jaren later, haar zoon zat al op school keek ze terug op haar leven tot nu toe. Zonder man, met haar zoon die net als zij rossig van haar was, haar huisje en moestuintje….en ze voelde zich gelukkig. Jammer dat de uitkering waarvan ze moest leven ze karig was, maar ja, werken…ze moest er niet aan denken. Dat was wel erg kapitalistisch allemaal….nee, dat ging niet gebeuren. Ze schonk zich een kopje vlierbesthee in. Trok haar gebreide sokken op en zuchtte. Ze was eigenlijk best gelukkig….